Ad Valvas 2002-2003 - pagina 456
AD VALVAS 17 APRIL 2003
PAGINA 4
Op de rand Nat pak Al sinds jaar en dag fiets ik naar de VU. In het verleden ging ik weleens de campus op via de toegang vanaf de Buitenveldertse Laan. Daar kun je over een soort wasbord (waarmee het college controleert of alles goed vast zit aan je fiets) de campus op rijden. Het wasbord is onderdeel van een kunstwerk dat in de vijver staat, namelijk het geheime wapen tegen parachutelandingen bij het hoofdgebouw. O m het wasbord te vermijden kon je vroeger over de rand van de vijver rijden. Die rand, één baksteen breed, is nu overgroeid met planten (mooie planten trouwens: onder andere dotterbloem, Caltha palustris) dus nu kan het niet meer. Op een keer gebeurde het - vraag me met waarom, ik denk dat het kunstwerk het 's nachts op zijn heupen had gehad - dat er een laagje water op de rand van de vijver stond. Toen ik met mijn gebruikelijke nonchalance via de vijverrand de campus wilde bereiken, gleed mijn voorwiel weg en reed ik pardoes de vijver in. Ik heb toen op het lab de hele dag rustig achter mijn microsoop gezeten en ging aan het eind van de dag toch nog droog naar huis. Het is al jaren geleden, niemand heeft er ooit iets van gemerkt, maar nu moet het er toch maar eens uit! Waarom? Omdat ik bang ben dat in de nabije toekomst hetzelfde gaat gebeuren! Sinds de sloop van het provisoriu m is er geen toegang meer tot de campus vanaf de Boelelaan. Daarom ben ik wel verplicht de campus via het wasbord te benaderen. Die toegang is echter gemarkeerd met twee kloeke betonblokken, waar je met een beetje handigheid zonder af te stappen tussendoor kunt slingeren. D e ervaring wijst uit dat ik automatisch ga proberen om steeds sneller tussen die betonblokken door te fietsen. Waarom weet ik niet, het zou kunnen komen doordat ik homozygoot ben voor het 7R-allel van de dopaminereceptor D 4 . Ik geef mijzelf nog een maand en dan ben ik bang dat het gevaarlijk wordt. Dus please, Saskia: regel een normaal fietspad, voordat ik in een nonchalante bui tegen een van de betonblokken rijd en met een grote zwaai weer in die vijver beland! Tussen het hoodgebouw en de zandbak is best plaats voor een fietspad. Er staat nu een container bij wijze van bouwkeet, maar daar had net zo goed een fietspad aangelegd kunnen worden. Het enige wat je hoeft te doen is voor het Scheikundegebouw een afrit van de verhoging te maken. Nico van Straalen, fietsend bioloog In Op de rand staan voorvallen in de marge van het universitaire nieuvïs.
Ondertussen bij de SS RA...
Peter Strelitski
De reünisten van SSRA-dispuut 't Pruik zijn liet bierdrinlcen nog niet verleerd ...zijn de marmen van de Grijze Spoeling het bierdrinken nog niet verleerd. Onder luid aanmoedigend gebrul van hun dispuutsgenoten verslaan de reunisten van 't Pruik een ploeg actieve leden van F.E.R.Dy D.U.R.K.E. En dat terwijl sommige oud-Pruikers in het team, te oordelen naar hun terugwijkende haarlijn, al ver in de dertig zijn. Blijkbaar hebben ze tijdens hun SSRA-lidmaatschap zoveel routine opgedaan dat ze daar nu nog op kunnen teren. Dispuut 't Pruik organiseert vanavond, donderdag 9 april, de jaarlijkse bierestafette op sociëteit Pylades aan de Leidsegracht. Die estafette, waarin teams van telkens vijf studenten tegen elkaar uitkomen om zo snel mogelijk elk een glas bier achterover te slaan, is in de afgelopen vijftien jaar een traditie geworden bij de studentenverenigmg. Dat ging niet zonder slag of stoot, weet reunist Pieter Hofinan zich nog te herinneren: "De eerste keer dat we hem organiseerden - in 1987, geloof ik - kwam er protest van andere disputen. Zo'n bierestafette was veel te corporaal, vonden ze, en paste niet bij de normen van de SSRA." Dat was in die tijd nog een 'linkse' studentenvereniging die zich afzette tegen de hiërarchische bralcultuur van het corps. Maar de jaren tachtig zijn voorbij en inmiddels is een bierestafette, waaraan dit jaar 38 teams meedoen, ook bij de SSRA heel gewoon. "Al
zijn we hier, vergeleken bij het corps, nog steeds een stuk ruimdenkender", meent Pruiker Frits Kleinen H a m m a n s . Hij doet vanavond voor de vierde keer mee en vindt zichzelf daarmee al een behoorlijk ouwe lul. "Toen ik net lid was, vond ik het allemaal heel spannend", vertelt de vierdejaarsstudent. "Maar na een paar jaar leer je het relativeren. 'Voor mij hoeft het nu niet meer zo." Daarbij speelt misschien mee dat hij morgenochtend om tien uur alweer een afspraak heeft op de VU, om voor zijn studie neuropsychologie een casus te bespreken. Terwijl in een donkere ruimte achter in het pand de studenten zich om de bar verdringen de avond van de bierestafette is volgens SSRApreses Carolien H a r l e m a n de drukste van het jaar - is in de grote zaal de wedstnjd in volle gang. Door een megafoon roept Pruik-preses Bart S c h o e n m a k e r s team na team op om te komen dnnken. In het midden van de stampvolle zaal is een podium gemaakt met een lange tafel waarop de ene na de andere meter bier verschijnt. Aan beide kanten van de tafel nemen telkens nieuwe ploegjes plaats. "Handen op de rug en niet morsen!", vermaant de speaker. D e deelnemers zakken geconcentreerd door de knieën, alsof ze aan de start van het W K schaatsen staan, en kijken hun tegenstanders fanatiek aan. Als de scheidsrechter zelf het eerste glas heeft
geledigd, gaat de estafette van start. Wie zijn bier achterover heeft geklokt, zet het glas omgekeerd op zijn hoofd, waarna de volgende aan de beurt is. Wordt er te veel bier gemorst, dan moet er opnieuw worden gedronken. Soms wel twee keer. Reünist Jojanneke van der Zwaluw heeft speciaal voor vanavond haar dienst geruild. De assistent-gynaecoloog is al een jaar geen actief lid meer en heeft de afgelopen nacht nog nachtdienst gedraaid - "een keizersnede, een vacuiim en een gewone bevalling" -, maar de bierestafette wil ze niet missen. "Dit is echt hét voorbeeld van hoe het verenigingsleven hier kan zijn", probeert ze het gejoel te overstemmen. "Onder invloed van de drank wordt iedereen steeds fanatieker, je voelt de spannmg." Die wordt langzaam opgebouwd tot aan de finale, die pas om kwart over drie 's nachts een feit is. In de finale dnnkt het eerste team van 't Pruik zelf tegen een ploeg van dispuut iCuidado!. De Pruikers winnen; na hevige discussie, dat wel. "Als het organiserende dispuut zelf wint, wordt er natuurlijk altijd getwijfeld aan de juistheid van die overwinning", meldt Carolien Harleman de volgende dag. "Maar dat hoort er een beetje bij. En uiteindelijk wordt het ze toch wel gegund." Martine P o s t m a
Oorlog met de huisbaas Stop de kamemood. Zo heette de actie die de SRVU vong jaar voerde om de gemeente Amsterdam er weer eens op te wijzen dat het zo écht met langer gaat. Het is bijna onmogelijk een kamer te vmden, en de huisbazen in Amsterdam maken listig misbruik van de situatie. Op het SRVU-kamerbureau zit er elke week wel weer eentje tussen: een inhalige rat die het zolderkamertje van twee bij twee wel voor vijfhonderd euro per maand wil verhuren. Dat is natuurlijk niet alleen in Nederland zo. Zelfs m Lecce, lawaauerig provinciestadje in een uithoek van wat nog steeds Europa schijnt te zijn, willen mensen geld verdienen aan kamerzoekende studenten. Het verschil is dat het m Lecce geen enkel probleem is om een kamer te vmden, waardoor huisbazen geen idiote woekerhuren kunnen eisen. Toch is de relatie huisbaas-kamerhuurder ook hier vaak problematisch. Dat kan ik goed illustreren aan de hand van mijn eigen padrone della casa. Hij heet Pierandrea, ziet eruit als de meeste mannen hier (klein, donker, lipgloss, rare zonnebril
op), probeert zijn huurders wijs te maken dat hij advocaat is rijdt rond in promotie-autootjes van een telecombedrijf. Hij is een bedrieger en een leugenaar, maar zijn pogingen om zijn huurders bijna allemaal buitenlandse studenten - geld afhandig te maken zijn altijd zo doorzichtig dat het grappig is. Bijvoorbeeld: als we vnenden m ons appartement laten slapen, moeten we die vijftien euro per nacht laten betalen. Als een van de plastic stoeltjes in de keuken kapotgaat, moeten we 75 euro betalen zodat hij een nieuwe kan kopen (het bonnetje kan hij ons helaas met laten zien). Als hij het appartement te vies vindt laat hij een schoonmaakster komen wiens zogenaamd duizelingwekkende uurloon wi) dan moeten betalen. Op de eerste dag van de maand komt hij de huur innen. Wie er dan niet is, moet voor elke dag dat hij te laat is vijf euro extra betalen. Het spreekt vanzelf dat hij altijd langskomt op een tijdstip waarop niemand thuis is. Uiteraard weigeren we iedere keer weer te betalen en dat heeft de relatie met Pierandrea er niet beter
op gemaakt. Maar na een voorval van twee weken geleden is het echt oorlog. Mijn Ierse buurvrouw had een Engelse vriendin, die vorig jaar ook in dit appartement heeft gewoond, een nachtje in een van de leegstaande kamers laten slapen. Natuurlijk kwam Pierandrea de volgende ochtend om half tien onverwachts birmenlopen. De Engelse hoorde hem binnenkomen en deed wat Engelse meisjes kennelijk doen als ze in paniek zijn: ze stuurde haar vriendin een sms'je: 'Pierandrea is here.' Fuck!' Maar in plaats van naar de Ierse stuurde ze dat berichtje naar de mobiel van Pierandrea, wiens nummer ze kennelijk nog in haar telefoon had staan. Tja. Eigenlijk valt niemand iets te verwijten behalve ongelofelijke domheid, maar Pierandrea vond het niet grappig. Er is nu een tijd aangebroken van kwaaiige briefies op de koelkast. Hij praat niet meer met ons, geloof ik. Hij vond wel dat we een boete van tweehonderd euro moesten betalen omdat we iemand m het huis hebben laten slapen. Niemand heeft betaald.
Vierdejaars archeologie en preliistorie Daphne Lentjes studeert de komende tijd in Lecce, in de hak van Italië. Maandelijks vertelt ze over wat ze daar meemaakt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2002
Ad Valvas | 588 Pagina's