Ad Valvas 2003-2004 - pagina 27
VALVAS 4 SEPTEMBER 2003
PAGINA 7
Commissie-Veldhuis moet wildgroei aan universitaire opleidingen aanpakken
Weetjes
En hop, alweer een studie
Openbaar vervoer Het promoten van het openbaar vervoer is slecht voor het milieu. Dat stellen VU-vervoerseconoom Piet Rietveld en transportbeleidsdeskundige Bert van Wee van de TXJ Delft in het septembernummer van het milieublad ArenA. Door het stimuleren van openbaarvervoergebruik neemt het autorijden namelijk nauwelijks af, terwijl langere treinen en bussen - nodig om meer passagiers te vervoeren - wel voor meer uitlaatgassen zorgen, ïüetveld en Van Wee zien wel heil in het ontmoedigen van autogebruik door middel van onder andere een kilometerheffmg, hogere parkeertarieven en een verminderde wegcapaciteit. (PB)
Samenwerkende docenten De onderzoeksvaardigheden van middelbare scholieren zijn onder de maat doordat docenten te weinig samenwerken. Die conclusie trekt medewerkster van het Onderwijscentrum V U Daphne Rijborz in haar proefschrift Leren onderzoeken. Leraren weten niet van elkaar welke vaardigheden ze hun leerlingen precies bijbrengen en stemmen hun praktijkopdrachten dus niet op elkaar af Samenwerking is de sleutel tot verbetering van die situatie. Daarbij zouden docenten kunnen denken aan vakoverstijgende onderzoeksopdrachten voor hun leerlingen. Zogenaamde leerlijnen zijn daarbij zeer nuttig, zo bleek uit een onderzoek van Rijborz onder havoleerlingen. Een leerlijn bestaat uit drie praktische opdrachten die toenemen in moeilijkheidsgraad. (PB)
Het opleidingenaanbod aan de universiteiten rijst de pan uit. Verwarrend voor aankomende studenten, verwarrend ook voor toekomstige werkgevers. Maar er is een commissie opgericht die meer lijn in het aanbod gaat brengen. Alleen - hadden we dat niet al eens eerder gezien? Peter Hanff HOP) Het aantal opleidingen in het hoger onderwijs rijst opnieuw de pan uit. M e t één verschil ten opzichte van vorige jaren: ditmaal zijn het de universiteiten die zich bezondigen zich aan een ontstuimige groei. Wat is het wezenlijke verschil tussen international business, international business administration en international economics and business? Weinig studenten of werkgevers die het antwoord zo even paraat hebben. Toch zijn het allemaal zelfstandige studierichtingen in het wo. Wanneer een studie in steeds weer een nieuwe variant opduikt, spreken politici al gauw van wildgroei. En als een hogeronderwijsspecialist in de Tweede Kamer dat woord bezigt, gebeurt dat meestal met een chagrijnige kop omdat het verschijnsel zo onuitroeibaar lijkt. Bij de laatste grote schoonmaak, nog maar vijf jaar geleden, werd het aantal wo-opleidmgen na moeizaam overleg teruggebracht van 270 naar pakweg 120. N u staat de teller weer op tweehonderd. Daarmee is die grote schoonmaak dus voor een groot deel teniet gedaan. Ondanks aanhoudende klaagzangen van politici, studenten en werkgevers: Help, we zien door de bomen het bos niet meer.
Grote schoonmaak Tot voor kort richtten de koren zich vooral tot de oren van hbo-bestuurders. Inmiddels hebben de universiteiten met hun aantal opleidingen de hogescholen bijna ingehaald. Met name bij wo-economie is het aantal varianten de afgelopen jaren geëxplodeerd van een ruime handvol - economie, bedrijfseconomie, econometrie en nog een paar - naar 27 richtingen (opgave: V S N U ) . Zo'n toename in inhoudelijke diversiteit, dat zou een sterk staaltje zijn. Zeker omdat het aantal onderzoeksprogramma's van de Nederlandse econoffiiefaculteiten de afgelopen jaren dankzij een stroomlijningsoperatie juist daalde van negentig naar zestig. H e t academische peil van de opleidingen geeft evenmin aanknopingspunten voor de toename. Een visitatiecommissie onder leiding van Piet Verheijen wees in juli een paar topfaculteiten aan (Tilburg en Maastricht), maar de rest presteert gewoon behoorlijk. Voorzover er grotere diversiteit is bereikt, dan toch vooral in de naamgeving. Zo kun je in Nederland niet alleen economie studeren (UU, VU, K U N ) , maar ook algemene economie (RuG, U v T ) . Het verschil? "Ik denk niet dat ik dat aan een leerling kan uitleggen", zegt decaan K. Bekkenutte van het Augustinus College in Groningen. En of opleidingen als economie en management (RuG) en economie «« bedrijfskunde (UvA) echt wezenlijk van elkaar verschillen? Bekkenutte betwijfelt het.
De reeks 'economie en...' wordt over een jaar overigens nog aangevuld door Wageningen. Die universiteit voegt een snufje beleidswetenschappen toe. Daar ligt een andere verklaring voor de groei binnen economie: wat vroeger niet meer was dan een specialisatie, wordt nu een zelfstandige richting.
Studie en strand Bij de Landelijke Studentenvakbond vinden ze al die nieuwe opleidingen vooral oude wijn in nieuwe zakken. "Instellingen veranderen twee vakken in een studie en brengen ze dan als een nieuwe opleiding. Want met een nieuwe opleiding trek je meer studenten", aldus LSVb-voorzitter Merijn de Jong. Een gevolg, meent De Jong, van een Groter Kwaad. Dat is het huidige bekostigingssysteem op basis van de instroom en het aantal afgegeven diploma's. Daarmee zijn de instellingen gedwongen zich bij hun opleidingenaanbod te laten leiden door commerciële afwegingen. De nieuwe (?) opleiding wordt indien mogelijk verkocht in combinatie met het nabij gelegen strand of een bruisend plaatselijk
"Het bama-stelsel was zo'n haastklus dat er geen tijd was om naar de namen van de opleidingen te kijken" kroegleven, aldus De Jong. Voeg daarbij de volgens de bond belabberde studievoorlichting en er doemt volgens De Jong een levensgroot gevaar op: "Verkeerde keuzes, vertraging, uitval en vette studieschulden." Ook Chiel Renique van werkgeversorganisatie V N O - N C W ziet de groei voor een deel als optisch. "Veel faculteiten bieden nu Engelstalige varianten aan." Dat zou hij niet als wildgroei willen betitelen, hij vindt dat die opleidingen wel een aparte status verdienen. Maar verder zmt de groei van het opleidingenaanbod hem ook niet. "Als je even niet oplet, vliegt het uit de bocht." Debet aan de recentste groeistuip is volgens Renique de invoering van het bachelor-masterstelsel. Veel faculteiten gingen aan de slag met nieuwe programma's. En al is daarbij tot genoegen van V N O N C W echt wel meer gebeurd dan het opdelen van de studies in een bachelor- en een masterfase, Renique vreest dat niet alle werkgevers meer zullen
Kerkscheuring
begrijpen welke academische achtergrond een sollicitant heeft. Met brede bachelors zou het bedrijfsleven een stuk meer geholpen zijn, denkt de VNO-NCW-woordvoerder. Daarin zouden studies met een sterke verwantschap een thuis kunnen vinden. Vijftig procent van de inhoud zou dan gemeenschappelijk worden, de rest zou afhangen van het specifieke vakgebied. Renique besluit zijn betoog met een retorische vraag: "Waarom zouden universiteiten geen gemeenschappelijke kern kunnen definiëren voor opleidingen die grotendeels identiek zijn?"
Goudschaaltje Ook de universiteitsbestuurders zitten met het grote aanbod in hun maag. Ze liggen namelijk onder vuur bij overheid, politiek, bedrijfsleven en pers. Want hoe kan een stelselwijziging die bedoeld was om meer transparantie te creëren, nu tot nog meer onduidelijkheid leiden? H o e konden de universiteiten dat laten gebeuren? Nog afgezien van de kritiek van de buitenwacht: zelf vinden ze het ook niet zo handig. Meer opleidingen betekent ook meer gedoe met visitatie- en accreditatieprocedures. Dat kost tijd en geld. De universiteiten hebben er dan ook een werkgroep op gezet: de Commissie Onderzoek Mogelijkheden Reductie Aantal Bacheloropleidingen. Het gezelschap onder leiding van de Utrechtse collegevoorzitter Jan Veldhuis hoopt meer lijn in het aanbod te brengen. Wellicht - in sommige sectoren - in de vorm van de brede bachelors. Al worden de woorden daarover op een goudschaaltje gewogen, want dat soort grote ingrepen ligt nogal gevoelig. Van 'wildgroei' spreekt de commissie-Veldhuis overigens niet in haar plan van aanpak. Integendeel. "Ter voorkoming van mogelijke misverstanden is nog eens gestipuleerd dat de operatie niet bedoeld is om handvatten te bieden voor een eventuele actie gericht op een doelmatiger innchting van het landelijke universitaire opleidingenaanbod." Een duidelijk signaal: de commissie wil zich alleen met de overzichtelijkheid van het aanbod bezighouden. Het nut ervan is geen onderwerp van discussie. Rest de vraag waarom de faculteiten tijdens de bama-invoering niet even bij elkaar hebben geïnformeerd welke namen ze wilden gaan voeren voor hun opleidingen. Was dat niet eenvoudiger geweest dan achteraf een commissie aan het werk zetten? Inderdaad, zegt woordvoerder Boukje Keijzer van de VSNU. "In het verleden keken universiteiten ook wel even hoe de naamgeving van een nieuwe studie elders was. Maar de invoering van het bama-stelsel was zo'n ontzettende haastklus, dat gaf een enorme druk. N u hebben we een uitstekend aanbod, maar het is niet zo overzichtelijk."
Hervormde gemeenten hoeven zich juridisch gezien niet aan synodebesluiten te houden. Dat is de één van de conclusies waarop Jan Post op 2 september bij Godgeleerdheid promoveerde. De Nederlandse Hervormde Kerk heeft een niet-hiërarchische kerkordestructuur. Gemeenten nemen hierin hun eigen beshssingen. Pas wanneer ze dat niet willen of kurmen, komt het besluit bij een breder orgaan terecht. Bij de voorgenomen kerkfiisie met de Gereformeerde Kerken in Nederland en de Evangelisch-Lutherse Kerk kan dit tot problemen leiden. Wanneer gemeenten het niet eens zijn met de veranderende kerkleer of het feit dat er een controleorgaan komt, hoeven zij zich daar niet bij neer te leggen. Post verwacht ook dat een aantal orthodoxe gemeenten bij N H K zich op deze manier zullen afscheiden. (PB)
Roken Stoppen met roken is helemaal niet zo gezond, stelt VU-medica Claire Bemaards in haar proefschrift Smoking and Health from Adolescence into Adulthood. Het veroorzaakt namelijk gewichtsschommelingen en heeft een slechte invloed op de bloeddruk. Beter is het om gewoon niet te beginnen met roken. Bemaards onderzocht als eerste de relatie tussen roken en gezondheid bij jonge mannen en vrouwen met een relatief kort rookverleden. De kennis op het gebied van roken en gezondheid was tot nu toe grotendeels gebaseerd op onderzoek bij rokers boven de veertig jaar met een relatief lang rookverleden. Alle resultaten uit Bemaards' promotieonderzoek zijn gebaseerd op gegevens uit het Amsterdams Groei en Gezondheids Onderzoek (AGGO), waarin zeshonderd mannen en vrouwen in de periode 19772000 tussen tussen hun dertiende en 36ste levensjaar regelmatig werden 'gescreend'. De resultaten bevestigen het nut van het strengere anti-rookbeleid van de Nederlandse regering dat als doel heeft te voorkómen dat jongeren beginnen met roken, aldus Bemaards. (PB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003
Ad Valvas | 580 Pagina's