Ad Valvas 2000-2001 - pagina 304
AD VALVAS 1 1 JANUARI 2001
PAGINA 8
Student schrijft scriptie over relatie VXJ met
Zuid-Afrikaanse zusteruniversiteit
teitsraad van de vu: 'Universiteitsraad: totaal breken met Potchefstroom', kopte Ad Valvas op 3 september 1976 onverbiddelijk. Daarmee
kwam een plotseling einde aan de
relatie tussen de vu en de PU die op
dat moment al bijna honderd jaar
bestond.
Die breuk heeft geduurd tot aan de
afschaffing van Apartheid in ZuidAfrika, in 1990. Wel werden persoonlijke contacten tussen vu- en pu-mensen onderhouden. Ook waren er nog
banden tussen de faculteiten Filosofie
van de beide universiteiten. De filosofische faculteit had en heeft volgens
Remco Peterse binnen de vu een
aparte status, omdat Filosofie zich de
erfgenaam van de echte gereformeerde
vu-traditie voelt. Samen met de PU
vond de faculteit, dat de vu die traditie te grabbel had gegooid toen ze zich
oecemenisch was gaan oriënteren. Dat
is één van de oorzaken geweest van de
spanningen russen VU en PU in de
jaren zeventig. Het feit dat er tijdens
de 'bestuurlijke ijstijd' dus toch nog
contacten werden onderhouden tussen de universiteiten heeft er echter
ook weer voor gezorgd dat de draad
na vijftien jaar weer snel kon worden
opgepakt.
U wil ons aanspreek
Verraad
(archief AdValvas)
Anti-Apartheidsdemonstratie aan de VU in oktober i.
"U kan net so goed sê ons moet van ons blanke vel afstand doen", schreef de rector van
de Zuid-Afrikaanse zusteruniversiteit van de VU in 1976. Rector Bingle van de Potchefstroomse Universiteit vir Christelijke Hoer Onderwijs (PU) sloeg alle hoop aan de VU de
grond in: hervormingen ten aanzien van het apartheidsbeleid zaten er niet in. Dat was
aanleiding voor een breuk tussen de VU en de PU die tot het begin van de jaren negentig
heeft geduurd. Remco Peterse, student communicatie, organisatie en management (COIVI),
schreef zijn scriptie over de relatie tussen de twee universiteiten. Het is de eerste
diepgaande studie over het onderwerp.
Peter Breedve d
Positief gestemd was een vu-delegatie
in de zomer van 1976 uit Zuid-Afrika
teruggekeerd. Het beeld dat op dat
moment bestond van de pu als een
exclusief blanke apartheidsuniversiteit
was helemaal verkeerd, zo luidde haar
conclusie. Op de PU was sprake van
^^^:jet
een 'verlicht' soort Apartheid en er
zouden bovendien veranderingen ten
aanzien van dat racistische beleid op
het programma staan. Rector Bingle
haaste zich echter om per brief een
einde te maken aan dat optimisme.
Als de vu dacht dat er sprake was van
een proces van 'aftakeling' van het
apartheidsbeleid, dan vergiste ze zich
lelijk, schreef hij. Een dialoog tussen
de VU en de PU over Apartheid zat er
evenmin in: "Ons kan ons nie
losmaak van die indruk dat u slegs in
een monoloë dialoog met ons belangstel nie. U wil ons aanspreek. U wil
bij ons een oor vind; u wil invloed op
ons uitoefen", aldus Bingle.
Dat gaf de doorslag voor de universi-
In zijn scriptie heft Remco gedetailleerd de relatie tussen de beide universiteiten in kaart gebracht. Volgens
zijn scriptiebegeleider, Harry Wels, is
hij daarmee de eerste. Remco: "Toen
ik aan de PU in Zuid-Afrika was om
materiaal te verzamelen en mensen te
interviewen voor mijn scriptie, werd
mij wel verteld dat men aan de faculteit Geschiedenis bezig was de
geschiedenis van de PU te schrijven,
maar daarin komt de relatie met de
vu maar zijdelings aan de orde."
Waar het volgens Remco in essentie
om ging bij de breuk in 1976, was de
manier waarop de beide universiteiten
dachten over de invulling van hun
christelijke identiteit. De vu vond dat
er op grond van het christelijke geloof
kritisch moest worden gekeken naar
het Apartheidsbeleid van de ZuidAfrikaanse overheid. De PU vond dat
politiek en religie strikt gescheiden
moesten worden gehouden en dat
betekende dus dat het niet aan de PU
was om Apartheid te bekritiseren.
Bovendien vond de PU dat de vu verraad had gepleegd aan de gereformeerde beginselen door zich vanaf
1968 oecumenisch te gaan oriënteren.
Maar Remco vindt dat het reformatorische ideaal juist aan de PU zélf op
een dwaalspoor was beland. De universiteit was zich meer gaan identifice-
ren met de nationaal-christelijke ideologie, een soort staatsideologie, in
plaats van met de gereformeerde
beginselen. Daardoor was de PU geestelijk verzwakt. T e zeer om weerstand
te kunnen bieden aan het totalitairpolitieke stelsel van de Zuid-Afrikaanse regering.
Wennen
Remco overgiet zijn beschrijving van
de relatie tussen de twee universiteiten
met een wetenschappelijk theoretisch
sausje, bestaande uit de visie van vuantropoloog Bax op politiek-religieuze
regimes en die van PU-filosoof Van
der Walt over levensbeschouwing in
Zuid-Afrika. Simpel gezegd komt het
er op neer dat de VU, zeker sinds het
begm van de jaren zeventig, een
democratisch bestuur had en een sterke onafhankelijke status. De PU was
daarentegen een zeer autoritair geleide
organisatie die zich bovendien sterk
identificeerde met het racistische Afnkaner nationalisme en de 'Afrikanersaak'. Frappant is de parallel tussen
de manier waarop de Zuid-Afnkaanse
regering Apartheid rechtvaardigt door
zich op de Bijbel te beroepen, en de
wijze waarop aan de PU de woorden
van vu-stichter Abraham Kuyper werden geïnterpreteerd: diens pleidooi
voor het in ere houden van diversiteit
en nationalisme werd zonder problemen toegepast op het principe van de
Apartheid.
Maar de vu en de PU hebben hun
gemeenschappelijke basis hervonden.
"De kerkelijke verbondenheid telt nu
weer", aldus Remco, "en niet langer
de onderlinge verschillen." Toch heeft
hij tijdens zijn verblijf wel geconstateerd dat de PU nog moet wennen aan
de relatief jonge vrijheid. "Er is nog
sprake van erg hiërarchische verhoudingen. Dat merkte ik bijvoorbeeld
toen ik daar in het archief wilde
bladeren. Dat ging niet zomaar, zoals
hier in Nederland. Ik moest eerst een
brief schrijven en uitleggen waar ik
precies naar zocht. Uiteindelijk heb ik
het via de rector gespeeld en zo is dat
opgelost."
Apartheid tussen blank en zwart
heerst er weliswaar niet meer op de
PU, maar ongelijkheid is er nog wel
degelijk, domweg door de achterstand
die zwarte studenten in het algemeen
vaak hebben. Remco: "Je ziet bijvoorbeeld aan de sportactiviteiten dat de
integratie nog niet volkomen is. Zo
zijn rugby en cricket nog typisch blanke sporten, terwijl zwarte studenten
vooral aan voetbal doen."
i^i£^>c^/A^M
Mk moet regelmatig mijn
oom om geld vragen'
Yvette Ne en
Umar Rehman (23) heeft al maanden
niet meer dan 26 cent uitstaan op de
rekening van zijn mobiele telefoon.
De derdejaars informatica heeft de
telefoon dan ook alleen om gebeld te
worden. Zelf bellen kan hij zich niet
veroorloven. Het is elke maand weer
afwachten of hij rondkomt van het
geld dat hij van zijn vader en zijn oom
knjgt. Meestal is dat niet meer dan
duizend gulden.
Umar kwam drie jaar geleden uit
Pakistan om in Nederland te studeren. Hij kreeg hiervoor een tijdelijke
verblijfsvergunning, maar had geen
recht op een studiebeurs of ov-kaart.
Bovendien mag hij naast zijn studie
maximaal maar tien uur per week
werken. Oneerlijk vindt Umar dat.
"Er zijn genoeg iT-bedrijven die
belangstelling voor mij hebben, maar
alleen als ik twintig uur kom werken.
Het ergste vind ik nog dat ik zo geen
praktijkervaring op kan doen. Zeker in
de IT IS dat belangrijk, omdat er elke
dag vernieuwingen plaatsvinden. Die
leer je niet op de universiteit."
Bijna de helft van Umars inkomen
gaat op aan de huur van zijn kamer op
Uilenstede. Na zijn maandelijkse uitgaven aan eten, kleren, boeken, verze-
kering, tram en trein blijft er doorgaans geen geld meer over om naar de
kroeg te gaan of uitstapjes te maken.
Dus blijft Umar wat vaker thuis. Hij
voelt zich achtergesteld bij zijn medestudenten die kunnen bijverdienen.
"Als student zou je allemaal dezelfde
rechten moeten hebben."
Het is vervelend om je zorgen te
maken over geld. "Ik moet regelmatig
mijn oom bellen om hem te vragen
of hij mij meer geld
kan geven", vertelt
Umar. "Dat kost
me de grootste
moeite. Hij woont in
iniomstenpernu
Friesland en heeft
een gezin en ik weet
dat hij zo zijn eigen
problemen heeft. Ook
Jo'nlOOO£ufden
mijn vader, die nog in
Pakistan woont, heeft
het moeilijk nu hij met
Uigaven per
pensioen is gegaan. Het
gaat slecht met het land.
4S0£u(den
Eerder stuurde hij me
300£ufden
'
j{mr
voor de zomer geld voor
een vliegticket om naar
huis te gaan. Dit jaar ver]_'Boeien,
wacht ik niets."
Umars laatste aanschaf
mzekP'i^B' ,^^„ 3ooqidden
openèaarfcmer. J^D
waren nieuwe schoenen.
"Die had ik hard nodig.
Anje Kirscli
mijn oude waren helemaal kapot."
Aan kleren geeft hij zo'n honderd gulden per maand uit. De nieuwe kleine
notebook waarmee hij rondloopt, heeft
hij geleend van een vriend van zijn
oom.
Heel veel geld hoeft U m a r niet te hebben. Alleen genoeg om een 'lekker
leventje' te kunnen leiden. Zodat hij
kan uitgaan of vakantievieren, net als
de meeste andere studenten. Maar
zijn tijd komt nog wel. "Als ik straks
mijn diploma heb en ga werken, kan
ik alles inhalen. Ik hoop dat ik een
goede baan vmd in Pakistan." Dan;
hij zijn oom zeker niet vergeten. "Hi)
is een belangrijke persoon m mijn
leven. Hij heeft mij hier opgevangen.
Ik zal straks alles doen om hem te
helpen."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
Ad Valvas | 692 Pagina's