Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1998-1999 - pagina 31

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1998-1999 - pagina 31

9 minuten leestijd

AD VALVAS 3 SEPTEMBER 1998

PAGINA 5

^É^

Afscheid universiteitsraad met een lacli en een traan Eerste en laatste voorzitter progressieve studenten blikken terug Vorige week dinsdag vergaderde de universiteitsraad van de VU voor de allerlaatste keer in de geschiedenis. Door de invoering van een nieuwe bestuursstructuur kwam na een kwart eeuw een einde aan het universitaire parlement. De eerste en laatste voorzitters van de progressieve studentenfractie in de raad praten na. "Ik treur niet dat de raad is verdwenen; het probleem is dat er niets goeds voor in de plaats is gekomen." Dirk de Hoog

"Ach ja, dat liedje ken ik nog wel", zegt Victor Rutgers. In 1973 studeerde hij politicologie aan de vu en werd de eerste voorzitter van de progressieve studentenfractie PKV in de universiteitsraad. Het liedje staat afgedrukt in het toenmalige studentenblad Pharetra. Just van der Hoeven, tegenwoordig student politicologie, laat het aan Rutgers zien. "Een kopie van dit blad hebben we aan het college van bestuur gegeven na afloop van de laatste universiteitsvergadering", zegt Van der Hoeven. Hij is de laatste voorzitter van de PKV, nu vorige week dinsdag 25 augustus de universiteitsraad olBcieel is opgeheven als gevolg van de invoering van de wettelijk voorgeschreven nieuwe bestuursstructuur voor de universiteiten, bekend als de MUB.

Rutgers zingt het liedje langzaam voor: Laat de raad nu maar bezwijken. Laat hem naar de bliksem gaan. Laat de directeuren zeiken. Ze hebben geen been om op te staan. Na zijn afstuderen volgde een loopbaan bij de ondersteuning van het bestuur bij diverse universiteiten. Eerst in Maastricht, later bij de UVA en sinds 1995 is hij hoofd van de dienst instellingsbeleid van de Rijksuniversiteit Leiden. "Zeg maar dat ik me met de te volgen strategie van de universiteit bezighoud", legt hij z'n werk uit. "Ik wilde toentertijd in de universiteitsraad omdat ik actief betrokken was bij de studentenbeweging. We wilden de maatschappij hervormen en een van de dingen die daarbij hoorde was het openen van de deuren van de universiteit zowel naar binnen als naar buiten. We zagen de universiteitsraad als een middel om de wereld te verbeteren en we stelden

allerlei maatschappelijke kwesties aan de orde. We namen moties aan tegen de oorlog in Vietnam enzo. Er werd heel wat afgepraat in die tijd." Dat de studenten niet alleen voor hun eigen belangen in de universiteitsraad zaten, blijkt wel uit het vervolg van het bewuste liedje: Hang de rode vlag maar buiten, We moeten onze njen sluiten Ook na de bezetting geldt nog steeds voor allemaal: Breek de macht van het kapitaal! Het liedje ontstond tijdens een studentenbezetting van de vu-gebouwen in 1972, die precies honderd uur duurde, van dinsdag 22 februari tot en met zaterdag 26 februari. De studenten, onder wie Rutgers, waren het niet eens met de wijze waarop aan de vu inhoud werd gegeven aan de, democratisering. "We vonden de toen ingestelde universiteitsraad een schertsvertoning waar we als progressieve studenten niet in zijn gaan zitten. We wilden one man, one vote. Iedereen aan de universiteit, of je nu student, secretaresse of hoogleraar was, moest in dezelfde mate kunnen meebeslissen over wat er ging gebeuren." Nadat het universiteitsbestuur een paar concessies had gedaan over onder meer het aantal studenten dat in de universiteitsraad mocht zitten, deden de progressieve studenten een jaar later toch mee en wonnen driekwart van de stemmen. Zoveel aanhang heeft de PKV eigenlijk al de volgende jaren gehouden, hoewel de actieve studenten altijd "een haatliefde relatie met de raad hebben gehad, want het moest allemaal veel democratischer natuurlijk", aldus Rutgers. "Ik ben niet met zoveel verheven idealen in de universiteitsraad gestapt hoor", vertelt Van der Hoeven. "Ik was geïnteresseerd in het onderwij sbe-

Vlctor Rutgers, de eerste voorzitter van de PKV in de universiteitsraad.

Just van der Hoeven, de laatste voorzitter van de PKV.

leid. Daar had ik me op de faculteit al mee beziggehouden en ik dacht dat het allemaal beter kon. Ik had natuurlijk wel idealen. Ik wist dat de MUB eraan zou komen en ik wilde zoveel mogelijk inspraak behouden voor studenten. En ik heb me wel eens m een vergadering laten ontvallen dat ik bepaalde bezuinigingen op de universiteit niet erg zou vinden als dat geld ten goede zou komen aan een betere opvang van asielzoekers in Nederland. Ikzelf heb een bepaald politiek engagement, maar voor de studentenfractie in de raad is dat geen must, we zijn niet gekozen op basis van een politiek programma, maar op grond van zaken die we aan de universiteit wilde aanpakken." Rutgers zegt geen spijt te hebben gehad van zijn daden vijfentwintig jaar geleden. "Natuurlijk denk ik nu over een heleboel dingen anders dan toen, maar de universiteit was echt aan verandering toe. De macht lag louter bij de hoogleraren die over hun eigen eilandjes regeerden. De universiteiten waren daardoor niet in staat adequaat te reageren op de veranderingen in de maatschappij, zoals de behoefte aan maatschappelijk relevant onderzoek en goed onderwijs voor het enorm toegenomen aantal studenten. De universiteiten waren aan het vermolmen. De

democratisering heeft de nodige vernieuwing gebracht, die nog steeds doorwerkt. We gaan nu zeker niet terug naar de proffenuniversiteit, waar alleen hoogleraren meetellen." Ook Van der Hoeven zou het allemaal best weer over willen doen. "Ik heb een leuke tijd gehad en een hoop geleerd. En hier en daar hebben we een paar dingetjes zodanig kunnen aankaarten dat het tot verbeteringen heeft geleid. Maar ik ben ook een stuk cynischer geworden. De raad en het college luisteren vaak slecht naar elkaar en veel raadsleden vinden de mooie woorden die ze spreken vaak belangrijker dan de inhoud waar het allemaal om gaat. En bij echt belangrijke punten durven veel raadsleden de confrontatie met het college niet aan. Wat dat betreft treur ik er niet om dat de raad is verdwenen. Het probleem is vooral dat er niet echt iets goeds voor teruggekomen is. Dan kun je beter houden wat je hebt." Rutgers begrijpt die teleurstelling wel. "Het model van de gemeenteraden is overgeplant op de universiteiten, terwijl dat heel andere organisaties zijn dan een dorp of een stad. Achteraf gezien is dat een fout geweest. Het instellen van die raden was een zwaktebod omdat er geen betere oplossingen voorhanden waren. Zulke raden

vragen gewoon om polarisatie en het spelen van politieke spelletjes, want als je er inzit moet je wel wat zeggen en standpunten mnemen. Dat wordt gewoon van je verwacht, want je zit er om besluiten te nemen. De universiteiten hadden een bestuursmodel moeten krijgen dat recht doet aan het eigen karakter, maar ik geef toe dat ik ook niet precies weet hoe dat eruit moet zien. Het gaat er vooral om dat mensen meedenken en meepraten, vernieuwende impulsen geven en zwakke plekken blooüeggen. En dat moet je vooral doen op die plekken waar het echte werk gebeurt, op de faculteiten en binnen het onderwijs. Daar goede communicatie van de grond krijgen, is veel belangrijker dan op centraal niveau te kissebissen over competentiekwesties en reglementen." Van der Hoeven is het er hartgrondig mee eens, maar heeft zijn bedenkingen over de haalbaarheid. "Op de faculteiten zijn de decanen de baas en dat zijn vaak hoogleraren die nog een paar jaar moeten uitzitten tot ze met pensioen mogen. Ik ben voor goede bestuurders die hun werk professioneel doen, maar ik heb zo mijn twijfels bij het personeelsbeleid van de universiteiten. Wat betreft het slecht functioneren van sommige hoogleraren die macht hebben en dus niet weg te branden zijn, is weinig veranderd in een kwart eeuw." Rutgers is het daar niet mee eens. "De universiteiten kunnen het zich niet meer permitteren om lui achterover te leunen. De onderlinge concurrentie is zo groot dat ze wel accuraat en snel moeten reageren. Slechte bestuurders die niet naar hun medewerkers en studenten luisteren, zullen snel afgestraft worden door de marktwerking die zorgt voor dalende studentenaantallen en minder onderzoeksopdrachten en dus minder geld. Maar laten we alsjeblieft niet dezelfde fout maken als in het verleden en weer een bestuursmodel van buiten de universiteit omarmen als oplossing. Universiteiten zijn geen bedrijven en van marktwerking moet je ook niet alles verwachten. Universitaire bestuurders die verwachten alles van bovenaf te kunnen regelen, zullen snel genoeg merken dat zo'n benadering niet werkt."

Foto's Peter Wolters - AVC/VU

'Laten we niet treuren' Met een ferme klap van zijn voorzittershamer sloot prof dr. R.P. Zuidema op dinsdagmiddag 25 augustus rond 4 uur de 430ste vergadering van de universiteitsraad van de vu. Daar-

mee was na bijna 26 jaar meebesturen het doek definitief gevallen voor het universitaire parlement. "Ongeveer een generatie lang heeft de universiteitsraad een onmiskenbare bijdrage geleverd binnen het bestuurlijke krachtenveld aan onze imiversiteit", zei Zuidema in zijn slotwoord. "Een periode van 25 jaar wordt afgesloten, we kunnen erom treuren, maar dat doen we niet. Andere tijden, andere zeden", aldus mw. mr. M.C.H. DekkerBosma, die namens de Vereniging voor Christelijk Wetenschappelijk Onderwijs in de raad zat. Ze hoopt dat de betrokkenheid van de hele universitaire gemeenschap bij de vu door de sfeer van nieuwe zakelijkheid niet zal afnemen. Ook hekelde ze de neiging van het college van bestuur nu en dan niet naar anderen te willen

Het college van bestuur neemt afscheid met een _lach.__

j

!

Yvonne Compier - AVC/VU

imM\

De studentenfractie neemt afscheid van de universiteitsraad met een traan.

moeten constateren dat om consensus te bereiken soms een harde strijd moest worden gestreden. Debet hieraan is volgens ons de harde toon die gezet IS door het college." Namens de fractie van het overige personeel gaf mevrouw B. Beltman het college wat tips voor de toekomst mee. "Laat begrippen als draagvlak en transparant bestuur niet verworden tot loze kreten; laat het terechte streven naar efficiency niet uitmonjitLve^kelijking en verkilling van ïéfsttrefffijke verhoudingen en zorg

voor een goede interne communicatie, niet alleen met hoogleraren, maar eveneens met studenten en alle overige werknemers binnen de vu." Mr. J. Donner sprak namens het college van bestuur enige afscheidswoorden, na eerst geconstateerd te hebben de enige aanwezige te zijn die zowel de eerste als de laatste raadsvergadering had bijgewoond. Hij was 26 jaar geleden lid van de griffie van de universiteitsraad. Volgens hem was de invoering van de universiteitsraad toentertijd "een perfect antwoord op

Yvonne Compier - AVC/VU

de onlustgevoelens over de bestaande universitaire structuur en een noodzakelijke consequentie van de massificatie van het hoger onderwijs". Maar volgens Donner is 26 jaar oppositie voeren misschien wat veel van het goede. "Dan wil je wel eens wat anders. We nemen afscheid van een tijdperk. De klassieke universiteit, waartegen velen in 1968 te hoop liepen, is ten grave gedragen, dat is de verdienste van de instelling van de universiteitsraad geweest. De professorenuniversiteit IS bijgezet." (DdH)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998

Ad Valvas | 704 Pagina's

Ad Valvas 1998-1999 - pagina 31

Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998

Ad Valvas | 704 Pagina's