Ad Valvas 2001-2002 - pagina 478
PAGINA 6
AD VALVAS 25 APRIL 2002
Tweedejaars politicologie werkt mee aan PvdA-campagne
Ik spreek mensen die mensen spreken die Melkert spreken' Melkert of Pronk heeft hij nog niet ontmoet, dus wat dat betreft valt de glamour van het campagnevoeren voor de Partij van de Arbeid een beetje tegen. Maar daar gaat het politicologiestudent Hayte de Jong ook helemaal niet om. Als rechtgeaarde sociaal-democraat wil hij zich inzetten voor de publieke zaak. 'Mijn eigen kleine steentje bijdragen aan het succes van de partij.' Peter Breedveld Voor Hayte de Jong (20) zal er niet veel veranderen door de val van het paarse kabinet. Zijn activiteiten als campagnemedewerker van de PvdA blijven dezelfde: media monitoring, het selecteren van relevante nieuwszremi uit de media, het assisteren van het rapid response-team, dat de politici snel voorziet van reacties op actuele kwesties en aanvallen van politieke vijanden, het helpen organiseren van special events, evenementen die tot doel hebben jongeren bij de politiek te betrekken. Maar ook: brieven in enveloppen doen, enveloppen van stickers voorzien en loopjongen zijn voor het campagneteam in het PvdA-hoofdkwartier aan de Amsterdamse Herengracht. Lijsttrekker Ad Melkert heeft hij nog niet persoonlijk ontmoet. Laatst wilde een journaliste van Vnj Nederland ook van alles van Hayte weten, want hij zou als campagnemedewerker wel 'dicht bij het vuur' zitten. Nou, niks is minder waar. Hayte spreekt mensen die mensen spreken die Melkert spreken, zo zit het ongeveer.
Leuke meisjes Begin dit jaar besloot hij om politiek actief te worden, toen hij een advertentie zag waarin de PvdA een stageplaats in het media monitoring-team aanbood voor politicologen in de dop. "Ik ben dan wel pas tweedejaars, maar ik ben toch gaan solliciteren." De stageplaats zou echter te veel van zijn tijd in beslag nemen. "Dat kon ik niet met mijn studie combineren." Hayte besloot toen om een paar dagen per week hand- en spandien-
Biologen zijn erg huiverig om met hun onderzoeksresultaten in de media te komen. Vijftig procent van hen communiceert zelfs nooit met niet-vakgenoten over hun onderzoek. Dat blijkt uit onderzoek van Jaap Willems en Betteke van Ruler. Weimoed Visser Biologen beschouwen zichzelf als open, toegankelijk en maatschappelijk betrokken. Zij reageren dan ook verbaasd op de eerste conclusies uit het onderzoek van Willems en Van Ruler, waaruit een heel ander beeld opstijgt: het klimaat op biologische faculteiten blijkt gesloten en wetenschappers zijn bang om te worden afgerekend op anikelen in de krant. Jaap Willems (docent wetenschapscommunicatie bij de faculteit Aarden Levenswetenschappen) en Betteke Van Ruler (directeur onderwijs bij de faculteit Sociaal-Culturele Wetenschappen) ondervroegen vijfhonderd biologen van de verschillende universiteiten naar hun contacten met de media. Die blijken ze verbluffend weinig te hebben. Reden om aan te nemen dat wetenschappers in andere vakgebieden communicatiever zijn, heeft Willems niet. Hij denkt dat bio-
Hayte de Jong wil straks eens kijken wat hij voor de gemeenscliap op Uilenstede kan doen sten voor de partij te gaan verrichten. Hij vervirig een week lang een media monitor die met vakantie was, "en sindsdien ben ik blijven plakken aan de Herengracht". Als media monitor hou je de actualiteitenprogramma's op de televisie en de kranten en tijdschriften in de gaten, legt Hayte uit. "Als er een relevant onderwerp aan de orde komt, bijvoorbeeld de discussie over de aanschaf van de nieuwe JSF-straaljagers, maak je daar een zo goed mogelijke samenvatting van en die stuur je op naar de politici die er wat aan kunnen hebben in de campagne."
Nee, hij doet het niet om leuke meisjes te ontmoeten. Hayte heeft het socialisme met de paplepel ingegoten gekregen. "Of socialisme...", zegt hij met een bedenkelijke frons. "Ik noem mezelf liever sociaal-democraat." Zijn vader is al zestien jaar prominent PvdA-politicus in de Friese gemeente Wymbritseradiel en sinds twee jaar is hij wat hij zelf noemt 'slapend lid' van de Jonge Socialisten, de jongerenafdeling van de PvdA. Van actief zijn voor de JS kwam het maar niet, vertelt Hayte, omdat hij nogal druk was met wedstrijdroeien voor roeivereniging Skoll. T o t hij die
advertentie zag in het blad van de JS, Lava. Het is een fijn team waarin hij werkt, vertelt Hayte. Veel jonge mensen, studenten ook. Wat hij zo leuk vindt, is dat iedereen streeft naar een gemeenschappelijk doel: zo veel mogelijk zetels voor de PvdA bij de volgende Kamerverkiezingen, "We zijn allemaal aan het helpen om de partij groot te laten worden door middel van een goede campagne. Ik vind het schitterend om daar mijn eigen kleine steentje aan bij te dragen." Op Paars III zit hij niet te wachten. "Ik zie een centrum-linkse coalitie van
Biologen durven niet in de krant logen exemplarisch zijn voor de andere exacte wetenschappen. Onderwerpen die interessant zijn voor een groot publiek zijn er genoeg in de biologie: het uitsterven van diersoorten, genetische manipulatie en klonen zijn slechts een paar voorbeelden. Maar het merendeel van de biologen zal nooit zelf contact zoeken met een journalist, ook niet als ze onderzoek doen met een grote maatschappelijke relevantie. Meestal hebben onderzoekers geen idee waar en hoe ze een journalist kunnen benaderen.
Collega's Typerend is dat negentig procent van de onderzochte biologen zelfs de naam niet kent van Dirk van Delft, chef wetenschap van NRC Handelsblad. Willems: "Veel biologen beweren wel dat ze geïnteresseerd zijn in de wetenschapskaternen van de kranten, maar dat blijkt niet het geval. Je kunt niet jarenlang collectief over zo'n naam heen lezen", aldus Willems. De uitkomst valt hem tegen. Hij had verwacht dat toch wel driekwart van de wetenschappers de bekendste Nederlandse wetenschapsjournalisten zou kennen. Ruim de helft van de biologen populariseert nooit en 85 procent is niet
getraind in communicatie. De kanalen om over onderzoek te publiceren zijn de wetenschappelijke vaktijdschriften. Wetenschappers vinden dat journalisten die maar moeten lezen als ze iets willen weten over nieuwe ontwikkelingen op hun vakgebied. Vrijwel geen enkele wetenschapper maakt zich erg druk om het grote publiek over nieuw onderzoek te informeren. "Dat zien wetenschappers als een taak van journalisten en voorlichters", vertelt Willems, die vindt dat biologen meer doordrongen zouden moeten zijn van het belang van media-aandacht voor hun onderzoek. "Het blijkt bijvoorbeeld dat onderzoek met een grotere naamsbekendheid gemakkelijker financiers krijgt en aandacht in gewone kranten is belangrijk voor de naamsbekendheid" aldus Willems. "Daarnaast hebben biologen natuurlijk gewoon een maatschappelijke verantwoordelijkheid om te vertellen over hun onderzoek, dat vaak door de overheid wordt gefinancierd." Dat biologen huiverig zijn om in de krant te komen, heeft volgens Willems te maken met de angst om afgerekend te worden door collega's. "In een krantenartikel kun je niet alle nuances en slagen om de arm handhaven, die je misschien in een wetenschappelijke publicatie zou doen. Bovendien moet
je iets zeggen over de maatschappelijke consequenties van je onderzoek. Dat zijn twee dingen die wetenschappers eng vinden. Speculeren hoort niet bij een wetenschappelijke houding, zoals die je wordt aangeleerd op de universiteit." Ordinaire jaloezie speelt waarschijnlijk ook een rol: collega's die zelf ook wel met hun onderzoek in de krant hadden gewild, zijn des te harder in hun oordeel, meent Willems.
Weinig efïect De hiërarchie van de universiteit bevordert de geslotenheid nog: eenderde van de wetenschappers voelt zich onder hun huidige leiding niet vrij om met de pers te praten. Contacten met de media lopen ook vaak via bestuurders of voorlichters, ontdekten Willems en Van Ruler. "Terwijl niemand beter kan vertellen waarom iets mooi onderzoek is, dan de onderzoeker zelf', vindt Willems. Zeven procent van de biologen is niet meer enthousiast te krijgen voor het populariseren van onderzoek, omdat ze in het verleden door hun leidinggevende zijn berispt voor contacten met de media. Deze groep doet geen pogingen de leidinggevenden van gedachten te veranderen, maar houdt voonaan zijn mond tegen journalisten, net als de rest.
Peter Strelitski
PvdA, CDA, GroenLinks en eventueel D 6 6 wel zitten. Hoewel, die Balkenende slaat de laatste tijd aardig rechtse taal uit. Een verbod op softdrugs, nou ja, zeg!" Hij is nu sinds januari bezig met de campagne. "Het heeft wel wat losgemaakt. Na de verkiezingen word ik politiek actief in Amstelveen. Ik woon op Uilenstede, ik zal straks eens kijken wat ik hier kan doen voor de gemeenschap. Dat is het mooie van politiek: dat je niet alleen voor jezelf bezig bent, maar voor de publieke zaak. Dat jij je best doet en dat anderen daar ook de vruchten van kunnen plukken."
Als wetenschappers dan toch bereid zijn een journalist te benaderen, hebben ze vaak nogal strikte ideeën over hoe deze zou moeten werken: net als in de wetenschap zou de jounalist alleen feiten moeten brengen, geen maatschappelijke interpretaties en moeten ze volledig zijn. Veel wetenschappers hebben er weinig begrip voor dat journalistieke communicatie anders verloopt. Willems: "Deze houding maakt zinvol populariseren soms onmogelijk. Wat heeft het voor zin als je uitlegt wat xenotransplantatie is, maar niets zegt over de medische toepassingen en de eventuele risico's?" Om biologen te leren hoe de media werken, geeft Willems aan de vu al meer dan tien jaar de cursus populariseren van wetenschap, waarin studenten leren schrijven en communiceren met niet-wetenschappers. In Nijmegen bestaat dit vak al 25 jaar. Veel van zijn studenten zijn in de journalistiek of de voorlichting terechtgekomen, maar sommigen ook in de wetenschap. Willems en Van Ruler hoopten verschillen aan te treffen in het communicatiegedrag van biologen aan de vu en de KUN en de andere universiteiten. Maar helaas heeft zijn vak weinig effect gesorteerd onder degenen die aan hun universiteit zijn blijven hangen: vuwetenschappers zijn net zo afhoudend en gesloten als de anderen.
na het Personeelskatern
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's