Ad Valvas 2001-2002 - pagina 506
AD VALVAS 23 MEI 2002
PAGINA 6
Studenten volgen een cursus om vrienden met zichzelf te voorden
'Maaike, je kunt zo goed luisteren' Op de cursus 'encouraging' van de VU leer je niet al 'tsjakka!' roepend in een doos met vogelspinnen te springen. Wel moet de cursus studenten afhelpen van het idee dat ze het nooit goed genoeg doen. 'Want daardoor wordt heel veel ellende in de wereld veroorzaakt', vindt cursusleider Ellen Kersten. We moed Visser Het gebrom van de airco overstemt de stilte in een achterafzaaltje in de verste vleugel van het hoofdgebouw. Door de dichte luxaflex kun je nog net de zon buiten zien. Het geeft een afgesloten sfeer, wat nog wordt versterkt door het tijdstip: halfzeven 's avonds. Een tijd waarop de meeste medewerkers en studenten al naar huis zijn. Twaalf studenten, onder wie drie jongens, zitten afwachtend in een kring. Niemand praat. Wanneer docente Ellen Kersten, een kleine grijsblonde vijftiger, het cursusmateriaal uitdeelt, begint iedereen meteen ijverig te lezen. De sfeer verschilt van die op de gewone werkcolleges die in dit zaaltje worden gegeven: iedereen is gemotiveerd, niemand komt te laat of zit erdoorheen te ouwehoeren. De mobiele telefoons staan uit. Als Kersten de deur dicht heeft gedaan, begint ze met een inleiding over de cursus 'encouraging'. Kort gezegd heeft de cursus, die uit vijf lessen bestaat, tot doel dat de studenten meer zelfvertrouwen krijgen en een positiever zelfbeeld. De vu geeft de cursus, die is geïnspireerd op de 'individual'-psychologie van Alfred Adler, twee keer per jaar aan maximaal twaalf deelnemers per groep. Meestal zijn er meer aanmeldingen dan plaatsen en komen studenten op een wachtlijst. De cursus bestaat al ongeveer vijf jaar op de VU en met positieve resultaten. "Studenten zeggen vrijwel allemaal naderhand dat ze er veel aan hebben gehad", aldus Kersten.
Piekeraar De deelnemers zien er op het eerste gezicht uit als gemiddelde studenten; het zijn niet de meest trendy types, maar zeker ook geen muurbloemen. In het voorstelrondje, waarbij iedereen moet opstaan en zich voorstellen, valt wel ineens op hoe verlegen sommigen zijn. Met afhangende schouders vertellen ze waarom ze naar de cursus zijn gekomen. Voor iedereen uit de groep was het een bewuste keuze, zo blijkt bij het voorstellen, omdat ze in hun studie, stage of contacten met vrienden tegen bepaalde problemen aan liepen. Een jongen met ruitjesblouse noemt zichzelf 'een piekeraar'. "Het sprak me aan dat je in de cursus probeert te leren om niet perfect te hoeven zijn", vertelt hij. Dat zinnetje in het informatieboekje blijkt meer mensen te hebben aangetrokken. Iemand anders vertelt dat hij wil leren beter voor zichzelf op te komen. Hij loopt daar nu tegenaan bij zijn co-schappen. "Maar eigenlijk heb ik dat mijn hele leven al", verduidelijkt hij. Een meisje vertelt dat ze meer zelfvertrouwen wil krijgen, om spontaner op andere mensen af te kunnen stappen. De eerste les is algemeen inleidend en
ustratie Jeannette Bos
gaat over bemoedigende situaties en eigenschappen. Iedereen moet een ervaring vertellen die hem of haar heeft bemoedigd. Een blond meisje met halflang haar vertelt dat de dag ervoor een jongen haar vertelde dat hij haar geestig, leuk en interessant vond. "Ik kon het bijna niet geloven natuurlijk, maar het was wel een bemoedigende ervaring", bloost ze. Een donkerharig schuchter meisje vindt het op zich al bemoedigend dat ze naar de cursus is gekomen. Vervolgens gaat het over bemoedigende personen. Wat voor eigenschappen hebben mensen naar wie je toe gaat als je een probleem hebt? Daarover denken de studenten in groepjes na. Vertrouwen en relativeringszin zijn belangrijk. Kersten, die zelf van oorsprong uit het lager onderwijs komt, laat de studenten vijf positieve eigenschappen van
zichzelf opschrijven. In de groep ontstaat gegiechel. "Vijf maar liefst. Dat is een heleboel", zucht een meisje. Een of twee eigenschappen schrijven de meeste studenten zo op, maar over de laatste moeten ze vrij lang nadenken.
Negatieve spiraal Kersten legt ondertussen uit dat het belangrijk is om eens aandacht te hebben voor je positieve eigenschappen. "Mensen zijn vaak zo gefocust op wat ze niet kunnen. Dat hebben we van jongsaf aan geleerd. Daardoor zien veel mensen helemaal niet meer wat hen nou juist tot een leuke of aardige persoon maakt. Het gevolg is dat je onzeker wordt en daardoor minder inbreng hebt, omdat je bang bent dat wat jij zegt toch wel niets zal voorstel-
len. En doordat je minder inbreng hebt, hebben andere mensen eerder kritiek op je, waardoor je negatieve zelfbeeld wordt versterkt." 'Encouraging' moet mensen uit die negatieve spiraal halen, door enerzijds aandacht te hebben voor iemands positieve kanten en anderszijds iemand te leren dat hij niet perfect hoeft te zijn. Als de studenten hun positieve eigenschappen hebben opgeschreven, moeten ze de belangrijkste noemen en kort toelichten. Vervolgens moet degene naast hen een compliment geven waarin die eigenschap verwerkt zit. Het leidt tot tamelijk gekunstelde situaties waarin onbekenden elkaar complimenten geven in de trant van: "Maaike, je kunt erg goed luisteren. Zo goed dat mensen jou vaak opbellen als ze ergens mee zitten." Na de cursus zeggen verschillende studenten dat dit onderdeel hen een beetje te ver
ging. Het is overigens wel een manier om elkaar snel te leren kennen: van de meeste mensen die je maar een beetje kent, weet je niet wat zijzelf als hun positiefste eigenschap beschouwen, ledere les van de cursus behandelt een thema, zoals 'je eigen beste vriend(in) zijn' of 'omgaan met onvolmaaktheid'. Bij elke les krijgen de cursisten een opdracht mee naar huis, waarvan ze de volgende les in de groep verslag moeten uitbrengen. De eerste week moeten ze iemand uit hun omgeving bemoedigen, door gebruik te maken van een van hun eigen positieve eigenschappen. In het cususboek is te lezen hoe dat moet: 'Iemand een knipoog geven, een luisterend oor, een compliment, een aai over de bol of samen iets ondernemen.' Zo zullen in elk geval twaalf vrienden of familieleden van de cursisten een stukje blijer door het leven gaan.
EU-miljarden niet voor omstreden biowetenschap D e E u r o p e s e C o m m i s s i e gaat w e e r miljarden euro's aan onderzoek besteden. M a a r onder druk van h e t E u r o p e e s p a r l e m e n t blijven t h e m a ' s als k l o n e r i n g en g e n e t i sche m a n i p u l a t i e uitgesloten van EU-subsidie. Afgelopen week gaf het europarlement zijn fiat aan het Zesde Kaderprogramma voor gemeenschappelijk onderzoek. De komende vier jaar wordt hieraan 17,5 miljard euro uit-
gegeven, zeventien procent meer dan in het vorige onderzoekprogramma. Ook Nederlandse onderzoekers hebben de afgelopen jaren de weg naar de Brusselse subsidieloketten weten te vinden. De ervaring leert dat zes tot zeven procent van al die subsidie bij Nederlandse instituten belandt. Dat zou neerkomen op ruim 250 miljoen euro per jaar. In de herfst worden uit Brussel de eerste ^calk for proposals' verwacht. Net als voorheen zijn er relatief grote
bedragen bestemd voor biotechnologie, ICT en energieonderzoek. Dankzij de MKZ- en BSE-problemen is er nu ook een fors budget voor onderzoek aan voedselveiligheid. Onder druk van het europarlement zijn deze en andere 'maatschappelijke' thema's ruimer met onderzoeksgeld bedeeld. Ook hebben de volksvertegenwoordigers een jaarlijkse rapportage over de besteding van de onderzoeksmiljarden bedongen. Verder gaan er opnieuw miljarden naar biomedisch onderzoek. Over
nieuwe ontwikkelingen op dit terrein klonering, genetische manipulatie en embryo-onderzoek - is in Brussel en Straatsburg veel discussie gevoerd. Maar de standpunten bleven zozeer uiteenlopen dat deze onderwerpen grotendeels buiten het Europese onderzoeksprogramma zijn gezet. Landen met een ruimere opvatting over ethiek kunnen wel zelf onderzoek op dit terrein subsidiëren. In de nieuwe politieke verhoudingen is niet zeker of Nederland onder die rekkelijken te rekenen valt.
De spraakmakende wetenschapsorganisaties in Europa zijn nog niet tevreden met de Brusselse plannen. Juist afgelopen week heeft een groep van zeventig kopstukken, onder leiding van de Zweedse academie van wetenschappen, hierover een verklaring uitgebracht. De groep vindt dat er te veel nadruk ligt op toepassingsgericht onderzoek. Wil Europa een concurrerende kenniseconomie blijven, dan moet er meer geld komen voor fundamenteel onderzoek. (FS,PH/HOP)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's