Ad Valvas 2000-2001 - pagina 681
PERSONEELS
PAGINA 3
egeling 1998
sluiting tussen kerst en nieuwjaar.
Een verzoek om toepassing van de
4x9 variant wordt via de direct-leidinggevende ingediend bij de faculteits- of
dienstleiding. Een verzoek kan worden
geweigerd indien naar het oordeel van
de leiding zwaarwegende bedrijfsbelangen zich tegen toepassing verzetten: als zich bijvoorbeeld problemen
zouden gaan voordoen bij de onderwijsplanning, de roosteropstelling of
serviceverlening.
Valutering
De waarde van een dag is vastgesteld
op 4,9% van het maandsalaris. In dit
percentage is 8% vakantie-uitkering
opgenomen (artikel 7.1.2 lid 2 CAO).
De uitbetaling vindt plaats in de vorm
van een maandelijkse toelage. Voor
deeltijders geldt de regeling naar rato
van de werktijd.
Medewerkers wier 7 adv-verlofdagen
al worden gevaluteerd (AIO's, studentassistenten, z.g. kleine deeltijders die
in 1998 voor uitbetaling hebben gekozen) kunnen vanzelfsprekend geen
gebruik meer maken van deze mogelijkheid. Ook deelnemers aan de seniorenregeling hebben geen beschikking
meer over deze verlofdagen. Hetzelfde
geldt voor degenen die gebruikmaken
van de 4x8/5x8 weekvariant of degenen die de 7 verlofdagen inzetten in de
meerjaren-spaarvariant.
Een verzoek om valutering wordt eveneens via de direct-leidinggevende ingediend bij de faculteits-/dienstleiding.
Informatie
Medewerkers ontvangen binnenkort op
het werkadres een persoonlijke brief
over dit onderwerp.
"^Ö september 2ÖÖ1
HET DUBBELE
BESTAAN
Cozijnsen: "Een zeer groot percentage
van de veranderprocessen binnen
bedrijven, zoals privatiseringen,
fusies of het invoeren van nieuwe ICTsystemen, mislukt. Daarom ben ik me
gaan afvragen of wij organisatieadviseurs het in het verleden wel goed
hebben gedaan. Een oorzaak van veel
mislukte veranderingsprocessen is
dat het management te weinig ervaring heeft met dit soort processen en
zich daarom laat leiden door externe
adviseurs. Als de klus geklaard is,
vertrekt de adviseur, en is het risico
groot dat er weinig kennis achterblijft
waar de manager iets mee kan.
Zolang adviseurs te dominant zijn in
KATERN
Functïestelsel VU op de schop
De Vrije Universiteit gaat in samenwerliing met de andere universiteiten een nieuwe methode invoeren
voor het beschrijven en ordenen
van functies, de zogenaamde Haymethode. Dinsdag 26 juni l<regen
decanen, directeuren, hoofden van
diensten, personeelsfunctionarissen
en het Dagelijkse Bestuur van de
Ondernemingsraad uitleg over de
voordelen hiervan.
beter handvat."
Het puntensysteem maakt het ook
makkelijker om loopbaanplannen
te maken voor werknemers en hen
flexibeler in te zetten binnen de
organisatie. "Nu kunnen werkne-
"Van het oude systeem willen we af
omdat het niet meer aansluit bij de
moderne bedrijfsvoering van de
universiteiten", vertelt projectleider
Cer van der Zee. "De universiteiten
kennen nu een warboel van zo'n
duizend individuele functiebeschrijvingen, die bovendien vaak slecht
zijn bijgehouden. Dat aantal willen
we gaan terugbrengen tot een stuk
of 1 50 niet-persoonsgebonden
functieprofielen die een bredere
beschrijving geven van werkzaamheden."
De Hay-methode wordt wereldwijd
gebruikt in profit- en in non-profitorganisaties. De methode weegt de
bijdrage die elke functie levert aan
de doelstellingen van de organisatie
en vertaalt dat in een puntental. De
huidige methodiek is vooral gericht
op het beschrijven van taken en
niet op de resultaten die met de
functie bereikt moeten worden.
In het nieuwe systeem krijgen de
werknemers meer duidelijkheid
over de verwachtingen die bestaan
over hun bijdragen aan de organisatie-eenheid. Van der Zee: "Met
een wetenschapper kun je bijvoorbeeld afspraken maken over het
aantal publicaties dat hij in eenjaar
redelijkerwijs kan realiseren in een
wetenschappelijk tijdschrift. Haalt
hij dat niet, dan kun je het erover
hebben waar dat aan ligt. Dan kun
je bijvoorbeeld als werkgever tot de
conclusie komen dat de faciliteiten
onvoldoende zijn. De nieuwe functieprofielen geven daarvoor een
nieuwe rollen een werknemer moet
vervullen om een hoger puntenaantal te krijgen, zonder dat er bevordering naar een andere functie
nodig is. Het puntensysteem maakt
het ook mogelijk om de zwaarte
van verschillende functies te vergelijken, zowel binnen als buiten de
VU."
Volgens de planning van de
Vereniging van Samenwerkende
Nederlandse Universiteiten (VSNU)
moet de Hay-methodiek in 2003
volledig zijn ingevoerd bij alle
universiteiten.
Van der Zee: "Vermoedelijk zijn we
aan het eind van dit jaar al klaar
met de beschrijving van alle wetenschappelijke functies. Die functiestructuur is zo anders dan die van
het ondersteunend en beheerspersoneel, dat het denkbaar is om het
systeem voor het wetenschappelijk
personeel al eerder in te voeren."
Foto Bram de Hollander
ustratie Len Munnik
Sommige hoogleraren werken voor een eJeeï van de tijd buiten de
Vrije Universttett. Het werk daarbuiten hangt vaak nauw samen miet
hun onder»«iijs en oniderzo-ek aan onze universiteft, Een serie initerviews
met deettijdhoo^gleraren over de relatie tussen wetenschap en praktijk,.
het veranderproces, is de kans dus
groot dat veel 'verandertrajecten'
mislukken."
Het is de laatste jaren modieus
geweest, vertelt Cozijnsen, om voor
van alles en nog wat adviseurs in te
huren. Deze mode heeft een duidelijke keerzijde: "Elke adviseur heeft zijn
eigen methode, en managers zijn
gewend daar geen vragen bij te stellen: de adviseurs zijn tenslotte de
experts. Laatst had ik een bespreking
met een aantal topmanagers van
ministeries die toegaven geen idee te
hebben hoeveel adviseurs er in hun
organisatie rondliepen en wat ze
eigenlijk deden. En daar gaat het fout,
want als de adviseurs weer zijn vertrokken, zijn het de managers die op
de ingeslagen weg door moeten gaan.
En bij het volgende verandertraject
komt er weer een andere adviseur
met heel andere ideeën."
De oplossing is dat managers veranderprocessen veel meer in eigen hand
moeten houden. "Managers kunnen
allerlei opleidingen hebben gehad,
maar het vak verandermanagement
beheersen ze nog te weinig." Sinds
een jaar kunnen zij de opleiding
Verandermanagement aan de faculteit
der Economische Wetenschappen en
mers vaak pas een andere functie
krijgen als er een vacature is, maar
met bredere functieprofielen is het
mogelijk om verschillende niveaus
te onderscheiden binnen dezelfde
functie. Dan kun je kijken welke
Cer van der Zee en Marjan van
Hunnik regisseren het invoeren
van nieuwe functiebesclirijvingen bij de VU.
Topmanagers leren anders veranderen
Anton Cozijnsen (52) merkt het aan
het begin van ons gesprek zelf maar
alvast op: hij is in een paradoxale
situatie terechtgekomen. Al bijna
25 jaar heeft hij een eigen organisatieadviespraktijk, maar als hoogleraar
Verandermanagement aan de faculteit
der Economische Wetenschappen en
Bedrijfskunde lanceerde hij onlangs
een theorie'die voor organisatieadviseurs niet zo gunstig uitpakt.
Externe adviseurs moeten zich volgens
Cozijnsen veel bescheidener opstellen
bij verandertrajecten in bedrijven.
JAARGANG 8 NR. 10
Bedrijfskunde volgen, waar Cozijnsen
verantwoordelijk voor is. In veertien
maanden worden de cursisten opgeleid tot Certified change management
master
De opleiding wordt ondersteund door
een digitaal leersysteem, en bestaat
uit intensieve cursusdagen met een
Foto Bram de Hollander
Prof. dr. Anton Cozijnsen
gastdocent, theoretische colleges en
een trainingskamp om de vaardigheden aan te leren. De cursisten werken
aan cases, waarin vanaf de beginfase
complexe veranderprojecten worden
opgebouwd. Met behulp van risicomanagement wordt een inschatting
gemaakt van de gevolgen van de
voorgenomen verandering, tot en met
het daadwerkelijke doorvoeren van de
veranderingen.
De weerstand van de werknemers
tegen veranderingen is een reëel probleem, zo blijkt tijdens het interview.
De vraag is hoe je werknemers die
door mislukte veranderpogingen in
het verleden apathisch en verandermoe zijn geworden, weer meekrijgt.
Het antwoord van Cozijnsen is: veel
eerder en sneller onduidelijkheden en
onzekerheden omtrent het verandertraject wegnemen. De nieuwe technologie biedt daartoe allerlei nieuwe
kansen. Klachten en observaties over
vorige veranderprocessen kunnen bijvoorbeeld worden vastgelegd in een
database, zodat niet telkens dezelfde
fouten gemaakt hoeven worden.
Vragen van werknemers over wat hen
boven het hoofd hangt, kunnen worden beantwoord via grafiekjes, filmpjes en een lijst van 'frequently asked
questions' (FAQ) in de computer.
Cozijnsen geeft vervolgens aan dat
het "optuigen" van een opleiding hem
niet in de koude kleren is gaan zitten.
Officieel is hij voor twee dagen per
week aangesteld, maar in de praktijk
blijkt het onmogelijk om een dergelijke onderneming binnen die tijdslimiet
De VU heeft intussen Marjan van
Hunnik aangesteld als vakinhoudelijk deskundige, getraind in het
werken met de Hay-methodiek.
Zij gaat in overleg met bestuurders,
leidinggevenden en de medewerkers in kwestie en samen met Hay
Management Consultants de nieuwe
functiebeschrijvingen maken.
Tijdens het project zal er vier keer
een informatiebulletin voor het personeel verschijnen. (FvK)
op te zetten. Het kost hem eerder vier
dagen. Cozijnsen vindt het jammer
dat de universiteit op centraal niveau
dit soort projecten niet wat structureIer ondersteunt, of het nu in de vorm
van geld of van faciliteiten is.
Uiteindelijk is het ook in het belang
van de faculteiten en de universiteit
dat er topopleidingen komen die kunnen concurreren met Europese topinstituten. Het is niet alleen imagoversterkend, maar het genereert ook
extra gelden, waarmee weer toponderzoekers gefinancierd kunnen
worden. Cozijnsen vindt dan ook dat
zijn opleiding bestaansrecht heeft, als
er kwalitatief goede input blijft komen
vanuit onderzoek naar verandermanagement.
Bij alle drukte rondom de opleiding
heeft Cozijnsen nog allerlei andere
bezigheden. Behalve het werk voor
zijn eigen adviespraktijk, begeleidt
hij promovendi - iets wat officieel niet
tot zijn takenpakket behoort - werkt
hij mee aan boeken, publiceert artikelen en werkt nog een dag per week
aan de opleiding Arbeids- en
Organisatiepsychologie aan zijn oude
faculteit der Psychologie en
Pedagogiek. Al deze zaken heeft hij
nodig om de wetenschap van het veranderen enerzijds theoretisch uit te
diepen, en anderzijds in de praktijk te
toetsen.
Het blijft voor Cozijnsen een grote uitdaging om ondanks de geringe faciliteiten een 'gezond bedrijf op te zetten. "Aan de concurrenten en natuurlijk ook aan de faculteit wil ik laten
zien dat dit gewoon een hele goede
opleiding wordt." (EvdP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 augustus 2000
Ad Valvas | 692 Pagina's