Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 205

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 205

7 minuten leestijd

AD VALVAS 4 DECEMBER 2003

PAGINA 5

'Nieuwe' student zegt: 'Vertel maar hoe het moet'

De studiehuisparadox Nu de eerste lichting studiehuisscholieren op de universiteit is beland, krijgen docenten geleidelijk aan zicht op de 'kwaliteit' van de nieuwe studenten. Zijn het echt de zelfstandige, onderzoekende geesten geworden die tevoren waren beloofd? Martine Postma "Het is vreemd", peinst Jaap Buning, practicumdocent bij de opleiding natuurkunde. "Studenten die op de middelbare school volgens de studiehuismethode zijn opgeleid, zijn assertiever dan studenten oude stijl; ze weten wat ze willen, ze communiceren beter en ze durven makkelijker vragen te stellen. Maar tegelijkertijd zijn ze minder zelfstandig geworden." Buning leert eerstejaars natuurkunde hoe ze experimenteel onderzoek moeten opzetten. Daar komt veel zelf-

'Slimme scholieren leren nu met zo weinig mogelijk inspanning hun examen te halen' werkzaamheid bij kijken; studenten moeten zelf een opstelling bouwen en, m overleg met elkaar en met de practicumdocent, bekijken of die opstelling geschikt is of nog aangepast moet worden. "Je zou verwachten dat studenten die op de middelbare school al zo hebben leren werken, daar op de universiteit niet meer zo veel moeite mee zouden hebben", zegt Buning. "Maar het tegendeel is waar. Bij studenten die uit het studiehuis komen, vak me juist op dat ze erg afhankelijk zijn, zich heel afwachtend opstellen. Hun houding is: 'Vertel maar hoe het tnoet.' Dat is eigenlijk een ouderwetse leerhouding." De ervaringen van de natuurkundige druisen in tegen de bedoeling van het studiehuis, de nieuwe lesmethode die in augustus 1998 op een aantal 'voor-

hoedescholen' en een jaar later overal is ingevoerd in de bovenbouw van havo en vwo. Die methode is gebaseerd op het idee dat een leerling zijn eigen leerproces begeleidt. In plaats van passief in de klas te zitten en op te schrijven wat de leraar vertelt, moet de studiehuisleerling er zelf op uit om informatie te verkrijgen en onderzoek te doen. D e nieuwe methode van zelfstandig leren moet vwo'ers beter voorbereiden op een studie aan de universiteit. Maar Buning merkt nog weinig van

'De universiteit moet ook veranderen' Frans van Liempt - zelf tot voor kort leraar in het voortgezet onderwijs - adviseert de afdeling natuur- en sterrenkunde van de VU over de aansluiting tussen vwo en universiteit. Hij erkent de kritiek van VU-docenten op het studiehuis, maar blijft toch in de onderwijsmethode geloven. Van Liempt: "De mogelijkheden van het studiehuis worden nog niet optimaal benut. Het is voor docenten heel moeilijk hun rol van centrale figuur in de klas te laten varen en een goed oog te krijgen voor het begeleiden van individuele processen bij leerlingen. Veel leraren zijn daar nog niet voldoende in gegroeid. 'Dat leerlingen door het studiehuis gemakzuchtig worden, is ten dele waar. Het hele circus aan toetsen die meetellen voor het eindexamen - en dat begint al in de vierde klas - brengt een zekere oppervlakkigheid met zich Tiee en dat is storend. Maar die oppervlakkigheid komt toch niet alleen door het studiehuis; de hele cultuur is de laatste jaren meer gericht geraakt op genieten. Leerlingen willen best hun huiswerk doen, maar ze willen ook tijd hebben om uit te gaan, om het gezellig te hebben in de klas, om een beetje geld te verdienen. Daarom zou het klassikale onderwijs uit de jaren tachtig nu ook ondenkbaar zijn. "Dat vwo en universiteit nog niet goed op elkaar aansluiten, kun je overigens niet alleen de scholen aanrekenen; ook de universiteit is daar debet aan. Bij mijn weten is natuur- en sterrenkunde de enige afdeling die, net als het voortgezet onderwijs, werkt met een verplicht portfolio waarin studenten hun eigen ontwikkeling bijhouden. Ik denk dat het rendement van de studie hoger zou zijn als meer afdelingen zo gingen werken. Moet de universiteit zich eigenlijk meer gaan gedragen zoals het studiehuis? Ja, dat vind ik wel."

die voorsprong. Wat de 'nieuwe' studenten missen, is volgens hem reflectievermogen en discipline. "Ze leveren iets in en gaan er dan van uit dat het klaar is. Ze hebben niet geleerd om terug te koppelen, zo van: ' O , het is nog niet goed, blijkbaar moet ik het anders aanpakken.' Als het niet in één keer goed is, willen ze dat jij het voorzegt, want ze willen zo snel mogehjk h u n pimtjes halen. Die afhankelijkheid is ook een uiting van assertiviteit: als je het moeilijk hebt, leg je het probleem gewoon bij een ander neer. Maar dat is iets heel anders dan zelfstandigheid. Als je op die manier probeert te leren, ben je niet erg efficiënt."

Gytnnastiekleraar De natuurkundige vsajt het gebrek aan reflectie- en doorzettingsvermogen aan de manier waarop het studiehuis op veel scholen vorm gekregen heeft. "Het idee van zelfstandig leren is natuurlijk prima. Maar om mensen dat goed te leren doen, is veel begeleiding en didactiek nodig. Die is er niet; de leerlingen worden in een grote zaal bij elkaar gezet met om de orde te bewaren een gyirmastiekleraar erbij, of iemand anders die niets met het vak te maken heeft. Ze leveren hun werkstukken in - soms wel drie per week en horen daar nooit meer wat van. Ze zijn niet gewend feedback te krijgen." Het studiehuis, meent ook Bunings collega Ivo van Stokkum, lijkt een verkeerd type student te kweken. "Het is zeker niet zo dat ik mijn studenten wil afkatten - met sommige zijn we echt heel blij", nuanceert hij bij voorbaat. "Maar als er al hard wordt gewerkt, dan is dat vaak eerder ondanks dan dankzij de tweefasenstructuur." Slim-

me schoheren hebben volgens Van Stokkum in het studiehuis de kans gekregen zich een verkeerde werkhouding aan te meten. "Ze hebben geleerd om met zo weinig mogelijk inspanning hun eindexamen te halen. Dat is een kunstje, daar zijn ze in gedresseerd." Doodzonde, vindt de docent, die eerstejaars natuurkunde college geeft in computergebruik en programma- en datastructuren.

Afschuiven Niet alleen bij de exacte wetenschappen bestaan twijfels over de 'kwaliteit' van de studiehuisstudent. Danielle Torek, die eerstejaars Frans taalvaardigheid en taalkunde geeft, heeft het idee dat de nieuwe studenten minder verantwoordelijkheidsgevoel hebben, juist door het principe van zelfstandig leren. "Een paradoxaal effect van het studiehuis is dat de aandacht voor het individu is verminderd", meent zij. "De leerlingen moeten op school tegenwoordig heel veel dingen in kleine groepjes doen. Maar in een groep kun je je heel goed een beetje op de achtergrond houden, de verantwoordelijkheid afschuiven. Zélf iets maken en dat zelf verantwoorden tegenover een docent, dat is heel iets anders dan wat nu wordt aangeleerd." Wat Torek betreft heeft de nadruk op zelfstandig werken in het nieuwe systeem averechts gewerkt. "Het niveau van de studenten is zeker niet hoger geworden sinds de invoering van het studiehuis."

Kippenhok Ook Henk Reitsma, docent bij geschiedenis, merkt weinig van de

voorsprong die de studiehuizers zouden hebben door de nieuwe werkwijze, die meer is gericht op het aanleren van vaardigheden dan op het vergaren van kennis. Zo zelfstandig is die werkwijze volgens hem namelijk ook weer niet. "Scholen werken toch vaak met voorgeselecteerde teksten; de leerlingen hoeven het lang niet altijd allemaal zelf uit te zoeken. D a n krijg je zoiets als eieren zoeken in een kippenhok. Ja, daar vind je ze natuurlijk wel. Maar dat wil nog niet zeggen dat je ze ook buiten het kippenhok kunt vinden." Toch zijn de leerlingen uit het studiehuis volgens Reitsma niet slechter dan vwo'ers oude stijl. Veel van de klachten die hij over het niveau van zijn studenten heeft - ze lezen geen Frans en Duits meer, ze beheersen het Nederlands steeds minder goed, ze schrijven slecht - had hij ook al vóór de invoering van het studiehuis. Die kanttekening maakt ook natuurkimdedocent Van Stokkum. "De kennis bij studenten, bijvoorbeeld van wiskundige begrippen als differentiëren en integreren, loopt al jaren terug. De problematiek is veel breder dan het studiehuis." Zelfs breder dan alleen het onderwijs, meent taalvaardigheiddocente Torek: "Tegenwoordig moet toch alles snel? Het gebrek aan reflectie en de oppervlakkigheid zijn zichtbaar in de hele maatschappij. Mensen willen een beetje van alles weten, maar niemand neemt meer de tijd om écht diep na te denken." Volgende week publiceert Ad Valvas gegevens over de tevredenheid van studenten - lichting 2002/2003 - over de aansluiting bij de VU, als onderdeel van het landelijke aansluitingsonderzoek van het lOWO/Nijmegen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Ad Valvas | 580 Pagina's

Ad Valvas 2003-2004 - pagina 205

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 augustus 2003

Ad Valvas | 580 Pagina's