Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 167

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 167

9 minuten leestijd

3ER20

AD VALVAS 1 3 NOVEMBER 2 0 0 3

PAGINA 7

Nieuwe directeur Onderwijscentrum plaatst kanttekeningen bij fusie met Windesheim

Weetjes

'Ik vrees voor een enorme verwatering'

Oud en depressief Depressie bij ouderen is een onderschat probleem. Aan depressie overlijden vier tot vijf keer zo veel ouderen dan aan andere chronische aandoeningen, zoals hart- en vaatziekten. Dit is een belangrijke conclusie van het grootschahge ouderenonderzoek van de VU, waarin tien jaar lang ouderen met depressies zijn gevolgd. Vijftien procent van de thuiswonende ouderen kampt met depressies, van de ouderen in een verpleeghuis zelfs 25 procent. Vaak worden de klachten niet als depressie herkend en daarmee ook niet behandeld. Ouderen die depressief zijn, slikken hun medicijnen tegen andere aandoeningen slechter. Depressie gaat vaak samen met dementie en hartklachten. Een complicatie in de behandeling van depressieve ouderen is dat de werking van antidepressiva tot nog toe alleen is onderzocht bij mensen van middelbare leefüjd. (WV)

Enei^iebesparing

Peter Strelitski

Jos Beishuizen: 'Ik ben voor een duidelijke scheiding van beroeps- en wetenschappelijke opleidingen'

Leraar een rotvak? Het studiehuis een mislukking? Jos Beishuizen, de nieuwe directeur van het Onderwijscentrum VU, ziet het positiever. Alleen de groeiende vermenging van beroepsgerichte en wetenschappelijke opleidingen, die baart hem zorgen. "Straks verdwijnen de universitair gerichte studenten nog van de VU." Dirk de Hoog

f

Jos Beishuizen (53) was er al vroeg bij. Bijna twintig jaar geleden deed hij als net afgestudeerd psycholoog aan de VU promotieonderzoek naar het gebruik van computers door scholieren. Dat was in de tijd dat de pc nog gemeengoed moest worden. "Ik had een enorme kist achter in mijn auto staan. Daarin zaten een monitor, een toetsenbord en een modem. Dat laatste was nog zo'n ding waar je de hele telefoonhoorn in moest leggen. We konden ermee inloggen op de computer van de universiteit. Voor de leerlingen een enorme ervaring. De meesten hadden nog nooit een beeldscherm gezien." Sinds een maand is Beishuizen weer terug aan de De Boelelaan, ditmaal als hoogleraar-directeur van het Onderwijscentrum VU. Er lijkt weinig veranderd in die tijd, behalve de computers dan. Tijdens zijn studie en onderzoek bracht hij de meeste tijd door in het 'eeuvidge noodgebouw', het Provisorium, net deze zomer gesloopt. Nu huist hij in het semi-per•nanente noodgebouw de Filosofenhof "Het is net of je een vliegtuig binnenstapt", zegt hij enthousiast over zijn Werkplek, die alleen via een nauwe gang en een trapje te bereiken 'S- Vanwege zijn enthousiasme over bi)na alles zal hij deze functie wel gekregen hebben. 'Je nieuwe directeur heeft in zijn vorige baan aan de Universiteit van Leiden veel onderzoek gedaan naar leerProcessen in het middelbaar onder^')s. Dat onderzoek kan hij bij het Onderwijscentrum voortzetten. "We gaan vooral onderzoeken hoe middelbare scholieren leren, en later hoe aanstaande leraren en hun docenten op hun beurt weer leren. Ooit willen e dat uitbreiden naar hoe universitaire studenten leren." Het onderzoeksterrein sluit aan bij de belangnikste werkvelden van het Onderwijs-

centrum. Zo bestaan er voor dertien vakken opleidingen voor eerstegraadsleraren.

Zekerheid

De belangstelling voor het vak van leraar is de afgelopen jaren toegenomen. Vijf jaar geleden stonden er nog maar 35 studenten ingeschreven bij de VU-opleiding. Nu zijn dat er 87. Dat komt vooral door de toename van zijinstromers, mensen met een academische opleiding die later alsnog besluiten leraar te worden. Maar ook het aantal gewone studenten stijgt. Beishuizen: "Misschien komt het door de economisch slechtere tijden. Dan kiezen mensen weer voor zekerheid en is een leraarsdiploma mooi meegenomen." Een reden voor de stijgende belangstelling kan ook zijn dat de opleiding tot leraar bij de bètastudies nu in een mastervariant is opgenomen, in plaats van dat het na het doctoraalexamen een extra jaar vraagt. De hoogleraar-directeur is blij met de relatief toch bescheiden aantallen studenten. "We hebben nu landelijk een marktaandeel van meer dan tien procent. Ik denk dat we een goede positie hebben om verder te groeien, bijvoorbeeld door ook in Zwolle eerstegraadsleraren te gaan opleiden." Zelf vindt hij leraar een mooi beroep. "Je kunt ontzettend veel bereiken als je je vak met enthousiasme uitdraagt. Bovendien houdt het omgaan met scholieren je jong. Ik zou best leraar wiskunde willen zijn." Beishuizen gelooft dan ook niet dat iedereen binnen het onderwijs gedemotiveerd rondloopt. Wél dat er van buitenaf een negatief beeld over het leraarschap is gecreëerd. "Dan gaat het over die moeilijke leerlingen in havo-drie en alle bureaucratie die de politiek over de scholen heeft uitgestort. Als ik zelf op school kom - en dat doe ik regelmatig want ik zit in de medezeggenschapsraad van de school

van mijn kinderen -, zie ik veel enthousiaste leraren en leerlingen. In het biologielokaal hebben ze een heel circus gemaakt met allerlei proefjes die je kunt doen. Vorig jaar zijn er van die school vijf leerlingen biologie gaan studeren. Dat moet voor zo'n leraar een geweldige stimulans zijn." Hij gelooft sterkt in de inductieve methode van lesgeven. "Je moet beginnen met alledaagse zaken die de leeriingen aanspreken. Kijk bij scheikunde bijvoorbeeld naar dingen als milieuvervuiling en ga dan langzaam terug naar hoe chemische stoffen werken. Dan kom je uiteindelijk vanzelf bij moleculen en atomen terecht. Mijn uitgangspunt is dat je niet moet beginnen met de regeltjes uit het hoofd te leren, maar juist met de grote lijnen. Dat boeit de leerlingen meer."

Tweedeling Vanuit dat gezichtspunt in Beishuizen tevreden met het studiehuis. "Scholieren leren op een veel bredere manier informatie te vergaren. Ze leren niet alleen uit boeken, maar maken ook werkstukken en oefenen in debatteren en de weg vinden in allerlei bestanden." Zijn indruk is dat leerlingen tegenwoordig ook wel degelijk feitelijke kermis opdoen. "Als ik naar de biologieboeken van mijn kinderen kijk, staat daar zeker twee keer zo veel informatie in als ik ooit moest leren." Om de klacht dat het studiehuis te zwaar is, moet hij een beetje lachen.

Kersvers centrum Het Onderwijscentrum VU bestaat sinds begin dit jaar. Het is een product van de fusie van de lerarenopleiding (ido-VU), iiet onderwijsadviesbureau (AUB) en het ict-onderwijscentrum (ICTO). De laatste twee afdelingen richtten zich vooral op het onderwijs aan de universiteit zelf. Inmiddels is ook de afdeling Hoger Onderwijs voor Ouderen (Novo) en het project Aansluiting vwo-wo bij het centrum ondergebracht. Er werken zeventig mensen bij het Onderwijscentrum VU, de meesten overigens in deeltijd; er zijn maar 45 formatieplaatsen. Het centrum gaat zich ook bezighouden met wetenschappelijk onderzoek. Daarvoor zijn nu drie formatieplaatsen beschikbaar.

"Als ik om me heen kijk, valt dat best wel mee voor de leerlingen die het aankunnen. En het was natuurlijk de bedoeling dat het vwo moeilijker zou worden. De universiteiten wilden tenslotte meer selectie op de middelbare school om beter voorbereide studenten te krijgen. Het probleem is natuurlijk dat ouders het hoogst mogelijke onderwijsniveau voor hun kinderen willen. Maar het vwo is eenvoudigweg niet voor iedere leerling weggelegd. Wat dat betreft heeft de gemeente Amsterdam terecht de regel ingevoerd dat alleen leerlingen met een score van 545 op de Cito-toets naar een gymnasium mogen." Beishuizen begrijpt de motieven van de ouders wel. "Onderwijs is ontzettend belangrijk voor je toekomst en helaas, er zit een enorm verschil tussen het vwo- en havo-niveau. Wat dat betreft bestaat er in Nederland echt een tweedeling in het onderwijs." Hij ziet dat verschil in niveau ook terug bij hbo- en wo-studenten. "Daar zullen we met de fusie met Windesheim zeker rekening mee moeten houden. Ik ben voor een duidelijke scheiding van beroepsgerichte en wetenschappelijke opleidingen. Doe je dat niet, dan vrees ik voor een enorme verwatering waarbij de VU de universitair gerichte studenten ziet verdwijnen, want die willen wel een diploma van werkelijk academisch niveau."

Degradatie Gelukkig is Beishuizen zelf in de positie dat hij die verwatering kan tegengaan. Hij wordt voorzitter van de nieuwe VU-stuurgroep onderwijskwaliteit. Die groep moet ondermeer faculteiten gaan helpen bij het aanvragen van een wetenschappelijke accreditatie voor hun opleidingen, want dat is met de invoering van de bamastructuur verplicht. Opleidingen die onvoldoende niveau hebben, verliezen hun academische status en mogen slechts hbo-bachelors opleiden. "Zo'n degradatie wil natuurlijk niemand hier meemaken, dus iedereen zal z'n best doen om zo goed mogelijk uit de bus te komen", zegt hij. "Ik denk dat het niet zo'n vaart zal lopen. Ik verwacht dat de accreditatiecommissie de eerste jaren alleen gele kaarten zal uitdelen, zodat opleidingen de kans krijgen zich aan de eisen aan te passen."

Subsidies op investeringen in energiebesparing werken nogal eens averechts. De subsidies stimuleren namelijk slechts investeringen in bestaande technologie. Bedrijven zijn hierdoor minder geneigd de komst van een nieuwe en betere technologie af te wachten. Dat blijkt uit het proefschrift On the Economics of Technology Diffusion and Energy Efficiency van VU-milieu-econoom Peter Mulder. Het heffen van energiebelasting is volgens Mulder een beter middel om bedrijven te stimuleren op zoek te gaan naar nieuwe, energiezuinige technologieën. Bovendien is het uitvoeren van een belastingmaatregel relatief eenvoudig terwijl een goed subsidieprogramma om maatwerk vraagt en dus veel specifieke kermis en menskracht van de overheid eist. (PB)

Devote vrouwen Religieuze vrouwengemeenschappen zorgden in de middeleeuwen voor veel irritatie. Hun gebouwen namen kostbare ruimte in beslag in de steden en hun activiteiten waren sommige stedelingen een doom in het oog. Historicus Madeion van Luijk beschrijft in haar proefschrift Bruiden van Christus de ontwikkeling van de 'tweede religieuze vrouwenbeweging' in de steden Leiden en Zwolle tussen 1380 en 1580. Het betrof vele duizenden vrouwen die begijnhuizen, devote gemeenschappen, zusterhuizen van het gemene leven, tertiarissenconventen, reguliere kanunnikessenkloosters en dominicanessenkloosters stichtten. De devote zusters leidden in essentie een kloosterlijk leven. De huizen brachten dezelfde vorm van ascese in de praktijk, waarbij slechts de mate van strengheid varieerde. Ook wat de spiritualiteit betj-eft, vertoonden de verschillende gemeenschappen grote overeenkomsten. Het uiteindelijke doel van de devote vrouwen was 'bruid van Christus' te worden. (PB)

Autisme en ADHD Autisme en ADHD hebben dezelfde oorsprong. Beide ontwikkelingsstoornissen worden gekoppeld aan het niet goed functioneren van de voorste delen van de hersenen, de frontaalkwab. Deze zorgt onder andere voor het kuimen stoppen van gedrag, het flexibel kunnen reageren en het kunnen plaimen. Ze zorgt ook voor het gebruik van taal in sociale situaties. In haar proefschrift Executive Functioning Profiles in ADHD an HFA concludeert neuropsycholoog Hüde Geurts dat kinderen met autisme een grotere verscheidenheid aan problemen hebben dan kinderen met ADHD en dat deze problemen vaak ook ernstiger zijn. Opvallend is verder dat kinderen met ADHD niet altijd problemen hebben bij de uitvoering van taken waarbij de frontaalkwab een rol speelt, maar wel moeite hebben met taal als commtmicatiemiddel. (PB)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Ad Valvas | 580 Pagina's

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 167

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Ad Valvas | 580 Pagina's