Ad Valvas 1999-2000 - pagina 158
AD VALVAS 28 OKTOBER 1999
PAGINA 10
Hoogleraar historische letteri^unde neemt afscheid
Verslaafd aan Vondel Ze heeft een uitgesproken links verieden en neemt doorgaans geen blad voor de mond. Marijke Spies wekte alom verbazing toen ze, na meer dan veertig jaar docent geweest te zijn aa de UvA, plotseling lioogleraar werd aan de VU. Slechts vier jaar bekleedde ze de leerstoel Nederlandse letterkunde tot 1770. Toch laat ze bij haar afscheid duidelijk haar sporen na. 3 A3RsP^*rlK^IS; _,
Marijke Spies: 'Studenten mogen wel wat lastiger worden'
die haar ervan overtuigden dat zi) verdieping in de gedichten van Vondel wel degelijk belangrijk vonden Het schrijven van haar afscheidsrede heeft Spies opnieuw aan het denken gezet over haar vak. "Als mens ben )e toch een soort blinde eendagsvlieg als je niet ergens een soort besef hebt meegekregen van het verleden. Niet iedereen hoeft zich intensief met dat verleden bezig te houden, maar onze gezamenlijke cultuur heeft een historisch bewustzijn nodig. En literatuur speelde en speelt hier een belangnjke rol in. Ze maakt de chaotische werkelijkheid behapbaar."
Kritiek
Cynthia van Elk
tiende eeuw besteed ik logischerwijs veel aandacht aan het protestantisme." Vier jaar geleden ging er een siddering door het wereldje van de neerlandici. De linkse letterkundige Marijke Spies maakte na meer dan veertig jaar UVA zomaar de overstap naar de vu! Het voormalige CPN-lid dat eind jaren zestig voorop liep in de studentendemonstraties en nooit een blad voor de mond nam, was wel de laatste persoon aan wie gedacht werd toen de vacature van hoogleraar Nederlandse letterkunde tot 1770 vrijkwam. Marijke Spies (65) bleef er zelf laconiek onder. "Op je oude dag wil je toch wel een keertje carrière maken en hoogleraar worden. Bovendien veranderde er veel aan de UVA. Overal waren reorganisaties aan de gang en moesten mensen weg. Dat waren drama's. Op de vu wist ik waar ik aan begon. Ik kende de mensen. En ik moet zeggen dat het zeker niet is tegengevallen." Zo is de vu veel mmder religieus dan ze dacht. "Nu had ik bi) mijn sollicitatie al meteen gezegd dat ik niet geloofde. Dat was geen bezwaar. De vu vindt het vooral belangrijk dat je in je vakgebied een bijdrage levert aan haar bijzondere karakter. En in mijn onderzoek naar de literatuur van de zeven-
Maagdenhuis In de vier jaar dat ze aan de v u werkte, IS Spies een graag geziene collega en docente geworden. Bij de studenten Nederlands staat ze bekend om haar enthousiaste colleges en persoonlijke benadering. Ze blies het vak historische letterkunde nieuw leven in. De studenten betreuren het dat ze nu met ementaat gaat. Speciaal voor haar vertrek hebben zij een aparte aflevering gemaakt van de Moxi, het literaire blad van de studenten Nederlands. Voor Marijke Spies is contact met studenten altijd belangrijk geweest. Al aan het eind van de roerige jaren zestig sloot ZIJ als docente een verbond met hen. "In die tijd had de staf ook niet veel te zeggen, dus het lag erg voor de hand dat wij tijdens de revolutie een coalitie met hen aangingen. Met de bezetting van het Maagdenhuis lag ik helaas op een ziekenhuisbed te briesen, maar toen ik uit het ziekenhuis kwam was de universiteit gedemocratiseerd." Ze kijkt met veel plezier terug op die jaren. "Het was een enige tijd, al kon de chaos uiteindelijk niet duren. We
gingen ervan uit dat alle mensen van goede wil in een open discussie samen onderzoek konden doen. Dat ging wonderwel vaak goed, ik heb leuke werkgroepen gehad. Maar mensen die geen heil zagen m de nieuwe aanpak konden zich makkelijk drukken. En uiteindelijk was er weinig oog voor echte individualisten. Dat laatste was misschien wel écht slecht." T o c h vindt Spies het erg jammer dat er uiteindelijk "helemaal niets" is overgebleven van de idealen uit de jaren zestig en zeventig. Ze merkt op dat de studenten van nu weinig tijd hebben voor verdieping en gemangeld worden tussen werk en een strak studieprogramma. Niet dat ze dit per definitie slecht vindt. "De studenten hebben een heel ander sociaal leven gekregen. Dat ligt ook vaak buiten de stad. In mijn tijd had bijna niemand een baantje. N u is dat altijd zo. Misschien is dat ook wel goed. Studenten zijn beter voorbereid op de maatschappij."
Apenootjes Toeval bracht Marijke Spies tot de liefde voor de oude Nederlandse rederijkers, dichters en schrijvers. Op school was ze beter in wiskunde dan
in talen. Als meisje was ze altijd aan het timmeren. Daarom leek het voor de hand te liggen dat zij het architectenbureau van haar opa over zou nemen. Ze ging in 1953 bouwkunde studeren in Delft. Maar al snel kreeg ze in de gaten dat ze "de héle goede jongens" nooit zou kunnen evenaren. Ze wilde meer dan rijtjeshuizen bouwen en besloot Nederlands te gaan studeren. "Gewoon, omdat ik dacht: dat kan ik al." Spies: "Ik verdiepte me in de oude letterkunde, omdat ik geen zin had om mijn genoegen in de moderne letterkunde te laten verknoeien door hier op beschouwelijke wijze mee bezig te moeten zijn. En omdat de hoogleraren die iets voorstelden zich allemaal met de oude letterkunde bezighielden." Zo dreef ze met de stroom mee, totdat ze er achter kwam dat ze verslaafd was geraakt aan het onderzoek. Spies pleegt het te vergelijken met apenootjes eten: je kunt er niet mee ophouden. Pas later is ze zich gaan verdiepen in de zin van haar vak. Daar had ze aanvankelijk haar twijfels over. Eind jaren zestig overwoog ze nog om rechten te gaan studeren omdat dat maatschappelijk relevanter leek. T o e n waren het de studenten
Spies kreeg m e d e internationale bekendheid met haar theoretische bespiegelingen over de historische letterkunde. In de jaren zeventig bracht ze de richtingenstrijd in kaart tussen de historisch letterkundigen, die literatuur vooral in de context van haar tijd plaatsen, en de systematici, die meer op zoek zijn naar boventijdelijke definities van literatuur. Maar het zijn niet de theoretische verhandelingen waar ze het meeste plezier aan beleefde. "Wat ik echt het leukste vond om te doen was een boek dat ik in mijn vrije tijd geschreven heb over zestiende-eeuwse voorstellingen van de noordpool. Daar hadden ze de gekste ideeèn over. Ik kon me verdiepen m toversessies bi) de Lappen, vier stromen die zouden lopen naar het middelste van de aarde en paradijselijke eilanden." Boeken zal Marijke Spies altijd blijven schrijven. Zo komt binnenkort een boek uit dat ze samen met Willem Frijhoff schreef over de Nederlandse cultuur rond 1650 en gaat ze een nieuwe bijdrage leveren aan de stadsgeschiedenis van Amsterdam. Ze verwacht niet dat ze zich tijdens haar emeritaat ook maar een moment zal vervelen. Wel zal ze de studenten missen Ook al zijn ze anders dan vroeger en geeft ze toe dat de studenten op de VU iets braver zijn dan die van de UvA ("ietsje maar, h o o r " ) . Tijdens haar afscheid wil ze de studenten één duidelijke boodschap meegeven: " S t u d e n t e n mogen wat lastiger worden. Ik zou graag zien dat ze hun m o n d meer opendoen en blijven ^ vragen naar het waarom. Alsjeblie" Kritiek en discussie zijn belangrijke creatieve krachten. Die zijn helaas een beetje uit." Op 29 oktober houdt professor Manjke Spies om 15.45 uur in de aula haar afscheidsrede 'Zoveel te beleven. Cultuur van het verleden als uitdaging voor de toekomst'.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999
Ad Valvas | 660 Pagina's