Ad Valvas 1997-1998 - pagina 317
AD VALVAS 18 DECEMBER 1997
PAGINA 9
'De wekker mag eindelijk op aclit uur' Neuroloog prof.dr. Johan Koetsier verlaat de vu Het was niet een vakgebied waarop liij grote doorbraken en medische vondsten kon verwachten. De ziekten van het zenuwstelsel laten zich moeilijk ontrafelen, maar juist dat had hem tijdens zijn studie al mateloos geïntrigeerd. Hoogleraar klinische neurologie Johan Koetsier: "Als ik snel resultaat had willen zien, had ik verloskundige moeten worden." Sheila Kamerman Eigenli]k had hij na het gymnasium besloten om biochemie te gaan studeren. Aan de vu natuurlijk, zoals dat een joch uit een gereformeerd nest betaamt. "Maar toen ik tijdens de eerste les gewichtjes tot in de picograminen nauwkeurig moest wegen, dacht ik: dit is vreselijk. T o e n ben ik snel naar geneeskunde geswitcht." Spijt van die keuze heeft prof.dr. Johan Koetsier (61) nooit gehad. Integendeel: "Als ik biochemicus was geworden, was ik op mijn veertigste burnt out geweest", grijnst hij. "Mijn leven slijten in een laboratorium is niets voor mij, al ben ik me altijd in de biochemie blijven verdiepen. Het sociale aspect van mijn huidige werk en het contact met patiënten dat je als arts hebt, is me veel waard. Naast onderzoekswerk vind ik het belangrijk om ook dienstbaar te zijn." Nadat hij - cum laude - voor het artsexamen was geslaagd en zijn coschappen had gelopen, besloot hij zijn interesse in de biochemie en zijn passie voor een artsenbestaan te verenigen. Prof.dr. Lambert van der Horst was bereid hem op te leiden tot zenuwarts in de Amsterdamse Valeriuskliniek. Hij specialiseerde zich in de neurologie: "De zoektocht naar de oorzaken van ziekten en de biochemische processen in de hersenen, dat boeide me mateloos." Hij had nog iets interessants ontdekt in het laboratorium op het Valeriusplein 11, naast de kliniek: de biochemisch analiste Nelly, met wie hij trouwde. Tot haar grote spijt kreeg Nelly ontslag toen ze in 1963 zwanger werd en parttime wilde gaan werken. Koetsier: "Nu vinden we het belachelijk als een vrouw niet kan blijven werken, maar zo waren de tijden toen. Een deeltijdbaan was een gotspe. Voor mij is haar interesse in mijn vakgebied van groot belang geweest. Op de achtergrond was ze altijd aanwezig, dacht ze mee en gaf adviezen."
Doodvonnis In zijn eerste jaren als neuroloog drong het tot Koetsier door hoe machteloos de wetenschap stond tegenover de aantasting van het zenuwstelsel. Hij zal de jonge advocaat die bij hem kwam niet licht vergeten. De jurist had gemerkt dat hij tijdens het pleiten steeds moeilijker was gaan praten. Op zijn uitgestoken tong nam Koetsier een lichte trilling waar en constateerde ALS, een zeer snelle degeneratie van het zenuwstelsel. Geleidelijk verlammen de spieren, tot het ook niet meer mogelijk is om adem te halen. "Met die ziekte is het na twee jaar met je gebeurd. Een definitief doodvonnis. Als arts kun je niets doen." De symptomen van ziekten als ALS en multiple sclerose (MS) - waarbij eveneens verlammingsverschijnselen optreden, maar meestal in een langzamer tempo - stonden uitgebreid beschreven in de medische handboeken, maar er bleek geen kruid tegen gewassen. Koetsier raakte voornamelijk in de ban van de raadselachtige sluipende ziekte MS en begon verwoed aan een speurtocht door de medische literatuur op zoek naar meer informatie. MS, zo bleek, komt opvallend genoeg vooral voor in koudere gebieden zoals Scandinavië, Nederland en Schotland. In de Verenigde Staten steekt de ziekte de kop op in die staten waar destijds veel immigranten uit Noord- en West-Europa naar toe zijn getrokken.
Prof.dr. Johan Koetsier: 'We kunnen tegenwoordig ongeveer eenderde van de MS-patiënten goed behandelen.' Inwoners van warme oorden hebben er praktisch geen last van. Er bestaat een "zeer aantrekkelijke, maar met bewezen" theorie dat de ziekte rond het jaar duizend bij de Vikingen is ontstaan. Zij hebben de ziekte verspreid in de door hen veroverde gebieden. Koetsier vindt de theorie aannemelijk. "Op Malta komt MS bijvoorbeeld veel meer voor dan in Italië." Triomfantelijk: "Inderdaad, daar zijn de Vikingen langsgekomen." Koetsier begreep dat er diepgaand onderzoek nodig was om erachter te komen wat MS nu precies in de hersenen teweegbrengt. Hij greep de toenmalige hoogleraar celbiologie Sminia bij zijn mouw en zei: "Taede, we moeten een proefdiermodel opzetten zodat we beter kunnen begrijpen hoe de ziekte verloopt." Gelukkig was de huidige rector magnificus zeer te vinden voor het idee. Koetsier, die in 1980 hoogleraar in de klinische neurologie werd: "We hebben een onderzoeksgroep opgezet waarvan ik gerust kan zeggen dat het tegenwoordig een van de zwaartepunten van het vu-ziekenhuis is. Daar ben ik wel trots op."
^Wat eenmaal kapot is, herstel je niet gemakkelijk meer
Door het jarenlange intensieve onderzoek, waarbinnen veel onderzoekers promoveerden, is meer bekend geworden over de aard van deze zeer complexe ziekte. MS is in feite een allergische aandoening die de zenuwschede (de beschermlaag rond het centrale zenuwstelsel) aantast. Omdat de hersenen dan onvoldoende worden
beschermd kunnen ze gepenetreerd worden met abnormale witte bloedcellen. Die veroorzaken ontstekingshaarden in de witte stof van de hersenen waardoor allerlei lichaamsfuncties uitvallen. Koetsier: "We weten inmiddels veel meer over die witte bloedcellen, hoe ze zich gedragen en hoe je ze kunt aanpakken. We hebben inmiddels geneesmiddelen om de ontsteking in de acute fase af te remmen." Desondanks is er nog heel veel onduidelijk, geeft Koetsier toe. "Het ontstaan van de ziekte is nog steeds duister. We weten niet welk virus de oorzaak is, wellicht zijn het meerdere virussen. Een echt afdoende remedie is ook nog met voorhanden, al " Dat is weinig als je weet hoe vaak de ziekte voorkomt: één op de duizend mensen heeft MS. In Nederland betekent dat dat er zo'n vijftienduizend mensen aan die ziekte lijden. Een van de eerste symptomen van MS is een onverklaarbare moeheid, en slecht met één oog gaan kijken of dubbel zicht. Daarna volgen tintelingen in de ledematen. N o g weer later kunnen er problemen ontstaan bij het lopen en plassen. De ziekte treft veelal jonge mensen tussen de twintig en veertig, maar kan ook bij kinderen en ouderen voorkomen. Vrouwen hebben anderhalf a twee keer zoveel kans op MS als mannen. Koetsier: "Vrouwen hebben nu eenmaal meer last van allergieën." D e ernst van de ziekte varieert per persoon. Er zijn mensen die de symptomen hebben, maar waarbij de ziekte op den duur vanzelf verdwijnt. Bij anderen is het een sluimerend, zeer langzaam verlopend ziekteproces. "Maar er zijn helaas ook patiënten die je binnen een paar jaar ten gronde ziet gaan." Een collega-arts zei kort geleden tegen Koetsier: 'Ik begrijp dat je er mee
ophoudt, er is voor neurologen ook geen therapeutische eer te behalen.' Koetsier bestrijdt dat: "Vroeger - toen ik als zenuwarts begon - was de gangbare redenering dat neurologen de patiënt precies kunnen vertellen wat eraan mankeert, maar er helaas niets aan kunnen doen. Tegenwoordig ligt dat anders, er is grote vooruitgang geboekt op het gebied van de neurologische aandoeningen."
Asperine Een ziekte als Parkinson is nu beter te behandelen dan twintig jaar geleden. Een deel van de beroertes kan worden voorkomen door het toedienen van een lage dosering asperine. De ziekte van Guillain-Barré, een aandoening van de zenuwen van het ruggenmerg waardoor verlamming vanuit de benen naar de rest van het lichaam 'opstijgt', kan tegenwoordig goed worden behandeld met medicijnen. Koetsier: "Maar het klopt dat je voor dergelijk onderzoek een lange adem nodig hebt. Als ik snel resultaat had willen zien, had ik verloskundige moeten worden." In de afgelopen tien jaar is ook het onderzoek naar MS in een stroomverstelling geraakt. Aanvankelijk kon de diagnose MS alleen door middel van een ruggenprik worden gesteld. Sinds 1983 hebben neurologen beschikking over de zogenaamde MRI (magnetische resonantie), waardoor de ontstekingshaarden in de witte stof van de hersenen eerder vastgesteld kunnen worden. Koetsier: "De MRI is een belangrijk hulpmiddel bij het stellen van de diagnose. Hoe eerder je weet dat je met MS te maken hebt, hoe eerder je met de behandeling kunt beginnen. Dat is bij deze ziekte, die schade aanricht in de hersenen, heel belangrijk. Wat eenmaal kapot is, herstel je niet gemakkelijk meer."
Peter Wolters AVC/VU
"Afscheid nemen is altijd treurig", zegt Johan Koetsier in zijn lege kamer in het vu-ziekenhuis waar alleen nog een foto hangt van zijn voltallige neurologiestaf. Maar hij laat met een gerust hart een goed geoliede afdeling met zeer kundige mensen achter die hij mede heeft helpen opbouwen. Hij hechtte groot belang aan de verhuizing van de afdeling klinische neurologie van de Valeriuskliniek naar het v u ziekenhuis in 1985. En onder zijn gezag heeft de afdeling zich ook een prominente plaats buiten het ziekenhuis verworven. Koetsier zal niet van het toneel verdwijnen. Hij blijft betrokken bij de landelijke Hersenstichting en de wetenschappelijke raad van het MSMRi-centrum aan de vu en het vu-ziekenhuis. En misschien zal hij af en toe proberen de politiek te doordringen van het belang van de gezondheidszorg, "want daar schort nog wel het een en ander aan", zegt hij met gevoel voor understatement. "Ik krijg soms het gevoel dat het onvoldoende tot politici doordringt dat het om een groep zeer kwetsbare mensen gaat, als ze weer eens bezuinigingen voorstellen." D a n weer monter: "Ik ga de wekker voortaan niet meer op half zeven zetten, maar op acht uur." Met zichtbaar genoegen: "En nu hebben mijn vrouw en ik eindelijk wat meer tijd voor elkaar. Ik moet bekennen dat dat er de afgelopen 35 jaar wel eens bij is ingeschoten. Niet dat ze er ooit over geklaagd heeft, hoor. Maar als ik jonge artsen nu om vijf uur op de fiets zie wegspurten om h u n kind van de crèche te halen, dan schaam ik me wel eens een beetje."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's