Ad Valvas 2001-2002 - pagina 416
PAGINA 4
AD VALVAS 2 1 MAART
Nieuw centrum wil geen exclusief 'christelijke pedagogiek' ontwikkelen
'Een neutrale opvoeding bestaat niet' Alle scholen, ook openbare, moeten aandacht besteden aan de levensbeschouwelijke en religieuze ontwikkeling van de leerlingen, vindt Siebren Miedema. Hij wordt het hoofd van het nieuwe VU Centrum voor Godsdienstpedagogiek en Godsdienstpsychologie.
Dirk de Hoog Met de komst van het centrum is bereikt wat de oprichters van de Hendrik Pierson Stichting in 1990 voor ogen stond, namelijk dat de VU systematisch aandacht zou gaan besteden aan onderzoek naar de godsdienstige opvoeding van kinderen, zegt het hoofd van het centrum, Siebren Miedema. Hij is sinds 1993 namens die stichting bijzonder hoogleraar voor het christelijk onderwijs. De Hendrik Pierson Stichting is opgericht door drie belangrijke organisaties uit het protestants christelijk onderwijs om meer wetenschappelijke aandacht te krijgen voor de religieuze opvoeding birmen het onderwijs. "Die aandacht was de afgelopen decennia behoorlijk verwaterd, maar gelukkig is er alom weer belangstelling voor levensbeschouwelijke zaken", aldus Miedema. "Mensen gaan minder bekrompen met religie om. Zelfs GroenLinks-voorman Paul Rosenmöller zegt in het openbaar dat hij zijn kinderen uit de bijbel voorleest." Miedema wil nadrukkelijk geen 'christelijke pedagogiek' ontwikkelen, maar houdt zich in brede zin met de religieuze ontwikkeling bij kinderen bezig. "Ik wil onderzoek stimuleren naar hoe de religieuze ontwikkeling bij kinderen plaatsvindt in het gezin, op school en binnen de kerk. Daarbij wil ik echt wetenschappelijk te werk gaan. Als je gegevens tegenkomt die je niet had verwacht, moet je die niet wegmoffelen, maar serieus nemen." Miedema heeft geen recept voorhanden voor een geslaagde levensbeschouwelijke opvoeding, maar vindt het wel belangrijk dat alle kinderen met verschillende levensvisies en religies in aanraking komen. "Het gaat niet om het dogmatisch overdragen van een levensbeschouwing. We moeten kinderen optimaal in de gelegenheid stellen een eigen levensbeschouwelijke identiteit te ontwikkelen en te vormen. Daarbij gaat
het vooral om zelfontwikkeling en zelfopvoeding, maar kinderen hebben wel arrangementen en begeleiding van hun opvoeders nodig bij die ontwikkeling." Veel ouders vinden het belangrijk dat kinderen een levenbeschouwelijke opvoeding krijgen, is de ervaring van Miedema. Daarom is het christelijk onderwijs nog steeds erg in trek, ook bij niet-kerkelijke ouders. Veel ouders hebben echter ook problemen met de religieuze opvoeding van hun kroost.
Bijzonder "Mensen denken soms dat ze als opvoeders gefaald hebben als hun kinderen niet precies hetzelfde geloven of niet meer naar de kerk gaan. Dat hoor je mij niet zeggen. Het gaat erom je kinderen de mogelijkheid te bieden zelf verantwoorde keuzes te maken." Hoewel Miedema zich vooral met het christelijke onderwijs en de christelijke opvoeding bezighoudt, claimt hij een goede levensbeschouwelijke opvoeding niet exclusief voor het christendom. "Mijn stelling is dat eigenlijk elke school, ook de openbare, bijzonder zou moeten zijn. Een neutrale opvoeding bestaat niet. Elk kind heeft recht op een levensbeschouwelijke opvoeding, waarbij het leert omgaan met verschillende opvattingen, culturen en godsdiensten. Ook vanuit een humanistische of islamitische invalshoek kan zinvol levensbeschouwelijk onderwijs worden gegeven. Daar hebben we ook studiedagen over gehouden. En vanuit het openbaar onderwijs bestaat wel degelijk interesse voor wat wij doen. In een multiculturele en ontzuilde samenleving kan je niet om een levensbeschouwelijke opvoeding heen." Voor eventueel negatieve kanten van een streng religieuze opvoeding wil Miedema zich niet afsluiten. "Binnen de faculteit Psychologie en Pedagogiek loopt momenteel een onderzoek naar
Je hoort Siebren Miedema niet zeggen dat opvoeders hebben gefaald als hun kinderen niet hetzelfde geloven
fundamentalistische vormen van opvoeding. Wetenschappelijk zijn er tot nu toe weinig aanwijzingen dat dit schadelijk voor kinderen is, maar
mochten daar toch aanwijzingen voor zijn, dan moet je dat onder ogen durven zien. Maar het gaat dan ook om algemeen pedagogische inzichten. Dat
je bijvoorbeeld een kind niet moet slaan. Net zo min dat je een kind niet moet indoctrineren, maar moet leren zich zelfstandig te ontwikkelen."
'Universiteiten zijn te conservatief voor fraude Terwijl het hbo dagelijks de pers haalt met nieuwe fraudeverdenkingen, blijft het wetenschappelijk onderwijs nog buiten schot. Logisch, zeggen de woordvoerders; de universiteiten zijn te degelijk voor fraude. Toch stuurde Hermans een lijst met lastige vragen rond. Blijft het blazoen schoon? Frank Steenkamp/HOP De eerste concrete fraudeverdenking tegen een universiteit moet nog steeds komen. Maar schoten voor de academische boeg zijn er wel geweest en dat zorgt ook voor nervositeit. Zo vroeg de Leidse universiteitsraad of 'zoiets' niet ook bij die instelling kon gebeuren. Volgens het college van bestuur is er geen reden tot zorg. Is het dan denkbaar dat de universiteiten immuun zijn voor het sjoemelvirus dat hogescholen heeft besmet? Jazeker, zegt een reeks woordvoerders. En sommige argumenten klinken onverdacht. "Wij zijn conservatieve instellingen", zegt de Nijmeegse collegevoorzitter Roelof de Wijkerslooth de Weerdesteijn. "En dat heeft voordelen." Zoals het bouwwerk van internationale academische normen, dat wordt bewaakt door hoogleraren en uit hun midden benoemde decanen en rectoren. De situatie in het hbo is anders. De grote hogescholen zijn in hun jonge bestaan al vele malen gefuseerd, en ook nog met kracht de markt op gestuurd. Dat maakt deze instellingen
minder robuust. Een hogeschoolbestuur kan vrij eenvoudig een nieuwe studie lanceren, zonder dat bestaande opleidingen medeverantwoordelijk zijn. Ook de universitaire financiering en controle werkt anders dan in het hbo. Volgens hun vereniging VSNU worden inschrijvingsgegevens van universiteiten al tien jaar door externe accountants gecheckt, op basis van een streng protocol. Voor spookstudenten zou weinig ruimte zijn. Voor wie zulke bezweringsformules wantrouwt, zijn er enkele nuchtere feiten. Sinds vele jaren zijn er maar dertien universiteiten. In dit wereldje kan men zich moeilijker verstoppen. Volgens de VSNU-woordvoerder zijn universiteiten ook minder afhankelijk van aantallen studenten of diploma's. Datzelfde meldt minister Hermans aan de Kamer. Maar het verschil is wel relatief: ook voor een universiteit is elk diploma tienduizend euro waard. Voor doctorsgraden geldt een veelvoud. Garanties dat de fraudegolf aan de universiteiten voorbij is gegaan, vallen dus nog niet te geven. Ook een uni-
versiteit kan verdienen aan gesjoemel met studenteninschrijvingen. Óp een Kamervraag of er in het wetenschappelijk onderwijs gefraudeerd kan zijn, was het antwoord van minister Hermans daarom volmondig: "Ja."
Drempel Dus heeft Hermans ook de universiteiten betrokken in zijn 'zelfreinigende' onderzoek, en stuurde hij hen afgelopen week zijn lijstje lastige vragen. Dat geeft een helder overzicht van manieren waarop een universiteit de afgelopen jaren had kunnen sjoemelen - op de rand van het toegestane of juist eroverheen. Zo zijn er vragen over buitenlandse studenten. Die komen nogal eens voor een korte talencursus. Ze blijven een geïsoleerde groep en hun gegevens zijn moeilijker te controleren. Een universiteit had zonder veel risico een groep Chinese cursisten - ten onrechte kunnen opvoeren als gewone student. T o t 1996 zou een jaar inschrijving al geld opgeleverd hebben. Inmiddels verdient een universiteit alleen aan einddiploma's. Dat verhoogt de drempel voor gesjoemel. Maar, vraagt de minister, kan het dat u wel eens diploma's uitreikt aan studenten die ook elders al een vergelijkbare opleiding hebben gevolgd? Ook deze praktijk is moeilijk te controleren. De vragenlijst van minister Hermans bevat meer doorkijkjes naar lucratieve
randgevallen. Over dubbelinschrijvingen, of ruimhartige vrijstellingen waarvoor toch subsidie gevangen wordt; over buitenlanders die omwille van hun visum als reguliere student ingeschreven staan; en over proefschriften waarvoor ook in het buitenland al subsidie is betaald. Na een blik op deze vragenlijst is het ondenkbaar dat er niets op tafel zal komen. Tegelijkertijd zal bijna alles wat de universiteiten opbiechten, binnen de bestaande regels blijken te vallen. Want er was niet zo heel veel verboden. En wat wel verboden was, is
moeilijk hard te maken. De Kamer kan daarom Hermans' aanpak wel wantrouwen, veel alternatieven heeft hij misschien niet. VSNU-woordvoerder Jan Snoeck is nog steeds vol vertrouwen. "Wij hebben nog geen enkele aanwijzing voor echte uitglijders van universiteiten. Wel komen er onduidelijkheden in de bestaande regels naar boven. Maar daar is dit onderzoek ook precies voor bedoeld." De volgende stap voor minister Hermans zal dan zijn om de marges van zijn subsidieregels te versmallen.
DE NIEUWE STELLING ^ Lezen studenten nog wel eens een boek? Niet voor hun studie, maar gewoon omdat het fantastisch is om een spannend, meeslepend of ontroerend verhaal te lezen? Het kostte Ad Valvas vorige week moeite studenten te vinden die konden vertellen wat hun favoriete boek over de liefde is. Vooral mannen lijken weinig te lezen. Het is toch armoede als je alleen maar studieboeken leest? G e e f ongezouten je m e n i n g over de stelling:
Wie alleen maar studieboeken leest, is een geestelijke armoedzaaier Reacties en suggesties voor nieuwe (actuele) stellingen mailen naar: redactie(S)advalvas. vu.nl.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's