Ad Valvas 1998-1999 - pagina 296
PAGINA 8
AD VALVAS 17 DECEMBER 1998
Grootste visitatie aller tijden Letterenfaculteiten met weinig middelen tot veel in staat
Illustratie: Aad Meijer
De letterenfaculteiten staan onder druk omdat het aantal studenten afneemt. Volgens de visitatiecommissie li gt dat niet aan de kwaliteit van het onderwijs en onderzoek. Met een rapport van ruim zeshonderd pagi na's presenteerde zij vrijdag 12 december haar resultaten. ^
mm"^
Mm
Ê
m Ê **
De voltijdstudent bij letteren is een mythe
eel letterenstudenten steken 20 tot 25 uur per week in hun studie, V constateert de visitatiecommissie Let teren. Dat Nederlandse studenten vaak niet fulltime willen of kunnen studeren, verbaasde de Gentse taal kundige prof.dr. Godelieve Laureys, voorzitter van de visitatiecommissie. Na gesprekken met studenten en bestuurders begrijpt ze dat de facultei ten hier weinig aan kurmen doen. "Dit is niet louter een letterenpro bleem. Je hebt het over de sociologie van de Nederlandse student. En over de gevolgen van een systeem van stu diefinanciering." Volgens de commis sie wordt het tijd om de "mythe van de voltijdstudent" door te prikken. Veel studenten blijken bang voor een hoge studieschuld, maar willen niet op een houtje bijten. Dus nemen ze een bijbaan en dat gaat ten koste van hun studieuren. De visitatiecommissie Letteren heeft er wel begrip voor. Maar ze vindt ook dat acties voor onderwijsverbetering geen zin hebben als een groot deel van de studenten veel minder tijd in de studie steekt dan ze geacht wordt te doen. Als oplossing pleit de commissie voor individuele studiecontracten, waarin zowel faculteit als student bepaalde verplichtingen aangaan. Daarmee kunnen verschillende groepen studen ten op maat bediend worden met vol tijds, deeltijds en leren/werkentra jecten. Dit vraagt echter om wijziging van de studiefinanciering, en van de manier waarop de universiteiten gefi nancierd worden. Afgelopen vrijdag 12 december werd de megavisitatie van de letterenfacul teiten afgerond. Dertien vakpanels beoordeelden in totaal 167 opleidin gen en 155 onderzoekprogramma's aan tien universiteiten. In het alge meen krijgen de faculteiten een milde beoordeling van de visitatiecommissie.
Forse daling De commissie wijst op de forse daling van het aantal studenten en de daar door noodzakelijke bezuinigingen. Ze prijst de "innovatieve kracht" waar mee de faculteiten zich staande hou den. De faculteiten stroomlijnen het studieaanbod, verbeteren de studiebe geleiding en spelen in op nieuwe ont wikkelingen zoals de vraag naar stages en andere praktijkgerichte elementen. In het algemeen verdienen afgestu deerden de doctorandustitel. Een typisch letterenprobleem is de veelsoortigheid van aangeboden oplei dingen. Van Nederlands en Engels tot
OudGrieks en Finoegrisch, en van geschiedenis tot de modieuze commu nicatiekunde en kunstwetenschappen. De kunst voor een faculteit is de zaak bij elkaar te houden. Dat lukt niet overal goed. Bij de klei nere faculteiten (in Rotterdam, Maas tricht, Tilburg en op de vu) trof de visitatiecommissie veel samenhang en loyaliteit aan. Elders is er grote afstand tussen de werkvloer en de faculteit. Dat geldt vooral voor Lei den, de uvA en Nijmegen. De invloed van de faculteit op de kwaliteit van de opleidingen is daardoor beperkt. Toch wijst de visitatiecommissie op de ver antwoordelijkheid van de faculteit. Zo heeft ze kritiek op het lage studie rendement. Van de studenten die de propedeuse halen, studeert maar tweederde uiteindelijk af Bij de UVA ligt dat cijfer zelfs onder de 60 pro cent. De visitatiecommissie vindt dat hier de selectie in de propedeuse ver beterd moet worden. Dit geldt in min dere mate voor Rotterdam, Gronin gen, Utrecht en de vu.
Probleem Een probleem apart is het personeels beleid. Door het slinkende budget slaat de vergrijzing toe. Er zijn nog steeds weinig vrouwelijke docenten. Een behoorlijk loopbaanbeleid en goede beoordeling en bijscholing van personeel zijn extra nodig om het docentenbestand op peil te houden. Groningen, de uvA en vooral Leiden schieten hierin tekort. Bij de laatste faculteit regeert de vrijblijvendheid. Zeer goed is het personeelsbeleid daarentegen in Utrecht en Maastricht. Volgens de visitatiecommissie hebben veel faculteiten te weinig personeel om al him opleidingen goed te verzor gen. Dat geldt voor alle klassieke uni versiteiten, behalve Utrecht. De laat ste instelling ontsnapte aan de perso neelsschaarste door de overlap tussen verschillende opleidingen vorm te geven in gemeenschappelijke modules. Maar volgens commissievoorzitter Laureys is ook aan zulke efficiency maatregelen een grens. "Je kunt stu denten Chinees en Deens niet langdu rig bij elkaar zetten zonder beide opleidingen uit te hollen." Haar commissie wil dat alle letteren faculteiten, los van hun studentenaan tal, voor het waarborgen van hun kwaliteit een groter basisbudget krij gen. Laureys: "Of dat realistisch is, weet ik niet. Maar we moeten er voor blijven pleiten. "fFS, HOP)
Ten studiecontract kan een averechts effect hebben^ an de vu ligt het studierendement A van de letterenstudenten te laag, net als bij de andere letterenfacultei ten. Slechts zestig procent rondt de studie binnen vijf jaar af. Dr. Wantje Fritschy die in het faculteitsbestuur van Letteren de portefeuille onderwijs beheert, zegt dat hij in eerste instantie schrikt van de cijfers. "Maar je goed in de gaten houden dat de letterenstu dent een ander type student is dan de geneeskunde of economiestudent." Volgens Fritschy is de letterenstudent in het algemeen minder beroepsge richt. Letterenstudenten gaan vooral studeren omdat ze graag academisch geschoold willen worden. De meesten weten niet goed wat ze later voor vak willen uitoefenen. Daarom vinden ze volgens Fritschy een bijbaantje extra belangrijk. "Stu denten calculeren. Ze vinden acade mische scholing belangrijk, maar een plaats in de samenleving telt minstens even zwaar." Zij heeft hier geen moei te mee. Fritschy wijst erop dat de
MIeine faculteiten doen het goed iet de grote faculteiten met hun tiental N len studierichtingen en honderden eer stejaars bieden het beste onderwijs. Dat doen juist drie jonge universiteiten met elk slechts één of twee letterenstudies: Rotterdam, Maas tricht en Tilburg. De vijf grootste faculteiten in Leiden, Utrecht, Groningen, Nijmegen en aan de UVA herbergen negentig procent van alle beoordeelde studies. Toch blinken ze slechts in een enkele, vaak exotische, studie richting uit. Van de brede faculteiten krijgt alleen de kleinschalige vu veel waardering. De vu is de kleinste van de zes klassieken. Toch haalt ze verreweg de meeste hoofdprij zen binnen. Van Grieks en Latijn via Neder lands, Engels en Duits tot archeologie, kunst geschiedenis en algemene letteren oogsten de vuopleidingen lof. Daarmee telt deze lette renfaculteit evenveel toppers als de uvA, Utrecht en Leiden bij elkaar. Dat is opmerke lijk als je vier keer zo weinig studenten hebt als je grote zusters. De visitatiecommissie verklaart het kwaliteits verschil tussen klein en groot onder meer
door het gemis van samenhang en een helder profiel bij de grote faculteiten. Bovendien is het personeelsbeleid vaker vrijblijvend. Ook zijn het studietempo en de slaagkansen lager. Juist de grootschaligheid lijkt deze faculteiten dus in de weg te zitten. Toch is er nog iets anders aan de hand met de grote letterenfaculteiten. Uit wat reken werk met cijfers uit het visitatierapport blijkt dat de faculteit met de laagste rapportcijfers ook de minst gunstige verhouding tussen per soneel en studenten heeft. Dat is Utrecht, met één wetenschapper per negentien studen ten. In Tilburg en Maastricht is dat getal één op negen. Bij de vu is het één op twaalf De grote faculteiten blijken relatief armlastig. Wat hiervan precies de oorzaak is, is een dis cussie op zich. Het kan deels het gevolg zijn van geringe prestaties, zoals gemiste inkom sten door afhakende studenten. Maar de grote faculteiten zullen zeker wijzen op bezui nigingen die hen onevenredig getroffen heb ben. (FS, HOP;
waarde van een letterenstudie zich niet altijd laat meten door rende mentscijfers. Letterenstudenten komen op allerlei plekken terecht. "Pas nog werd een geschiedenisstu dent filiaalhouder van een Albert Heijnwinkel. Ik denk dat het goed is voor een samenleving als managers een brede algemene ontwikkeling heb ben. Dat zij weten dat het leven meer is dan alleen maar werken en hoge productiecijfers."
Rendementscijfers Dat neemt niet weg dat de faculteit zich inspant om de rendementscijfers te verhogen. "We doen echt alles om de studeerbaarheid van de opleidin gen te verbeteren. Dat heeft de visita tiecommissie erkend. Maar op een gegeven moment houdt het op. We moeten ook de kwaliteit van de oplei dingen bewaken. We kunnen niet zeg gen tegen de docenten: 'Geef iedereen toch maar een zes'." De commissie legt volgens Fritschy
terecht een verband met de studie financiering. Sinds de studiebeurs is omlaaggegaan, zijn de studenten meer gaan werken naast de studie. Daar door doet een student langer over zijn studie en zijn er meer afhakers. Har dere sanctiemaatregelen helpen niet. "Sinds de invoering van de prestatie beurs zijn studenten niet meer studie punten gaan halen." Een studiecontract waarin wederzijdse verplichtingen worden vastgelegd, kan volgens Fritschy zelfs een averechts effect hebben. "Als de sancties harder worden, wordt het alleen maar belangrijker om een bijbaantje te heb ben om op te kunnen terugvallen. Bovendien weet een student heel goed wat het beste voor hem is. Een scrip tie is voor de letterenstudent vaak het visitekaartje op de arbeidsmarkt, dus dan kiest hij er toch voor daar meer tijd aan te besteden. Er is een grens aan het kurmen sturen van studenten. Ik heb daarover geen illusies."(YiV)
'Letterendocenten e vu is geen uitzondering als het gaat om D afnemende studentenaantallen. Prof. dr. Geert Booij, decaan van de lenerenfaculteit, wijt de afname deels aan demografische factoren. Maar het heeft ook alles te maken met de arbeidsmarkt. "Van oudsher wordt een letteren student opgeleid voor het onderwijs en jarenlang heerste daar grote werkloosheid. Nu inmiddels een groot tekort is ontstaan aan onderwijzers, vin den de meesten het een hondenbaan." Toch komt de vu er niet slecht van af in het visi tatierapport. De universiteit kent sinds 1991 een kleinere daling dan de andere faculteiten. Booij: "Ons marktaandeel is in wezen groter geworden. Dat neemt niet weg dat we graag meer studenten willen trekken." Ondanks dat de vu de kleinste letterenfaculteit heeft van alle klassieke faculteiten, slaagt ze erin een breed scala aan goed verzorgde opleidingen aan te bieden. Op dit moment zijn dat er zestien. Dat worden er binnenkort veertien, omdat toege paste taalwetenschappen, lexicologie en algemene taalwetenschappen worden samengevoegd. De visitatiecommissie prijst de faculteit om haar inspanningen. Tegelijk spreekt ze de twijfel uit of de vufaculteit in de toekomst in staat is alle opleidingen te behouden. Dr. Wantje Fritschy, lid van het faculteitsbestuur, ziet geen problemen. "Ons onderwijs is efficiënt georganiseerd. Wij begonnen al in 1996 met her
structureren, voordat reorganisatie van hogerhand werd opgelegd. De vakgroepen hebben we opge heven en alle opleidingen ondergebracht onder één onderwijsdirectie. Die heeft het overzicht en kan het personeel flexibel inzetten."
Passen en meten Het blijft passen en meten, vooral omdat de financiën krap zijn. Decaan Booij: "We hebben een sluitende begroting, maar onze buffer om klappen op te vangen is te klein." Fritschy vertelt: "We zijn karig met het bezetten van nieuwe for matieplaatsen. De docenten worden breed inge zet. Zo hebben we bij geschiedenis relatief veel formatieplaatsen voor weinig studenten. Die docenten zetten we in voor algemene vakken. Bij Engels is de formatie juist krap, doordat het aan tal studenten dit jaar is toegenomen. Deze docen ten worden ontiast." Verschillende kritiekpunten van de visitatie zijn door de faculteit ter harte genomen. Een concept versie van het rapport is immers al lang bekend. Zo ligt een voorstel op tafel om de scripties beter te regelen. Ook besteedt de faculteit meer aan dacht aan computervaardigheden. Volgens het rapport lieten de voorzieningen voor studenten en medewerkers veel te wensen over. Booij: "Een beter computerbeleid heeft onze prioriteit bij bestedingen in de toekomst. "(YA/)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998
Ad Valvas | 704 Pagina's