Ad Valvas 1999-2000 - pagina 585
AD VALVAS 25 MEI 2000
PAGINA 5
Weetjes zappen
Speekselonderzoek Afwijkend speeksel blijkt de veroorzaker te zijn van veel mondziekten en tandbederf De afwijking kan ontstaan door verkeerd eetgedrag, door gebruik van bepaalde medicijnen en door bepaalde ziekten, zoals het syndroom van Sjogren, een auto-immunziekte, Speekselonderzoek wordt ook steeds belangrijker voor de diagnose van ziekten, hiv-besmettmg en problematisch alcohol- en drugsgebruik. Dat concludeert hoogleraar orale biochemie A. van Nieuw Amerongen van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA). Hij deed de afgelopen jaren onderzoek onder ruim vijfhonderd patiënten van het ACTA-speekselspreekuur. Speekselonderzoek kan slechte eeten leefgewoonten van patiënten verraden. Door bijvoorbeeld veel cola te drinken, krijgt het speeksel een hogere PH-waarde. Daardoor verliest het zijn natuurlijke glazuurbeschermende werking en krijgt tanderosie een kans. (WT)
Prioriteiten stellen Jos Lammers
Boek over hangjongeren relativeert maatschappelijk probleem
Het recht op rondKangen Hangplekken waar groepjes jongeren staan te niksen - het lijkt een fenomeen van deze tijd. Maar liet is zo oud als de weg naar Rome. Hoe moet de overheid met deze 'hangjongeren' omgaan en vormen zij nu echt een probleem, zoals vaak wordt gesuggereerd? Twee onderzoekers van de aan de VU gelieerde stichting Jeugd en Welzijn schreven er een boek over en op 18 mei organiseerde de Wetenschapswinkel een congres over het onderwerp. "De jeugd heeft net zoveel recht op de gemeenschappelijke ruimte als de grijze terreur." Selma Schepel 'Heele zomernachten stonden we tegen 't hek van 't Oosterpark te leunen en honderd uit te boomen. Aan de rand van 't trottoir zaten we tot lang na twaalven, zoo maar op de straatsteenen, en waren weemoedig en tuurden naar de klinkers, en van de klinkers naar de sterren', schreef Nescio rond 1912. Hangjongeren zijn van alle tijden. Maar waar Nescio's Titaantjes bij ouderen nog steeds vertedering oproepen, blijkt de jeugd die tegenwoordig m groepjes staat te niksen een groot maatschappelijk probleem te zijn dat diezelfde ouderen bespreken in termen van 'overlast' en 'beheersbaarheid'. De problematiek verschaft talloze jongerenwerkers een baan en de gemeenschap trekt veel geld voor dure voorzieningen. Jaap Noorda en Redbad Veenbaas, onderzoekers bij de aan de vu gelieerde stichting Jeugd en Welzijn, schreven er een boek over: Hangplekken, een nieuwe rage?. Het boek wil een handleiding zijn voor jongerenontmoetingsplaatsen en jeugdbeleid. En dat is het ook, voor elk type belanghebbende. Je kunt er puntsgewijs uit leren hoe je een hangplek kunt aanvragen en opzetten of tegenwerken en wegkrijgen. Er bestaan twee soorten hangplekken. Vanouds is er de natuurlijke; een brug, straathoek of willekeung ander punt dat toevallig de dagelijkse vergaderPlaats wordt van jongeren die nog ttiuis wonen en voor wie er geen cafés 01 leugenbankjes zijn, zoals voor oudei'en. Zodra zo'n natuurlijke hangplek te Veel in de kijker ligt en oudjes of gezmnen gaan klagen over overlast, worden tegenwoordig in zeer veel plaatsen kunstmatig hangplekken gecreëerd. Het boek geeft voorbeelden van de j'erschillende soorten en bevat een hele 'i)st van zulke jongerenontmoetings-
plaatsen (JOP'S), zodat je een toeristische route langs deze moderne bezienswaardigheden zou kunnen gaan fietsen. De foto's geven al een indruk: halfopen schuurtjes, bushokjes, schotjes, hekjes, bankjes of zeecontainers. Niet mooi, niet bepaald gezellig, maar wel vandalismebestendig en blijkbaar zeer noodzakelijk. Het boek bevat aardige praktijkverhalen van geslaagde projecten waar jongeren het geweldig naar hun zin hebben, met een klein beetje toezicht op rommelmaken en het naleven van het alcohol- en drugsverbod. Zo richtte het Gelderse dorp Doomspijk een caravan in voor hangjongeren: "In januari is het al vroeg donker, de caravan werd verlicht met waxinelichtjes en kaarsen, de radio aan en wij gewoon dom kletsen. Schitterend!", zegt een van de gebruikers. Het zou zo een hoofdstuk uit Titaantjes kunnen zijn, waar ze bij elkaar gaan zitten op een zoldertje dat ze gezellig hebben gemaakt met een rol behang van 3 cent. Ook toen begrepen ouderen daar weinig van. De manier waarop de Doomspijkse jeugd verdacht werd gemaakt en tegengewerkt, komt schnjnend over. De caravan was oud, te klein en wrakkig en dus al na een halfjaar rijp voor de sloop. Maar anders waren de gebruikers wel verdreven door klachten van de buurt over bijvoorbeeld het verbranden van afval of over lawaai en het gedrag van de jongeren. N u staan de nesciootjes weer op straat. Skatebanen van 125.000 gulden voor een zeer beperkt publiek plant de gemeente zomaar neer, maar honderd gulden voor een oude caravan waar een grote groep jongeren plezier aan beleeft, kan er niet af, concluderen ze. Sommige verhalen zijn ronduit verslagen van gemeentelijke willekeur en wanbeleid, in combinatie met achterklap van omwonenden. De naam Westerbork heeft toch al een rottige klank.
maar na het lezen van dit hoofdstuk wil je daar beslist nooit wonen met opgroeiende kinderen. In andere gemeenten worden de zaken wel aangepakt tot volle tevredenheid van college, jongeren en buurtbewoners, al is het vaak moeilijk om in dichtbevolkte gebieden een plek te vinden waar iedereen vrede mee heeft. De niet van overdrijving gespeende klachten van woedende omwonenden zijn vaak komisch om te lezen, net als de reacties daarop van de jonge plaaggeesten en het gesteggel van politie, gemeente en jongerenwerkers om oplossingen te vinden. Hangplekken, een nieuwe rage? is een heldere samenvatting van het vallen en opstaan bij het creëren van hangplekken door de overheid, een fenomeen dat pas een jaar of tien oud is. In een land dat steeds voller wordt en steeds meer regels krijgt, ontkomt zelfs zoiets oorspronkelijks als toevallige vrolijke samenscholing niet meer aan de ordenende hand. Het boek maakt duidelijk dat jongeren van nu niet zozeer verschillen van de vroegere jeugd - al zijn ze wel assertiever -, maar dat de tolerantie ten opzichte van jeugdig gedrag sterk is afgenomen. Daarbij komt dat elk braakliggend landje, elk avonmurlijk gebied de laatste vijftig jaar is aangeharkt of dichtgebouwd. Overal wonen
worden vaak als zo hinderlijk ervaren, dat de gemeenschap ze het liefst ver naar buiten schopt. Terwijl ze daar helemaal niet willen zijn. Tijdens het congres dat de wetenschapswinkel van de VU op 18 mei wijdde aan het verschijnen van het boek, gaven jongerenwerkers uit het hele land hun mening: "Jongeren willen niet ergens ongezien in de natuur gedumpt zitten, ze willen zijn waar 'het' gebeurt, waar de actie is, op de hoeken en pleinen, in het zicht. Zij willen juist een beetje overlast geven, het moet spannend zijn. Ze willen opvallen. Dat hoort van oudsher bij de jeugd, dat verander je niet. En de jeugd is ook een deel van de gemeenschap, met evenveel rechten om gebruik te maken van de gemeenschappelijke ruimte, zonder weggeduwd te worden door de gnjze terreur." En: "Besteed al dat geld niet aan kostbaar ingerichte jOP's op de verkeerde plekken, waar dus geen jongere komt, maar stop het in leuke activiteiten voor ouderen, de hangbejaarden, die nu niets anders te doen hebben dan zich voor hun raam vervelen tot ze menen overlast te krijgen." Als uitsmijter van het congres wees een van de bezoekers erop dat kinderen er recht op hebben om rond te hangen. "Dat hoort bij hun levensfase. Maar omdat twee procent niet
'De doipsjeugd klit wat bij elkaar, in minirok en Beatlehaar', zong Wim Sonneveld al wel ouderen die door de vitrage loeren en direct de politie bellen als er twee jongens tegen een boompje leunen en hoorbaar lachen. Ouderen die zelf als kind ook ongestoord hingen te lapzwansen - zoals Wim Sonneveld in hun tijd zong: 'De dorpsjeugd klit wat bij elkaar, in minirok en Beatlehaar' proberen nu, zo lijkt het, de generaties na hen zwart te maken en alle jongeren over één criminaliserende kam te scheren, met als doel hen te marginaliseren. Ze lijken te vergeten dat ook zij jong zijn geweest. Een realistische en positievere benadering van jongeren is wenselijk, concludeert het boek. Een gevolg van de gemeentelijke regelneverij is dat kunstmatige hangplekken vaak worden gerealiseerd ver buiten de bebouwde kom, daar waar ooit het galgenveld lag; de oerhangplek. Die overeenkomst is niet toevallig: geluiden en gedrag van jongeren
aanspreekbaar is, worden ze allemaal met wantrouwen bejegend. Terwijl de rest gewoon leuk is! Een beetje wild, branieachtig, avontuurlijk, zoals het hoort als je jong bent." D e conclusie van zowel het congres als het boek is dat jongeren veel meer betrokken moeten worden bij het organiseren van kunstmatige hangplekken. Ze moeten daarbij worden begeleid door een dagelijks beschikbare jongerenwerker die ze vertrouwen. Zo kan deze fase in hun ontwikkeling positief uitwerken. Niet voor niets bevat het boek een samenvatting van de verklaring van de rechten van het kmd. Daaruit kan heel duidelijk het recht op een hangplek in de openbare ruimte gedistilleerd worden. Het boek Hangplekken, een nieuwe rage^ door Jaap Noorda en Redbad Veenbaas is verschenen bij de vu-uitgevenj ISBN 90 5383 705 1.
Welke vormen van onderzoek moeten prioriteit krijgen bij het verdelen van het budget in de gezondheidszorg? Heeft onderzoek naar een laserbehandeling voor bijziendheid bijvoorbeeld prioriteit boven onderzoek naar laserbehandeling voor wijnvlekken? Voor dat soort ethische vragen komen beleidsmakers vaak te staan. Maar om tot besluiten te komen, gebruiken ze procedures die niet altijd even helder zijn, concludeert Wija Oortwijn die op 31 mei aan de faculteit Geneeskimde promoveert. De onderzoekster ontwikkelde een praktische procedure, waarmee beleidsmakers makkelijker prioriteiten kunnen stellen. Oortwijns procedure gaat uit van maatschappehjke criteria, zoals: hoe vaak komt een aandoening voor? In hoeverre worden patiënten met die aandoening in hun dagelijks leven gehmderd? En: hoe groot is de kans dat mogelijke resultaten van het onderzoek ook geïmplementeerd worden? (WT)
Strafkorting werkt Langdurig werklozen gaan eerder weer aan de slag als ze al in een vroeg stadium worden gekort op hun uitkering. De methode van bestraflBng werkt goed. Dit concludeert Bas van der Klaauw in zijn onderzoek naar de oorzaken en remedies van langdurige werkloosheid. Van der Klaauw promoveerde op 24 mei aan de faculteit Economie. Volgens de onderzoeker werkt het huidige beleid om langdurig werklozen uit de bijstand te krijgen, slechts gedeeltelijk. Dit beleid van 'activering en controle' houdt in dat de werkloze via gesprekken en afspraken wordt geholpen bij het vinden van een baan. Maar een financiële korting blijkt veel meer effect te hebben. Van der Klaauw analyseerde voor zijn onderzoek gegevens van de Sociale Dienst in Rotterdam. (WT)
Resistente cellen De behandeling van kanker met chemotherapie wordt vaak ernstig bemoeilijkt door het ontstaan van cellen die resistent zijn tegen toxische stoffen. Onderzoeker Peter Wielinga ontdekte dat een te grote aanwezigheid van een bepaald eiwit, namelijk P-clycoproteïne, hiervan meestal de oorzaak is. Wielinga promoveert op 31 mei aan de faculteit Geneeskunde. Chemotherapie heeft nauwelijks kans van slagen als cellen resistent zijn. Vaak zijn ze bovendien multidrugresistant,v/at inhoudt dat ze resistent zijn tegen veel toxische stoffen. Wielinga deed zijn ontdekking door kunstmatig gekweekte tumorcellen te selecteren. Bij het bestuderen van deze cellen bleek de P-clycoproteïne de belangrijkste oorzaak te zijn van het mulnresistent worden van cellen. (WT)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999
Ad Valvas | 660 Pagina's