Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 659

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 659

4 minuten leestijd

AD VALVAS 4 JUNI 1 9 9 8

PAGINA 5

Nederlands-lndië had eerste commerciële radiostation Amusement voor Europeanen moest geld in het laatje brengen Reclame was toegestaan en de traditioneel verzuilde omroepverenigingen kwamen niet aan bod op de eerste radiozender in Nederlands-lndië. Geld verdienen zag men daar tenslotte als een groot goed en het sektarisme als een groot kwaad. Het eerste commerciële radiostation in het Koninkrijk der Nederlanden lag in de gordel van smaragd en ging in 1934 de lucht In. René Witte promoveerde vorige week aan de VU op de geschiedenis van de Indische radio-omroep. Dirk de Hoog

"Het radiostation Nirom dat in 1934 ging uitzenden in Nederlands-lndië was bedacht door een paar ondernemers in Nederland", vertelt politicoloog René Witte. "De NederlandschIndische Radio Omroep, zoals de Nirom voluit heette, is bij wijze van spreken ontstaan toen een paar zakenlieden ergens in Amsterdam op een papiertje uitrekenden wat een investering in een radiostation in de kolonie zou kosten en wat het zou opleveren. Zo kwamen alle zaken in Indië tot stand, of het nu om rubber, metaal of olie ging. Het draaide om de poen die te verdienen viel." Donderdag 28 mei promoveerde Witte op een onderzoek naar de geschiedenis van de radio in Nederlands-lndië voordat in 1942 de oorlog met Japan uitbrak. "Bij mijn weten is dit de eerste keer dat deze geschiedenis in kaart is gebracht', zegt de kersverse doctor. Aan de totstandkoming van het proefschrift gaat een anekdote vooraf. "Toen ik eind jaren zestig wilde afstuderen, wist mijn hoogleraar dat het bedrijf Radio Holland zijn kelders met bedrijfsarchieven wilde leegruimen. Ik ben erheen gegaan en kon kopieën meenemen. Daarin stond onder meer de geschiedenis van de Indische omroep beschreven. Maar ik had mijn scriptie al min of meer af, dus ik heb toen niks met dat archief gedaan. Nu is het de basis van mijn proefschrift geworden." Dat Witte nu pas promoveert is niet zo vreemd. "Ik belandde vrij snel na mijn afstuderen bi) de VPRO en ben

daar al ruim 25 jaar algemeen secretaris. Een paar jaar geleden heb ik meegeschreven aan een boek over de geschiedenis van de VPRO en kreeg ik

de smaak van het onderzoek doen te pakken. Indië en de radio boeien mij en ik had dat archief nog liggen. Zo is het proefschrift geboren. Wat er met het officiële archief van Radio Holland is gebeurd, weet ik niet. Ik heb het nergens meer kunnen vinden. Ik wil ze niet van kwade dingen beschuldigen, maar misschien is het gewoon in de gracht gekieperd of met de vuilniswagen meegegeven. Dat zou toch erg zonde zijn, want het is voor een deel uniek historisch materiaal. Zo moeten er complete ingebonden jaar-

PHILIP'S POEN^Ä PE^KAiCilS PHOHi

TEMPO

MEitMi»Äs mmÈ mt>m,im

JÄNCä TJEPIkT S I K Ä L I

de gouverneur-generaal in Indië, A.C. De Graeff, in 1929 een telex met de volgende tekst aan de minister in Nederland: "Het publiek is afkerig van godsdienstig sektarisme en partijpolitiek op Nederlandschen grondslag." Een lokale krant schreef: "Wij willen Hollands stem, de Nederlandse cultuur, de nationale eenheid en niet de nationale verdeeldheid horen."

Amusement

gangen van het programmablad van de radio m Nederlands-lndië hebben bestaan, maar ik heb slechts sporadisch delen terug kunnen vinden. Zoiets hoort in een historische verzamehng te staan." Dat Witte materiaal over de Nederlandsch-Indische Radio Omroep in de archieven van Radio Holland vond, is niet vreemd. Dit bedrijf, dat tegenwoordig onder meer communicatieapparatuur voor schepen levert, was één van de maatschappijen die het Indische radiostation oprichtte. In eerste instantie werkte het samen met de handelsmaatschappij Maintz en het persbureau Aneta. Maar al snel kwam het aandeel van de laatste participant in handen van niemand minder dan Philips.

Verboden De plaimen voor het oprichten van een radiostation dateerden al uit 1921, maar de eerste echte regulieDor» »opo feagasmltan Iq? Sotoe jmpet heteKsdyne" dmm kotüber Woem re uitzendingen van de Nirom vonpemöft t8ra}0«al{ KcwJeroja so«fo te^agoh «bh soto« penjtoeran |afsg den pas in 1934 plaats. Er waren speciaal osnloefe fadtng-compsRsertiel P««ggodoön mmta tWci «da soma mkatt ietmhab oJ«h mmgan meata jong bfes dï st«ll Dart sol?» soeow heel wat problemen te overwinnen, ke«s 4m hemh. IMO él \Am mmomo^ k«<jsr^ mwoek, Wnggo sworanja niet alleen van technische aard, tetók, Somlm cfiödfjohan hmar »«fgenggom o!«li sol»« ofe|«mfcnop pm zoals de bouw van veel krachtiger wdeAorw sodjö. Soto« ioeste! jong IsthUn osnteek mertertma peswWman zenders dan was voorzien, maar er Pttohil DmgaAm m toestel dan QÏ W tcmtd - lo odoloh »oto« perviel ook nog heel wat politieks af te hiasan didoiam ««geJa-gofanJa. handelen voordat de radio de lucht in kon. Zo was het luisteren naar de radio in Nederlands-lndië wettelijk verboden. Echte radiostations bestonden dan ook nog niet. Alleen een enkele lokale radioamateur werd oogluikend toegestaan. Maar juist in het luisterverbod zagen de ondernemers kansen voor het opzetten van een radiostation. Zij Philips adverteert voor radio's in Nederlands-lndië. konden immers een monopolie Illustraties uit; De Indische radio-omroep - overheidsbeleid en ontwikkeling 1 9 2 3 - 1 9 4 2 bewerkstelligen. Als oplossing was namelijk bedacht dat ontheffing van het luisterverbod mogelijk was en een voet tussen de deur te krijgen. niet. Dat werd pas door de Duitsers men een vergunning kon kopen. De in de Tweede Wereldoorlog ingevoerd Daar was echter weinig steun voor. opbrengst daarvan was exclusief voor en bestaat tot de dag van vandaag nog Compromis was dat op zondagochde Nirom, met een bepaalde afdracht tend een kerkdienst zou worden uitgeter financiering van de publieke aan de staat. Ook zou op de radio zonden", aldus Witte. "In Indië moest omroepen. reclame mogelijk moeten zijn, maar in Tegen het monopolie van de Nirom men niets hebben van de verzuiling de praktijk is daar weinig gebruik van uit het moederland. De Nederlanders kwam licht protest in de Indische gemaakt. Volksraad, een soort koloniaal parle- _ _£n andere Europeanen in de kolonie zagen zich juist als een eenheid die ment, vooral uit de hoek van christeWie in Nederlands-lndië naar de zich te weer moest stellen tegen het lijke partijen. "Maar dat protest stelde radio wilde luisteren moest een abonniet veel voor. Het was ingegeven van- sluimerend opkomende nationalisme nement op de Nirom nemen om een van de inheemse bevolking. Stel voor uit het moederland, waar de omroeluistervergunning te krijgen. In dat die linkse socialistische VARA pen verzuild waren. Organisaties als Nederland bestond dit systeem van mocht gaan uitzenden." Zo verzond de KRO en NCRV probeerden in Indië gedwongen luistergeld betalen nog

Ondanks dat het met de persvrijheid in Nederlands-lndië met best gesteld was, (kranten konden een verschijningsverbod krijgen, de overheid monopoliseerde het nieuws door maar één persbureau toe te staan, dat ze zelf controleerde) werkte de koloniale overheid graag mee aan de oprichting van de zender. Dat kwam volgens Witte omdat het radiostation absoluut geen politieke of zelfs maar journalistieke ambities had. "Het gmg om het bieden van amusement en vermaak aan de luisteraars. De uitzendingen bestonden voor driekwart uit muziek, een enkele kerkdienst en zelden wat gepraat. Uit onderzoek onder de luisteraars bleek ook dat zij vooral dat amusement wilden. In tegenstelling tot wat veel mensen nu denken viel er eigenlijk niet zoveel te beleven in de kolonie. Echte censuur van de overheid was niet eens nodig. Alle uitzendingen werden vooraf gecontroleerd, maar dat was de taak van een formeel onafhankelijke adviesraad, waar weliswaar ook door de overheid benoemde mensen in zaten, maar die kregen nauwelijks een controversieel geluid te horen." Wat de oprichters van het station niet hadden voorzien, was dat de radiozender steeds populairder werd bij de Indonesische bevolking zelf. Rond 1940 maakten Indonesiërs zelfs de helft van de in totaal 87.500 betalende luisteraars uit. "Dit waren vooral mensen uit de lokale bovenlaag, loyaal aan de Nederlandse overheid, daar maakte men zich geen zorgen om", aldus Witte. "Ze kregen zelfs de ruimte om zelf programma's met oosterse muziek te maken. De autoriteiten vonden het een goed middel om de Indonesiërs vermaak te geven en ze daarmee van de straat te houden. Ook Anton Philips zag brood m de potentiële miljoenen Indonesiërs die een radio wilde hebben. Hij liep met plannen rond een heel eenvoudig en goedkoop ontvangsttoestel te bouwen waar slechts één zender op te ontvangen zou zijn. Zover is het nooit gekomen. Toen de Japanners in 1942 birmenvielen verdween de Nederlands-Indische Radio Omroep voorgoed uit de lucht." René Witte. De Indische radio-omroep Overheidsbeleid en ontwikkeling 1923 -1942, Uitgeverij Verloren, Hilversum, 1998, ƒ39,—, ISBN 90 6550 590 3

'Hallo, hier Holland' De eerste radioverbinding tussen Nederland en Nederlands-lndië kwam op 11 m a a r t 1927 niet toevallig tot stand vanuit Eindhoven. Deze verbinding was, voor die tijd, namelijk een staaltje van technisch vernuft dat alleen de laboratoria van Philips in huis hadden. De toenmalige directeur van de gloeilampenfabriek, Anton Philips, wUde een radiostation oprichten dat vanuit Nederland naar Indië zou uitzenden. Samen met een paar organisaties die belangen in Indië hadden bouwde het bedrijf een krachtige zender in Huizen in ' t Gooi. De Philips Omroep Holland Indië (PHOHI) leek een feit. Philips zelf streefde vooral commerciële belangen n a en wUde reclame maken. Deze zender was de eerste mogelijkheid om levende stemmen van de ene naar de andere kant van de aarde te zenden. Voortaan kon 'Hallo, hier Hoüand' in Nederlands-lndië ontvangen worden. Maar Philips had buiten de waard gerekend. In dit geval de gevestigde verzuilde omroepverenigingen, zoals NCRV,

KRO, VARA, AVRO en VPRO. Geza-

menlijk trokken ze bij het parlement en de door christelijke p a r tijen gedomineerde regering aan de bel en eisten hun deel op in de PHOHi-zender. De politiek zwichtte voor de eis en in 1928 kwam een wetswijziging tot stand die bepaalde dat de gezamenlijke omroepen ook naar evenredigheid op de zender naar Indië te beluisteren moesten zijn. P h i lips was zo boos over dit besluit dat de zender uit de lucht ging. Pas in 1934, toen in Indië zelf al een zender was opgericht, kwam de PHOHl-zender weer in de lucht, nadat Philips het recht had gekregen tweederde van de zendtijd te benutten. Ook kwam er een r a a d die toezicht hield op de zender, waarin de grote omroepen zitting hadden. De reguliere omroepen maakten in de praktijk weinig gebruik van hun zen«irecht. Het ging ze om het principe en die slag hadden ze gewonnen. Uiteindelijk maakte de oorlog in 1940 een einde aan het radiostation. Na de oorlog n a m de nieuw opgerichte Wereldoproep de taken over. (DdH)

Steunzender van de NIROIVI in de buurt van IVIedan, gebouwd in 1 9 3 8 . De Indische overheid dwong de NIROM deze zender te bouwen om de hoorbaarheid op Sumatra te verbeteren. -

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's

Ad Valvas 1997-1998 - pagina 659

Bekijk de hele uitgave van maandag 25 augustus 1997

Ad Valvas | 726 Pagina's