Ad Valvas 2000-2001 - pagina 446
AD VALVAS 15 MAART
PAGINA 6
Bestuurders van nieuwe onderwijsreuzen
wacht een moeilijke taak
Fuseren is plotseling hét
woord in het hoger onderwijs. Twee weken terug
kondigden de VU en de
Hogeschool Windesheim
aan op bestuursniveau te
willen samengaan. Kort
daarop kwamen de Universiteit en de Hogeschool van
Amsterdam met nog verdergaande fusieplannen. Ook
elders wordt er geflirt tussen hbo en wo. Bloeit er
iets moois, of wordt het
een moeizaam verstandshuwelijk?
Frank Steenkamp/HOP
Begin vorige week presenteerden
Noorda en Korteweg, de voorzitters
van de Universiteit (uvA) en de Hogeschool van Amsterdam (HVA), hun
uitgewerkte plan om te ftiseren tot één
brede onderwijsinstellmg. Ze gaan
daarmee een stapje verder dan de vu
en de Hogeschool Windesheim. Als
de minister opschiet met een wetswijziging, kan de eerste comprehensive
university van Nederland over twee
)aar een feit zijn.
De vrijages waren in Amsterdam al
even aan de gang, maar dat maakt de
huwelijksplannen er niet minder historisch om. Want sinds jaar en dag
gaapte er een diepe kloof tussen beide
onderwijssoorten. De universiteiten
hadden status, macht en rijkdom. En
al overvleugelde het hbo hen de laat-
PASSIE
ste 25 jaar in omvang, het verschil in
status en m onderwijscultuur is gebleven.
Eerdere fusiepogingen (zoals in Brabant in 1988) zijn op deze kloof
gestrand. En nog steeds vormen spanningen tussen hbo en universiteit een
bron van conflicten. Zo eisen de hogescholen het recht om zelf mastertitels
Het begon rond 1990 met kleine dingen: studenten kregen vaker toegang
tot gezamenlijke sport- en cultuurvoorzieningen. Later ging men vaker
propedeusestudenten naar elkaar 'verwijzen'.
Recentelijk gingen sommige opleidingen onder één dak samenwerken.
Zoals de lerarenopleidingen, waarvan
de hogeschool Enschede deed onlangs
een aanzoek aan de plaatselijke universiteit.
De voorzitter van de HBO-raad, Frans
Leijnse, is enthousiast over de nieuwe
ontwikkelingen. De 'geforceerde'
tweedeling tussen twee soorten hoger
onderwijs, die in het buitenland al
lang niet meer uit te leggen is, kan
inderdaad, een fusie.
Zo wordt het ook in Amsterdam verdedigd: juist door te fuseren, kun je
ophouden met concurreren en samen
zorgen voor een breed palet van opleidingen. Hetzelfde heeft ook minister
Hermans meermalen bepleit: fusies
moeten kunnen, maar nog steeds zal
er onderscheid blijven in beroepsgerichte en wetenschappelijke opleidingen.
Bloedgroepen
uit te reiken, maar de universiteiten
willen dit recht voor zichzelf behouden.
Hoe kan het dat er nu toch universiteiten en hogescholen een huwelijk
voorbereiden? Wat drijft ze? Wat kan
h u n samengaan opleveren? En welke
problemen kunnen ze verwachten?
Status en getal
De drijft'eren zijn simpel. De hogeschool die tegen een universiteit aan
schurkt, wint aan status. Ze kan studenten hbo-plustrajecten bieden - en
straks betere toegang tot een masteropleiding. In ruil kan de universiteit
profiteren van de pure omvang van
het hbo. Dat levert meer klanten op
voor allerlei voorzieningen, en grotere
zichtbaarheid en naamsbekendheid.
Status versus getal: dat zijn goede
argumenten voor een verstandshuwelijk. Maar de afgelopen jaren waren
het wederzijdse wantrouwen en de
wettelijke belemmeringen nog zo
groot, dat de samenwerking hééél
voorzichtig op gang moest komen.
VOOR
SPORT
door een speling van de historie de
'tweedegraads' onder het hbo vielen
en de 'eerstegraads' deels onder de
universiteiten en deels onder het hbo.
Iets dergelijks gebeurde tussen de universitaire tandheelkunde en de hbostudie mondhygiëne.
In 1997 brak een nieuw stadium aan:
De UVA en HVA richtten als eerste een
'samenwerkingsinstituut', de UHA op.
Zo kreeg de samenwerking meer status, en konden ook nieuwe initiatieven
uitgebroed worden. Zoals de genoemde hbo-plustrajecten, en later misschien geheel nieuwe opleidingen.
Ook Maastricht en Groningen/Leeuwarden kennen nu zulke instituutjes,
die blijvende bruggen moeten slaan
tussen hbo en universiteit.
Gejuich
De geesten zijn zo rijp gemaakt voor
daadwerkelijke fusies van hbo en wo.
In Amsterdam winden de bestuurders
er geen doekjes meer om. Maar ook
elders kan het wel eens hard gaan. In
Leiden wordt gefluisterd over een
fusie met een kleine hogeschool. En
volgens hem eindelijk doorbroken
worden.
En er klinkt nog wei meer gejuich.
Studenten krijgen meer keuze, zo riep
de studentenbond Lsvb anderhalf jaar
geleden al. Er zijn nieuwe combinaties
van opleidingen mogelijk. En er ontstaat ruimte om af te rekenen met rare
historische erfenissen. Zoals het feit
dat een (hbo-)vak als fysiotherapie in
dit land amper over wetenschappelijke
onderbouwing kan beschikken, terwijl
de beroepsopleiding voor advocaten
de voordelen geniet van een universitaire status.
Toevallig kwam juist dit voorjaar een
aantal hogescholen met een eigen
hbo-opleiding rechten. Ze krijgen
daarvoor ruimte door de liberalisering
van minister Hermans. Dit initiatief
kan zorgen voor evenwichtiger spreiding van opleidingstypen: niet elke
jurist heeft academische scholing
nodig. Maar tegelijk dreigen de universiteiten zo financiering voor honderden rechtenstudenten mis te lopen.
Dat is het probleem van de aloude
concurrentie tussen hbo en wo. En de
oplossing voor dat probleem? Dat is.
',^^ A3*fc J i
(5)
Fuseren. Het klinkt bijna ideaal. Maar
natuurlijk zijn er nog een paar problemen. T e n eerste zijn er veel meer
hogescholen dan universiteiten. Dat
betekent dat eenvoudige een-op-eenfusies uitzondering zullen blijven
Zelfs als iedereen opeens wil, zal de
ene universiteit straks met drie hogescholen praten. En andere instellingen
zullen 'single' blijven.
Ook waar het snel tot fusie komt, zijn
de spanningen al te voorspellen. Want
de bestuurders zijn misschien de laatste jaren toegegroeid naar h u n huwelijk, maar op de 'werkvloer' bestaan
nog de oude cultuurverschillen - m
elk geval in de opvattingen van studenten en personeel. Grof gezegd op
de hogeschool geeft men les en vertrekt de docent snel naar huis om na
te kijken. En op de universiteit kijkt
men daarop neer.
Strijd tussen bloedgroepen, touwtrekken over budgetten: het is nu al allemaal te voorspellen. Het zal van de
bestuurders afhangen of ze het voorkomen, door bruggen te slaan met
echt nieuwe initiatieven.
Niet elke universiteit of hogeschool zal
het avontuur de komende jaren aandurven. Zo blijft er ook plaats voor
een ander soort profilering. Als internationale topinstelling, bijvoorbeeld.
De TU Delft kiest bijvoorbeeld nog
steeds voor die koers. En vrijenj met
het hbo past daar niet bij.
-^^v'
'ik heb beslist een Olympische droom'
Voor veel studenten is sporten niet meer dan een manier om
de calorieën kwijt te raken die er door bier en veel snacken
zo makkelijk aanvliegen. Maar je hebt ook echte fanatiekelingen: studenten die leven voor hun sport. Maarten van den
Beid (21) is tweedejaars bedrijfswiskunde en informatica.
Als zware roeier traint hij aqht keer per week bij Okeanos.
Dit weekend doet hij mee aan de Heineken-vierkamp.
Annemieke Bosman
"Ik ben absoluut een teamsporter, in
m ' n uppie vind ik er niks aan. Het
geeft me een kick om samen met anderen voor een doel te gaan. Misschien
heeft dat ook te maken met een zekere
angst. Falen in m ' n eentje vind ik
namelijk vreselijk. Maar winnen ook!
Ik ben een gezelligheidsmens, geen
egotripper. Ik ben dit jaar bijvoorbeeld
voorbij gestreefd op de ergometer, terwijl ik vorig jaar de sterkste was van
mijn team. Daar kan ik echt niet mee
zitten, die ander heeft er toch ook keihard voor getraind? Uiteindelijk moeten we het samen doen. Ik ben juist
blij als iemand anders sterk is, want
daar heb ik in de boot ook profijt van.
Het voordeel van roeien is, dat je er
laat mee kunt beginnen en dan toch
nog de wereldtop kunt bereiken. Ik
heb beslist een Olympische droom.
Maar of ik die ooit zal verwezenlijken,
durf ik niet te zeggen. Doordat ik al
mijn hele leven de meest uiteenlopende sporten beoefen, ben ik behoorlijk
sterk. Maar technisch ben ik nog geen
wonder. Het moet allemaal een stuk
strakker. Hoe beter je in het bewegingsritme zit, hoe efiïciënter je roeit,
hoe meer kracht je aan de boot kunt
meegeven. Die efficiëntie is bij mij nog
niet honderd procent. Al ben je zo
sterk als een oermens, als je niet goed
op de ploeg bent afgestemd, bereik je
ruets. Daarom is het van belang dat je
niet te veel trainingen mist.
Maar het is ook goed om je spieren
Anje Kirsch
voldoende rust te gunnen. Ik heb het
dit jaar denk ik iets te fanatiek aangepakt. Behalve dat ik elke dag train voor
het roeien, volleybal ik ook nog eens
drie keer per week. Daardoor heb ik
volgens mij toch minder progressie
gemaakt dan ik wilde. O m me optimaal te kunnen ontwikkelen als roeier,
wil ik dan ook met volleybal stoppen.
Maar dat gaat me wel aan het hart!
Ik ben namelijk een echte sportgek, ik
vind alles prachtig. Als ik al het gevoel
heb dat ik offers moet brengen voor
wat ik doe, zou je hooguit kunnen zeggen dat de ene sport ten koste gaat van
de andere. Op dit moment draait mijn
wereld om roeien, omdat ik het gevoel
heb dat ik daar nog een hoop in kan
bereiken, mijn fysieke grenzen kan verleggen. Maar wielrennen lijkt me bijvoorbeeld ook geweldig. Ook zou ik
wel vaker willen skiën of bergwandelen. En de studie? H m m m . . . Desnoods
doe ik daar een paar jaar langer over.
Hoewel ik niet durf te zeggen of we
gaan winnen, heb ik ontzettend veel
zin in de Heineken-vierkamp. Dat
komt door de teamspirit, denk ik. We
staan met z'n allen voor een taak en
we gaan gewoon knallen. En er staat
bij een roeiwedstrijd een heleboel
publiek langs de kant te schreeuwen.
Dat is machtig, hoor."
Maarten van den Beid: 'Behalve dat ik elke dag
train voor het roeien, volleybal ik ook nog eens
drie keer per week'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
Ad Valvas | 692 Pagina's