Ad Valvas 1998-1999 - pagina 224
PEUSONEËLSICATEflN: ONDERNEMINGSRAAD
PAGINA 12
AD VALVAS 19 NOVEMBER 1998
'Medezeggenschap heeft een grote meerwaarde' Rienk Goodijk schetst de ideale ondernemingsraad arbeidsverhoudingen of een slechte sfeer op de werkvloer. Goodijk vindt dat het werk voor een ondernemingsraad effectiever en efficiënter kan door als raad beleidsmatig te werken. Dat betekent dat een ondernemingsraad net als een organisatie zijn eigen visie, missie en uitgangspunten zou moeten formuleren om met die bagage een bijdrage te leveren aan de beleidsvorming. "Het is de kunst niet op de stoel van de bestuurder te gaan zitten. Je moet dus over het algemeen niet zelf beleid gaan ontwikkelen, maar vanuitje vanuit hun eigen verantwoordelijkheid meehelpen bij de ontwikkeling van het beleid." En als het aan Goodijk ligt, moeten daarbij twee centrale thema's een rol spelen: de werkgelegenheid, zowel kwantitatief als kwalitatief en de versterking van het sociaal-organisatorisch en het maatschappelijk beleid van de onderneming, want hij maakt zich zorgen over de tendens dat bedrijfsresultaten vandaag de dag steeds zwaarder gaan wegen. Dat gaat ten koste van de positie van de mensen binnen het bedrijf of de instelling. Wat de werkgelegenheid betreft adviseert hij ondernemingsraden niet alleen naar het behouS van banen te kijken. "Deze defensieve opstelling is begrijpelijk, maar men zou ook oog moeten hebben voor de werkgelegenheid in de toekomst."
Als er iemand Is die verstand van medezeggenschap heeft, is het wel dr. ir. Rienk Goodijk, senior adviseur bij GITP in Tilburg. Hij promoveerde in 1 9 8 7 op een onderzoek naar de spanning tussen ondernemerschap en medezeggenschap. Sindsdien is hij adviseur op dit vlak. Goodijk vindt dat ondernemingsraden en onderdeelcommissies meer aandacht moeten besteden aan strategische beleidsvorming. Daarmee verkrijgen ze een meerwaarde ten opzichte van bijvoorbeeld werkoverleg. Bestuurders hebben daar baat bij en voor de leden van een ondernemingsraad of onderdeelcommissie wordt het alleen maar interessanter. De ondernemingsraad van de VU onderschrijft Goodijks visie. Zo'n tien tot vijftien jaar geleden was er weinig ruimte voor ondernemingsraden om betrokl<en te zijn bij het strategiscli beleid van ondernemingen. Tegenwoordig is er een tendens dat steeds meer bedrijven er juist de meerwaarde van gaan inzien. Volgens Goodijk is dat niet zo'n vreemde ontwikkeling, want deze gang van zaken past beter binnen de Nederlandse verhoudingen. "Nederlanders willen graag in goed overleg en harmonie oplossingen bedenken voor problemen. En natuurlijk speelt ook het tijdsbeeld mee." Vroeger - en in veel gevallen nog steeds - opereerden ondernemingsraden vaak passief en dat was niet zelden noodgedwongen. Ze kregen dan in een laat stadium beleidsvooi;nemens voorgelegd, waarover ze 'nog even' een advies mochten uitbrengen. Bijna automatisch verzeilden ze dan in de verdediging. Dat wekte weer irritatie bij de bestuurders. En zo belandden beide partijen vervolgens in een procedurele-rol. Polarisatie was het effect. Goodijk ziet liever een ander scenario, één waarin bestuurders en ondernemingsraad nauw samenwerken. Ondernemingsraden die in een vroeg stadium inhoudelijk betrokken worden bij de vorming van het beleid van de onderneming hebben volgens hem een grote meerwaarde. Werknemers kunnen dan vanuit hun eigen ervaring en kennis meedenken over de ontwikkeling van het beleid. Dat betekent onder meer dat de OR beter zicht krijgt op de context waarbinnen plannen tot stand komen, zodat deelplannen beter kunnen worden getoetst op samenhang en consistentie. Ook doelen en achterliggende motieven van beleidsvoornemens worden zo helderder. En dat maakt het weer makkelijker om zelf visies te ontwikkelen, initiatieven te nemen en een inhoudelijke bijdrage te leveren aan het beleid. In de ogen van Goodijk is dat een stuk interessanter voor werknemers dan telkens op het laatste moment proberen te redden wat er te redden valt en de hakken in het zand te zetten.
Gedrevenheid
De winst voor de bestuurders zit 'm vooral in het feit dat de ondernemingsraad zich meer zal gaan bezighouden met de hoofdlijnen en minder zal kissebissen over allerlei details. De kwaliteit van de inbreng van de ondernemingsraad zal bovendien toenemen. Goodijk waarschuvrt voor de tegenstanders van dit scenario in de kring van werknemers. "Er zijn ondernemingsraden die niet aan die nieuwe rol willen. Ze hebben de vrees om verantwoordelijk gesteld te worden voor het beleid als zij daar in een vroeg stadium bij betrokken
Verkiezingskalender Onderdeelcommissies en Ondernemingsraad November 1998 13-26 Lijsten verkiesbare en/of kiesgerechtigde werknemers liggen ter inzage. December 1998 tot 18 Indienen van kandidatenlijsten door werknemersorganisaties. Januari 1999 tot 8 Indienen van vrije lijsten 28 Bekendmaking van de geldige kandidatenlijsten 29-4/2 Gedurende deze periode kan schriftelijk bezwaar worden gemaakt tegen de kandidaatstelling van personen. Februari 12-22 23 23-3/3
1999 Verkiezingen Verkiezingsuitslag Gedurende deze periode kan schriftelijk bezwaar worden gemaakt tegen de uitslag van de verkiezingen.
Maart 1999 Installatie nieuwe onderne mingsraad en onderdeelcommissies Volgende overlegvergadering met het CvB woensdag 25 november, 13.30 uur, BI 1085, N-050
zijn. Als werknemers de gelegenheid krijgen om vroegtijdig te participeren en desondanks besluiten tot een afwachtende en reagerende rol, zijn ze wel degelijk verantwoordelijk, lijkt me. De achterban mag hen daarop aanspreken." De senior adviseur van het GITP realiseert zich ook dat zo'n werkwijze nogal wat vraagt van degenen die lid worden van een ondernemingsraad. "Dat is een discussie die nog veel te weinig wordt gevoerd. Zeker vakbonden zouden hier meer aandacht aan moeten besteden. Wat mij betreft, is niet het opleidingsniveau doorslaggevend voor de geschiktheid van de kandidaten. Veel belangrijker is een grote mate van gedrevenheid van de werknemers. Want als die er niet is, dan is het moeilijk om naast je gewone werk tijd vrij te maken voor de ondernemingsraad. Dan zijn er altijd zaken met een hogere prioriteit en verslonst het OR-werk. Natuurlijk moeten mensen het ook gewoon leuk vinden om op een abstract niveau over de onderneming na te denken."
Inhioudelijk
Fabriek
Goodijk stelt zich voor dat elke ondernemingsraad daarbij zijn eigen stijl ontwikkelt, gebaseerd op de eigen wensen en de mogelijkheden. "Bij een kennisinstituut als de VU zal men op een andere manier naar het strategisch beleid kijken en erover discussiëren dan bij een fabriek waar veel laaggeschoolde werknemers In dienst zijn." Behalve de gedrevenheid en het plezier verwacht Goodijk ook van kandidaten dat ze verantwoordelijkheidsgevoel hebben voor de maatschappij waarin zij leven en dat ze die verantwoordelijkheid nemen. Hij noemt dat een professionele opstelling. "Dat zeg ik vanuit mijn levensovertuiging. Ik vind dat mensen medeverantwoordelijkheid zijn voor de schepping, voor de wereld waarin wij leven. Arbeid speelt daarbij een belangrijke factor. Als lid van de ondernemingsraad kun je invloed uitoefenen op het beleid van het bedrijf en dus de maatschappelijke verantwoordelijkheid versterken. Medezeggenschap is eigenlijk de gewetensfunctie van een bedrijf of instelling." Tot slot acht de adviseur scholing zeer belangrijk voor ondernemingsraden. Daarmee krijgen de leden 'gereedschappen' aangereikt voor het specifieke werk dat dit overlegorgaan met zich meebrengt. Wie lid wordt van een ondernemingsraad moet daarin investeren, vindt Goodijk. Het bekende spreekwoord 'de kost gaat voor de baat uit' is ook voor het ondernemingsraadwerk van toepassing. Volgens Goodijk wordt niet alleen de onderneming er op den duur beter van.
Het bekende spreekwoord 'de kost gaat voor de baat uit' is ook voor het ondernemingsraadwerk van toepassing. Foto: Zuiderzeemuseum maar ook de individuele leden. "Door hun werk voor de GR krijgen ze meer zicht op het rellen en zeilen van de totale organisatie, het verruimt hun horizon. Door hun betrokkenheid kunnen ze begrijpen waarom bepaalde beleidsbeslissingen worden genomen. Ik ken mensen die zich na afloop van hun zittingsperiode en het verlaten van de OR opgesloten voelden in hun werk. Toen merkten ze pas hoe motiverend het is om goed op de hoogte te zijn. Als je kunt volgen waarom het management een bepaalde koers kiest, krijg je veelal meer plezier in je werk dat ermee samenhangt." Een ander belangrijk voordeel van het OR-werk is de mogelijkheid je te ontwikkelen op vlakken waar je anders misschien geen gelegenheid voor krijgt. Je doet bijvoorbeeld kennis op van complexe bedrijfsprocessen, van strategisch beleid en de manier waarop dat tot stand komt. Ook krijgen OR-leden de gelegenheid nieuwe'vaardigheden op te
doen die in de verdere loopbaan een pre kunnen vormen. Op het sociale vlak ziet Goodijk het winstpunt dat leden een invulling kunnen geven aan hun maatschappelijke verantwoordelijkheid. "Dat heeft natuurlijk te maken met je opvattingen over het mens-zijn. Vanuit mijn levensovertuiging zeg ik dan dat ze iets kunnen betekenen voor een grote groep mensen." Dat er desondanks steeds minder mensen gemotiveerd zijn om actief lid te worden van een ondernemingsraad, is de adviseur ook bekend. "Het wordt steeds zwaarder. Overal wordt de werkdruk opgevoerd. Bovendien ben je door je OR-werk kwetsbaar," weet hij. Daarmee doelt hij op het feit dat directe collega's het lang niet altijd kunnen waarderen dat zij de lacunes moeten opvangen die zijn ontstaan doordat iemand actief is voor de ondernemingsraad. Officieel is er een regeling voor, maar in de praktijk pakt die anders uit. Niemand is gebaat bij verstoorde
Goodijk is blij dat de ouderwetse rolopvatting bij steeds meer bedrijven en instellingen vervaagt. "Er is nu al meer ruimte voor een inhoudelijke inbreng." Over de huidige situatie bij de VU kan hij vanuit Tilburg niet veel zeggen. Hij is betrokken geweest bij de start van de OR-VU om een bijdrage te leveren aan een goed klimaat voor overleg tussen raad en college van bestuur. "Voor de ondernemingsraad is de VU te beschouwen als een onderneming, waar de bedrijfsvoering belangrijk is en waarbij de bestuurder de rol van manager heeft. Dat was in het begin nieuw." De universiteiten zijn volgens hem overigens met te vergelijken met 'het gewone bedrijfsleven', doordat hier tot voor kort nog een medebestuursorgaan actief was. De verhouding tussen ondernemingsraad en college van bestuur zal zich door deze ontwikkeling nog opnieuw moeten gaan zetten. Ook nu de onderdeelcommissies aan de VU aan het warmdraaien zijn, roept de universiteit net als bij de start van de OR de hulp van Goodijk in. Hij zal de decanen en de directeuren bedrijfsvoering inwijden in de medezeggenschap en de meerwaarde ervan. "Dat is nodig, want zij hebben nog weinig of geen ervaring met medezeggenschap. De Wet op de Ondernemingsraden laat veel ruimte aan bestuurders en en onderdeelcommissies om er invulling aan te geven. Hij is gebaseerd op de welwillendheid van beide partijen. Kiezen ze ervoor om samen te werken of kiezen ze ervoor van het ene conflict naar het volgende te strompelen? Een heldere uitgangspositie is dan belangrijk." (MS)
Kiesregisters ter inzage De lijsten van kiesgerechtigden voor de verkiezingen van de ondernemingsraad (OR) en de onderdeelcommissies (OC's) liggen nog t/m vrijdag 27 november ter inzage op de volgende plaatsen: Zie kader.
Werknemers die op 11 augustus 1998 In dienst of gedetacheerd waren bij de VU, en waarvan het contract niet afloopt, resp. de detachering eindigt voor de verkiezingen, hebben stemrecht. Indien u meent dat uw naam ten onrech-
Totaallijst: Hoofdgebouw, balie PZ I e etage, kamer lE-71 Lijst van OC-bureau bij: balie PZ Hoofdgebouw, I e etage, kamer lE-71 WN-gebouw: servicepunt M 018 () Geneeskunde: servicepunt A 001 (lijst van OC-bureau) De lijsten van de andere onderdeelcommissies bij het onderdeel:: RNC/Cyclotron: receptie RNC A 1 IVM: informatiebalie D 008 IDO: kamer D 104 Faculteit Aardwetenschappen: balie faculteitsbureau, kamer F 148 Faculteit Bewegingswetenschappen: faculteitsbureau, kamer H 628 Faculteit Biologie: infotheek, kamer A 037 Faculteit Econ. Wetenschappen: faculteitsbureau, kamer 2A 15 Faculteit Godgeleerdheid/Wijsbegeerte: balie 13A 64 Faculteit Letteren: kamer 12A 34 Faculteit Psychologie en Pedagogiek: kamer OB 6 1 Faculteit Exacte Wetenschappen: griffie, kamer S 312 Faculteit Sociaal-Culturele Wetensch.: Faculteitsbureau, kamer S 544 Faculteiten der Geneeskunde: sectie personeelszaken, kamer D234 Faculteit der Rechtsgeleerdheid: faculteitsbureau, kamer 5A-15 ACTA: faculteitsbureau Louwesweg 1, kamer 823, postvak 1.
te ontbreekt op de kieslijst wordt u verzocht dit te melden aan het ambtelijk secretariaat van de OR: mw. C. H. 't Hart. tel 4445312, e-mail: or@vu.nl Indienen van kandidatenlijsten voor de OR en de OC's. ledere werknemer die op 11 februari 1998 in dienst of gedetacheerd was bij de VU (b.v. 2e-geldstroom medewerkers), en waarvan het contract niet afloopt, resp. de detachering eindigt voor de verkiezingen, mag zich kandidaat stellen voor de OR of de OC van zijn onderdeel. Kandidaten moeten dus op het moment van de verkiezingen tenminste een jaar bij de VU werken. Geen kiesrecht hebben VU-werknemers die voor de volle werktijd elders zijn gedetacheerd. De vakorganisaties die binnen de VU actief zijn werden reeds uitgenodigd om kandidatenlijsten in te dienen voor de OR en/of de OC's. Zij kunnen dit doen tot uiterlijk vrijdag 16 december 1998. Inmiddels is bekend dat de vakorganisaties voor de meeste OC's geen kandidatenlijsten zullen indienen. Kiesgerechtigde werknemers die geen lid zijn van een vakorganisatie of van een vakorganisatie die geen kandidaten-
lijst indient, kunnen een eigen kandidatenlijst ("vrije lijst") indienen. Zo'n vrije lijst moet door middel van ondertekening door tenminste dertig kiesgerechtigde personen worden gesteund, behalve als het gaat om een kleine OC. Indien het aantal werknemers minder dan 90 personen bedraagt dan moet éénderde van hen de lijst ondersteunen. iVlocht er een vakbondslijst zijn ingediend, dan gelden andere regels. Voor vrije lijsten is de uiterste datum van indiening vrijdag 8 januari 1999. Leden van een vakorganisatie mogen op een vrije lijst, en niet-leden op een lijst van een vakorganisatie kandidaat gesteld worden. Een werknemer kan echter maar op één kandidatenlijst voor de OR resp. op één kandidatenlijst voor de OC van zijn onderdeel kandidaat worden gesteld. Het is wel mogelijk om kandidaat gesteld te worden, zowel voor de OR als voor een OC. Formulieren voor de kandidaatstelling en meer informatie over de verkiezingen en de regels daarvoor zijn te verkrijgen bij de ambtelijk secretaris van de ondernemingsraad: mw. C. H. 't Hart, tel 4445312, e-mall: or@vu.nl of bij de voorzitter van de verkiezingscommissie mw. T.J.. Biewenga, e-mail: tj.biewenga.cell@med.vu.nl
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998
Ad Valvas | 704 Pagina's