Ad Valvas 2002-2003 - pagina 343
AD VALVAS 1 3 FEBRUARI 2 0 0 3 I
PAGINA 7
Weetjes
Eenzame verdediger van de islam
Baarmoederhalskanker Vu-onderzoekers hebben een methode gevonden om het virus dat baarmoederhalskanker veroorzaakt, vroeg op te sporen. Daarmee is de ziekte in de toekomst te voorkomen. Het virus kan via een uitstrijkje worden opgespoord. Drie keer in htm leven moeten vrouwen zo'n uitstnjkje laten maken om geen baarmoederhalskanker meer te krijgen. De medici publiceerden hun resultaten in de New England Journal of Medicine. Het Humaan Papilloma Virus veroorzaakt baarmoederhalskanker. Van dit virus bestaan ongeveer honderd soorten, waarvan achttien kankerverwekkend zijn. Met een uitstrijkje is aan te tonen of vrouwen drager zijn van een kankerverwekkend virus. Per jaar krijgen in Nederland 770 vrouwen baarmoederhalskanker, van wie er 250 overlijden. Meer dan de helft van deze vrouwen heeft geen uitstrijkje laten maken. (WV)
Darwin
Bram de Hurldi der
Anton Wessels klaagde in de jaren zeventig al dat je alleen maar lelijke dingen mocht zeggen over moslims
Islamdeskundige Anton Wessels neemt aanstaande vrijdag afscheid van de VU met een coilege over de schilder Mare Chagall. Een portret van een flamboyante bruggenbouwer die niet tegen kritiek kan. Peter Breedveld Een valse profeet, zo noemde het Nederlands Dagblad Anton Wessels in 1979. In orthodox-protestantse kringen was men in woede ontstoken toen Wessels, in zijn inaugurele rede als hoogleraar zendingswetenschappen aan de vu, pleitte voor respect voor het geloof van moslims. God hield volgens de krant helemaal niet van alle mensen, maar alleen van christenen, dat had Petrus immers gezegd (Handelingen 10:35). G o d zou Wessels zeker straffen door hem zijn deel van 'het geboomte des levens' af te nemen (Openbarmg 22:19). Een jaar daarvoor had hetzelfde dagblad al betoogd dat theologen als Wessels 'levensgevaarlijk' zijn voor het christelijke geloof "Dat soort dingen doen hem vreselijk veel pijn", zegt Martien Brinkman, decaan van de faculteit Wijsbegeerte. "Wessels is een domineeszoon, een vroom mens. Iemand die veel steun en troost heeft gevonden in de psal-
men uit de bijbel. Reken dan maar dat het hard aankomt, wanneer er vanuit christelijke kring aan die vroomheid wordt getornd." De snoeiharde woorden van het Nederlands Dagblad verklaart Brinkman met het feit dat Wessels indertijd de opvolger was van hoogleraar Jo Verkuyl, die in orthodoxe kringen een stuk beter lag. Hij wees graag op de onoverbrugbare verschillen tussen de islam en het christendom. Wessels had dus vanaf het begin van zijn aanstelling last van forse tegenwind.
Rijkdom Tijdens zijn hele carrière is Wessels met een aan fanatisme grenzende overtuiging blijven hameren op de noodzaak van een dialoog tussen christenen, moslims en joden. Mogelijk heeft dat te maken met zijn jarenlange verblijf in Beiroet, in het begin van de jaren zeventig, waar hij dag na dag getuige moet zijn geweest van de vreselijke gevolgen van de gespannen verhouding tussen die drie groepen. D e islam is voor Wessels altijd een bron van geestelijke en culturele rijkdom is geweest. Hij verklaarde zelfs ooit dat hij als christen de koran als het woord van God beschouwt. "Ik geloof dat God tot M o h a m m e d heeft gesproken", zei hij in 1988. Maar bij vele anderen m het Westen roept de islam vooral associaties op met vrouwenonderdrukking en terrorisme. 'Uitermate chagnjnige vooroordelen' heersen er, zo zei hij vorig
jaar in een interview met Ad Valvas. O m dat 'anti-islamisme' te bestrijden, trekt Wessels voortdurend door het hele land om lezingen te geven over de islam. 'Een verzoentocht' noemde hij het in 1989 in De Gooi- en Eemlander. In een recent boek van zijn hand. Islam verhalenderwijs, toont Wessels aan de hand van verhalen uit de islamitische, de christelijke en de joodse traditie de gemeenschappelijke wortels van die drie geloven. "Verhalen helpen mensen om elkaar beter te verstaan", meent Wessels. Maar het zijn slechte tijden voor bruggenbouwers als Wessels. Klaagde hij in de jaren zeventig en tachtig al dat iedereen blijkbaar maar lelijke dingen mag zeggen over moslims, sinds de terroristische aanslagen op de Twin Towers in New York is het helemaal dweilen met de kraan open. Zeker direct na de aanslagen zette Wessels met zijn relativisme ("Er moeten nog heel wat Bin Ladens opstaan voordat de islam het christendom in het aantal misdaden tegen de mensheid overtreft") kwaad bloed. Wessels klaagde dat elke nuance in de discussie over de islam compleet zoek was. Hij voelde zich onheus bejegend. "Mij wordt naïviteit verweten, ik word uitgemaakt voor alles wat mooi en lelijk is, het lijkt soms wel een persoonlijke vendetta", zei hij tegen Ad Valvas. Het leverde hem de hoon op van TroMïu-joumahst T o n Crijnen. Wessels verdraagt echter zelf ook slecht kritiek. Daar kan zijn collegatheoloog Gerrit Maneschijn over
meepraten. Maneschijn had zich in Trouw beklaagd over de vergoelijkende toon die Wessels volgens hem aansloeg als hij het over moslimterroristen had. Hij had de aanslagen op de Twin Towers expliciet moeten veroordelen, vindt Maneschijn. Kort daarop zag de hoogleraar zijn vriendschap met Wessels, die tientallen jaren had geduurd, bruusk beëindigd. "Ik beschouw hem nog steeds als een vriend, maar ik heb voor zijn afscheid niet eens een uitnodiging gehad", aldus Maneschijn. En met een snik in zijn stem: "Ik vind dat echt buitengewoon jammer."
Opvliegend "Wessels is een flamboyante, opvliegende man", zegt Brinkman. "Hij is nogal snel in zijn oordeel. Hij is erg gegrepen door de islam en het lukt hem niet altijd daar op een objectieve manier naar te kijken." Maar dat Wessels een kritiekloze islamdweper zou zijn, ontkent Brinkman ten steUigste. Als bewijs daarvoor heeft hij een anekdote over een gesprek dat hij onlangs had met een bekende imam. "Die imam raadde mij een aantal boeken over de islam aan om die religie beter te leren kennen. Eerst noemde hij er een paar die ik volgens hem zeker niet moest lezen, 'want daarin worden moslims zo'n beetje heilig verklaard', zei hij tegen mij. Maar de boeken van professor Wessels, die gaven volgens hem een goed beeld van de islam."
Genoeg Engelstalige cursussen; nu de taalbeheersing nog Nederland loopt in E u r o p a voorop met h e t a a n b i e d e n v a n E n g e l s t a l i ge p r o g r a m m a ' s i n h e t h o g e r onderwijs - e n m e t d e t a a l p r o b l e m e n die e r m e e g e p a a r d g a a n . Dat blijkt uit een studie in opdracht van de Academie Co-operation Association (ACA), die ijvert voor samenwerking in het Europese (hoger) onderwijs. Nederiand bood in de periode augustus 2001-september 2002 relatief de meeste Engelstalige
programma's aan, 115 om precies te zijn. Alleen Finland scoort hoger. Blijkens de studie is het niet toevallig dat landen met kleine talen hoog scoren. Eén van de belangrijkste drijfveren voor het aanbieden van engelstalige cursussen blijkt namelijk het concurrentienadeel te zijn. Slechts tweeëntwintig miljoen mensen spreken Nederlands, terwijl alleen in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland bijna vier keer zoveel Duitstaligen wonen. Negen van de zeventien Nederlandse instellingen met een of meer Engelsta-
lige programma's rapporteerden aanmerkelijke problemen met het Engels van de smdenten. Die 53 procent is hoger dan in enig ander onderzocht land. De 38 procent die Finland scoort, vinden de onderzoekers al veel te gortig. Eerder was al gebleken dat vooral Chinezen het Engels onvoldoende machtig zijn als ze zich bij een Nederlandse mstelling aanmelden. Ook met het Engels van de docenten in Nederland zit het nog niet snor. Ons land gaat weer aan kop; ruim een kwart van de instellingen meldt aan-
merkelijke problemen. In de tijdperken-Ritzen en -Hermans werden de universiteiten en hogescholen aangemoedigd om veel over de grens te kijken. De aanhoudende bezuinigingen op het hoger onderwijs vormden een extra stimulans om zoveel mogelijk buitenlandse smdenten in te lijven. Het onderzoek wijst erop dat het intemationaliseringsbeleid van het ministerie van onderwijs en politiek Den Haag in ieder geval in kwantitatief opzicht zijn vruchten heeft afgeworpen. (PH/HOP)
D e theorieën van Darwin kunnen van pas komen bij het ontwikkelen van nieuwe therapieën tegen kanker. Kankercellen worden gewoonlijk niet herkend door het afweersysteem, omdat de cellen er niet lichaamsvreemd uitzien. Promovendus Helmut Kessels vsdl met de darwinistische principes van diversiteit en selectie afweercellen ontwikkelen die heel specifiek cellen van een bepaalde tumor zullen gaan opruimen. Deze afweercellen moeten erg specifiek zijn, omdat ze de tumor als lichaamsvreemd moeten herkennen en andere lichaamscellen niet. In zijn proefschrift beschrijft Kessels voorlopig alleen een strategie om deze afweercellen te ontwikkelen. Als basis wil hij moleculen selecteren die zich van namre binden aan de kankercellen en dan alleen aan bepaalde kankercellen. Deze afweercellen zijn in darwinistische termen het geschiktst voor de omgeving het lichaam met m m o r - waarin ze terechtkomen. (WV)
Allochtoon In Leerdam Allochtonen integreren het gemakkelijkst als zij gedeeltelijk hun eigen culmrele identiteit kunnen behouden. Dat concludeert scw-studente Esther van Diepen, die voor de wetenschapswinkel de integratie van allochtonen in Leerdam onderzocht. Van Diepen ondervroeg allochtonen zelf over hun visie op de integratie. Allochtonen blijken onder integratie iets heel anders te verstaan dan assimilatie. Ze willen htm plaats in de Nederlandse samenleving vinden, zonder h u n eigen cultuur volledig op te geven. D e Leerdamse Turken en Marokkanen voelen zich meer thuis in Nederland, dan in h u n land van herkomst. Allochtonen die zich hier recenter hebben gevestigd, zoals Irakezen en Somaliers, willen vaak nog wel terug naar hun geboorteland. (WV)
Artsenkeuze D e vrijheid om een arts te kiezen, kan door wijzigingen in het zorgstelsel'va.gevaar komen, stelde hoogleraar gezondheidsrecht Rolf de Groot bij zijn oratie. D e zeggenschap over de gezondheidszorg komt steeds meer bij verzekenngsmaatschappijen te liggen. Die zouden door kostenbesparingen kunnen besluiten slechts met een beperkt aantal artsen te werken, waardoor patiënten te maken krijgen met gedwongen winkelnering. "De relatie tussen arts en patiënt moet op vertrouwen zijn gebaseerd. Vertrouwen kan van de patiënt niet worden verwacht als hij niet kan kiezen voor een bepaalde persoon of instelliag", aldus D e Groot. Hij pleit overigens niet voor volledige keuzevrijheid. D e wetgever moet de omvang van het verzekerde pakket vaststellen om de zorg betaalbaar te houden. (DdH)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2002
Ad Valvas | 588 Pagina's