Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 466

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 466

8 minuten leestijd

PERSONEELS i^^^^l^^

PAGINA 4

___w___si_.n>_a»>a

Ondernemingsraad

Vrije Universiteit

Dagelijks bestuur

Mr C.J. Speelman (CFO)

Faculteit der Rechtsgeleerdheid

Rechtshulp VU

De Boelelaan 1105, 6A-20

Telefoon: 46335

Fax: 46330

E-mail: speelman^rechten.vu.nl

Dr. B. Overdijk (CMHF)

Faculteit der Geneeskunde

Medische Chemie

Van der Boechorststraat 7, A-230

Telefoon: 48143

Fax: 48144

E-mail:

b.overdijk.medchemifflmed.vu.nl

J. Eppmga (ABVAKABO)

Dienst Studentenzaken

Informatiecentrum voor

Studie en Loopbaan

De Boelelaan 1105, OE-74

Telefoon: 45029

Fax: 45059

E-mail: j.eppinga@dienst.vu.nl

Ambtelijk secretariaat

Drs. C.H. 't Hart

Ambtelijk secretaris

De Boelelaan 1105,2E-2I

Telefoon: 45312

Fax; 45312

E-mail: or@vu.nl

ONDERNEMINGS

RAAD

OR legt clustering niet voor

aan de Ondernemingskamer

Na rijp beraad legt de Ondernemingsraad het geschil met het College van

Bestuur (CvB) over de clustering van Aardwetenschappen, Biologie en het

Instituut voor Milieuvraagstukken (IVM) niet voor aan de Ondernemmgskamer

van het Gerechtshof De OR heeft zich laten adviseren door een deskundig buitenstaander en daarna overleg gevoerd met een ervaren advocaat in medezeggenschapszaken. De raad blijft weliswaar van mening dat het besluit tot fusie

te vroeg genomen is, maar onderkent dat die beslissing niet onafwendbaar tot

rampzalige gevolgen hoeft te leiden. De OR ziet daarom af van een beroep, echter onder voorwaarde dat het besluit geen blokkade opwerpt bij de komende

discussie over het strategisch beleid van de VU.

Hoe is de procedure als OR en CvB

over een kwestie zoals de clustering

van mening verschillen? Als het CvB

een belangrijk besluit wil nemen binnen een reeks die in de wet omschreven is, moet het College van Bestuur

advies vragen aan de Ondernemingsraad. Volgt het CvB dat advies niet

op, zoals bij de clustering van Aardwetenschappen, Biologie en IVM het

geval is, dan moet het dat afwijkende

besluit schriftelijk goed motiveren.

De OR heeft dan een maand de tijd

om daartegen in beroep te gaan bij

de Ondernemingskamer van het

Gerechtshof in Amsterdam.

Onredelijk of onzorgvuldig

Zo'n beroep kan alleen slagen als de

ondernemer - in dit geval het CvB 'bij afweging van de betrokken belan-

gen niet in redelijkheid tot zijn besluit

had kunnen komen'. De besluitvorming wordt dan zogenaamd 'marginaal getoetst'. Daarbij gaat de wet

ervan uit dat de ondernemer ruime

beleidsvrijheid heeft. OR-voorzitter

Kees Speelman licht toe wat dit betekent: "De rechter beoordeelt of het

besluit duidelijk onredelijk is of niet,

en kijkt daarbij niet alleen naar de

inhoud van de beslissing maar ook

naar de manier waarop het besluit

tot stand gekomen is. Was het beslissingstraject onzorgvuldig, dan kan de

ondernemer de procedure opnieuw

doorlopen, zodat er een onaantastbaar besluit komt, tenminste als de

inhoud ervan 'redelijk' blijft."

De Ondernemingsraad heeft enkele

bezwaren tegen de fusie van Aardwetenschappen, Biologie en het IVM.

Hij vindt dat de voorgenomen clustering vooruitloopt op de resultaten van

de universiteitsbrede discussie over

het strategisch beleid van de VU. Die

begint pas net. De discussiestukken

zijn nog niet eens naar de Gezamenlijke Vergadering gestuurd.

Als het fusiebesluit het effect blijkt te

hebben van een voorschot op die discussie, is door het CvB wel duidelijk

een procedurefout gemaakt. Ten tweede is het de OR niet duidelijk wat de

samenhang is tussen de drie eenheden die geclusterd worden. Verder is

de raad van mening dat, als de eenheden voordelen verwachten van toenemende samenwerking, zij die ook

zonder clustering kunnen bereiken.

Een fusie kan ook de belemmerende

bureaucratie versterken. Door meer

samenwerking zouden de drie ook de

cultuurverschillen kunnen overbruggen. Die zijn nu soms fors.

Nauwlettend volgen

Het CvB zet daar een paar argumenten tegenover. Het meent dat de drie

betrokken eenheden samenkomen in

één van de profileringsgebieden waarop de VU zich wil richten: 'het systeem aarde'. Door de drie onder één

bestuur te plaatsen zal de potentiële

samenhang groeien. Daarbij hecht het

CvB waarde aan het feit dat het initiatief uit de betrokken eenheden kwam.

Verder wijst het CvB erop dat voor

bijna alle personeelsleden, met uitzondering van enkele eenheden van de

bedrijfsvoering, geen veranderingen

zullen optreden in positie of dagelijks

werk, en dat bestaande studierichtingen en onderzoekslijnen blijven

bestaan. OR-voorzitter Kees Speelman

tenslotte: "Öe clustering houdt de aandacht van de Ondernemingsraad,

vooral als het gaat om een zorgvuldige uitwerking van het besluit." (LL)

Harry van den Berg, OC-voorzitter van Sociaal

Culturele Wetenschappen:

"Onze bevoegdheden zijn

nog steeds onduidelijk"

Johan Vos, voorzitter van de OC en GV van Godgeleerdheid:

"We zijn erg afhanicelijii

van het faculteitsbestuur"

"Als wij als OC ons zouden beperken

tot kwesties waarin we instemmingsof adviesrecht hebben, dan zou je het

gevoel krijgen alleen maar mee te

doen aan een democratische schijnvertoning. Die kwesties zijn namelijk

op één hand te tellen. Maar gebruik je

het recht om alles wat in het belang

van de faculteit is ter sprake te brengen, en luistert het faculteitsbestuur

daar serieus naar, dan is het niet helemaal zinloos. Het vorige bestuur

beleed wel de betekenis van de OC,

maar onthield ons in de praktijk alle

informatie. Het heeft bijvoorbeeld

anderhalfjaar geduurd voordat we de

besluitenlijsten kregen van vergaderingen van het faculteitsbestuur. En

toen bleken die zo gekuist te zijn dat

we belangrijke besluiten wél in de

krant maar niet in die lijsten vonden.

Je ben dus sterk afhankelijk van wat

het faculteitsbestuur kwijt wil." (LL)

"Het vorige faculteitsbestuur nam ons

als OC niet serieus. Het zag ook weinig mogelijkheden om concessies te

doen, doordat het beleid voordat wij

ermee werden geconfronteerd eigenlijk al helemaal uitgekristalliseerd

was. Het nieuwe faculteitsbestuur

werkt heel anders. Het betrekt ons

vóórdat het beleid maakt en zoekt

bewust naar draagvlak. Daarmee werken we dus vruchtbaar samen. De formele bevoegdheden van OC's zijn nog

steeds onduidelijk. Niet voor niks ligt

er nog steeds een kwestie van ons bij

de geschillencommissie over het

bestuursreglement. Wij vinden dat wij

vergelijkbare bevoegdheden hebben

als de OR, maar het oude faculteitsbestuur zag dat anders. Dergelijke conflicten ontstaan doordat het universitair reglement de bevoegdheden van

OC's niet goed regelt. Het College van

Bestuur zou veel meer aandacht moeten hebben voor het functioneren van

de medezeggenschap. Bij andere universiteiten is dat ook zo. Ik vind dat

een teken van onderwaardering. Geen

wonder datje dan moeilijk mensen

voor OC's vindt." (LL)

Johan Vos, voorzitter

Onderdeelcommissie en

Gezamenlijke Vergadering van

Godgeleerdheid

OR-voorzitter Speelman:

"CvB moet OCs meer

bevoegdheden geven99

"De kwaliteit van beleidsplannen en het draagvlak voor veranderingen zou in

faculteiten en diensten flink verbeteren als bestuurders hun Onderdeelcommissies

(OCs) beter zouden gebruiken. Als de OC's meer bevoegdheden zouden krijgen

van het College van Bestuur zou dat bestuurders zeker stimuleren" stelt Kees

Speelman, voorzitter van de VU-Ondernemingsraad. Hij concludeert dit uit een

enquête die de OR onlangs hield onder alle OCs van de Vrije Universiteit.

Door de Modernisering Universitaire

Bestuursorganisatie (MUB) zijn sinds

1998 op de VU naast de Ondernemingsraad zeventien Onderdeelcommissies

ontstaan: twaalf bij faculteiten en vijf bij

diensten. Deze Onderdeelcommissies

(OC's) zijn commissies van de OR, waaraan de OR zijn-bevoegdheden deJegeert-

als het om zaken gaat die alleen het

betreffende organisatieonderdeel aangaan. Nu de OC's anderhalf tot twee jaar

opereren wilde de OR graag weten hoe

hun dat bevalt. Eind 2000 heeft de OR

daarom alle OC's geënquêteerd. Van de

zeventien reageerden er vier niet.

(Conclusies; zie kader)

Vergeetachtig

De meest in het oog springende conclusie is dat OC's zo weinig bevoegdheden hebben dat bestuurders ze gemakkelijk kunnen passeren. Nu mógen

bestuurders beleidskwesties met de

OC's bespreken, maar de OC mag geen

instemming of advies geven, zo meent

althans het CvB, tenzij het om reorganisaties gaat.

Kees Speelman: "De betekenis van de

OC is daarom klein. Maar zodra het

over reorganisaties gaat neemt die

plots toe. Duidelijk is dus dat de

bevoegdheden van de OC cruciaal zijn

wil de organisatie er wat aan hebben.

Als de bestuurder niet verplicht met

zijn plannen langs de OC moet, dan

wordt hij vergeetachtig," zegt hij eufemistisch.

Bestuurders geven nu in iets meer dan

de helft van de gevallen uit zichzelf

informatie over plannen aan de O C —

Foto Sidney Vervuurt

Harry van den Berg, OC-voorzitter van SCW

In andere gevallen moet de OC daarom

vragen. Een handicap daarbij is dat de

OC niet altijd weet wat er speelt in de

bestuursburelen en daar dus ook niet

tijdig informatie over kan vragen. Eén

OC vroeg weliswaar de besluitenlijsten

van het bestuur op, maar die bleken

steeds 'gekuist' te zijn. Uit de enquête

blijkt dat bestuurders vooral onderzoeksplannen achterhouden.

Voor OR-voorzitter Speelman is de conclusie duidelijk: "Het CvB kan en moet

de bevoegdheden van de OC's uitbreiden. OC's zouden verplicht instemming

of advies moeten geven op beleidsplannen. Dat heeft voordelen voor

iedereen. Allereerst kunnen plannen

verbeteren als ook het personeel daar

zijn mening over kan geven. Ten tweede wordt het draagvlak voor plannen

groter waardoor er, nadat er beslissingen zijn genomen, minder gedonder is

in de organisatie. Dat kost namelijk

ook veel tijd."

Werkdruk

Door de geringe invloed van de OC is

de animo om daar lid van te worden

niet groot. Daar komt de werkdruk nog

bij. Personeelsleden hebben wel wat

fseters te doen. De werkdruk speelt

ook de OC-leden zelf parten. Doordat

ze meestal maar met weinigen zijn,

komen zij bijvoorbeeld niet toe aan

regelmatige, goede communicatie met

hun achterban. "We moeten medewerkers die zich inzetten voor een betere

organisatie door in de OC te gaan zitten, daartoe beter in de gelegenheid

stellen door ze in hun werk en OCtaken meer te ondersteunen" concludeert Kees Speelman. (LL)

Belangrijkste conclusies

OC-enquête

OC's hebben te weinig bevoegdheden

bestuurders leggen veel zaken

niet voor, tenzij OC's erom vragen

het contact met bestuurders kan

intensiever zijn

leden strikken voor OC's is lastig,

vooral door de werkdruk

de communicatie van OC's met hun

achterban kan beter

het personeel is niet altijd

betrokken

de relatie van OC's met de OR is

redelijk tot goed

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000

Ad Valvas | 692 Pagina's

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 466

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000

Ad Valvas | 692 Pagina's