Ad Valvas 2001-2002 - pagina 244
PAGINA 1 6
AD VALVAS 6 DECEMBER 2001
Lode wijk Lens
Teckel Uit kleine, schijnbaar onbeduidende d i n getjes kun je vaak wezenlijke zaken afleiden. Zo ben ik tot de conclusie gekomen dat ik een imagoprobleem heb. Op de l e zers van Ad Valvas kom ik over als een miezerig mannetje. E e n zielenpoot, een ouwe zeur. Vorige week kreeg ik een e-mail van René van Woudenberg, van de faculteit Wijsbegeerte. Hij reageerde op mijn c o l u m n van twee weken geleden, toen ik een gesprek beschreef tussen twee studentes over het creativiteitsaspect van taal. Een van de twee probeerde de zeer ingewikkelde materie helder te krijgen m e t een voorbeeld. Ze redeneerde: als je een hond zag lopen, en je dacht: 'daar loopt een hond', misschien was het creatieve aspect dan wel hoe je aan dat idee uiting gaf in woorden. Zo zat het dus niet, mailde René van Woudenberg, die in het stukje zijn eigen collegestof had herkend. Een en ander had te maken m e t een theorie die zegt dat de betekenis van een woord een mentale voorstelling is. Maar, o m bij het voorbeeld van die hond te blijven, hier zat een probleem. Want niet iedereen heeft dezelfde mentale voorstelling van een hond. "Ik heb bijvoorbeeld de voorstelling van een D e e n s e dog", schreef Van Woudenberg. "Maar jij denkt misschien aan een teckel." D a t b e doelde hij m e t dat creativiteitsaspect. D i e teckel nu heeft mij aan het filosoferen gezet. Want volgens de theorie van de schijnbare trivialiteiten was het geen toeval dat Van Woudenberg voor zichzelf de D e e n s e dog koos, en voor mij de t e c kel. Blijkbaar k o m ik op h e m over als een teckeldenker. E n als dat zo is, m i s schien zijn er dan wel m e e r m e n s e n op wie ik die indruk maak, waarmee mijn imagoprobleem een feit is. Want ik ben absoluut geen teckeldenker. Wat ik hier verder m e e m o e t , weet ik nog niet. Maar opbeurende mailtjes van m e n s e n die mij een hart onder de r i e m willen steken, zijn natuurlijk welkom. lodewijklens@hotmail.com
Het sleutelgat
voorbeeld niet iets leuks aan de muur gehangen, maar iets nuttigs: de kaart van Amsterdam. Maar ze is niet erg tuttig, er hangt geen grote spiegel aan de muur. Waarschijnlijk is ze een beetje alternatief en studeert ze iets als geschiedenis of sociologie. Ze heeft in elk geval wel dikke boeken voor haar studie." "Dit is een beetje kinderlijk ingericht met al dat speelgoed en die primaire kleuren", meent Angela Sarabdjitsingh (20), derdejaars biomedische wetenschappen. "En ik word ook niet vrolijk van het uitzicht. Nee, ik vind het niet mooi De kamer lijkt wel erg kaal en klein. Ik mis plantjes en een kast voor haar boeken. En ik zou iets leukers aan de muur hangen. Waarschijnlijk is de bewoner hier niet zo vaak, of ze woont er nog maar net." "Ik heb niet echt nagedacht over hoe ik deze kamer wilde inrichten", zegt Erlijn Elfeman zelf. "Het is een kamer voor een jaar in een verpleegstersflat. Als het niet tijdelijk was geweest, dan had ik wel de muren een kleurtje gegeven. N u heb ik vooral mijn eigen frutsels en foto's neergezet om het wat gezelliger te maken. Ik hou van grappige dingen in een kamer, zoals die pootjes onder het televisiekastje. Het is wel jammer dat de kamer klein is, ongeveer tien vierkante meter. Anders kon ik een echte bank neerzetten. N u kan ik maar een beperkt aantal dingen kwijt. Maar een echt nadee' is dat ik hier niet langer kan blijven. Ik hoop nog op tijd een andere kamer te vinden. Anderv moet ik bij mijn zusje en mijn vriendje gaan logeren."
Wat zegt de inrichting van je kamer over jouzelf? En klopt die indruk ook? Studenten en deskundigen gluren in de kamer van Erlijn Eifeman (22). De tweedejaars bij de verkorte opleiding culturele antropologie huurt voor 510 gulden per maand een kamer in AmsterdamCentrum. Tekst: Floor Bal, foto's: Peter Strelltski "Deze kamer is klein, maar optimaal ingericht", aldus trendwatcher Hanneke van der Linden. "Zo is het bed ook een bank en werkt de vlakverdeling op de grond erg ruimtelijk. Het meisje dat hier woont houdt erg van gadgets, zoals dat ronde jarenzeventigklokje. Er zijn elementen uit verschillende stijlen, zoals stede-
lijk design en natuurinvloeden, maar alles harmonieert met elkaar. Dat komt doordat alles dezelfde warme rode en gele tinten heeft. De bewoner van deze kamer is duidelijk een fijngevoelig iemand."
WU )i) ook met )<t kamer mAd Valvas' Of wil ie commentaar leveren' Stuur dan een e-mail naar baIlQ7{(; 70nnet.nl.
"Het meisje dat hier woont, vindt interieur niet zo belangrijk", denken Sylvia Zijl en Arno Schürfeld van designwinkel Anno. "Ze heeft geen leuke posters aan de muur, of een kastje voor haar boeken. Deze kamer interesseert haar niet echt. Maar de kamer is ook te klein om er echt iets mee te doen. En waarschijnlijk woont ze hier nog niet zo lang, anders zou ze die kaart van Amsterdam niet hebben opgehangen. Die televisietoren kan ze maar beter veranderen, alles is op erbovenop gestapeld. En ik zou die foto's en de wekker ergens anders neerzetten." "Het meisje dat hier woont is geen madeliefjespersoon, geen meisjesmeisje", vindt Josine Dicker (20), derdejaars psychologie. "Hier woont een georganiseerd iemand. Ze heeft bij-
Erlijn Elfeman
DE TAFEL VAN MELLE
De hel op aarde Met zijn psych praat Igor nooit over iets anders dan zijn podiumangst. Hij moet er even doorheen, heeft ze gezegd. Zenuwachtig kuchend draait Igor aan zijn versterker. Hij neemt een zuigende trek van zijn sigaret en mompelt een zinloos "cool". Als hij het vanavond niet doet, zal hij het nooit doen. Optreden, het is de hel op aarde. Maar een popgitarist die niet optreedt, is als een bakker die te bescheten is om zi)n zelfgebakken brood te verkopen. Dan kan hi) zijn gitaar net zo goed meteen ritueel m de fik steken. Bovendien: als hij op de oude voet doorgaat, kweekt hij nooit een eigen verzameling kwijlende groupies om zich heen. "Je moet er even doorheen",
heeft zijn psych gezegd. "Kleine stapjes nemen. Eerst voor een vertrouwde omgeving spelen." N u zegt ze dat elke week, want over iets anders dan zijn podiumangst hebben ze het niet. Maar dit keer voelde Igor de aandrang om het ook eens echt te proberen. Toevallig zit zijn muzikale inspiratie de laatste tijd in een enorme up. 's Nachts wordt hij bezocht door hemelse klanktapijten, doorsponnen met de zoetste melodieën, als in een eindeloze trip. 's Ochtends rent hij naar zi)n gitaar om alles vast te leggen, voor het hem ontglipt. Geweldig, zo'n staat van genade. Het is weer eens iets anders dan zijn normale, wat gelaten stemming, waarin alles wat hij bedenkt lijkt op een smakeloos herkauwen van afgezaagde muzak. Tegenwoordig lijkt Igor een direct lijntje te onderhouden met het goddelijke
pantheon van onsterfelijke pophelden. Toch blijkt het podium, zelfs tussen de schuifdeuren, nog even hoog en afschuwelijk als normaal. Igors drie gelegenheidstoeschouwers - Igors achtjange buurjongetje, de krantenbezorger en Melle - kijken hem neutraal aan. Verschrikkelijk. Kunnen ze niet een andere kant op kijken? Hij haat het als zijn normale, superrelaxte houding hem in de steek laat. Met trillende vingers slaat hij het eerste akkoord aan van zijn nieuwste liedje. Meteen begint de bank met de drie toeschouwers te golven. Het zweet pnkt in zijn oksels. Relax man, spreekt hij zichzelf zwakjes toe, maar het akkoord zweeft vals weg in de ruimte en hij valt stil. Igor heeft een totale black-out. Oké, als zij zich niet aanpassen, doet hij het wel: hij draait zijn publiek ostentatief de rug toe. Zo
This noot's for y o u (notenmousse) voelt hij alleen hun ogen nog in zijn rug prikken. Zijn handen gaan naar de snaren en ineens komt er iets opzetten. Een hossende hoempapa-muziek vult de kamer. Het is verschnkkelijk, maar het laat zich niet tegenhouden; zijn lichaam neemt het roer over. Als een oubollige bruiloftsmuzikant stampt hij met zijn voeten en zwaait hij zijn gitaarhals heen en weer. Ineens ziet hij zichzelf weer als twaalfjarige trompettist in het harmonieorkest over het dorpsplein van SintOedenrode lopen. Overal ziet hij brallende en schreeuwende gezichten. Als een waanzirmige raffelt hij alle honderd camavalskrakers uit de muzikale folklore van zijn geboorteplaats af, van De parkiet die leit op sterven tot Doe mij maar zachte bollekes. N a een paar uur draait hij zich uitgeput om. Zijn publiek is verdwenen. Toch gmg het wel lekker.
1^25 deciliter slagroom 'è'S^am'süïker 5Ö gram j>oedersuikër 5Ö grani hazëinöiën ï'ei T'eMëj^èïmscafé ï éetiepéïamarètió Klop de eierdooier met de nescafé, de basterdsuiker en twee eetlepels van de room au bain marie schuimig. Laat het mengsel, als het gebonden is, afkoelen, Klop de rest van de slagroom met de amaretto en de poedersuiker stijf en sla ook het eiwit stijf Maal de hazelnoten fijn en rooster ze in een droge koekenpan goudbruin. Meng ze, als ze zijn afgekoeld, met het dooiermengsel en de slagroom en schep er het eiwit door. Verdeel de mousse over twee glazen en zet ze een halfuur in de koelkast, (Annette
Wiesman)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's