Ad Valvas 2000-2001 - pagina 392
AD VALVAS 15 FEBRUARI 2001
PAGINA 8
Promovendus pleit tegen het relativisme in de filosofie
De zin van het leven wetenschappelijk bepaald
God mag dan dood zijn, zoals Nietzsche beweerde, maar dat betel^ent
niet dat iedereen voor zichzelf kan
uitmaken wat goede normen en
waarden zijn. VU-onderzoeker Christian Krijnen rekent af met het relativisme in de filosofie. Op 22 februari
promoveert hij op een proefschrift
waarin hij stelt dat je universele normen en waarden wetenschappelijk
kunt bepalen. Met andere woorden:
dat je algemeen geldende uitspraken kunt doen over de zin van het
leven.
Kant. "Niet dat we precies moeten herhalen wat
Kant en Hegel al hebben gedaan, maar daarmee
moeten we wel verder."
Waarom eigenlijk? O m op objectieve wijze de zin
van het leven vast te kunnen stellen. Want dat
kan, denkt Krijnen. In weerwil van wat de
hedendaagse filosofen ons voorhouden, zijn er
volgens hem wel degelijk objectieve normen en
waarden die je kunt vaststellen, onafhankelijk
van culturele verschillen en interpretaties. De
onderzoeker wil afrekenen met het relativisme in
de filosofie. "Dat we nog geen absolute waarden hebben vastgesteld, wil niet zeggen dat
er dus ook geen absolute waarden zijn.
Het zegt alleen dat wij mensen niet volmaakt zijn."
Krijnen ziet er de humor wel van in, dat hij
wordt geïnterviewd op een druk treinstation.
Links en rechts schieten mensen ons voorbij,
binnenkomende treinen maken een soms oorverdovend lawaai. "Symbolisch voor wat ik betoog
in mijn boek", legt hij uit. "Al die treinen die
aankomen en vertrekken op een station. Dat is
precies wat ontbreekt in veel hedendaagse filosofie: een substantieel eenheidspunt, dat richting
geeft aan ons doen en laten."
Krijnen, die momenteel in Duitsland woont, is
één dagje in Nederland, waar hij tussen twee
afspraken door net een halfuurtje heeft om uit te
leggen waar zijn 650 pagina's tellende wijsgerige
proefschrift met de titel Nachmetaphysischer Sinn
over gaat.
Heinrich Rickert
Tegenwoordig heerst de opvatting dat alleen op
een bepaald vakgebied, bijvoorbeeld de biologie
of de sociologie, iets wetenschappelijks valt te
zeggen over normen en waarden. "Een evolutiebioloog als Michael Ruse zal het begrip normen
en waarden uitleggen als een genetische truc om
VOOR
SPORT
aldus Krijnen. Hij kijkt vooral naar neokantiaan
Heinrich Rickert (1863-1936). Die deed geen
beroep meer op een goddelijk wezen om over
goed en kwaad te oordelen, maar op onze eigen
rede, op de bedoelingen achter ons handelen.
Krijnen: "Rickert laat zien dat wat wij cultuur
noemen, in feite het geheel is van onze normen
en waarden. Cultuur, dat gaat over zingeving. Dat zegt natuurlijk niet dat alles m
kannen en kruiken is, maar ook niet
dat we alles maar als relatief moeten
beschouwen." Mensen in alle culturen, of dat nu Arabieren, Eskimo's of
Nederlanders zijn, zoeken naar de
waarheid. D e wil om die te kennen, is
bij iedereen hetzelfde. "Het enige wat
steeds verschilt, is de manier waarop we
tot die waarheid komen, en onze opvatting
over wat die waarheid is."
Teisoo»^*"';
Waarheid
Verloedering
PASSIE
isldas Z\eV
wetenschappelijk niet te
bepalen zijn. Krijnen bestrijdt dat. "Ik
denk dat de wetenschap wel kan
bepalen hoe geldig normen en waarden zijn. En dan bedoel ik niet de
vakwetenschap, zoals de biologie of
sociologie, maar een Ganzheitszvissenschaft zoals de filosofie, die alle afzonderlijke vakgebieden overstijgt en een
totaalbeeld geeft. Op dat niveau kan
een wetenschapper de geldigheid van
normen en waarden bepalen. Niet
door er rekenschema's op los te laten
natuurlijk, maar er kunnen wel richtlijnen worden aangegeven."
Peter Breedveld
De filosofie is op de verkeerde trein gestapt,
vindt Krijnen. Ongeveer na Kant is het misgegaan. "Toen kwamen filosofen als Hegel en
daarna Marx met hun denkbeelden. Vanaf de
negentiende eeuw werd de tendens sterker om
de filosofie te politiseren, om de werkelijkheid te
willen veranderen. Allerlei utopische denkbeelden kwamen naar voren, er moest een nieuwe
maatschappij komen en filosofen zagen zichzelf
als de brains of the world, die dat allemaal wel
even zouden voorkauwen. De filosofie werd
oppervlakkig. Er vond een methodische 'verloedering' plaats."
N u moeten we weer met de trein terug. Terug
naar het station waar we verkeerd zijn opgestapt,
naar vóórdat de verloedering inzette. Terug naar
de soort te laten voortbestaan. Als we maar denken dat er hogere waarden bestaan, helpt dat
ons om op een optimale manier te reproduceren.
E n een cultuurwetenschapper zal zin en waarde
uitleggen in termen van cultureel-sociale structuren", legt Krijnen uit. Maar de geldigheid van
die normen en
waarden
Het is volgens Krijnen gewoon een
kwestie van de juiste methode kiezen.
Niet alles relativeren, maar de eenheid in de veelheid ontdekken; ontdekken wat de wereld bijeenhoudt,
zoals Goethe zei. "Maar in de moderne filosofie wordt dat overzichtsperspectief onvoldoende benut."
En daarom moeten we "back to the
basics". Naar Kant, of liever, de neokantianen, want die hebben het
gedachtegoed van Kant en Hegel wél
subtiel verder ontwikkeld. Kant zei
dat we onze waarden niet moeten zoeken in religieuze openbaringen, of tradities, maar in onszelf, in onze eigen rede. De neokantiaanse filosofen, die opgang maakten tussen 1875 en 1930,
discussieerden "vanuit een positie waarmee wij
ook vandaag de dag nog uit de voeten kunnen".
Nazisme
Dus tóch relativisme! "Nee", zegt Krijnen,
"want de pretentie die we hebben om de waarheid te kennen, de drive, is bij iedereen hetzelfde. N e t zoals het soortelijk gewicht van goud
overal hetzelfde is en niet anders in Zuid-Afrika
omdat daar andere culturele of geografische
omstandigheden heersen. In elke cultuur gaat
het om mensen die waarden als waarheid en
gerechtigheid proberen te realiseren. De metliode die Kant voorstaat om absolute, voor iedereen geldige waarden te vinden, is om te zoeken
naar wat het nou voor ons betekent dat iets waar
is, welke pretenties er aan onze waarden ten
grondslag liggen. Rickert biedt alleen maar een
methodische aanpak, niet de waarheid zelf. Hi)
is geen profeet, maar gewoon een wetenschapper."
De opkomst van het nazisme en de Tweede
Wereldoorlog maakten een voortijdig einde aan
de opgang van het neokantianisme. Dat kwam
doordat sommige vooraanstaande neokantianen
joods waren, terwijl andere sleutelfiguren juist
met de nazibeweging sympatiseerden. Na de
oorlog ontwikkelde de moderne filosofie zich
verder zonder de erfenis van het neokantianisme
"Maar sinds een jaar of tien a vijftien is er weer
een sterke interesse voor het neokantianisme",
aldus Krijnen. "Door een onbehagen met de
hedendaagse filosofische benadering van allerlei
vraagstukken." Want Rickert is dan wel geen
profeet, hij brengt wel degelijk verlossing en
troost, meent Krijnen. "Verlossing van het onterechte idee dat alles relatief is, en troost dat er
absolute waarden bestaan, die het leven zin
geven."
, s^f:e^4^fit:^',-
(2)
'Ik blijf doorvechten, al sta ik met tien-nul achter'
Voor veel studenten is sporten niet meer dan een manier
om de calorieën kwijt te raken die er door bier en veel
snacken zo makkelijk aanvliegen. Maar je hebt ook echte
fanatiekelingen: studenten die leven voor hun sport. Marieke Doorenbosch (20) is derdejaarsstudente biologie en
tweevoudig clubkampioen badminton dames single bij de
ASVU. Komende zondag gaat ze op voor de derde keer.
Annemieke Bosman
Ik kom uit een echte badmintonfamilie. Mijn ouders namen me mee
naar de club toen ik zes was en sindsdien heb ik altijd gespeeld. Dat is
tamelijk uniek, want Nederlanders
badmintonnen bijna nooit in clubverband. Ze zien het niet als een topsport,
maar als een campingspelletje. Ze denken: zo'n shuttletje overmeppen kan
toch iedereen? Maar het is een stuk
moeilijker dan dat. Er komt heel veel
techniek bij kijken en het veld is groot.
Je moet in goeie vorm zijn om badminton te leren, want in het begin ren je
van hot naar her. En de slag moet je
ook niet onderschatten. Recreanten
kunnen er over het algemeen niks van.
Die staan als termisspelers met him
hele arm te maaien, terwijl de bewe-
ging kort en fel uit de pols moet
komen.
D e desinteresse voor badminton merk
je ook aan sportprogramma's op tv.
Vaak worden van een belangrijke wedstrijd niet meer dan twee minuten uitgezonden. Dat is jammer, want ik zou
het leuk vinden als meer mensen met
de sport bekend raakten. Het kijkgenot
kan me niet zoveel schelen, ik speel
toch liever zelf.
Ik ben een fanatieke speler, ik wil
graag winnen. Ik blijf doorvechten,
zelfs al sta ik met tien-nul achter.
Vroeger kon ik heel slecht tegen m ' n
verlies. Ik heb aardig wat rackets op de
baan kapot geslagen! N u heb ik die
driftbuien beter onder controle, al kan
ik soms nog behoorlijk uit mijn
humeur raken. Maar dat gebeurt ook
wel eens als ik win, terwijl ik niet lekker heb gespeeld. D a n vind ik de over-
winning onverdiend. Dat is erger dan
een partij verliezen waarin ik alles heb
gegeven. Want dan denk ik: de volgende keer dat ik je tegenkom, pak ik je
terug.
Een fhistratie die ik heb over badminton, is dat een set in de dames single
maar tot 11 punten gaat. Verder wordt
alles, heren single, dubbel en mix, tot
15 punten gespeeld. Ze hebben die
rotregel natuurlijk bedacht omdat
vrouwen minder sterk zijn dan marmen
en dus zo'n lange partij niet vol kunnen houden. Maar voor mij betekent
het vaak een nadeel. Ik kom in een
wedstrijd namelijk moeilijk op gang en
met 11 punten heb ik dan te weinig
tijd om een eventuele achterstand in te
lopen.
Mijn vriendje badmintont ook, we
mixen samen. We zijn aardig op elkaar
ingespeeld, maar het kan nog altijd een
stuk beter. Omdat hij een man is, is hij
sterker dan ik, ook al spelen we op
hetzelfde niveau. Dat is onuitstaanbaar, natuurlijk. Hij was vorig jaar ook
clubkampioen, bij de heren. Dit jaar
zal hij het moeilijk krijgen, want hij
heeft in elk geval één pittige tegenstander.
Mijn eigen kansen voor zondag schat
ik redelijk in, al zitten er ook lastige
dames tussen. En je weet natuurlijk
nooit of er zich op de valreep nog een
of andere topspeler a a n d i e n t . "
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
Ad Valvas | 692 Pagina's