Ad Valvas 2000-2001 - pagina 601
AD VALVAS 28 MEI 2001
PAGINA 5
Sociaal-psychologe promoveert op rouwverwerking door ouderen
Weetjes zappen
Na tientallen jaren weer alleen
Turkse jongeren
Turkse migranten in Nederland
zijn zich pas echt voor het onderwijs aan hun kinderen gaan interesseren, nadat ze hun ideaal van
terugkeer naar hun vaderland hadden opgegeven. Dat concludeert
antropologe Liesbeth Coenen in
haar proefschrift.
In eerste instantie was het ideaal
van veel Turkse migranten zo snel
mogelijk genoeg geld verdienen om
naar het eigen dorp terug te kunnen gaan. Kinderen die naar
Nederland overkwamen, konden
vanuit die visie beter geld gaan verdienen dan langdurig onderwijs
volgen. N u de meeste Turkse
gezinnen denken dat hun toekomst
in Nederland ligt, is goed onderwijs voor hun kinderen een belangrijk middel geworden voor sociale
vooruitgang. De antropologe verwacht dan ook dat de leerprestaties
van Turkse jongeren de komende
jaren drastisch zullen verbeteren.
(DdH)
Pendelen
Berna van Baarsen met haar bejaarde paranimfen Madeleine Emmei^Hochheimer (90, rechts) en Ellen Hertz-David (87)
Hoe erg is het om op latere leeftijd je partner te verliezen?
Sociaai-psycliologe Berna van Baarsen vroeg het aan 111
mensen, en ontdeltte dat er verschillende vormen van
gemis zijn. 'Ouderen wordt na het overlijden vaak aangeraden om andere mensen op te zoeken. Maar dat hoeft geen
waarborg te zijn tegen eenzaamheid.'
Yvette Nelen
Vaak wordt beweerd dat het erger is
om een partner te verliezen op jongere
dan op oude leeftijd. Dat iemand op
zi)n of haar tachtigste weduwnaar of
weduwe wordt, ligt nu eenmaal meer
in de lijn van verwachting en zou dus
beter te accepteren zijn. "Toch ben ik
hier niet van overtuigd", stelt sociaalpsychologe Berna van Baarsen. "Het
gaat vaak om een groot verlies. De
meeste mensen hebben al die jaren
zoveel gedeeld."
Van Baarsen promoveert deze week
aan de vu op een onderzoek naar
rouwverwerking door ouderen van wie
de partner net is overleden. Ze wilde
graag weten hoe het verwerken van
het verlies verloopt en wat er allemaal
meespeelt bij rouwverwerking. Hierbij
keek ze naar het belang van factoren
als een sociaal netwerk, opleiding,
inkomen of gezondheid, en ook naar
persoonskenmerken, zoals iemands
eigenwaarde of persoonlijke omgang
met stress.
Van Baarsen vond 111 mensen tussen de 55 en negentig jaar bereid
om mee te werken aan haar onderzoek. Zi) werden na de dood van
hun partner vijf keer persoonlijk
ondervraagd, telkens met een tussenpoze van ongeveer een halfjaar.
De meesten van de ondervraagden,
ruim tweederde, waren vrouw. D e
geïnterviewden kwamen uit het
bestand van de zogenaamde Nestorstudie, een landelijk onderzoek naar
sociale netwerken onder ouderen,
betaald door het NWO. Via de
Nestorstudie zijn gegevens verzameld van zo'n 4500 ouderen, woonachtig in drie regio's verspreid over
Nederland.
Niet zo gladjes
"Verschillende onderzoekers gaan
ervan uit dat het rouwproces verloopt
volgens een vast patroon", vertelt Van
Baarsen. "Eerst komt het protest, dan
de ontkenning, en pas later volgt het
accepteren en gaat men het leven
opnieuw op orde brengen. Deze
schets is misschien een goede houvast
voor mensen die proberen om te gaan
met het verdriet. Maar uit de interviews blijkt dat het rouwproces in
werkelijkheid helemaal niet zo gladjes
verloopt. Het ene moment stopt
iemand het verlies weg, en het volgende moment gaat hi) of zij de confrontatie aan."
Van Baarsen ontdekte dat het bij
rouwverwerking zinvol is om een
onderscheid te maken tussen het
gevoel van emotionele eenzaamheid,
- het gemis van een intiem contact en dat van sociale eenzaamheid, het
gemis van een groter sociaal netwerk.
Ouderen blijken vlak na het overlijden
van hun partner vooral kwetsbaar
voor emotionele eenzaamheid; de
sociale eenzaamheid blijft vaak gelijk.
Van Baarsen: "Ouderen wordt na het
overlijden vaak aangeraden om andere
mensen op te zoeken. Maar dat hoeft
dus geen waarborg te zijn tegen eenzaamheid."
Meestal neemt de emotionele eenzaamheid na een tijdje weer af. Maar
hoezeer iemand zijn leven met plezier
kan oppakken, verschilt sterk per persoon. Zo staan Van Baarsen de
gesprekken met een 75-jarige vrouw
nog bijzonder bij. "Vlak na het overlijden van haar man had de vrouw
het erg moeilijk. Problemen met haar
kinderen leverden veel extra stress
op. Anderhalf jaar later was ze helemaal opgebloeid. Ze zag er ook echt
anders uit. T o e n kon ze pas toegeven
dat het huwelijk met haar man haar
niet altijd even gelukkig had
gemaakt."
Hoogbejaarde
paranimfen
Negentig-en-een-half is Madeleine Emmer-Hochheimer. Samen
met haar vriendin Ellen HertzDavid van 87 zal zij Berna van
Baarsen als paranimf bijstaan tijdens de promotieplechtigheid.
"Dit onderzoek is uitgevoerd door
jonge mensen, maar het gaat over
oudere mensen", vertelt Berna.
'Zij hebben alle kermis waar wij
naar op zoek zijn. Daarom moesten zij mij ook bijstaan, vond ik."
D e paranimfen ver^oillen vooral
een symbolische functie. Ze zijn
allebei weduwe, maar hebben niet
meegedaan aan het onderzoek van
Berna. "Daarvoor ben ik al te
lang weduwe", legt EmmerHochheimer uit. "Mijn vriend
stierfin 1981." Mevrouw EmmerHochheimer IS de oma van Berna's vriend. Haar vriendschap met
Ellen Hertz-David gaat al héél
lang terug, "zeker 75 jaar".
Of ze nu zenuwachtig is voor de
plechtigheid? "Welnee. Ik zal wel
meevoelen, want het moet voor
Berna doodeng zijn." En wat zal
ze doen als Berna haar hulp
onverhoeds toch nodig heeft?
"Dan roep ik gewoon: 'Ik pas!'"
Peter Strelitski
Van Baarsen vond een paar opmerkelijke verschillen tussen rouwverwerking bij mannen en bij vrouwen. "Het
hebben van een intieme vriendin kan
helpen tegen de eerste emotionele
eenzaamheid. Je kunt met die vriendin
allerlei persoonlijke zaken bespreken.
Maar bij vrouwen kan juist het hebben van zo'n vriendin op de langere
duur een negatieve uitwerking hebben. Zij zijn afhankelijk van die vriendin. Dat belemmert het aangaan van
nieuwe contacten. Voor mannen was
het hebben van een goede vriendin
geen belemmering voor andere contacten."
Extra gemis
Mannen zijn daarentegen weer kwetsbaarder voor veranderingen in hun
financiële situatie, zo wijst het onderzoek uit. Ook al gaan zij er na het
wegvallen van hun partner financieel
gezien meestal minder op achteruit
dan vrouwen, zij voelen die achteruitgang des te sterker. "Deze mannen
hebben hun hele leven gewerkt en
geld verdiend. Zij vinden dat een
extra gemis."
Het onderzoek levert nóg een interessant weetje op: veel vrouwen met een
hogere opleiding voelen zich in eerste
instantie eenzamer dan vrouwen met
een lagere opleiding. Vrouwen met
een lagere opleiding hebben meestal
een hechter sociaal netwerk. Daar
staat wel weer tegenover dat vrouwen
met een hogere opleiding vaak op den
duur beter in staat zijn om hun leven
opnieuw in te richten en andere contacten aan te gaan.
De weetjes intrigeren, geeft Van Baarsen toe. Maar uiteindelijk is de
samenhang tussen persoonlijke
omstandigheden en karaktereigenschappen belangrijker dan sekseverschillen en sociale klasse alleen. "Het
gaat om wat mensen nog van het
leven verwachten en wat waargemaakt
kan worden. Lang niet alle behoeften
zijn haalbaar. Die moeten regelmatig
bijgesteld worden. Daar moeten hulpverleners rekening mee houden."
Mensen veranderen liever van baan
dan van woonplaats. Dat blijkt uit
een onderzoek van vu-promovendus Arno van der Vlist naar pendelgedrag in Nederland. Een lange
woon-werkafstand is voor de meeste mensen geen reden om te verhuizen. Eerder zoekt zo iemand
een baan in de buurt van zijn
woonplaats.
Voor beleidsmakers betekent dit
dat het stimuleren van verhuizen
weinig verandert in het pendelgedrag van mensen. Een maatregel
als het verlagen van de overdrachtsbelasting bij het kopen van
een huis zal, volgens Van der Vlist,
daarom de gemiddelde woon-werkafstand nauwelijks verkleinen. Wel
lijkt de pendelafstand in de loop
van het leven van mensen af te
nemen, omdat gezinsleden h u n
woon- en werklocaties gaandeweg
beter op elkaar afstemmen. (WV)
Nekpijn
Nekpijn wordt vooral veroorzaakt
door het werk. Langdurig zitten,
hoge prestatie-eisen, onvoldoende
ontwikkelingsmogelijkheden en
weinig ondersteuning van collega's
verhogen de kans op nekpijn, zo
concludeert Geertje Ariëns in haar
promotieonderzoek. Zij vindt dan
ook dat om nekpijn en het ziekteverzuim daardoor te voorkomen, de
fysieke en sociale belasting op de
werkplek verminderd moet worden.
Nekpijn is in Nederland een veel
voorkomende klacht en reden voor
ziekteverzuim. Ariëns volgde drie
jaar lang 1800 werknemers uit 34
bedrijven. Aan het begin van het
onderzoek mat zij hun fysieke en
psychosociale belasting op het
werk. Ieder jaar liet zij de respondenten een vragenlijst invullen,
waaruit een duidelijk verband bleek
tussen werkstress en nekklachten.
(WV)
Botbreuken
Een botbreuk geneest sneller als op
de plaats van de breuk het natuurlijke eiwit OP-1 ('osteogenic protein-l') wordt toegediend. Dat
heeft Frank den Boer, algemeen
chirurg in opleiding, ontdekt. Het
eiwit stimuleert botgroei.
Ook vond Den Boer uit dat het
eiwit goed helpt bij het herstel van
verbrijzeld bot, dat gerepareerd
wordt met kunstbot. Dit maakt het
gebruik van kunstbot aantrekkelijker. Normaal wordt bij patiënten
met verbrijzelde botten een bottransplantatie uitgevoerd. Hierbij
wordt bot uit het bekken gehaald
en aangebracht op de plaats van de
breuk. Nadeel hiervan is dat de
patiënt vaak pijn krijgt op de plaats
waar bot is weggehaald. Den Boer
heeft de werking van het eiwit
onderzocht bij geiten en schapen.
Momenteel start mede in het vu
medisch centrum een groot onderzoek naar de werking ervan bij
mensen. (YN)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
Ad Valvas | 692 Pagina's