Ad Valvas 2001-2002 - pagina 44
AD VALVAS 6 SEPTEMBER 2001
PAGINA 8
Hoogleraar schrijft over autorijles en onbeschofte buschauffeurs
Er is een dunne grens tussen leuk zijn en beledigen' Je moet de dingen op een leuke manier beschrijven, maar zonder mensen te bele digen, meent spijkerschrift geleerde Marten Stol. Hij begeeft zich regelmatig incognito onder de mensen en beschrijft op droogkomi sche wijze wat hij hen ziet doen. Onlangs verscheen van zijn hand een boekje over zijn verblijf in het Was senaarse onderzoeksinsti tuut NIAS. 'Kenners zeggen dat ik schrijf als Voskuil.' Peter Breedveld Zestig jaar is hij al, en pas onlangs heeft Marten Stol, hoogleraar Semiti sche talen en culturen, zijn verkeers theorieexamen gehaald. Met de hak ken over de sloot, dat wel. "Je mocht vijf van de vijftig vragen fout hebben, ik had vier fouten", vertelt hij. "Die theorie viel lang niet mee. Ik heb er heel hard op geleerd. Zat ik daar tij dens dat examen als oude bal tussen al die jongens en meisjes van rond de negentien jaar." Stol heeft inmiddels honderdtwintig rijlessen gehad. "Een aangenaam werkje, dat autorijden. A lles gaat van zelf, op de fiets moet je altijd flink trappen en als je dan tegenwind hebt..." A lleen met de bijzondere ver richtingen, zoals achteruit parkeren, gaat het nog niet zo goed. Stol heeft geen speciaal talent voor autorijden, dat had zijn instructeur hem ook al gezegd. Een beetje een rare man, die instructeur. "Zegtie tegen me dat ik 'm in de tweede versnelling moet zet ten 'als de motor erom vraagt'. Nou ja! Daar kan ik toch niks mee?"
Onbeschoft Zijn belevenissen als leerling van de autorijschool heeft Stol opgetekend in een boekje: Kleine Letteren aan de rol; een kamergeleerde verkast, uitgegeven in eigen beheer en in een oplage van hon
I derd exemplaren. Het gaat over zijn verblijf in het Netherlands Institute for Advanced Study (NiA S) in Wassenaar. Geleerden krijgen daar de gelegenheid om zich terug te trekken en aan een project te werken. Stol, zelf gespeciali seerd in het Babylonische spijkerschrift van 4000 jaar geleden, maakte deel uit van een groepje mensen dat zich bezig hield met de Griekse en Babylonische geneeskunde. In Wassenaar vergeleken
advertentie
Sport
VU
Lage tarieven A
Gezellige kantine Grote fitnessruimte Meer dan 25 sporten I Makkelijk bereikbaar
Prima sfeer
D
is er ook voor
medewerkers!!!
l_l
20 % korting op
KUM van Nijenrode
bijna alle sporten voor studenten die
Halte Uilenstede lijn 5 en 51
van Boshuizen KaïTjesiaan
«1 > 41
zij hun onderzoek. Stol heeft er boven dien aan een boek over Babylonische geneeskunde gewerkt. Niet dat we met Kleine Letteren aan de rol echt veel aan de weet komen over hoe het precies toegaat in het NIA S. Voor het grootste deel gaat het boekje over zijn mijmeringen, zijn herinnerin gen aan zijn studietijd, de fietstochten tussen zijn woonplaats Leiden en het NIAS in Wassenaar, het gedoe met strippenkaarten en onbeschofte bus chauffeurs en natuurlijk de autorijles sen die Stol besloot te nemen. Stol geeft vaker boekjes uit waarin hij zijn indrukken beschrijft. Eerder ver schenen onder meer Een profijtelijke boottocht, over een kerkendag in Kam pen en Onder elke groene boom een bekommerde, een verslag van een her vormde zendingsdag op de Veluwe. 'Kenners' verzekeren hem dat zijn droogkomische stijl doet denken aan de romancyclus Het Bureau van Vos kuil, vertelt Stol. Hij zou het zelf niet weten, want Voskuil heeft hij nooit gelezen. "Romans lezen vind ik tijd verspilling." Liever leest hij een bio grafie van een historische figuur 'die echt heeft bestaan', of een reisverslag uit de vorige eeuw.
Stomsten
Prettige begeleiding
Het sportcentrum
Mare de Haan
Spijkerschrittdeskundige Marten Stol noemt zichzelf een kamergeleerde
zich voor het eerst aan de VU inschrijven.
Sportcentrum
Sportcentrum VU Uilenstede 100, tel 4 4 4 5 0 9 0 , www.vu.nl/sport
Die drang om te schrijven komt voort uit zijn passie voor geschiedenis. "Over vijftig jaar ziet de wereld er misschien heel anders uit en dan kun nen mijn boekjes best nuttig zijn als ooggetuigeverslagen. Dat is zo jammer aan bijvoorbeeld de periode rond 1350; over het dagelijkse leven in die tijd weten we vrij weinig omdat er weinig van dat soort verslagen van zijn." Een toekomstige historicus die er over honderd jaar Kleine Letteren aan de rol op naslaat om uit te vinden wat er precies op het NIA S gebeurde, zal ech ter bedrogen uitkomen. Want de vol gende passage is, zegt Stol zelf, van A tot Z gelogen: "Wie waren de stomsten, de Babyloniërs of de Grieken? D e stemming wordt grim mig, de verwijten vliegen over de tafel, er wordt met deuren geslagen en eigenlijk zou de rector moeten ingrijpen. 'Jullie Kleine Letteren moeten je plaats kennen: daar beneden, in de tienpunts voetnoten. Onderkasten!" "Natuurlijk gaat het niet zo op het
NiAS", zegt Stol. "Beschaafde mensen slaan toch niet met deuren." Maar dan laat hij die toekomstige historici dus mooi in de kou staan. "Wat heb ik daar mee te maken?", zegt hij baldadig. "Ik schrijf primair voor mezelf. Het moet vooral leuk zijn, en zo puntig mogelijk." Hij wil ook graag door zijn tijdgenoten worden gelezen, want "ik ben wel een beetje ijdel, dat is wel waar." Zijn schetsen van verschillende ortho doxprotestantse gemeenschappen vonden ze bij de Kampense uitgeverij Kok in elk geval leuk genoeg om te bundelen en uit te geven in een 'echt' boek: Langs 's He (e) ren wegen; notities van een voorbijganger (1997). "Dat boek wordt in orthodoxchristelijke kringen veel gelezen omdat het het enige humoristische werk in zijn soort is", meldt Stol trots. Belangrijk is vol gens hem dat je de dingen 'leuk zegt', maar zonder dat je mensen beledigt. "Er is een dunne grens tussen die twee." Stol bezoekt dergelijke bijeenkomsten van christelijke groeperingen uit 'nieuwsgierigheid naar het verschijnsel mens'. "Hoe mensen kurmen reage ren, dat vind ik interessant." Zo is hij ook eens naar een bijeenkomst geweest van het medium Jomanda. "In de bus daamaartoe heb ik fantas tische gesprekken gevoerd. Een mevrouw liet me een fietssleuteltje zien dat was kromgebogen terwijl ze door Jomanda was genezen, zei ze. Maar er waren ook heel zielige verha len. Zo was er een mevrouw met een grote donkere bril, die was blind en Jomanda had haar daarvan niet kun nen genezen." In Bameveld heeft Stol, zelf gerefor meerd, een bijeenkomst van de 'zwar tekousenkerk' bijgewoond waar de 'bekommerden' (de kans dat je in de hemel komt is volgens hen maar heel klein omdat alles is 'voorbestemd') in hun zwarte kleding langzaam psalmen zongen en naar sombere preken luis terden. "Het zag daar in Bameveld letterlijk zwart van de mensen", herin nert Stol zich.
Plantjes Waarom is de spijkerschriftgeleerde dan eigenlijk geen sociologie gaan stu deren? " O , als student heb ik eens het standaardwerk van de sociologie aange schaft: Grondbegrippen van de moderne
I
sociologie, van Van D o o m en Lammers. Maar nadat ik tien bladzijden had gele zen, heb ik het teruggebracht omdat élke krantenlezer de dingen die daarin staan, zelf ook wel kan verzinnen." N u is hij dus één van de tweehonderd geleerden op aarde die zich met het spijkerschrift bezighouden en één van de twintig die met medische teksten uit het oude Babylonië uit de voeten kunnen. "Dat is ook weer niet zó moeilijk, hoor", tekent hij bescheiden aan. "Het is gewoon een kwestie van vaktermen uit je hoofd leren. A andui dingen voor 'armen' en 'benen' en o ja, je moet een hele reeks genees krachtige plantjes kennen." De relevantie van die oude medische teksten voor de huidige geneeskunde is nul komma nul. De Babyloniërs waren de grondleggers van de moder ne astrologie en de wiskunde, maar hun geneeskunde kwam vooral neer op voodooachtige rituelen. "Daarbij werden dan drankjes en geneeskrach tige plantjes toegediend. A ls de Baby loniërs de oorzaak van een ziekte niet wisten te achterhalen, dan werd die toegeschreven aan de goden." Eigen lijk, beaamt Stol, is er sinds die tijd dus niet zo gek veel veranderd. Stol noemt zichzelf een 'kamergeleer de', want hij is nog nooit in Babylo nië, tegenwoordig Irak en Syrië, geweest. "Ik heb daar niks te zoeken. Het gebied is volledig geïslamiseerd, van 'mijn' cultuur staat niks meer overeind." Ter plaatse kleitabletten opgraven trekt hem evenmin. "Moet je elke dag vroeg uit bed, het is daar warm, je behoefte moet je hangend boven een gat in de grond doen, mus kieten. Mij te primitief allemaal." Hi) lijkt te koketteren met zijn status als kamergeleerde, die zijn tak van weten schap nooit ergens anders heeft bedre ven dan in een studeerkamer. "Het is inderdaad een snobisme van me geworden", geeft hij grif toe. Inmiddels is Stol bezig met het kopen van een auto. Zijn oog heeft hij laten vallen op een Renault Kangoo. "Een lelijk autootje, maar wel lekker han dig. Daar gaat straks een hele nieuwe wereld voor mij open. Ik kan overal heen op elk moment dat ik wil. Of ik ga gewoon heerlijk rondrijden." Langs 's He(e)ren wegen; Notities van een voor bijganger, M. Stol. Uitgeverij Kok, Kampen,
1997.
J
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's