Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 535

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 535

8 minuten leestijd

AD VALVAS 26 APRIL 2001

PASSIE

PAGINA 7

VOOR

SPORT

' '^ZA'^S4J»

(9)

ik hang in iemands wiel en kan eindeloos dooi^aan' (

Voor veel studenten is sporten niet meer dan een manier om

de calorieën kwijt te raken die er door bier en veel snacken zo

makkelijk aanvliegen. Maar je hebt ook echte fanatiekelingen:

studenten die leven voor hun sport. Marjolein van der Krogt

(21) is vierdejaars bewegingswetenschappen. Als wielrenster

vreet ze wekelijks de nodige kilometers bij de IJSVU.

Annemieke Bosman

"Wat me aanspreekt aan wielrennen is het

drama. Dat zie je zeker bij de klassiekers

op tv. Veel mensen vinden wielrennen

monotoon, maar er gebeurt juist heel

veel: demarreren, iemand lossen, toch

weer terugkomen. Toprenners verliezen

bij echt zware etappes duizenden calorieën in een rit, ze geven nooit op, al krijgen ze een lekke band of gaan ze onderuit. Het is de dood of de gladiolen. Niet

bepaald gezond, maar dat is topsport

eigenlijk nooit. D e prestaties zijn het

belangrijkst. Dat is jammer, want daardoor krijg je van die dopingschandalen

waar wielreimen helaas vaak mee wordt

geassocieerd. Sommige mensen vinden

dat doping vrijgegeven moet worden,

zodat je een lekker spektakel op tv hebt

en verder geen gezeur. Maar ik ben het

daar absoluut niet mee eens. De essentie

van sport is voor mij dat je iets op eigen

kracht bereikt, dat het gezond is. Van

doping is lang niet altijd duidelijk wat het

uiteindelijk met je lichaam doet, dus verder dan een vitaminepilletje slikken zou ik

zelf nooit gaan.

Met trainingen rijd ik me helemaal kapot.

In twee uur leg je zo'n zestig kilometer af

en dat is echt afeien. Soms kom ik thuis

en dan ben ik zo moe dat ik m ' n fiets

nauwelijks de trap op getild krijg. Maar

juist dan voel ik me zeer voldaan. Als ik

iets doe, wil ik het goed doen. Met training kan ik er dan ook slecht tegen als

iemand sneller is dan ik. In het dagelijks

leven niet, hoor! Als ik naar de stad fiets,

vind ik het alleen erg als ik door een oud

dametje word ingehaald, haha. Maar op

blaren

opie

vimers

24 uur per dag supersnel chatteri/

emailen, surfen en internetten vanuit de

grootste internet cafés ter v/ereid.

verythiitg

"" largest Internet cafés

In Amsterdam @ Reguliersbreestraat (Rembrandtplein)

en @ Damrak (Centraal Station)

Anje Kirsch

TiTi

een training denk ik zo niet. Ik hang in

iemands wiel en wil niet loslaten, kan eindeloos doorgaan. Ik haal dan meestal

meer rendement uit het fietsen dan wanneer ik er alleen op uit ga.

Omdat ik nogal blessuregevoelig ben,

vrees ik dat op topniveau wielrennen er

voor mij niet inzit. Dat is irritant, want ik

hou ervan zoveel mogelijk uit mezelf te

halen en dan wil ik ook kunnen doorgroeien. Ik zou graag kopman willen zijn,

lekker knallen. Uiteindelijk ga ik liever

zelf voor de winst dan dat ik een ondersteunende functie in de ploeg heb. Maar

met IJSVU zijn we bezig een ploegentijdrit

voor studenten te organiseren en dat

wordt denk ik óók spannend.

Behalve over doping is er bij het wielrennen ook een tijdje veel over anorexia te

doen geweest. Leontien van Moorsel

maakte toen bekend dat ze eetstoornissen

had gehad, omdat ze zo licht mogelijk

wilde zijn. Daar heb ik zelf gelukkig geen

last van. Ik eet af en toe rustig een pak

koekjes leeg, al kan dat natuurlijk niet al

te vaak. Verder hoef ik niet veel te laten

voor het wielrennen. Ja, de trainingen

gaan vóór een leuke afspraak, dat is zo.

Maar dat wil ik nou eenmaal graag, dus ik

zie het niet als een opoffering."

Ingezonden Mededeling

C hotten

,w-i^ ^

Marjolein van der Krogt: 'Verder dan een vitaminepilletje slikken zou ik nooit gaan'

BaMa-nestor ziet ideeën eindelijk werkelijkheid worden

'We moeten af van het

studierichtingenstelser

Jaren geleden raadde liij het

ai aan, nu gebeurt liet: het

hoger onderwijs stapt over

op het bachelor/mastermodel. Professor H. Adriaansens, destijds lid van de

Wetenschappelijk Raad voor

het Regeringsbeleid, heeft

zijn eigen aanbevelingen al

eerder in de praktijk

gebracht. De grote omslag

moet nog komen, zegt hij.

'We hebben een voorsprong

in Europa. Die moeten we

cashen.'

invoeren. Inmiddels zijn alle Nederlandse universiteiten er druk mee.

Maar, waarschuwt Adriaansens nu, die

zijn niet klaar als ze de bestaande studierichtingen opknippen in een driejarige smdie tot bachelor met daarna een

masterstudie. "De meest wezenlijke

omslag moet nog gemaakt worden,

vooral in de bachelorstudies."

"De analyse van destijds geldt nog

steeds", zegt Adriaansens. "Universitair onderwijs had en heeft drie verschillende doelstellingen: academische

vorming bieden, nieuwe generaties

wetenschappers kweken en academische professionals opleiden. Dat is

door elkaar gaan lopen en daardoor

zijn waterige compromissen ontstaan.

In het model met brede bachelors en

gespecialiseerde masters worden die

doelstellingen apart gezet, maar toch in

onderlinge samenhang gehouden."

Hanne Obbink/HOP

"De meest wezenlijke omslag die het

hoger onderwijs moet maken is die van

oriëntatie op aanbod naar oriëntatie op

vraag", zegt professor H. Adriaansens,

tegenwoordig decaan van het University College Utrecht (ucu). "Universiteiten moeten zich niet richten op wat ze

te bieden hebben, maar op wat er

gevraagd wordt. N u nog zetten faculteiten een smdierichting in elkaar en

zeggen tegen smdenten: zo moet je het

doen. hl de bachelorfase moet dat

straks anders: de cursus wordt de standaardeenheid van het onderwijs. Uit

dat cursusaanbod moeten smdenten

hun keuzes kunnen maken - zij het dat

ze gebonden zijn aan regels die het

wetenschappelijk gehalte garanderen."

Zes jaar geleden liep Adriaansens ook

al voor de troepen uit. Namens de

Wetenschappelijke Raad voor het

Regeringsbeleid schreef hij dat de universiteiten moesten overstappen op het

bachelor-mastermodel. Die gedachte

viel slecht. Vlak daarvoor was het eerste paarse kabinet aangetreden met het

plan anderhalf miljard te bezuinigen op

het hoger onderwijs. De universiteiten

zagen de bui al hangen; nu kregen ze

nog geld voor vieqarige studies, maar

het kabinet zou het WRR-pleidooi kunnen aangrijpen om slechts te betalen

voor driejarige bacheloropleidingen.

Jarenlang lag Adriaansens' rapport stof

te verzamelen. Maar het kan verkeren,

want in juni 1999 sprak minister Hermans met zijn Europese collega's af dat

zij het bachelor/mastermodel zouden

Bamboebos

Adriaansens kreeg er de handen niet

voor op elkaar. Daarom voerde hij zijn

eigen aanbevelingen maar uit en zette

het u c u op, dat een driejarige bacheloropleiding biedt. Smdenten volgen er

geen gewone smdierichting, maar kiezen een major (een hoofdvak) waarin'

meerdere disciplines aan de orde kunnen komen. Kiezend uit een ruim aanbod van cursussen bepalen ze zelf tot

op zekere hoogte de inhoud van hun

smdie.

"We moeten af van het bestaande studierichtingenstelsel", verklaan Adriaansens. "Universiteiten bieden een bamboebos van studierichtingen, en al die

richtingen zijn door jaren van bezuinigingen steeds smaller geworden. Dat

leidt tot vreemde paradoxen. Tachtig

procent van de arbeidsmarkt voor

hoger opgeleiden vraagt niet om een

specifieke opleiding. Desondanks richten opleidingen zich steeds meer op

specifieke beroepen. Ook smdenten

verdwalen in dat bamboebos. Niet

meer dan de helft van hen zou na drie

jaar voor dezelfde smdie kiezen."

Behalve door zijn brede oriëntatie valt

het ucu-onderwijs ook op door zijn

kleinschaligheid. Smdenten krijgen college in groepen van hoogstens 25 en

worden begeleid door mtoren. Adriaansens: "Onderwijs brengt meer tot

stand als smdenten hun docenten kennen. Aan de universiteiten wordt

zoveel nadruk op het cognitieve gelegd

dat ze dat vergeten. Ze zetten vijfhon-

derd smdenten in een zaal met een

MTV-presentatorachtige docent ervoor,

en denken dat dat werkt."

Toch pretendeert Adriaansens niet een

model te hebben uitgevonden dat alom

navolging verdient. Maar de tegenwerping dat onderwijs in kleine groepen te

duur is om op grote schaal te worden

ingevoerd, wijst hij van de hand. "Ik

krijg evenveel geld per smdent als

andere universitaire opleidingen, en

hier lukt het ook. Bovendien halen in

deze opzet twee keer zoveel smdenten

hun diploma, en dat doen ze ook nog

in de tijd die ervoor staat. Ucu-smdiepunten kosten dus nog niet de helft

van wat die elders kosten."

Netelig

Het u c u zet nu mastersmdies op.

Maar opvallend genoeg boeien de

kwesties die de politiek-besmurlijke

discussie daarover overheersen Adriaansens nauwelijks. Moet Hermans

betalen voor masters van twee jaar?

Moeten ook hbo-masters overheidsgeld

krijgen? Hoe streng mogen universiteiten hun mastersmdenten selecteren?

"Dat kristalliseert zich wel uit."

Namurlijk, een master moet twee jaar

duren, vindt Adriaansens, en als de

universiteiten met goede plannen

komen, moet Hermans betalen. Maar

veel hoeft het niet te kosten. "De

minister betaalt nu per smdent vier jaar

smdie, maar de meesten smderen langer. Daar betalen de universiteiten zelf

al voor." Even achteloos gaat Adriaansens voorbij aan de wens van de hogescholen dat him masters betaald worden. Hij ziet weinig toekomst voor

hbo-masters. "Iedereen zal een universitaire mastertitel willen halen."

Selectie? Evenmin een netelige kwestie,

vindt Adriaansens. "Mastersmdies

moeten hun smdenten selecteren.

Maar dat zal er niet toe leiden dat ze er

veel afwijzen. Integendeel, ik voorzie

dat ze alles in het werk moeten stellen

om klandizie te trekken. Ze zullen verdomd goede programma's moeten

maken. Want er is sterke concurrentie,

niet alleen van de arbeidsmarkt, maar

ook uit het buitenland."

Die internationale concurrentie is wél

belangrijk, vindt Adriaansens, maar

daarover wordt nauwelijks nagedacht.

"De Bologna-verklaring heeft de markt

geopend. Nu geven we goede smdenten een beurs om in het buitenland te

smderen. Dat moet straks ook andersom: universiteiten zullen scholarships

moeten bieden om buitenlandse smdenten hierheen te halen en goede

Nederlandse te behouden. Doen we

dat niet, dan worden onze masters

tweederangs. Door 'Bologna' wordt de

vraag naar kwaliteit heel belangrijk.

Nederland heeft een voorsprong in

Europa. Die moeten we cashen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000

Ad Valvas | 692 Pagina's

Ad Valvas 2000-2001 - pagina 535

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000

Ad Valvas | 692 Pagina's