Ad Valvas 2001-2002 - pagina 431
AD VALVAS 28 MAART 2002
PAGINA 7
Voorzitter ACTA-ondernemingsraad treedt af
Over eilandjescultuur en gebrek aan respect Decaan spreekt van treurige affaire
Peter Strelitski
Luc Habets adviseert: 'Hef de OR maar op'
De eerste A in ACTA staat voor 'academisch', niet voor 'apencentrum'. Dat hield Luc Habets, manager op de gezamenlijke tandheëlkundefaculteit van de VU en de UvA, zijn collega's wel eens voor. Begin deze maand stapte hij na vier jaar op als voorzitter van de ondernemingsraad bij ACTA. 'Een poppenkast', noemt Habets de OR. Peter Breedveld Het is onder meer het gebrek aan respect en waardering dat Luc Habets, manager van de afdeling orale functieleer en hoofd van de inte-
grale kliniek, heeft doen besluiten het bijltje erbij neer te gooien. "Als voorzitter moest ik vanuit de OR één gezamenlijk standpunt aan het bestuur voorleggen. Een bijna ondoenlijke taak in een orgaan met elf gekozen individuen. Ik deed mijn best om via praten, ontzettend veel praten, zo'n standpunt te vormen. Feitelijk deed ik het werk van onze decaan. Maar de decaan kan dat gewoon overrulen en dan was grote minachting vanuit de OR mijn deel. Ja, misschien wil ik wel eens een schouderklopje. Dat is toch niet zo abnormaal?" Maar ook door het bestuur van ACTA voelt Habets zich niet serieus genomen. Informatie over belangrijke maatregelen krijgt de OR vaak te laat of zelfs helemaal niet. Tegenover de raad van toezicht, die bestaat uit de collegevoorzitters van de vu en de UVA, Wim Noomen en Sijbolt Noorda, en een onafhankelijke voorzitter, is de OR vrij machteloos. "Wij moeten dan in grote lij-
nen ons gezamenlijke standpunt al klaar hebben, terwijl die raad van toezicht tijdens de vergadering nog allerlei details kan veranderen en toevoegen. Een verraderlijke tactiek vind ik dat: zit je tegenover de raad van toezicht, kun je niet eens vrij overleggen, omdat je op de lijn moet blijven die je vantevoren hebt bepaald, anders komt de consensus in gevaar."
Chaostheorie Er heerst een eilandjescultuur binnen ACTA, meent Habets. De afzonderlijke afdelingen zijn te veel in zichzelf gekeerd. Dat weerspiegelt zich volgens hem in de OR. "Er zitten mensen in uit persoonlijke onvrede, niet uit loyaliteit jegens ACTA." Discussies gaan in de OR maar zelden over de inhoud. Bovendien vindt Habets dat een aantal functies is ondervertegenwoordigd in de OR. "Vooral de tandartsen/docenten doen zich
AcTA-decaan Robert Bausch wordt even stil als hij hoort wat Luc Habets, tot voor kort voorzitter van de OR bij Tandheelkunde, allemaal dwarszit. "We hebben toch regelmatig contact, maar hebben het hier volstrekt niet over gehad. Het was allemaal altijd zeer positief, met een laag conflicmiveau." Dat de OR belangrijke informatie te laat of zelfs niet zou krijgen, noemt hij kretologie. "Dat roept elke OR altijd. Ja, ik weet dat de OR Habets op een gegeven moment belangenverstrengeling verweet, omdat hij de raad enthousiast moest krijgen voor plannen voor de stroomlijning van het klinisch onderwijs, die hij zelf had helpen voorbereiden." Habets had in de ogen van de OR te veel petten op, schat Bausch. "Het is vaak zo dat mensen het je kwalijk nemen als je in je werk boven het maaiveld uitsteekt." Bausch vindt de hele affaire 'uitermate treurig'. "Ik ben wel aan de vent gehecht." Het heeft ook te maken met de in 1997 ingevoerde MUB (Wet Modernisering Universitaire Bestuursorganisatie), waardoor universiteiten een bedrijfsachtige vorm van bestuur kregen, denkt Bausch. "Maar de universiteit is geen bedrijf en dat geeft zo'n OR iets krampachtigs." Ook Bausch vindt overigens dat de OR een slechte afspiegeling is van het ACTApersoneel. "Er zitten ook helemaal geen vrouwen in. Dus democratisch is de raad misschien wel, maar of ze ook representatief is, kun je betwijfelen." De huidige voorzitter van de OR, Joop Advokaat, spreekt alle kritiek tegen, behalve het feit dat de OR weinig representatiefis. "De OR is democratisch gekozen en als vooral tandarts-docenten zich kandidaatstellen, is het gevolg een OR zoals die nu is samengesteld", aldus Advokaat. (PB)
gelden, maar het ondersteunende personeel eigenlijk nauwelijks." Hoewel de OR zeker dingen voor elkaar heeft gekregen - zo werd een paar jaar geleden een aantal collegezalen gesloten wegens asbestgevaar -, noemt Habets de raad een tandeloos orgaan. Hij pleit voor het opheffen ervan. "Dan onstaat er automatisch wel weer een overlegstructuur, waarbij het personeel zijn standpunten bij het bestuur legt. Ik noem dat mijn 'chaostheorie'. In de huidige structuur is het ondoenlijk om de OR één unaniem standpunt naar voren te laten brengen. Vergeet niet, ik deed mijn OR-voorzitterschap erbij, terwijl de decaan fulltime decaan is."
Symposiumgangers concluderen: journalisten denken niet graag na over eigen missers
'Burgers krijgen de informatie die ze verdienen' Het leek wel of ze bang waren, de journalisten die waren uitgenodigd om te komen praten op het symposium Ethiek in de informatiesamenleving van het VUpodium. Ze kwamen en masse niet opdagen. Weimoed Visser "Geen enkele journalist wil hier komen vertellen of de journalistiek het goed of slecht heeft gedaan in Afghanistan. Half journalistiek Nederland heb ik gebeld, van de hoofdredacteur van het NOS-journaal tot mensen bij de kranten", vertelt dagvoorzitter Cees Hamelink (vuhoogleraar theologie) aan het begin van het symposium, zaterdag 23 maart. Kees Lunshof van De Telegraaf en Leonard Omstein van de ^rij Nederland zegden beide af. Journalist Hans Hupkes (verschillende media) stond er daardoor het eerste uur alleen voor in de discussie, die eigenlijk een forum had moeten worden. Ook aan het eind van de dag, bij de forumdiscussie over allochtonen in de media kwamen twee van de
zes aangekondigde journalisten niet opdagen. Zijn journalisten, die altijd de mond vol hebben over vrijheid van meningsuiting, bang om op een symposium voor hun eigen mening uit te komen? Het leek er wel op. Zo had Rachida Azough (de Volkskrant) afgezegd omdat haar werkgever het er niet mee eens was dat ze in haar vrije tijd kwam spreken over allochtonen in de journalistiek. Journalisten reflecteren niet graag op hun eigen rol en horen niet graag kritiek, was een van de conclusies tijdens de studiedag, die begon met bekende verhalen van journalistieke missers in de oorlogsverslaggeving: de foto's van Servische concentratiekampen tijdens de oorlog in Bosnië, die in 1992 door Britse journalisten in scène werden gezet en het wereldnieuws van een Koeweitse verpleegster, naar later bleek de dochter van de ambassadeur van Koeweit, die vertelde hoe Iraakse soldaten couveusebaby's op de grond vertrapten. De Nederlandse media worden steeds uniformer, omdat veel titels verdwijnen en samengaan. Daarmee worden ze ook conformistischer en kwetsbaarder voor de verhalen van spindoctors en PR-bureaus, volgens Hupkes. Voorzitter Hamelink illustreerde dit met een voorval dat hij zelf had meegemaakt:
"de Volkskrant vroeg mij ooit een verhaal te schrijven over de schendingen van de mensenrechten in Kosovo. Ik schreef dat verhaal. Het werd alleen een beetje een ander verhaal dan zij zich hadden voorgesteld: over dat er wel eens andere zaken ten grondslag konden liggen aan de internationale verontwaardiging over de Serviërs. Olie bijvoorbeeld." De krant liet weten het een interessant verhaal te vinden, maar het niet te plaatsen, omdat het niet in de nieuwsstroom paste. NRC Handelsblad, Trouw en Vnj Nederland weigerden het om dezelfde reden ook, terwijl ze het wel een interessant stuk vonden. Uiteindelijk kon Hamelink zijn verhaal kwijt in Hervormd Nederland. Het nieuws wordt duidelijk binnen bepaalde kaders gemaakt - de vuile oorlog van de Serviërs, of de war on terrorism -. Wat buiten die kaders valt, komt niet in de media. Hoe interessant, waar en relevant ook.
Witte bolwerken Een van de missies van Hamelink was om de ongeveer vijftig overwegend grijze bezoekers van het symposium het Communicatiehandvest van de burger te laten tekenen, waarin burgers onafhankelijke en veelzijdige media eisen. "Want we krijgen als burgers de
informatie die we verdienen. Wij moeten ons gewoon niet tevreden stellen . met de media zoals ze nu werken", aldus Hamelink. Het perspectief in de media kan bijvoorbeeld breder worden als allochtone journalisten een belangrijker rol spelen. Nog steeds is de gemiddelde journalist man, de veertig gepasseerd en blank. Niet echt een afspiegehng van de multiculturele samenleving dus. Allochtone journalisten hebben het moeilijk om bij de witte bolwerken, die redacties zijn, binnen te komen. Zo solliciteerde de Surinaamse journaliste Usha Marhe sinds 1990 tientallen keren tevergeefs. "Er wordt dan bijvoorbeeld gezegd dat ze je afwijzen om je religieuze overtuiging, maar ondertussen gaat het om allerlei gevoelige dingen, waar je de vinger
niet goed achter krijgt", aldus Marhe. "Sonja Barend gaat met pensioen in september. Zien jullie mij daar al zitten? De meeste omroepen durven het in elk geval nog niet aan: een zwarte vrouw met hersens op de televisie. Ik heb 6r bij meerdere gesolliciteerd." Marhe is het zat om te worden beschouwd als allochtoon journaliste. "Bij allochtonen vragen redacties zich ineens af of die bepaalde onderwerpen wel kunnen doen, omdat ze misschien te betrokken zijn. Waarom wordt dat bij blanke mannen nooit gevraagd?" zei Marhe fel. "Ik houd niet van het onderscheid tussen allochtone onderwerpen en niet-allochtone onderwerpen. Ik wil over alles schrijven. Ik ben een lid van deze maatschappij en daar ben ik trots op. Ik wil ook als mens meedenken, niet alleen als allochtoon."
ingezonden mededeling
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 augustus 2001
Ad Valvas | 596 Pagina's