Ad Valvas 1998-1999 - pagina 220
PAGINA 8
AD VALVAS 19 NOVEMBER 1998
'Onze studenten zijn erg betrokken bij wat er gebeurt' Indonesische rector belicht gevolgen crisis voor zijn universiteit De crisis in Indonesië slaat diepe wonden. Ook op de universiteiten is de toestand penibel. John llahauw, rector van een christelijke universiteit in het land, was vorige week op de VU. "Ongelukkig genoeg zijn wij nog niet voldoende volwassen voor een gezonde democratie." Peter Boerman Het door een diepe politieke en economische crisis geteisterde Indonesië, dat door de studentenopstanden van de afgelopen tijd continu wereldnieuws is, is "echt een land in verval", vertelt dr. John Ihalauw. "Dit jaar is een van de moeilijkste jaren die we ooit gehad hebben. De weken die we nu beleven zijn daarin de moeilijkste weken." Ihalauw is rector van de christelijke universiteit van Satya Wacana in Salatiga in Indonesië. De vu heeft al een jaar of vijftien een intensief samenwerkingsverband met die universiteit. Daardoor kunnen bijvoorbeeld Indonesische promovendi aan de vu hun proefschrift schrijven. Dinsdag 10 november was Hendrawan Supratikno de eerste Indonesiër die op die manier promoveerde. Rector Ihalauw kwam als opponent van die promotie een paar dagen over uit zijn rumoerige land. Hij greep die gelegenheid aan om het belang van de samenwerking tussen de v u en zijn universiteit te onderstrepen. "De beide universiteiten maakten samen al heel wat significante ontwikkelingen door. Wij worden geholpen met ons onderzoek en kunnen veel van onze studenten hier laten studeren. Voor de v u is het een voordeel dat wij veel stageplaatsen bieden aan h u n studenten. N u zijn we klaar voor een nieuw niveau van samenwerking. Niet al te lang geleden zijn we door de regering geaccrediteerd. In Indonesië zijn zo'n 1400 private universiteiten. Daarvan zijn er maar 36 officieel erkend, waarvan slechts drie christelijke. Daar horen wij nu bij, mede vanwege onze internationale contacten. Die erkenning zie je terug in onze studentenaantallen. We hebben in totaal zo'n tweeduizend studenten, waaronder zo'n vierhonderd eerstejaars. Dat is meer dan ooit." Ihalauw vertelt dat de samenwerking met de vu, gecombineerd met de banden die zijn universiteit heeft met zusterinstellingen in Osaka en Sydney, een van de belangrijkste redenen is
In Jakarta demonstreerden studenten voor vervroegde verkiezingen. De studenten van de universiteit van Satya Wacana, waar de VU mee samenwerkt, verzonden vanuit Salatiga petities. Kema: Jufri/ANP
waarom studenten zich inschrijven. Zijn universiteit heeft op haar beurt de v u wat te bieden, zo stelt hij. Dat zijn niet alleen stageplaatsen. "Wij werken uitgebreid samen met vier andere christelijke universiteiten in Indonesië en hebben ook nog een uitgebreid netwerk in Zuidoost-Azië." Een groot probleem, geeft Ihalauw toe, is het gebrek aan geld. Op dit moment is dat in Indonesië "schrikbarend". Hij vertelt dat de technische opleidingen en de studie biologie van de universiteit van Satya Wacana er enorm onder lijden. "We hebben erg weinig laboratoriummaterialen, chemicahën en computerfaciliteiten. Iets als Internet is voor ons bijna onbetaalbaar. De inflatie stijgt nog steeds en is nu zo'n 80 procent. Dat heeft niet alleen effect op onze universiteit, maar ook op onze studenten, die nauwelijks
geld hebben om te leven. Daar komt bij dat het bedrijfsleven bijna niet meer bereid is studenten te sponsoren, zodat we als universiteit onze studenten amper beurzen kunnen bieden." Ook sociaal gezien bevindt de universiteit zich in een moeilijke tijd, aldus llahauw. " D e christenen zijn in Indonesië een minderheid. We worden steeds meer gediscrimineerd." llahauw ziet niet zo snel een uitweg uit de politieke crisis, die hij (mede)verantwoordelijk acht voor het sociale en economische verval. "Ongelukkig genoeg zijn wij nog niet voldoende volwassen voor een gezonde democratie." De universiteit van Satya Wacana ligt "gelukkig" een flink eind van de hoofdstad Jakarta. "Daardoor kunnen onze studenten redelijk 'gewoon' verder leven. Maar ze sluiten zich niet
af van de werkelijkheid. Onze studenten zijn erg betrokken bij wat er gebeurt: ze zenden petities, vormen actiegroepen en houden demonstraties." llahauw denkt als universiteitsbestuurder een rol te kunnen spelen in het democratiseringsproces. "Vorige week kwamen we met alle rectoren in Bandung bij elkaar om een statement op te stellen, dat we vervolgens naar het Volkscongres gestuurd hebben. M e t al onze acties proberen we de verkiezingen te vervroegen en een betere grondwet te krijgen." Of de acties veel zin hebben, betwijfelt hij echter. "Vaak voelen we ons machteloos omdat we ver weg wonen en als christenen een minderheid vormen. We proberen daarom met zoveel mogelijk mensen de handen ineen te slaan en goed gebruik te maken van
de pers. Dat is, denk ik, de enige manier om iets te bereiken." Ook de v u kan iets betekenen in de Indonesische democratiseringsstrijd, denkt llahauw. "De v u heeft in Nederland contacten met de regering Die contacten kan de universiteit inzetten om een betere behandeling van Indonesië te bepleiten. Onze problemen zijn geen specifiek Indonesische aangelegenheid, maar hebben op de hele wereld h u n uitstraling. Daar kan niemand hier de ogen voor sluiten." Terneergeslagen wordt John llahauw nog niet door de situatie in zijn land. Hij zegt de hoop op betere tijden nog niet verloren te hebben. "Ik kan niet veel anders doen dan hopen, en dat is vaak frustrerend. T o c h blijf ik optimistisch. Er wordt van ons alleen wel erg veel geduld gevraagd."
Exacte wetenscliappers uit Zambia bezoeken VU Vier vertegenwoordigers van de Universiteit van Zambia zijn gedurende drie weken op de VU. Zij komen er ideeën opdoen om hun onderwijs te verbeteren. "Het Nederlandse systeem heeft als grote voordeel dat de studenten meer tijd hebben voor een vak", aldus één van hen. E k e van Kiel "Aan de hand van onze bevindingen willen we ons curriculum verbeteren en onze testen aanscherpen, zodat ze representatief zijn voor het onderwijsprogramma. Ook bekijken we de aanwezige faciliteiten", zegt chemicus dr. Samuel F . Banda. Hij is in het gezelschap van zijn collega's Stephen Chipeta van de afdeling wiskunde en statistiek, Sylvester Hatwaambo van de afdeling natuurkunde en de bioloogprofessor Jassiel N . Zulu. D e vier vertegenwoordigers van de exacte faculteit van de Universiteit van Zambia (UNZA) zijn op de v u van 2 tot en met 21 november. Ook zijn er op dit moment enkele vu-mensen daar. "De uitwisseling vindt plaats vanwege een samenwerkingsverband dat sinds 1995 bestaat", zegt dr. Coen StoU, de coördinator van het project vanuit de dienst ontwikkelingssamenwerking. "Het is een programma van het NUFFIC, de organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs. De Zambianen zijn hier gekomen om hun horizon te verbreden." D e decaan van de faculteit
exacte wetenschappen van de Universiteit van Zambia is coördinator aan de Zambiaanse kant. Hij bezocht de vu ook al twee keer. Jaarlijks beginnen aan de Universiteit van Zambia rond de twaalfhonderd studenten met een opleiding. "Ongeveer de helft daarvan kiest voor één van de exacte wetenschappen. Deze studenten volgen eerst een gemeenschappelijk jaar", legt Banda uit. "Daarin krijgen ze les in vier vakken: wiskunde, natuurkunde, biologie en scheikunde. Pas daarna specialiseren ze zich en kiezen een hoofdrichting." Behalve een van deze vier vakken, kan dat geneeskunde, landbouw of techniek zijn. "Onze eerstejaars moeten steeds een compromis zoeken tussen die vier vakken. Die stellen zich vaak op alsof zij de enige zijn. Dat betekent dat de studenten onder een grote druk staan", zegt Banda. "Het Nederlandse systeem heeft als grote voordeel dat de studenten meer tijd hebben voor hun eigen vak." Volgens professor Zulu hebben de studenten een overvol programma met de hele dag lessen en practica. Daardoor hebben ze alleen
's avonds tijd om h u n lessen voor te bereiden. De enige andere, kleinere, universiteit in het land hanteert hetzelfde systeem. Ondanks de nadelen van hun onderwijs weten de Zambianen nog niet of ze kiezen voor het Nederlandse systeem. Ze besloten ooit voor een gemeenschappelijk eerste jaar omdat de nieuwe studenten die van de middelbare scholen komen vaak nog niet over het gewenste niveau beschikken. H u n opleiding is vergelijkbaar met havo in Nederland. Daarom moeten de studenten eerst een jaar worden bijgespijkerd in d e bètavakken. Vervolgens besteden ze nog drie jaar aan de studie van hun keuze. Als ze het einddiploma halen, bezitten ze volgens Banda op hetzelfde niveau als de Nederlandse afgestudeerden. "We stellen dezelfde eisen aan de stof. Wel kunnen de Nederlandse studenten meer oefenen in het lab. Onze studenten beschikken over aanmerkelijk minder faciliteiten. Bovendien zijn de groepen in Nederland een stuk kleiner." D e delegatie sprak ook met enkele studenten. "Zij leken erg tevreden. We hoorden geen klachten", zegt Banda. Verder voerden de Zambianen vooral veel gesprekken met deskundigen aan de vu, met name de studiecoördinatoren van de bètaopleidingen. Ook het onderwijsadviesbureau en het Instituut voor Didactiek en Onderwijspraktijk van de vu werken aan de uitwisseling mee.
Daarnaast bezochten de Zambianen een middelbare school, het Freudenthal Instituut voor wiskunde in Utrecht, de Universiteit Twente en het Amstel Instituut van de UVA. Dat houdt zich bezig met onderzoek en innovatie van het lesgeven in bètavakken op universiteiten, basisscholen en in het voortgezet onderwijs. Ook is het gespecialiseerd in het gebruik van computers, multimedia en Internet.
Wijkt af Het onderwijssysteem in Zambia wijkt sterk af van dat in Nederland. "Wij kennen geen uitsplitsing in mavo, havo en vwo. Er is slechts één type middelbare schoolopleiding. Wie uitvalt, kan geen middelbare schooldiploma halen. Het goede hier is dat leerlingen niet meteen drop-outs zijn. Zij kuimen ook kiezen voor een lager schooltype, of langzaam opklimmen naar een hoger type", zegt professor Zulu. In Zambia kunnen slechts de drie tot vijf procent meest begaafde studenten studeren aan de universiteit. Zij komen daar pas na een uitputtend selectieproces. Kinderen beginnen met zeven jaar lagere school. Daarna doen ze een nationaal examen. D e besten kunnen hun ontwikkeling vervolgen met een middelbare schoolopleiding met een eerste examen na twee jaar en een tweede na drie jaar. Voor wie dat haalt, volgt nog een examen om toegelaten te worden op de universiteit. Daar vindt vervolgens na
ieder semester weer een examen plaats. "Wie dat niet haalt, moet onherroepelijk stoppen en kan alleen nog overstappen naar een beroepsopleiding. Wel mogen studenten het na twee jaar opnieuw proberen. Ook hebben ze het recht om tegen de examenuitslag in beroep te gaan", zegt Banda. Van de eerstejaars aan de imiversiteit valt ongeveer een kwart uit. "Het systeem van examens per semester heeft als gevolg dat de studenten voortdurend erg hard moeten werken", zegt professor Zulu. Het is volgens hem in Zambia dan ook een bijzonder grote eer om te mogen studeren. Financiële barrières zijn er niet. De meerderheid van de studenten studeert met een beurs van de overheid. "Als we de kans krijgen, willen we onze conclusies en aanbevelingen doorspelen aan het ministerie van Onderwijs, al is dat niet ons eerste doel", zegt Zulu. Allereerst zullen de vier de opgedane ideeèn bespreken met h u n collega's. "Wij vertegenwooidigen allemaal zes mensen van onze afdeling. Als we thuiskomen, houden we een gezamenlijke workshop om te overleggen wat we kunnen veranderen." Van 16 tot en met 19 december bezoekt bovendien een delegatie van de v u de Universiteit van Zambia. Ook dan worden workshops georganiseerd om conclusies te verbinden aan de uitwisseling.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998
Ad Valvas | 704 Pagina's