Ad Valvas 1997-1998 - pagina 499
AD VALVAS 19 MAART 1998
PAGINA 9
En nu dan promoveren
De Nederlandse politie staat internationaal en bij de gemiddelde burger redelijk goed aangeschreven als het om de integriteit van liet korps gaat. Toch worden er jaarlijks enige tientallen agenten wegens wangedrag ontslagen, maar de werkelijke omvang van corruptie, fraude en andere misstanden is nog nooit wetenschappelijk in kaart gebracht. Dat is een van de taken die Leo Huberts, de nieuwe hoogleraar politiestudies aan de VU, op zich wil nemen.
Afgestudeerd politicologe Hadewych Hazelzet is, nadat ze een Jaar als consultant heeft gewerkt, weer de collegebanken ingeschoven. Zij doet verslag van haar ervaringen als PhD-student aan de European University Institute in Florence, Italië. Deze week deel 14: vrouwenverwendag. Hadewych Hazelzet
Bijzonder hoogleraar politiestudies Leo Huberts: 'De politie besteedt tegenwoordig veel aandacht aan het handhaven van de eigen integriteit.' Bram de Hollander
'Omvang fraude en corruptie bij politie is blinde vlek' Nieuwe hoogleraar politiestudies Huberts verwacht geen structurele misstanden bij politie Dirl< de Hoog
"Over de totale omvang van fraude, corruptie en andere aantastingen van de integriteit bij de Nederlandse politie is eigenlijk niets bekend. Er bestaat landelijk geen registratie van overtredingen door politiefunctionarissen en de opgelegde sancties. De kennis die we hebben berust op informatie die sommige regionale korpsen zelf verschaffen", zegt Leo Huberts. De politicoloog hield vrijdag 13 maart zijn oratie als bijzonder hoogleraar politiestudies en veiligheidsvraagstukken bij de faculteit sociaal-culturele wetenschappen aan de vu. Daar is hij geen onbekend gezicht want hij werkt er al sinds 1990 bij de vakgroep politicologie en bestuurskunde. "Ik heb onderzoek gedaan naar fraude en corruptie bij het openbaar bestuur. Zodoende kreeg ik ook te maken met de politie vanwege het recherche-onderzoek dat de politie doet en de betekenis van het optreden van de politie voor de integriteit van het bestuur. Die contacten hebben mijn interesse in de politie vergroot. Maar met deze leeropdracht wil ik toch vooral allerlei thema's uit de politicologie en de bestuurswetenschappen betrekken op de politie. Dan gaat het over kwesties als wie de macht heeft bij de politie, hoe de interne communicatie verloopt en hoe het apparaat in de praktijk werkt." De leerstoel politiestudies is zo'n
tien jaar geleden ingesteld door de Stichting Maatschappij, Veiligheid en Politie met het doel de kwaliteit van het maatschappelijk debat over politie en veiligheid te verhogen. Huberts volgt prof dr. A . Heij der op, die tot vorig jaar het ambt vervulde. "Zo langzamerhand krijgt de vu een behoorlijke naam op het gebied van politiestudies", aldus Huberts. "Bij Rechten houdt een aantal hoogleraren en onderzoekers zich met het onderwerp bezig, bij Psychologie is er veel aandacht voor slachtofferhulp en ook forensische geneeskunde biedt aanknopingspunten voor samenwerking. Al met al denk ik dat zo'n vijftien a twintig wetenschappers participeren in het Centrum voor politiewetenschappen, het informele samenwerkingsverband aan de vu op dit terrein. Er bestaan goede mogelijkheden dat centrum uit te bouwen tot een echt speerpunt in het vu-onderzoeksbeleid." Huberts is hard bezig daar een bijdrage aan te leveren. "Ik wil graag verder gaan met mijn onderzoek naar corruptie en fraude, maar dan bij de politie. Er start binnenkort een promotie-onderzoek naar de integriteit van de politie in Nederland, Engeland en Duitsland." Over de Nederlandse situatie valt momentee! weinig met zekerheid te zeggen. "Internationale panels geven de Nederlandse politie meestal een goed cijfer als het om integriteit gaat. De Nederlandse burgers oor-
delen ook niet erg negatief, maar hard materiaal ontbreekt", aldus Huberts. "Ik verwacht eerlijk gezegd dat uitwassen bij de Nederlandse politie vaker incidenten zijn dan structurele misstanden. Toch bestaan structurele uitwassen wel in landen die weinig verschillen van Nederland. Zo bleek uit een recent onderzoek naar de narcoticabrigade in Sydney in Australië dat meer dan de helft van de agenten ongeoorloofde connecties met criminelen onderhield. En de politie van New York is natuurlijk berucht vanwege de omvang van de corruptie en het zelf op grote schaal deelnemen aan criminele praktijken." Huberts haalt de Amsterdamse korpschef Jelle Kuiper aan, die zegt dat jaarlijks in Amsterdam tien è vijftien agenten wegens corruptie worden ontslagen op een personeelsbestand van vijfduizend. Volgens de korpschef gaat het nagenoeg allemaal om afzonderlijke zaken, waarbij "dienders door hebberigheid, kortzichtigheid of onder druk van de familie over de schreef gaan". Er zou nauwelijks sprake zijn van structurele samenwerking met de georganiseerde misdaad. Huberts haalde in zijn oratie ook gegevens aan over de Rotterdamse politie. Volgens de gewezen korpschef Brinkman "gaat er vrijwel geen week voorbij of er wordt iemand ontslagen of geschorst vanwege diefstal, meineed, seksuele intimidatie, machtsmisbruik en dergelijke".
Nieuwe opleiding politie- en veiligheidsstudies Huberts is zeker niet van plan zich uitsluitend met corruptie en fraude bij de politie bezig te houden. "Voor een politicoloog valt er nog zo veel meer interessants te onderzoeken bij de politie, zoals de hele discussie over de organisatiestructuur en het veiligheidsbeleid in het algemeen. De politie krijgt steeds meer concurrentie van allerlei particuliere bewakingsdiensten. Wat moeten we daarmee? Krijgen we straks een maatschappelijke tweedeling tussen degenen die wel kunnen betalen voor hun veiligheid en de armen die dat niet kunnen? En wie bepaalt uiteindelijk het veiligheidsbeleid? Geven we bijvoorbeeld
prioriteit aan bestrijding van de grote georganiseerde criminaliteit of gaat het juist vooral om de veiligheid van de gewone man en vrouw op straat? Moeten we extra aandacht besteden aan milieucriminaliteit of juist aan vrouwenhandel? Dat zijn onderwerpen waar nog het nodige over gezegd kan worden." Ze zullen zeker aan bod komen bij de nieuwe deeltijdopleiding 'Politie- en veiligheidsstudies' die Huberts in september begint. De opleiding is toegankelijk voor mensen met een diploma van een HBOopleiding of van de politieacademie. Vijf van de vijftien vakken gaan specifiek over politie- en vei-
ligheidsvraagstukken, de rest bestaat uit politicologische en bestuurskundige vakken. "Het is de bedoeling er een echt wetenschappelijke, en geen beroepsopleiding van te maken. We mikken natuurlijk voor een deel op mensen afkomstig uit de politie die zich verder willen scholen. Omdat de politieopleidingen allemaal intern zijn, hebben agenten nauwelijks mogelijkheden een carrière buiten het korps op te bouwen. Onze opleiding kan daar een mooie opstap voor zijn." De rechtenfaculteit verzorgt overigens al cursussen die rijksrechercheurs in opleiding verplicht moeten volgen. (DdH)
Vorig jaar werden er in Rotterdam negenendertig onderzoeken tegen vijfenvijftig betrokkenen uit het korps ingesteld. Het opinieweekblad Elsevier stelde dat in 1996 zesentachtig agenten wegens corruptie zijn ontslagen; vierendertig kregen voorwaardelijk ontslag, achtennegentig keer werd een disciplinaire straf opgelegd. In totaal vonden 449 interne onderzoeken plaats. "Ik heb veel respect voor dat Elsevier-ondstzoek, want ze hebben bij alle zesentwintig regionale korpsen cijfers boven tafel weten te krijgen en dat is tot nu toe niemand anders gelukt. Het probleem is alleen dat Elsevier alles op één hoop gooit. Daardoor geeft het onderzoek geen duidelijkheid over de corruptie op zichzelf. Het gaat bijvoorbeeld ook om agenten die zijn ontslagen vanwege een drankprobleem, seksueel wangedrag of diefstal in de vrije tijd. Voor mij heeft corruptie te maken met misbruik van de positie die je hebt als agent. Dat je informatie doorspeelt bijvoorbeeld, of 'toevallig' net even de andere kant opkeek bij een overtreding." Huberts heeft de indruk dat de politie tegenwoordig veel aandacht besteedt aan het handhaven van de integriteit. "Tien jaar geleden was het zogenaamde 'dalven' nog een wijdverbreid verschijnsel. Agenten kregen in allerlei winkels en horecabedrijven korting in ruil voor kleine tips en tegenprestaties. Nu is binnen de politie alom geaccepteerd dat regelmatig een gratis patatje halen bij de snackbar om de hoek niet kan. Maar hoever moet je gaan met de regelgeving. Dat niets mag heeft de charme van duidelijkheid, maar is dat maatschappelijk te handhaven? Ik weet dat er nu al korpsen zijn waar geregeld is wat er met de air miles moet gebeuren als je tankt met de dienstauto. Afspraken daarover kunnen nuttig zijn om onderling gekissebis te voorkomen. Maar als oma om de hoek een bloemetje naar het bureau stuurt uit dank voor de hulp van agenten moet dat toch kunnen?" Met instemming haalt Huberts een uitspraak aan van de voormalige politiebaas van Amsterdam Eric Nordholt: "Korpschefs die zeggen dat er niets loos is en daarvoor hun hand in het vuur durven steken houden rare stompjes over."
"Gele mimosa. Voor u. Zomaar? Weet u het dan niet? Nee, u kent mij niet, ik heb u inderdaad nooit eerder gezien. De lente in mijn bol? Maar signorinal Het is vandaag vrouwendag!" Verdraaid, het was 8 maart, internationale vrouwendag. In vele landen in Europa staat die dag in het teken van emancipatie van vrouwen. Er worden debatten georganiseerd, politieke bijeenkomsten op touw gezet, zalen afgehuurd, publicaties gelanceerd, ludiek de aandacht getrokken, gewezen op gender-specifieke verschillen, ongelijkheden en opmerkelijkheden in de maatschappij. Niet in Florence. Hier is het feest. In de universiteit hingen wel pamfletjes. Maar een closer look wees uit dat het reclame was voor een bloemenwinkel. Een vrolijk verzoek aan de heren om vooral de vrouwen, te verweimen op deze speciale dag in het jaar. Bij de supermarkt werd gele mimosa uitgedeeld. In de winkelstraat deinden gele takjes vrolijk op en neer. Geen bijgedachten bij in geel verpakte hartvormige chocolaatjes van een toevallige bezoeker: gewoon, vrouwenverwendag. Niets te klagen, mondje toe. Niets te klagen? Een paar weken eerder hadden er andere pamfletten op de muren gehangen: "Why are there more men than women at the European University Institute?" De gender working group had enkele cijfers ontfiitseld aan de academic service over de aantallen mannelijke en vrouwelijke studenten in de vier faculteiten om hun vermoedens te staven. De cijfers zagen er op het eerste gezicht - zonder grondige analyse - positief uit. In de faculteiten geschiedenis en rechten valt niets te Jdagen over een disbalans. In economie en sociale en politieke wetenschappen (SPS) is de balans verder te zoeken: respectievelijk 35 en 30 procent is vrouw. Kijk je echter naar de aantallen vrouwen die zich aanmelden in vergelijking tot de aantallen die worden aangenomen, dan ziet het verhaal er anders uit. Voor economie, SPS en rechten is het percentage vrouwelijke studenten dat zich aanmeldt aanzienlijk hoger (resp. 41, 47 en 54) dan het percentage dat wordt toegelaten (resp. 35, 30 en 52). Bij geschiedenis meldden zich vorig jaar meer vrouwen aan dan mannen en werd precies 50 procent aangenomen. Aangezien per land wordt geselecteerd (kandidaten concurreren voor beurzen uit hun eigen land) wordt per land een ranking gemaakt van geschikte kandidaten. Vrouwelijke kandidaten stonden nooit op de eerste plaats als meest gewilde kandidaat en waren meestal derde, terwijl de kleine landen slechts enkele beurzen ter beschikking hebben. Kijken we naar het aantal vrouwelijke professoren dan is er zeker iets te klagen. Er zijn slechts zes vrouwelijke professoren op een totaal van tweeënveertig. In de twintigjarige geschiedenis van de universiteit is dit zelfs een mijlpaal. Terwijl er in totaal tweeëntachtig mannelijke professoren hebben lesgegeven, hebben in voorgaande jaren slechts vijf vrouwen gedoceerd. Hoewel onrustbarend, zijn deze cijfers - helaas - niet opzienbarend. De Europese universiteit doet het zelfs goed in vergelijking met bijvoorbeeld Nederland waar het totaal aantal vrouwelijke hoogleraren met 4 procent een van de laagste van de wereld is, vergelijkbaar met Botswana. Met totaal 41 procent vrouwelijke PhDstudenten kan het zich meten met het totaal aantal vrouwelijke aio's in Nederland dat in 1996 40 procent was. Uiteraard zou dit cijfer er anders uitzien inclusief exacte wetenschappen. Volgende week zijn de sollicitatiegesprekken met de nieuwe PhD-kandidaten en ook voor professoraten zijn er vacatures. Op de bureaus van al het vrouwelijk personeel prijkt nog het gele takje mimosa. Reden tot feest? Mondje dicht, niet klagen? Het is de hoogste tijd om internationale vrouwendag ook hier in de toekomst serieuzer aan te pakken. Misschien een bosje bloemen voor de heren in de selectiecommissies op de dag dat besloten wordt over de kandidaten? De lente in hun bol aanwakkeren? Of zou de genderongelijkheid in de universitaire wereld structureler aangepakt en onderzocht moeten worden?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997
Ad Valvas | 726 Pagina's