Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 1999-2000 - pagina 642

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 1999-2000 - pagina 642

8 minuten leestijd

AD VALVAS 29 JUNI 2000

PAGINA 6

Universiteiten liebben liun alumni ontdekt

De jaclit op de eigen afgestudeerden Uit het oog, uit het hart. Dat gold lange tijd voor de verhouding tussen universiteiten en hun afgestudeerden. IVIaar de tijden zijn veranderd. Nu kunnen studenten op de dag dat ze hun bul krijgen al een brief van het alumnibureau verwachten. En steeds vaker ook een acceptgiro. Inge Hoogendoorn/HOP Met korting een Rolls Royce huren, kamperen op camping De Oude Molen of eten bij Zorba de Griek. Afgestudeerden van de Katholieke Universiteit Nijmegen boffen. Ze kunnen ook goedkoop cursussen volgen of een pas voor de universiteitsbibliotheek krijgen. Maar ook de andere universiteiten doen steeds meer hun best om een warme band met hun ex-studenten te

smeden. Als ze willen, krijgen ze een abonnement op een glanzend alumnitijdschrift. Of toegang tot een speciale pagina op internet, waar ze onderling kunnen netwerken. Dat was voorheen wel anders. De meeste universiteiten zijn pas in de loop van het afgelopen decennium belangstelling gaan tonen voor hun afgestudeerden. T o t die tijd gaven ze hun een bul, en dat was het dan. Het besef dat ze misschien iets aan hun afgestudeerden konden hebben, was volstrekt afwezig.

D e laatste jaren wordt de noodzaak van een alumnibeleid wel gevoeld. Dat heeft te maken met de veranderde positie van de universiteiten. Ze zijn minder afhankelijk van de overheid, gaan zich duidelijker van elkaar onderscheiden en zijn meer dan vroeger eikaars concurrent. "De universiteiten moeten zich meer dan ooit bewijzen", vat alumnimedewerker Leneke Visser van de Universiteit Utrecht samen. "Daarvoor is het contact met afgestudeerden belangrijk. Want die kunnen vertellen wat zij van hun opleiding vonden en wat er moet veranderen."

Bedelbrief "Universiteiten moeten zich steeds meer als bedrijven gedragen", zegt ook coördinator Dania van Dishoeck van de alumnivereniging AUV van de Universiteit van Amsterdam. "Met het oog op hun concurrentiepositie willen ze daarom ook weten wat er gebeurt met de 'producten' die ze afleveren."

'Alumni zijn de ambassadeurs van de VU' Ook de v u heeft zijn alumni ontdekt. Sinds een jaar of zes worden de gegevens van afgestudeerden centraal bijgehouden op het alumnibureau. Daarvoor gebeurde dat alleen op de faculteiten. Het alumnibureau onderhoudt de contacten m e t oud-studenten actief. Afgestudeerden die zich bij dat bureau hebben aangemeld, ontvangen twee keer per jaar het blad Revue. Ook worden ze uitgenodigd voor bijeenkomsten in h u n regio. Bij zulke gelegenhe-

den bezoeken de alumni bijvoorbeeld het bedrijf waar een van hen werkt. Ook rector Taede S m i n i a bezoekt deze bijeenkomsten en informeert de afgestudeerden m e t e e n over de stand van zaken aan de v u . "Het alumnibeleid is de laatste jaren zeker intensiever geworden", zegt alumnioiBcer Coralie de H a a n . "Die regiobijeenkomsten bestaan bijvoorbeeld pas anderhalfjaar." D e v u realiseert zich volgens D e H a a n steeds m e e r dat a l u m n i de a m b a s s a -

deurs van de universiteit zijn. "Als zij tevreden zijn over de plek waar ze h e b b e n gestudeerd e n daarover vertellen, dan is dat gunstig voor de universiteit. D a a r o m proberen w e ze ook op de hoogte te h o u d e n van ontwikkeUngen aan de v u . " Het alumnibureau vraagt geen geldbijdrage van de afgestudeerden en is dat volgens D e H a a n in de nabije toekomst ook niet van plan. Wel kunnen alunuii (voor de universiteit vaak lucratieve) nascholingsdagen volgen. (MP)

Een aantal universiteiten maakt er geen geheim dat ze nóg een motief hebben om hun alumni te koesteren: er valt bij hen geld te halen. In Amerika halen universiteiten een groot deel van h u n inkomsten binnen via fundraising onder ex-studenten, en dat is een aanlokkelijk voorbeeld. Maar hoe krijg je afgestudeerden zo ver dat ze de portemonnee trekken voor 'hun' universiteit? De Universiteit Leiden heeft gekozen voor de directe aanpak. Ze vraagt haar alumni geld te storten in haar eigen Leids Universiteitsfonds (LUF) voor de zogeheten 'Campagne voor Leiden'. Het geld zal gebruikt worden voor vernieuwende projecten in onderzoek en onderwijs. Het Leidse fonds schuwt in haar bedelbrief de grote woorden niet. "Er is een nieuw tijdperk voor de universiteit aangebroken", schrijft het, "en het LUF speelt daarin een belangrijke rol." Geen wonder dat het fonds met een bijdrage van minder dan honderd gulden per afgestudeerde geen genoegen neemt. De Leidse aanpak werkt, vindt het LUF. "Onze contributieoproep heeft meer reacties teweeggebracht dan verwacht", schrijft het in een brief aan alumni die de eerste bedelbrief negeerden. En in zijn jaarverslag spreekt het LUF van een mentaliteitsverandering. "Steeds meer mensen realiseren zich dat het goed met ze gaat, en dat ze dat voor een groot deel aan de universiteit hebben te danken." Andere universiteiten roeren wat minder luidruchtig de trom. In Utrecht steunt ongeveer tien procent van de afgestudeerden het universiteitsfonds, en zij storten niet meer dan de verplichte minimale bijdrage van 25 gulden. "Je kunt niet verwachten dat de miljoenen binnenstromen", zegt Leneke Visser. "Daarvoor zijn we nog te kort bezig. Maar als we dit volhouden, kan het op den duur wel wat gaan

opleveren." Ruim vijf jaar geleden hield de Universiteit Utrecht een enquête waarin afgestudeerden mochten aangeven hoe ze h u n relatie met de universiteit vonden. D e uitkomst was "niet erg positief', zegt Visser. "Ze zeiden net niet: 'koud'."

Wrevel Een nieuw onderzoek, twee jaar geleden, was evenmin hoopgevend. "Het is een beetje onzin om opeens na de studie de band aan te trekken als je tijdens je studie al geen band met de universiteit had", kregen de onderzoekers van alumni te horen. Visser weet dus dat een lange adem nodig is. Alfred Stobbelaar, alumnimedewerker aan de Universiteit Twente vindt fundraising voorlopig nog een brug te ver. "Wij zijn hier drie jaar bezig met alumnibeleid. We hebben net mensen enthousiast gekregen om bijvoorbeeld voorlichting te gaan geven op middelbare scholen. Dan moet je geen wrevel wekken door een donatie te vragen." Als alumni al geld opleveren, zal dat vooral via postacademisch onderwijs kunnen, stelt Stobbelaar. "Deze mensen zijn gewend via hun bedrijf honderden guldens per dag aan cursussen uit te geven, terwijl we van een gewone student maar 2800 gulden collegegeld per jaar krijgen. Als we de band met onze alumni onderhouden, volgen ze eerder bij ons een cursus dan bij een ander. En dat levert dus geld op." Maar afgestudeerden zo maar geld vragen om hun universiteit te steunen, daar ziet Stobbelaar weinig in. "Nederlanders geven graag aan goede doelen als het Aids Fonds of de Hartstichting. Maar de universiteit, daar is in hun beleving nog altijd de overheid verantwoordelijk voor."

Engelsen zijn niet beleefder dan Nederlanders eren met een directheid die de omslachtig beleefde Engelser. A. Susanne Hoebe raakte gefascineerd door dat verschil in omgangsvormen toen ze een tijdje in Engeland woonde. Als afstudeerproject voor haar studie Engels analyseerde ze de dialogen uit honderden minuten hoorspel, op zoek naar de strategie achter de Britse hoffelijkheid. De laatste aflevering van een serie over scripties met opmerkelijke onderwerpen. I « V r U W l tt*-^

Laura Westendorp

Susanne Hoebe 30 jaar toegepaste Engelse taalkunde hoe gaan Engelsen om met beleefdheidstrategieën? een jaar 3 1 maart oriënteren op werk

ttledereen gebruikt beleefdheidsstrategieën. Tegen een wildvreemde zeg je niet simpelweg: hé joh, hoe laat is het? Tegen je broertje wel. En als je van je professor geld wilt lenen, zul je dat veel omslachtiger doen dan wanneer je vnenden daarover benadert. D e sociale afstand tot je gesprekspartner, het machtsverschil en de zwaarte van je boodschap bepalen hoe direct je kunt zijn. De meeste strategieën worden onbewust gebruikt. Want alles wat we tegen een ander zeggen, is potentieel bedreigend. Dat geldt bmnen alle talen en culturen. Vanuit de theone dat elke uitspraak een beleefdheidsstraiegie bevat, heb ik honderden uitspraken in Engelse hoorspelen geana-

lyseerd. Er bestonden al een model en een formule, maar ik was de eerste die ze kwantitatief gmg toetsen. Dat was best lastig, alles was heel nieuw. Ik heb veel met mijn professor overlegd over de beste onderzoeksmethode. Een halfjaar ben ik bezig geweest met analyseren: van elke zin moest ik het doel en de strategie vaststellen. Leuk om te doen, al was het wel monnikenwerk. Ik werd me er heel bewust van hoe ik zelf dingen vraag en hoe andere mensen hun verzoeken inkleden. De theorie dat mensen meer om de zaken hccndraaien naarmate de sociale afstand groter en het onderwerp zwaarder is, bleek te kloppen, zi) het nicl zo goed als in eerste instantie leek. Ik heb een aantal verschillende beleefdheidsstrategieèn onderscheiden. Behalve de sociale afstand, het machts-

verschil en de zwaarte van de boodschap bleken persoonlijke stijl en cultuur bepalend te zijn voor welke strategie werd gekozen. D e uitkomst heb ik op een linguïstische conferentie in Spanje gepresenteerd en binnenkort verschijnt nog een wetenschappelijk artikel. Wat ai die analyses me duidelijk maakten, is dat cie Engelsen niet beleefder zijn dan de Nederlanders. Ze hechten alleen andere waaiden aan de manier van met elkaar omgaan. Als iemand hier verschrikkelijk om de dingen heendraait en overdreven bloemrijke taal gebruikt, geeft dat een ongemakkelijk gevoel. De Engelsen waarderen die extreme beleefdheid juist wel. Dat cultuurverschil kan tot conflicten leiden. Vooral diplomaten zouden zich daarvan bewust moeten z i j n . "

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999

Ad Valvas | 660 Pagina's

Ad Valvas 1999-2000 - pagina 642

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 1999

Ad Valvas | 660 Pagina's