Ad Valvas 1998-1999 - pagina 279
AD VALVAS 10 DECEMBER 1998
PAGINA 9
De bazen van de universiteit Twee kapiteins op één schip Volgende week bestaat het Rectorencollege honderd jaar. Maar het eerbiedwaardige ambt van rector ?taat onder druk. Meer en meer nemen de voorzitters van colleges van bestuur het heft in handen. Wie mag de koningin een hand geven? Hanne Obbink Wie is de baas van de universiteit? Hare Majesteit koningin Beatrix weet het niet. Voor haar nieuwjaarsreceptie nodigt zij daarom het ene jaar alle voorzitters van de colleges van bestuur uit, en het jaar daarop de rectores magnifici. De verhouding tussen de voorzitter van het college van bestuur en de rectoi ligt 'gevoelig', zoals dat heet. "Het IS als in een huwelijk", zegt prof.dr. L. Leertouwer, voormalig rector aan de Universiteit Leiden. "Je kunt het in tien minuten kapot maken, maar verstandige mensen houden het vijftig jaar vol." Deze dreiging van 'huwelijkse twisten' zit ingebakken in de wet. Die schrijft voor dat het college van bestuur van een universiteit bestaat uit maximaal drie leden, waarvan één voorzitter. Daarnaast moet er een rector lid zijn. Die is hoogleraar en geldt daarom als de vertegenwoordiger van 'de academische gemeenschap'. JVleestal heeft hl) onderwijs en onderzoek in zijn portefeuille. Als het over academische kwesties gaat, is hi) het boegbeeld van de universiteit. De collegevoorzitter staat bij zulke gelegenheden buitenspel, en dat is voor sommigen nauwelijks te verkroppen. In Twente is het zelfs voorgekomen dat de voorzitter bij wijze van protest in 'vrijetijdskleding' naar de dies Marafo-viering kwam. Ook elders lelden zulke kwesties tot wrijvingen. Want wie schudt als eerste een hoge gast de hand? Maar de ruzies tussen rector en voorzitter gaan over meer dan trivialiteiten. Niet zelden treden zij op als twee kapiteins op één schip. "En dan is de universiteit stuurloos", zegt Leertouwer. "Want leer ons het geleerdenvolk kennen. Dat weet heel goed bij wie het moet zijn om iets gedaan te krijgen. Dan worden die twee kapiteins tegen elkaar uitgespeeld." Voormalig minister Ritzen heeft dan ook serieus overwogen de positie van de rector aan te pakken, toen hij werkte aan de nieuwe wet op het universitair bestuur, de MUB. Maar uiteindeli)k schrok hij ervoor terug. De nieuwe wet zou sowieso weerstand oproepen, wist hij. Daarom wilde hij niet ook nog eens de rectoren tegen zich in het harnas jagen. Toch heeft de MUB iets veranderd: het college van decanen is uit de wet verdwenen. De rector was daar voorzitter van; via de decanen onderhield hij contact met het hooglerarencorps. D e collegevoorzitter moest er maar op vertrouwen dat hij door zijn rector op
Rector magnificus prof.dr. T. Sminia is het boegbeeld van de universiteit, als het gaat om academische kwesties. de hoogte gehouden werd van wat de decanen bespraken. Maar al te vaak vreesde hij de macht van de decanen als schaduw- of zelfs samenzweringscollege. Van die angst is een aantal collegevoorzitters verlost nu het college van decanen niet meer in de wet voorkomt. Maar aan de meeste universiteiten is het decanencoUege in de een of andere vorm bli)ven bestaan zij het dat de collegevoorzitter vaak mag meevergaderen. D e inkt van de MUB was net droog toen de eerste bestuurscrisis onder de nieuwe wet uitbrak, en uitgerekend de verhouding tussen collegevoorzitter en rector was de aanleiding. Rector Blaauwendraad van de Technische Universiteit Delft kon niet overweg met voorzitter D e Voogd, de raad van toezicht besloot dat de rector het veld moest ruimen. Volgens De Voogd had de crisis van een jaar geleden niets te maken met het rectoraat-op-zich. "De rector is van wezenlijk belang", zegt hij. "Hij vertegenwoordigt de academische normen en waarden. Daar moet je niet licht over denken, want de eensgezindheid daarover houdt de universiteit bij elkaar." O m nieuwe crises te voorkomen heeft D e Voogd desondanks duidelijke afspraken gemaakt met de nieuwe rector en het derde collegelid. Allereerst heeft de rector nu andere taken: niet langer beheert hij qualitate qua onderwijs en onderzoek. Ook is vastgelegd
dat De Voogd eindverantwoordelijk is. "Zo denken we er alle drie over", zegt hij. Ook andere universiteiten proberen met goede afspraken het crisisgevaar in te dammen. Maar dat gevaar verdwijnt nooit echt zolang de wet niet voorschrijft wie uiteindelijk verantwoordelijk IS. "Er wordt een te grote wissel getrokken op de karakters van de collegeleden", zegt prof.dr. F . van Vught, voorzitter van het Rectorencollege en rector in Twente. "Als die botsen, gaat het mis." Voor zijn eigen universiteit heeft Van Vught een tweekoppig college overwogen, met hemzelf als collegevoorzitter én rector. Dat idee werd verworpen, en wie nu vraagt naar de baas van Twente kri)gt geen antwoord. "Als een van ons zou zeggen; 'ik', zouden de anderen meteen opstappen", denkt Van Vught. Elders in de kring van rectoren klinken intussen bezorgde geluiden. Zo waarschuwde prof dr. F . van der Woude bij zijn afscheid als rector in Groningen, vorige maand, voor het oprukken van denken in 'gezagslijnen'. D e universiteit heeft een 'gezagspiramide' van bestuurders met de collegevoorzitter als top, betoogde hij. Daarnaast vormt de wetenschappelijke staf een 'kennispiramide' met aan het hoofd de rector. "Die twee piramides zijn niet meer met elkaar in evenwicht", zegt Van der Woude. "De bestuurlijke piramide
heeft de overhand gekregen, en daarmee de opvatting dat de top van de universiteit kan uitmaken wat er in onderzoek en onderwijs gebeurt. Maar zo werkt de wetenschap niet. Die draait om creativiteit, en dat is niet af te dwingen via de gezagslijn." Van der Woude pleit dan ook voor een sterke rector, mét een college van decanen. "Dat is de aanvoerroute van de rector; het houdt hem op de hoogte van het onderwijs en onderzoek in de faculteiten. Zonder zo'n college gaat de rector na verloop van tijd vanzelf in het gareel lopen van de gezagsdragers." N e t zo'n conclusie trok ook dr. D . de T o m b e een jaar geleden uit de Delftse crisis. N a m e n s de ondernemingsraad sprak zij destijds met alle partijen. Ze ziet het als een veeg teken dat de raad van toezicht koos voor het vertrek van de rector. "Dat was een keus tégen de academie en vóór de universiteit als concern", zegt ze nu. "Maar een universiteit is geen zuivelfabriek, waar de directeur kan zeggen: voortaan maken we geen yoghurt, maar karnemelk." Vooralsnog wordt de rector door de universiteitsbestuurders op handen gedragen. Geen enkel collegelid ontkent het belang van zijn functie. Hi) staat borg voor draagvlak bij de academische gemeenschap, zegt men in koor. Bijna net zo unaniem wijzen de collegeleden de opvatting af dat een universiteit bestuurd kan worden door een eenhoofdig college. Voorzitter
Peter Wolters - AVC/VU
Mei)erink van de vereniging van universiteiten, wierp daarover in september een balletje op in een toespraak waarin hij het zogeheten 'presidentieel model' bepleitte. Meijermk wil het nog wel eens uitleggen. "De kernvraag is: zijn de universiteiten slagvaardig genoeg om snel ingrijpende beslissingen te nemen? Zulke beslissingen zijn meer dan ooit nodig, omdat niet langer de overheid de universiteiten stuurt. Daarom is het van groot belang dat de decanen 'in het bestuur getrokken worden'. Dat zijn als het ware de divisiemanagers van de universiteit. Maar bij zo'n groot bestuur moet één persoon de knopen doorhakken." De rector kan zo'n 'president' zijn, maar het hoeft niet, vindt Meijerink. "Het grootste gevaar voor een college van bestuur is als er controverses ontstaan met de decanen", zegt hij. "Aan veel universiteiten heeft de rector daarin nog een belangri)ke rol, als voorzitter van het college van decanen. Maar universiteiten moeten daarin de vrije keus hebben." Ach, zegt ook de Rotterdamse rector prof dr. P. Akkermans, "ik ben er niet zo benauwd voor dat de rector verdwijnt. Als zijn functie maar vervuld wordt. Ik hecht wel aan academische tradities, maar ik ben rector van een jonge universiteit. Dus wie ben ik om te zeggen dat de rector nog eeuwenlang moet blijven bestaan?" (HOP)
^Altijd dat gekaffer en gekanker'
V
an de 38 leden van de imiversitaire colleges van bestuur gaven er 29 antwoord op vragen over h u n zorgen en ergernissen. De meesten sommen een waslijst aan misstanden op. Zoals te verwachten was, staan bezuinigingen vaak boven aan de lijst. De universiteiten moeten 300 miljoen gulden bezuinigen, en de collegeleden zijn de eerst aangewezenen om daarvoor plannen te maken. Geen wonder dat ongeveer de helft van alle ondervraagde bestuurders 'geld' als h u n grootste zorg noemt. "Het is een beetje platvloers", zegt voorzitter D e Voogd uit Delft. "Maar ik maak me er echt zorgen over. Niemand overziet de gevolgen." D e fmanciële man van Twente, Schutte, weet: "Het gaat ons zeker opbreken. Maar tegen de tijd dat dat duidelijk wordt, zijn de daders al uit het zicht verdwenen." Een aantal gevolgen dient zich al aan, denken anderen. Van der Hek (Twente) vreest dat universiteiten gedwongen zullen worden tot onderzoek waar snel geld mee is te verdienen. "Maar
de universiteit is juist goed in fundamenteel onderzoek, en dat is ook precies wat haar de moeite waard maakt voor bedrijven. Wie dat niet ziet, begrijpt niets vai) de universiteit én niets van het bedrijfsleven." Collegevoorzitter Van Rooy (Brabant) ziet nog een ander gevaar dat met de bezuinigingen samenhangt: het wordt steeds moeilijker om 'toptalent' aan te trekken. Dat is niet louter een geldkwestie, voegt ze eraan toe. "We moeten ook duidelijk zien te maken dat het interessant is om bij een universiteit te werken." Daarmee is meteen p u n t twee op de zorgenlijst van de bestuurders aangestipt: het gebrek aan waardering voor de universiteiten. "Altijd dat gekaffer en gekanker", lucht collegelid Van Vucht Tijssen (Utrecht) haar hart. Sminia, rector aan de Vrije Universiteit, ergert zich net zo hard. "De buitenwacht heeft het beeld dat hier niet hard gewerkt wordt, dat er maar wat gelanterfanterd wordt", zegt hij. "Terwijl er een geweldige werkdruk heerst."
"De kwaliteit zou niet deugen, het geld zou niet goed worden besteed, het zou een bestuurlijk rommeltje zijn"i somt collegevoorzitter Stoelinga uit Nijmegen de maatschappelijke oordelen over de universiteit op. "Dat hoor je zelfs politici zeggen. Ze zijn nauwelijks op de hoogte." Collegelid Mouwen (Brabant) vat samen: "Politiek en buitenstaanders hebben bij universiteiten nog steeds de rommelige instituten uit de jaren zeventig voor ogen." Het gaat de bestuurders niet slechts om een schouderklopje. Want het gebrek aan waardering heeft alles te maken met het gemak waarmee nieuwe bezuinigingen worden afgekondigd, denken zij. "In het regeerakkoord wordt niet zichtbaar dat Nederland zoiets als universiteiten heeft. Dat baart me zorgen", zegt voorzitter De Wilt uit Eindhoven. D e Brabantse rector D e Klerk gaat een stap verder: "Kamerleden denken dat de universiteiten nog wel een tandje hoger kunnen, dat er nog wel meer bezuinigd kan worden."
Er is een derde onderwerp waaraan een flink deel van de ondervraagde bestuurders zich ergert: de regelzucht van de overheid.De Groningse collegevoorzitter Bleumink heeft het over "de niet aflatende regelzucht en de daarmee samenhangende papierstromen die het zicht op de werkelijkheid ontnemen". Daarmee verwoordt hij het gevoel dat veel bestuurders over het ministerie van Onderwijs in Zoetermeer hebben. Zeker als het over regelzucht gaat, hangt de schaduw van voormalig minister Ritzen nog over het hoger onderwijs. "Door hem sprong ik af en toe van ellende uit mijn schoenen", zegt rector Nieuwenhuijzen Kruseman (Maastricht). Zijn collega De Klerk (Brabant) zegt: "Ritzen verzon elke week iets anders." En Knegt (Maastricht) concludeert: "Ik ben blij dat Hermans minister is geworden. Iemand als Netelenbos, na de laatste vier jaar Ritzen, dat was een volstrekte ramp geworden." (HO, HOP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 24 augustus 1998
Ad Valvas | 704 Pagina's