Ad Valvas 1999-2000 - pagina 152
AD VALVAS 28 OKTOBER I999
PAGINA 4
Menasseh ben Israel Instituut onderzoekt geschiedenis van joden in Nederland
De tweestrijd tussen aanpassen en afwijken Ondanks haar rijke joodse traditie had Amsterdam tot voor kort geen zelfstandig joods wetenschappelijk instituut. Het Menasseh ben Israel Instituut vult de leemte. Het samenwerkingsverband tussen UvA, VU en het Joods Historisch Museum legt zich toe op het bijzondere karakter van de geschiedenis, taal en cultuur van joden in Nederland. Voorzitter Henk Meijering: "Een Fries kon elk moment zijn identiteit als Fries opgeven, maar een jood bleef altijd herkend worden als jood." Yvette Ne en De discussie rond de eigendommen van joodse slachtoffers uit de Tweede Wereldoorlog staat momenteel volop in de belangstelling. Een deel van de destijds geroofde bezittingen zal nooit teruggegeven kunnen worden aan rechtmatige erfgenamen. Voor dat geld wordt nu een passende bestemming gezocht. Een van de ontvangers is het Menasseh ben Israel Instituut, een instituut voor wetenschappeli)k onderzoek naar de joodse cultuur en geschiedenis in Nederland. Dit kreeg onlangs anderhalf ton van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport voor onderzoek naar de geschreven nalatenschap van het Jiddisch in Nederland. Het Menasseh ben Israel Instituut is een samenwerkingsverband tussen de UVA, de vu en het Joods Historisch Museum en bestaat drie jaar. Het is uniek in Nederland. "Het onderzoek naar de joodse taal, cultuur en geschiedenis was in Nederland erg versplinterd," legt voorzitter professor Henk Meijenng uit. "Er bestond ook geen onderzoeksschool waann verschillende )oodse studies bij elkaar kwamen. Dat merkte vooral het Joods Historisch Museum. De meeste musea hebben op de een of andere manier een band met een universiteit of wetenschappelijke onderneming. Het Joods Historisch Museum had dat niet. Toenmalig museumdirecteur Judith Belinfante en Daniël Meijers, vu-hoogleraar joodse antropologie, besloten de krachten te bundelen." Europa telt vele verschillende instituten voor joodse studies. Eigenlijk is het opvallend dat juist Amsterdam, een stad met een rijke joodse traditie, zo lang op een dergelijk instituut heeft moeten wachten. Hier woonde
immers tot ver in de achttiende eeuw de grootste concentratie joden van Europa. Meijenng: "Misschien was het met zo nodig om een aparte onderzoeksinstelling op te richten omdat joodse wetenschappers vrij vroeg geïntegreerd waren m de Nederlandse samenleving. In Duitsland was het tot ver in de vorige eeuw voor een jood bijvoorbeeld moeilijk om hoogleraar te worden."
Samen Dat de integratie van joodse wetenschappers in Nederland relatief ver gevorderd was, is op zich natuurlijk een goede zaak, benadrukt Meijering. Het Menasseh ben Israel Instituut streeft er zeker niet naar om degenen die zich met joodse studies bezighouden los te weken van hun huidige faculteiten en onderzoeksinstellingen. "De wetenschappelijkheid staat bi) ons voorop. Onderzoek naar joodse literatuur, zoals nu plaatsvindt aan de Letterenfaculteit van de VU, hoort in principe thuis bij breder literatuuronderzoek. Maar het is ook goed om verschillende disciplines van joodse studies samen te brengen." Het instituut legt zich vooral toe op de geschiedenis van de joden in Nederland. Hierbij komen de twee belangrijkste groepen, de Sefardische en Asjkenazische joden, allebei aan bod, hoewel de twee groepen gescheiden van elkaar leefden. De Sefardische joden kwamen in de loop van de zestiende eeuw naar Nederland toen zij verdreven werden uit Spanje en Portugal. Het waren vooral rijke kooplui die zich met hun netwerk en kennis redelijk goed wisten aan te passen aan de Nederlandse Republiek. D e Asjkenazische of Hoogduitse joden vluchtten in de zeventiende eeuw uit
Oe uiebsite
HnP-y/WWW.FLY.TO/RACINGIVIOVIES Cl
Ongelukken gefilmd vanuit drie hoeken
De homepage is een alternatieve huiskamer. De een stalt er zijn privé-leven op uit, de ander vertelt alles over onderzoek of hobby. Eerstejaars student informatica Sander Verbrugge (20) verzamelt op zijn homepage videobeelden van ongelukken in de autosport. Elsbeth Vernout "Je mag me wel interviewen, maar ik ben doof. Eerst maar eens een e-mail sturen", zo begint het contact met eerstejaars informatica Sander Verbrugge. Het plan is om het interview, over zijn homepage met beelden van crashes bij autoraces, via een chatbox te laten verlopen. Maar op de afgesproken dag en tijd blijkt de computer van Sander onbereikbaar. In zijn computer- annex slaapkamer in Anna Paulowna wordt gewerkt aan de raamkozijnen. E-
mailen kan wel, zo laat hij weten. H e t duurt langer, maar toch is communicatie met de eerstejaars zo goed mogelijk. Waarom zetje beelden van autoraces op het net? Via nieuwsgroepen op Internet merkte ik dat er een grote vraag was naar filmpjes van ongelukken in de racerij. Niet om erop te kicken, maar om te zien hoe het gebeurd is. Er zijn maar weinig sites die dit soon filmpjes aanbieden. Dus daar wou ik wat aan doen. En bovendien: ik hou ervan om races te kijken.
Oost-Europa naar de tolerantere Nederlanden. Zij waren doorgaans armer en van lagere komaf dan de Sefardische joden en hun emancipatie kwam pas later op gang. Tot vóór de Tweede Wereldoorlog vormden zij de grootste groep. Meijering, ementus-hoogleraar Duits en Fnes aan de vu, heeft zelf een bijzondere belangstelling voor de Hoogduitse joden. Hij bestudeerde de Germaanse afkomst van h u n dagelijkse taal, het Jiddisch. Van 24 tot 27 oktober hield het Menasseh ben Israel Instituut samen met een Duits-joods instituut een congres over meertaligheid bij de Hoogduitse joden. Volgens Meijering komt in de meertaligheid het bijzondere karakter van de joodse cultuur naar voren. "Tweetaligheid komt m principe overal voor, maar de tweetaligheid bij joden was nooit vrijblijvend. Een Fries kon elk moment zijn identiteit als Fnes opgeven en alleen Nederlands gaan spreken. Een jood kon dat lange tijd niet doen, die bleef geregistreerd en herkend als jood. De joden vormden een minderheidsgroep die op zijn zachtst gezegd zeer kritisch bekeken werd. Ze hadden duidelijk het gevoel anders te zijn. Taal vormde een belangrijk onderdeel van hun culturele emancipatie. Zo ontwikkelden de joden duidelijk een eigen schrijfcultuur. Maar die taal kon joden ook verraden door te veel de nadruk te leggen op het anders zijn."
Heibel Het dilemma is kenmerkend voor een minderheidscultuur als de joodse. Enerzijds bestaat de neiging zich af te schermen van de buitenwereld om de eigen identiteit te koesteren. Anderzijds bestaat een grote behoefte om zich aan te passen aan de omgeving. In Nederland is het Jiddisch in de
Menasseh ben Israel, zeventiende-eeuwse rabbijn, drukker en diplomaat vorige eeuw door de voortschrijdende aanpassing van de joodse groep in onbruik geraakt. Het wordt nu alleen nog door een kleine streng orthodoxe minderheid gesproken. Een belangrijke groep woont in Amstelveen. Daar staat ook een orthodox-joodse school. T o c h heeft het Jiddisch wel degelijk zijn sporen nagelaten in de N e d e r landse taal. Meijering heeft zich als lid van een aparte commissie van Het Groene Boekje beziggehouden met de juiste Nederlandse spelling van Jiddische en ook Hebreeuwse woorden. Hij voerde met een ander commissielid een onderzoekje uit onder joodse studenten in Delft en Leiden naar het hedendaagse gebruik van oude Jiddische woorden. "Woorden als mazzel en heibel kennen we allemaal wel. M a a r de
studenten bleken onderling ook nog steeds de gewoonte te hebben typische Jiddische woorden te gebruiken om zich te onderscheiden. Zo gebruikten zij jesjkouch, dat zoiets betekent als 'gefeliciteerd, dat ging toch goed!'" Rest nog één p r a n g e n d e vraag aan H e n k Meijering. Wie was toch Menasseh ben Israel? "Voor de n a a m van het instituut waren we op zoek naar een o n o m s t r e d e n figuur Menasseh ben Israel was een zeventiende-eeuwse rabbijn, drukker en diplomaat. Zijn ouders waren gevlucht uit Portugal voor de inquisitie. Hij was de eerste drukker die echte joodse boeken maakte. Bovendien had hij veel contacten met niet-joden. D a t was voor ons ook belangrijk."
Waarom laatje alleen de ongelukken zien? Het heeft iets lugubers: 'Michael Schumacher's crash (3 different views)' op je homepage, en 'Da Matta smashing the wall'. Het is zeker luguber, maar crashes horen bij de autosport. Dat weet iedereen. Trouwens, in mijn hele netcollectie is maar één crash die je kunt downloaden die ook echt fataal was. E n daar zet ik dan ook bij dat er een dode IS gevallen. Aan de autosport kleven risico's. Er kan het nodige fout gaan als je tweehonderd of driehonderd kilometer per uur rijdt. Weet wel: ik heb ook liever crashes waarbij geen rijder de dood vindt. Krijg je veel reacties op je site? Niet overdreven veel. Maar soms ontmoet ik andere mensen dankzij mijn 'HET IS ZEKER LUGUBER. MAAR CRASHES HOREN BIJ DE AUTOSPORT
Sander Verbrugge homepage. Zo heb ik er een vriend uit Texas bij gekregen. Hij houdt net als ik van Ferrari. De homepage heb ik sinds 21 juni en het aantal bezoekers valt me zeker mee. Ik heb tot nu toe zo'n dertienhonderd bezoekers ontvangen. Hoe veel uur per tueek zit je achter je computer? T e veel, althans dat vinden mijn ouders. Als ik niet studeer of naar Amsterdam moet of tv kijk, dan zit ik achter de computer. Is internet een uitkomst voor jou omdat je doof bent? Zeer zeker. Ik heb drie e-mailadressen. Door internet heb ik geen communicatieproblemen. Ik kan ook communiceren met vrienden en kennissen door liplezen of via papiertjes, maar
dat gaat langzamer. Vanaf mijn geboorte ben ik doof. Omdat mijn moeder de rode hond kreeg tijdens haar zwangerschap is mijn gehoor beschadigd. Ik heb wel gehoorapparaten, maar ik kan geluid niet herkennen of horen waar het vandaan komt. Ik heb die hoorapparaten dan ook meer als hulpstukken. Is de studie informatica te doen met jouw handicap? Ik zit in het eerste jaar, dus dat is nog aanpassen en wennen. Voorlopig is de studie wel te doen. Er wordt veel uitgelegd aan de hand van de dictaten en boeken. Ik heb de eerste weken wel hoorcolleges gevolgd, maar dat was meer om te zien of ze wel nuttig voor mij zijn. Sinds deze week ga ik er niet meer naar toe. Werkcolleges volg ik natuurlijk wel, die zijn meestal ver-
Bram de Hollan*'
plicht. Daar worden opgaven behandeld en kan ik vragen stellen. Bij informatica wordt ook vaak verwezen naar homepages op het internet. Ik heb voor de vu gekozen omdat de begeleiding beter is dan bijvoorbeeld op de UVA . De begeleidingsgroepen zijn kleiner. D a t is prettig voor mi) En natuuriijk ziet de vu er van binnen beter uit dan de UVA ... ha ha.
Heb je zelf een mooie, informatieve, geKl'^ of interessante liomepage en studeef » werlt je aan de VU, e-mail dan naar * redactie: redactie@advalvas.vu.nl
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999
Ad Valvas | 660 Pagina's