Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2002-2003 - pagina 528

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2002-2003 - pagina 528

7 minuten leestijd

AD VALVAS 5 JUNI 2O03

PAGINA 4

Mijnheer Zahal moet inburgeren. Dat wil hij ook graag, want hij is gevlucht uit Iran en wü een nieuw bestaan in Nederland opbouwen. Mijnheer Zahal heeft zijn leven lang al last van absences. Bij stress wordt het erger. Tijdens de Nederlandse les is het hem al tweemaal overkomen dat hij er last van kreeg. De onderwijzeres raakte er bang door. In Iran heeft zijn arts goed uitgelegd wat hij heeft, maar hij zou niet weten hoe hij dat in het Nederlands aan de onderwijzers uit moet leggen. Hij haalt zijn schouders op als ze hem vraagt wat hij heeft. Aan Zahal heeft ze voorgesteld om samen eens naar de dokter te gaan om zijn probleem op te lossen. "Daar is mijnheer Zahal weer", zegt de arts. "Wat is het probleem?" De onderwijzeres begint uit te leggen dat Zahal twee keer in de klas is weggeraakt en dat hij niet goed begrijpt wat er met hem aan de hand is. "Vertelt u hem maar dat hij een soort epilepsie heeft en dat hij goed zijn medicijnen moet slikken," zegt de arts. Ze is verbaasd. "Ik geef hem Nederlandse les", zegt ze. "Ik spreek geen Farsi." "Laat hij dan de volgende keer met een behoorlijke tolk komen", zegt de arts kortaf. Teleurgesteld gaan de onderwijzeres en mijnheer Zahal terug naar school. Het is zonde van de tijd geweest. Toen ik het verhaal hoorde en me gevraagd werd wat ik ervan vond, wist ik niet precies waar ik moest beginnen om aan te geven met welke misverstanden en communicatieproblemen we te maken hebben. Het probleem dat Zahal en de dokter met dezelfde taal spreken, is misschien wel het minste van alle. Ik was vooral verbijsterd door het feit dat de arts een tolk wilde die kon uitleggen wat hij aan mijnheer Zahal wilde zeggen, maar dat hij niet geïnteresseerd was in iemand die hem kon vertellen wat mijnheer Zahal wilde vragen.

Ivan Wolffers w hoogleraar gezondheidszorg en cultuur in het VU Medisch Centrum. Hij schrijft eens in de negen weken een column.

Ondertussen bij studentenvereniging Anatolia.

Christiaan Krouwels

Ayse Dilek (midden) houdt haar kritiek op 'vage multiculturele organisaties' niet voor zich ...stelt een twintigtal geïnteresseerden, waarvan velen de hele avond hun jas zullen aanhouden, zich in een halve kring op rond vice-voorzitster Hacer Yilmaz (22) en Hilal Karacaer (21), beiden tweedejaars politicologie aan de VU. D e twee studentes van Turkse afkomst - de één met naveltruitje en de ander met hoofddoek - hebben enkele 'prikkelende stellingen' bedacht waarmee ze vanavond in de tuinzaal van het WN-gebouw de aanwezigen tot een politiek debat willen verleiden. Studentenvereniging Anatolia is een 'multiculturele studentenvereniging'. Ooit begonnen als Turks-Nederlandse vereniging stelt Anatolia zich sinds 2000 ook open voor studenten met een andere culturele achtergrond. "Het doel is dat we verscheidener worden", aldus Hacer. Zo bevindt zich in het discussiegezelschap van vanavond zelfs een 'oer-Hollander', zoals HvA-studente Ayse Dilek (21) de blonde jongen aanduidt die met zijn relatief lange gestalte en piekhaar toch een beetje uit de toon valt. Nadat Hilal iedereen heeft verwelkomd, gooit ze de eerste stelling in de groep. "De inzet van allochtonen laat te wensen over, dus mag ook de overheid minder inzet tonen", poneert ze. Een jongen van Turkse afkomst heeft duidelijk op dit moment gewacht om zijn mening te verkon-

digen. Natuurlijk is er niets mis met de inzet van allochtonen, oreert hij: "het hgt vooral aan de overheid." De rest van de zaal luistert aandachtig, zonder er iets tegen m te brengen. Zo komt het debat niet van de grond, concludeert Hacer, en ze herhaalt de stelling, nu in scherpere bewoordingen. "De overheid heeft al veertig jaar heel veel geld in de allochtonen geïnvesteerd", zegt ze, "maar er is nog steeds niet veel bereikt." Hadden allochtonen, door meer inzet te tonen, niet veel beter gemtegreerd kunnen zijn? "Hoe weet je dat ze niet geïntegreerd zijn?" reageert tweedejaars pohticologie S e m r a Ö l m e z (20), met zwart-witte hoofddoek, fel. "Hoe meet je dat dan?" Dat is een moeilijk punt, zo blijkt. D e discussie verzandt al snel in onduidelijkheid over de precieze betekenis van het woord 'integratie'. N a vijftien verwarrende minuten van losse meningen maken de gespreksleiders noodgedwongen de overstap naar een nieuwe vraagstelling: 'Ben ik een allochtoon wanneer ik hier geboren ben?' Die discussie vindt vastere grond, omdat iedereen nu wel persoonlijke ervaringen aandraagt. M e t hernieuwd zelfvertrouwen wordt vervolgens de eerste discussie weer opgepikt. H e t is daarbij opvallend dat het debat zich

afspeelt tussen de minderheid van jongens in de zaal en een paar meisjes met hoofddoekjes, die zich veel assertiever opstellen dan h u n m o d e m e r geklede seksegenoten - die vooral braaf toehoren. Zo ontpopt A y s e Dilek, met oranje hoofddoek, zich tot een ware spraakwaterval in de traditie van de Amsterdamse PvdA-wethouder Fatima Elatik. Ayse heeft kritiek op vage multiculturele organisaties die overheidsgeld opstrijken zonder dat meetbaar is wat er met dat geld gebeurt. Ze vmdt dat de overheid inspecteurs moet aanstellen "met een multiculturele achtergrond" die de behaalde resultaten in kaart moeten brengen. Ook Semra zegt graag meer 'allochtonen' bij de overheid te zien, maar wijst erop dat "positieve discriminatie net zo goed discriminatie is". Ze wil de problemen binnen de multiculturele samenleving bovendien nuanceren: "Het is een probleem tussen geïsoleerde allochtonen en geïsoleerde autochtonen", zegt ze. Daar is Ayse het niet helemaal mee eens, zodat zich toch nog een echt debat tussen de twee ontvouwt, waaraan pas een einde komt tijdens de 'naborrel'- waar de Fanta en Cola rijkelijk stromen.

Maurice Blessing

Alom begrip voor vertrek overbelaste OR-voorzitter

Wetenschappers hebben geen tijd voor ondernemingsraad Twee weken geleden maakte OR-voorzitter Kees van Montfort bekend dat hij vertrekt. Hij vindt dat de ondernemingsraad niet met zijn wetenscliappeiijke carrière te combineren is. Heeft de OR daarmee een structureel probleem? Jeroen Mirck Vlak voor Hemelvaart maakte Kees van Montfort, voorzitter van de ondernemingsraad van de VU,

bekend dat hij per 1 september zijn functie neerlegt. Weliswaar wordt hij vanwege deze bestuursfunctie binnen zijn afdeling formeel voor vijftig procent vervangen, maar dat ontlast hem onvoldoende. Als wetenschapper kan hij het zich niet permitteren "te veel achterop te raken". Tekent zich hier de trend af dat wetenschappers verloren zijn voor het OR-voorzitterschap? "Het is zeker een zware functie", beaamt psycholoog Cees Bruinsma, die Van Montfort opvolgt in het dagelijks bestuur van de O R - mogelijk zelfs als voorzitter. "Dat komt vooral door de vele onverwachte zaken die je op je bord krijgt. Bovendien heb je als OR-voorzitter natuurlijk represen-

tatieve en managementtaken." Wat de zware belasting voor wetenschappers betreft, kan Bruinsma Van Montfort goed begrijpen. "Maar ik blijf het belangrijk vinden dat er wetenschappers in de OR zitten. Zelf denk ik mijn werk voor de ondernemingsraad goed te kunnen combineren met het bedrijven van wetenschap." Een te belastend OR-voorzitterschap zou heel goed een terugkerend probleem kunnen zijn, meent daarentegen econoom Koos Sneek, die namens de AbvaKabo lid is van de raad. "Natuurhjk is er voor een OR-voorzitter vervanging geregeld, maar de belangrijkste taken kun je niet zomaar overdragen aan een student-assistent. Die is er

vooral voor de simpele klusjes." Je ziet al langere tijd dat hoogleraren helemaal niet vertegenwoordigd zijn in de OR, signaleert Sneek. "Als wetenschapper heb je een minimale hoeveelheid tijd nodig voor onderzoek, anders gebeurt er netto helemaal niks. Ook de onderwijstaken wegen steeds zwaarder, zeker sinds de mvoenng van de BaMa-structuur." Van Montfort krijgt steun van de vorige OR-voorzitter, Kees Speelman. "Twee a drie dagen in de week ben je er echt mee bezig. Ik had het geluk dat ik geen onderzoek hoefde te doen. Wetenschappers worden afgerekend op hun publicaties, waarbij men er geen boodschap aan heeft dat je daarnaast een verdienstelijk bestuurder

bent geweest. Het is dus niet met wetenschap te combineren." Wie in ieder geval niet gelooft in een structureel probleem, is collegevoorzitter Wim Noomen. "Dit is de eerste keer dat ik het meemaak. Van Montfort werd geconfronteerd met een onvoorziene ontwikkeling op zijn afdeling, waarbij hij het werk van een overleden collega moest overnemen In reguliere situaties is volgens N o o m e n de bestaande compensatieregeling voldoende, al erkent ook hi) dat student-assistenten lang niet alle taken zomaar kunnen overnemen. "Als iemand er bewust voor kiest om deel uit te gaan maken van het ORbestuur, neem ik aan dat de betreffet' de faculteit een regeling treft."

^ ^

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2002

Ad Valvas | 588 Pagina's

Ad Valvas 2002-2003 - pagina 528

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 2002

Ad Valvas | 588 Pagina's