Ad Valvas 2002-2003 - pagina 109
AD VALVAS 3 OKTOBER 2 0 0 2
PAGINA 9
ri Universiteiten voorzichtig met aanvragen patenten
Octrooien: miljoenenwinst of wespennest? Universiteiten moeten veel vaker octrooi aanvragen op vondsten van hun onderzoe kers. Dat vindt het ministe rie van Economische Zaken. Het Platform Universitair Octrooibeleid komt deze maand met nieuwe plannen. Maar onderzoekers die vaker met dit bijltje gehakt hebben, staan niet te jui chen. "Ik heb van dat octrooi alleen maar spijt", zegt een van hen. Bas Belleman en Frank Steenkamp (HOP)
Aan uitvinders hebben de univer siteiten geen gebrek. Of het nu om een nieuwe elektronische schake ling, een staaltje betontechniek, of een nieuw chemisch procédé gaat, alle economisch bruikbare vernieuw ingen komen in aanmerking voor een patentaanvraag. Een handvol faculteiten met een actief octrooibeleid (vooral bij de technische universiteiten, maar ook in de medische sector) bewijst al jaren dat ook Nederlandse vond sten goed genoeg zijn voor octrooi ering. In sommige gevallen levert dat zelfs tonnen of miljoenen aan royalty's op. Veelgenoemde voor beeld zijn de vliegtuigmaterialen Amll en Glare van de Delftse hoog leraar Baud Vogelesang. Toch blijven dit uitzonderingen. Want als geheel blijft universitair Nederland passief als het o m octrooiering van onderzoeksresul taten gaat. Dat is een d o o m in het oog van opeenvolgende ministers van Econo mische Zaken. Ook de nieuwe LPF bewindsman Herman Heinsbroek meldt in zijn begroting dat er meer gedaan moet worden aan universitai re octrooien. Dit najaar wordt van zi)n ministerie hierover een rapport verwacht. Vorig jaar haalde zijn voorganger Jorritsma de innovatieeconoom Michael Porter naar de Ridderzaal, om zijn licht over de materie te laten schijnen. Hij legde uit dat octrooien essentieel zijn voor succesvolle samenwerking tussen universiteiten en bedrijven: aan onbeschermde kennis valt geen cent te verdienen. Daarna shockeerde de Amerikaan zijn gehoor met enkele cijfers. Zo vroeg de Universiteit van Califomië in de jaren 19951999 bijna 1600 patenten aan. De TU Delft, koploper in Nederland, kwam volgens hem uit op een aantal van dertien.
Protest De presentatie riep een storm van protest op. Zijn cijfers waren verte kend, omdat alleen octrooien van de universiteit zelf waren meegeteld, terwijl er ook aanvragen op naam van hoogleraren of bedrijven staan. Inderdaad blijkt de TU Delft bij nadere beschouwing in vijf jaar ruim vijftig octrooien op haar naam te hebben staan. Ook andere universi teiten scoren elk jaar wel enkele nieuwe octrooiaanvragen. Vergele ken met Califomië blijven het echter druppels op een gloeiende plaat. Bij Economische Zaken vinden ze het lage aantal universitaire octrooi en nog steeds onbegrijpelijk, zeker nu diezelfde universiteiten zich weer tegen bezuinigingen verweren met het argument dat ze de 'motor van de kenniseconomie' zijn. Wat ligt er dan immers meer voor de hand dan neer vindingen patenteren? De uni versiteit bewijst de samenleving er een dienst mee, en kan tegelijk de eigen portemonnee spekken met royalty's, is de redenering. Om meer vaart in de zaak te bren gen, is met steun van Economische iaken een Platform Universitair Octrooibeleid opgericht. Voorzitter
Sydney Vervuurt
Patenten op bijvoorbeeld genetisch gemodificeerde planten kunnen universiteiten miljoenen euro's opbrengen is professor Ben Veltman, oudtop man van zowel de TU Delft als de Universiteit Twente en nu voorzitter van de Adviesraad Wetenschaps en Technologiebeleid (AWT) . Over twee weken komt dit platform met zijn rapport. Veltman onderstreept het belang van de kwestie: "Als je geen octrooi aanvraagt, neemt geen bedrijf je vondsten in productie. De concur rent kan die productie immers straf feloos overnemen." Kortom: zonder actief octrooibeleid bewijzen de uni versiteiten zichzelf een slechte dienst.
Valkuilen Onderzoekers die vaker met het octrooibijltje hebben gehakt, laten verrassende tegengeluiden horen. Dat geldt bijvoorbeeld voor vliegtuig materiaalman Vogelesang. "Ik heb er alleen maar spijt van," zegt hij over het octrooi dat hij indertijd samen met AkzoNobel aanvroeg voor het vliegtuigmateriaal Glare. "Het patent zat ons in de weg", vindt Vogelesang. Hij kon lange tijd niet publiceren en andere onderzoeksgroepen konden het materiaal niet bestuderen. Dat was lastig voor het onderzoek, maar zelfs voor de verdere technische ont wikkeling. Hij heeft wel succes gehad met zijn vondsten, maar volgens Vogelesang komt dat niet door zijn octrooien. "Kennis is macht. Als je de beste onderzoeksgroep hebt, kunnen ze niet om je heen. Alleen als een zwak ke groep per ongeluk iets leuks ont dekt, moet ze direct patenteren, dat levert iets op dat ze later niet meer kunnen binnenhalen." Verlies van intellectuele vrijheid, onnodig voor bescherming van ken nis: de visie van de Delftse prof gaat lijnrecht in tegen de pleidooien van Economische Zaken. Maar ook ande ren zien de zilvervloot van de octrooi inkomsten halverwege stranden. Juist geld blijkt een van de belang rijkste valkuilen. Want tegenover de mogelijke opbrengsten van een octrooi staat ook een reeks kosten posten. Voor bedrijven geldt al dat
hooguit één op de tien octrooien rendabel is. Maar voor universiteiten ligt het, zeker in Europa, misschien nog moeilijker.
Grote geld Geld. Dat speelt in de discussies over octrooien niet voor niets een grote rol. De vs zijn weer het voor beeld. Zo speelde de Universiteit van Rochester een sleutelrol bij de ontwikkeling van het ontstekings remmende medicijn Celebrex. Het farmacieconcern Pfizer heeft er al 300 miljard dollar omzet mee gehaald. De universiteit claimt nu een kwart van de inkomsten, een bedrag waarvan alle Nederlandse universiteiten 30 jaar lang h u n onderzoek zouden kunnen doen. De Celebrexzaak, een van de grootste patentzaken in de Ameri kaanse historie, laat zien hoe lucra tief een octrooi kan zijn. In Europa zijn er minstens zoveel hindernissen voor een universitair octrooibeleid. Het eerste probleem is dat de kosten voor het aanvragen en instandhouden van octrooien in Europa veel hoger zijn. Volgens het ministerie van Economische Zaken liggen die kosten met gemiddeld vijf tigduizend euro per octrooi maar liefst vijfmaal zo hoog als in de vs. Aanvragers krijgen daar wel meer service voor, maar het verschil komt vooral doordat men in een reeks lan den patent moet aanvragen. Want er bestaat nog steeds geen Europees 'gemeenschapsoctrooi'. Eurocommissaris Bolkestein zegt eraan te werken, maar een taaicon flict zorgt voor vertraging. De Nederlandse liberaal wil volstaan met patenten in de drie belangrijkste talen, doch de vijftien lidstaten komen elk op voor hun eigen land staal.
Rechtszaken Een groter probleem dan formele kosten van octrooiaanvragen zijn de mogelijke rechtszaken. Ook als men zijn octrooizaken prima geregeld heeft, blijft het nodig om zich tegen
inbreuken op het patent te verweren. En die kosten kunnen hoog oplopen. "Soms is de zaak duidelijk en kost het vijfduizend euro. Maar ligt het gecompliceerder, dan loopt de reke ning snel op tot vijftigduizend euro of meer", zegt de Arnhemse paten trechtadvocaat Eric Looyen. Volgens Looyen geldt bij octrooi zaken vaak het recht van de sterkste, oftewel de wet van het grote geld. "De octrooiregels en literatuur zijn zeer ondoorzichtig. Als je er maar genoeg geld tegenaan gooit, vind je vaak wel ergens een oud patent dat veel lijkt op het nieuwe." Daarmee kan de partij die jij van inbreuk wilde beschuldigen, jouw octrooi ongeldig laten verklaren. En dan sta je ondanks alle kosten met lege han den, tenzij de universiteit bereid is nog hogere kosten te maken om jouw gelijk te bewijzen. Zelfs wie zijn octrooizaak wint, kan nog veel geld verliezen. Want de advocaatskosten en een groot deel van de proceskosten zijn meestal niet terug te krijgen. Martin Simmer, advocaat van de Universiteit van Califomië, zegt dat in Amerika de kosten van rechtszaken kunnen oplopen tot twee miljoen dollar per octrooi. Alleen als daar genoeg ver wachte royalty's tegenover staan, dient hij een klacht in.
Wespennest Voor Nederlandse universiteiten lijkt het dan ook helemaal niet zo aantrekkelijk om zich in de octrooien te begeven. Dat vindt ook de chemi cus professor Piet Lemstra. Hij is directeur van het technologisch top instituut PTN in Eindhoven, dat nota bene is opgericht als samenwerking tussen universiteiten en bedrijven. Toch is hij zeer sceptisch over het wespennest van de Europese octrooien. Lemstra geeft een voorbeeld: "Als ik in Frankrijk tegenover een grote firma sta, dan zijn er arbeidsplaatsen in het geding. Daar zijn rechters gevoelig voor. Als mijn advocaat bovendien even luncht met de tegen partij, dan voel je al welke kant het
opgaat. Het systeem is verrot. In Amerika heb je een lekenjury en die kiest sneller voor de underdog." En dat is in dit geval dus de weten schapper. De individuele universiteit zal dus niet gauw geld vrijmaken voor een serieus octrooibeleid. Des te belang rijker is het dat de universiteiten samen plannen bedenken om toch nog iets aan kennisbescherming te doen. Die plannen worden op 18 oktober verwacht, als het Platform Universitair Octrooibeleid haar rap port presenteert. Verwacht wordt dat het platform de realiteit zal onderstrepen dat uni versiteiten zelf geen octrooien kun nen beheren. Die rol is weggelegd voor het bedrijfsleven, dat beter de afweging kan maken welk octrooi de moeite van het verdedigen waard is. Maar ook dan blijft het volgens professor Veltman, de voorzitter van het platform, nodig dat de universi teiten in octrooizaken minder passief worden. Alleen als de waarde van een vondst tijdig onderkend wordt, en er tijdig duidelijke afspraken met een bedrijf gemaakt worden, is er kans op lucratieve samenwerking. Veltman wil daarom dat de universi teiten een uniforme aanpak afspre ken. Want "het is lastig voor bedrij ven als er telkens andere procedures zijn." Volgens Willem Schoonen van de nieuwsbrief Onderzoek Nederland moeten de universiteiten een geza melijke kermishandel opzetten. Ook daarvoor zijn investeringen nodig. En de vraag is wie bereid is om dat geld op te brengen. Misschien is het geen toeval dat zelfs sleutelfiguren in de samenwer king tussen universiteit en bedrijven pessimitisch zijn over octrooien. Dat geldt in elk geval voor de chemicus Piet Lemstra. Want de vs is een echte kenniseconomie, waar alle drempels voor innovatie zo veel mogelijk geslecht zijn. "Maar bij ons is octrooibeleid niet te betalen. Als onderzoeker van een onbeduidende Nederlandse universiteit, die boven dien geen geld heeft, ben je volstrekt weerloos."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2002
Ad Valvas | 588 Pagina's