Ad Valvas 1999-2000 - pagina 333
AD VALVAS 27 JANUARI 2 0 0 0
PAGINA 5
Hij vraagt of Europeanen echt denken dat Afrikanen in bomen slapen. Rhoda Woets (26) is vierdejaarsstudente culturele antropologie.Vorige week vertrok ze naar Ghana voor haar onderzoek naar moderne kunstenaars in dat land. Hoe ontwikkelen die kunstenaars zich in relatie tot politieke en sociale gebeurtenissen, is de onderzoeksvraag. In Ad Valvas zat Rhoda iedere drie weken verslag doen van haar ervaringen. Deze week aflevering 1. Rhoda Woets Bi) mijn aankomst in Ghana word ik eerst overvallen door de zware zoete geur van Afrika, vervolgens door de hitte en tenslotte door de gastvrijheid van Nii Noi die me komt ophalen van het vliegveld. Nii Noi zal mijn steun en toeverlaat zijn de komende weken. Hl) maakt me niet alleen wegwijs in de chaos die Accra blijkt te zijn, maar ziet er tevens op toe dat ik word volgestopt met de hoogtepunten uit de Ghanese keuken. Accra is de hoofstad van Ghana en heeft zo'n twee miljoen inwoners. De trottoirs worden grotendeels in beslag
gen. Veel vrouwen doen lopend zaken en sjouwen rond met grote teilen op hun hoofd vol etenswaren, flesjes nagellak en bi)bels. Het verkeer bestaat grotendeels uit taxi's die tot mijn verbazing veelal leeg rondrijden. De taxi's vormen een schril contrast met de troto's (minibusjes) die zich, volgepropt met mensen, tassen en kippen, toeterend een weg door de drukte banen. Voor het luttele bedrag van twintig cent brengt de troto mij iedere dag naar het centrum. Stiekem hoop ik dat de religieuze teksten die op de troto's zijn geschilderd, zoals Jezus never fatls of God can do everything, enige bescherming bieden tegen de
'Stiekem hoop ik dat de religieuze teksten op de auto's bescherming bieden tegen de rijstijl van de chauffeurs' genomen door straatverkopers die schoenen, wasknijpers, levende krabben, maar ook complete rolstoelen en stropdassen met de afbeelding van Jezus aan de man proberen te bren-
De VU zit vol muzi kaal talent. Studenten bevolken popbands, spelen in orkesten of componeren cabaretliederen. In Student Muziek komt een aantal van hen aan het woord. Deze week rechtenstudent en gedreven violist Jan van der Kluit, voorzitter van het VU-orkest.
Jan van der Kluit: 'Je •«speelt een viool of ie erin kruipt' Fnso Spoelstra
rijstijl van de chauffeurs, die zonder aarzelen regelmatig tegen het verkeer inrijden. Op vrijdag is de chaos zo mogelijk nog grotej, wanneer er overal in de
stad begrafenissen plaatsvinden. De wegen worden geblokkeerd door indrukwekkende rouwstoeten met vrouwen in prachtige jurken van kostbare batikstof. De familie spendeert fenomenale bedragen om de overledene de laatste eer te bewijzen. Nii Noi vertelt mij dat rijke families meteen cement laten storten op het graf om te voorkomen dat dieven ervandoor gaan met de kostbare doodskist. N a de ceremonie op de begraafplaats wordt er een feest aangericht met eten en muziek. Bij de neef van Nii Noi met wie ik vanaf een dakterras zo'n feest
aanschouw, informeer ik naar de foto die veel vrouwen op hun jurk hebben gespeld. Hij neemt een slok van zijn lokaal gebrouwen bier en zegt spottend dat die vrouwen zó met hun uiterlijk bezig zijn dat ze af en toe even moeten kijken op wiens begrafenis ze eigelijk zijn. Ik lach en kijk naar de drukte en bedrijvigheid op de krioelende straat onder mij. Nederland, dat zijn doden verbant naar rouwcentra buiten de stad, komt mij opeens vreemd voor. Wanneer ik geamuseerd naar een meisje kijk dat aan het dansen is op
Bram de Hollander de Afrikaanse rap die op het feest gedraaid wordt, stoot de neef van Nii Noi mij aan. Hij vraagt of het waar is dat Europeanen denken dat Afrikanen in bomen slapen. Hoewel ik moet lachen, voel ik me ook beschaamd. Moet ik hem vertellen dat de gemiddelde Nederlander denkt dat Afrika een hopeloos continent is vol armoede en geweld? Dat mij voor mijn vertrek gevraagd werd wat ik zou doen wanneer er oorlog zou uitbreken in Ghana? Ik besluit er het zwijgen toe te doen en breng een toost uit op Ghana en vervolgens ook een op Nederland.
'Spelen in het Concertgebouw, het blijft te gek' Elsbeth Vernout Stress! Een week voor het optreden van het vu-Orkest in het Concertgebouw belde de ingehuurde sopraan af wegens griep. Aan Jan van der Kluit (23), violist en voorzitter van het orkest, de taak om in die korte tijd een vervanger te vinden voor het zingen van de Vier letzte Lieder van Richard Strauss. "Het was vreselijk. Maandag en dinsdag heb ik de hele dag impresariaten gebeld. Het probleem is: Nederlandse sopranen hebben Strauss niet op hun repertoire staan. Eindelijk kwam het verlossende woord. Sopraan Ingrid Kapelle zou dit weekend gaan behangen, dus optreden in het Concertgebouw was een redelijk alternatief" Jan van der Kluit speelt nu drie jaar in het vu-orkest. Sinds zijn negende speelt hij viool. Orkesten hebben hem altijd gefascineerd, vroeger speelde hij al in een jeugdorkest. Niet voor niets koos hij voor de vu toen hij ging studeren. "De VU heeft het beste amateursymfonieorkest van Nederland." Sinds september is hij voorzitter van het orkest en de afgelopen weken is hij intensief bezig geweest met de voorbereidingen voor het nieuwjaarsconcert. "We hebben vaker in het Concertgebouw gespeeld, maar het blijft te gek. Het is wel stoer dat op hetzelfde podium ook het Concertgebouworkest speelt. Men zegt dat deze zaal de beste akoestiek van de wereld heeft. In de zaal klinkt het inderdaad prachtig. Op het podium zelf zit je op een soort eiland, je schrikt omdat je jezelf zo goed hoort." Voor aanvang van het concert vindt de zaalrepetitie plaats, waar voor een lege zaal de moeilijke passages nog eenmaal worden . doorgenomen. De ruim honderd muzikanten, voornamelijk studenten, stemmen hun instrumenten en sommigen oefenen alvast een paar toonladders. Als de dirigent in zijn handen klapt, worden de gezichten serieus. Geconcentreerd zet het orkest in, het over-
weldigende geluid van Passacagha, opus 1, van componist Anton Webem vult de zaal. Dirigent Daan Admiraal tikt af "Als je denkt, goh wat klinkt dat suf, dan speel je er zelf in mee", grapt Admiraal. "Wat gesoigneerder spelen dus", voegt hij eraan toe. "Ik wil ta ta ta ta ta ta tam". De keuze voor de viool kwam bij Jan niet zomaar uit de lucht vallen. "Ik wilde een instrument waarmee ik in een orkest kon spelen. Bij ons thuis lag een oude viool op zolder. Hij was ooit van mijn overgrootvader en zat onder het stof. Toen duidelijk was dat ik echt viool wilde spelen, hebben mijn ouders het instrument laten restaureren. Ik heb het weer tot leven gewekt, zeg maar. Ik speel er nu nog op, het is een geweldige viool. Mijn overgrootvader heeft hem gekregen van een bevriend violist, een concertmeester in het Concertgebouworkest. Het was een joodse man die m de oorlog naar een concentratiekamp is gestuurd. Hij gaf de viool aan mijn overgrootopa in bruikleen. De man overleefde de oorlog en toen mocht mijn overgrootvader de viool houden." Inmiddels voelt Jan zich verbonden met het instrument, dat al zo'n tweehonderd jaar oud is. "Een keer heb ik hem laten vallen, ik ben nog nooit zo geschrokken als toen. Ik dacht dat ik hem kwijt was. Bij een concert had ik de viool op een verhoging gelegd en daar kletterde hij vanaf toen ik wegliep. Ik durfde met om te kijken. Andere leden van het orkest hebben hem toen voor me opgeraapt. De krul was afgebroken, terwijl daar een heel mooi duivelskopje op zit. Gelukkig kon hij gemaakt worden. Ik heb een paar maanden op een leenviool moeten spelen, verschrikkelijk. Een viool is toch een gevoelsinstrument. Hij staat op je schouder en je bespeelt hem alsof je enn kruipt. Het is eigenlijk heiligschennis dat ik als amateur op die mooie viool van mijn overgrootopa zit te krassen. Maar goed, toch is de viool nu weer terug in het Concertgebouw."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999
Ad Valvas | 660 Pagina's