Ad Valvas 2004-2005 - pagina 523
N I E U W S
AD VALVAS 26 MEI 2005
PAGINA 1 1
Specialiste internationalisering waarschuwt:
'Zachte knip maakt immobier '*.'
Universiteiten moeten aiJeen masterstudenten toelaten die hun bachelordiploma op zal< hebben. Anders komt de mobiliteit in gevaar, waarschuwt Marijk van der Wende. HOP/Bas Belleman Prof. dr. Marijk van der Wende is hoogleraar bij het Twentse Cheps, een instituut dat internationaal vergelijkend onderzoek doet naar het hoger-onderwijsbeleid. Ze geldt als specialist op het gebied van internationalisering. Ze vindt de onderwijsinstellingen daar over het algemeen goed voor toegerust, maar de overheid mag haar rol wel scherper spelen. Hoe doet Nederland het op het gebied van internationalisering? "Redelijk goed. We hebben een sterk aanbod aan Engelstalig onderwijs en aantrekkelijke internationale curricula. Toch trekken we gemiddeld minder
buitenlandse studenten dan andere Oeso- en EU-landen. Dat weten we overigens niet helemaal zeker, want we beschikken nog steeds niet over goede data. Volgens de cijfers van de Oeso zijn er veertienduizend buitenlandse studenten in Nederland, terwijl birmenlandse schattingen spreken van bijna het dubbele. Onderwijsinstellingen hebben betere gegevens dan vroeger, maar de overheid verphcht ze niet systematisch te rapporteren. Dus hebben we geen scherp inzicht in de effecten van het intemationaliseringbeleid. Duidelijk is dat er meer buitenlandse studenten naar Nederland komen dan omgekeerd. Ook binnen het Erasmus-programma trekken maar vierduizend Nederlandse studenten met een Erasmus-beurs Europa in, terwijl er in dat programma zesduizend EU-studenten hierheen komen." Waarom hebben studenten zo weinig belangstelling voor Europa? "We hebben te maken met een generatie die vaak al sinds jonge leeftijd door Europa reist. Ze zijn inmiddels meer geïnteresseerd in de Verenigde Staten en Australië. Dat is zorgelijk. Nederland is sterk afhankelijk van
Europa en heeft veel mensen nodig die het op economisch, sociaal, cultureel en juridisch gebied goed begrijpen."
scheppen van de noodzakelijke voorwaarden: visaregelingen, studiebeurzen en het mogelijk maken van internationale joint degrees."
Is ander beleid gewenst? "Niet alles valt met beleid te beïnvloeden. ïCijk naar het komende referendum. In de jaren negentig was de houding tegenover Europa positief, en toch ziet het ernaar uit dat Nederland nu tegen de grondwet gaat stemmen. Aan zo'n omslag kan de overheid weinig doen. Het beleid hoeft niet fundamenteel te veranderen; studiebeurzen en mogelijkheden zijn er genoeg."
Het bama-stelsel moest internationalisering bevorderen, werkt het ook zo? "Jawel, ik denk dat de internationale mobiliteit van studenten na de bachelor zal toenemen. Maar dan moeten de instellingen geen zachte cesuur tussen de bachelor- en masterfase invoeren en studenten toelaten die hun bachelordiploma nog niet hebben gehaald. Allemaal slappe knieën. Je gaat toch ook niet iemand toelaten die bijna zijn middelbare school heeft afgerond? Bovendien moet je EU-studenten gelijk behandelen, dus als er een Duitser komt die zijn bachelor net niet heeft, zou je die ook toe moeten laten. Ondenkbaar."
Moet OCWmeer dwang uitoefenen? "Kijk, een instelling kan een buitenlandse stage of studieperiode verplicht stellen, dat moet de overheid niet doen. Het ministerie wil straks met de instellingen individuele prestatieafspraken maken. Internationalisering zou daar een oiiderdeel van kunnen zijn, zoals het een aandachtspunt is bij accreditatie. Maar het moet niet verzanden in losse beleidsmaatregelen. De instellingen zijn prima in staat hun eigen beleid te formuleren. De overheid moet zich beperken tot het
Wat hebben instellingen eraan om internationaal te zijn? "Ze leveren betere professionals en betere wetenschappers af Ze winnen ook aan kwaliteit als ze buitenlandse docenten aantrekken. Die zaken pleiten in hun voordeel bij de accreditatie. Maar geld verdienen aan buitenlandse studenten is minder eenvoudig
dan het lijkt. Je kunt ze hier niet zomaar bij je programma laten aanschuiven, zoals de Britse universiteiten doen. Die hoeven geen geld te steken in een campus of cursussen Engels. In Nederland zul je altijd extra moeten investeren voor je winst maakt. Als instellingen onderwijs in het buitenland aanbieden moeten ze bovendien de kwaliteitszorg daarvan goed regelen. Dat gebeurt niet altijd." Wat heeft Nederland eigenlijk aan buitenlandse studenten? "Ze zijn goed voor ons netwerk en voor de interculturele ervaring van Nederlandse studenten. Maar je hebt er natuurlijk niet veel aan om een middelmatige Chinees een middelmatig programma voor te schotelen in een groep met dertig andere Chinezen. Een geselecteerde groep een goed programma aanbieden samen met Nederlandse studenten: daar heb je wel iets aan. Die zou je ook een beurs kunnen geven. Daarnaast hebben we in de bèta- en techniekopleidingen tekorten. Daarin zijn we ondertussen afhankelijk van de buitenlandse studenten, dus ook daar zijn beurzen op hun plaats."
Medezeggenschap op zijn Belgisch 't??
^r^- --^^wi-
'm.
Rectorverkiezingen, waarom niet? Terwijl staatssecretaris R u t t e bezig is d e m e d e z e g g e n s c h a p o p n i e u w te r e g e l e n , d o e n d e Belgische u n i v e r siteiten iets w a t in N e d e r l a n d n o o i t v e r t o o n d is: h u n r e c t o r e n w o r d e n verkozen, m e t campagnes, d r u k b e z o c h t e d e b a t t e n e n al. Behalve hoogleraren en medewerkers h e b b e n o o k bestuurlijk a c t i e ve s t u d e n t e n kiesrecht. E e n i d e e voor Nederland? Sinds de studentenrevolte van 1968 worden bestuurders van Belgische universiteiten niet langer in besloten kring benoemd, maar openbaar verkozen. Bij de Katholieke Universiteit Leuven zijn de rectorverkiezingen deze weken in volle gang. Er hebben zich vijf hoogleraren kandidaat gesteld die een heuse campagne voeren om
de 1500 kiesgerechtigden, onder wie 150 studenten, voor zich te winnen. Van de kiesgerechtigden heeft in de eerste kiesronde bijna 93 procent gestemd. Een tweede en mogelijk derde ronde moeten bepalen wie zich de komende vier jaar rector mag noemen. Bij de universiteiten van Antwerpen en Gent zijn de verkiezingen net achter de rug. Ook hier waren de opkomstpercentages hoog. Dany Jacobs, hoogleraar Strategisch Management aan de Rijksuniversiteit Groningen en lector aan de Hogeschool van Amsterdam, komt uit België. "Toen ik lang geleden naar Nederland kwam, dacht ik dat alles hier veel m o d e m e r was. Maar voor de benoeming van burgemeesters en universiteitsbestuurders geldt dat beslist niet." Dat komt de bestuurscultuur niet ten goede, vindt hij. "Hier in Groningen zijn nu raadsver-
kiezingen, maar ze leven nauwelijks en ik heb geen idee waar de partijen en kandidaten voor staan. In België gaan de kandidaat-rectoren uitgebreid met elkaar in debat en maken ze dui-
VU-rector Sminia: 'We moeten waken voor populisme'
Rector magnificus Taede Sminia van de VU is dat niet met hem eens. "We moeten ervoor waken dat de rector door belangengroepen wordt gekozen en daardoor populistisch wordt. Het is makkelijk om het verkeerde kanaal in te zwemmen en de steun van studenten te krijgen door te roepen dat je Ruttes leerrechtenplan wilt tegenwerken - ik roep maar wat. De rector moet een academisch boegbeeld zijn, maar ook een professioneel bestuurder, want de universiteit is een groot en internationaal bedrijf"
Louter voordelen delijk hoe zij de universiteit zouden leiden. Dan blijkt al snel dat er niet één weg naar het heil leidt. Zo'n verkiezingssysteem lijkt me ook goed voor Nederland."
"Populisme is altijd een risico; daar hebben jullie in Nederland wel ervaring mee." Maar Jan Bauwens, directeur rectorale diensten van de K U Leuven denkt niet dat de 1500 hoogopgeleide stemgerechtigden van zijn
universiteit snel te lijmen zijn. Hij ziet louter voordelen van verkiezingen: "Ze leiden telkens tot een groot en levendig debat over de toekomst van de universiteit. Het maakt veel los bij de universitaire gemeenschap." Voor strategiedebatten acht rector magnificus Gerard Mols van de Universiteit Maastricht verkiezingen niet nodig. Hij kent het Belgische systeem en vindt het in beginsel democratischer, zoals dat ook voor de gekozen burgemeester geldt. Wat hem betreft mag het worden ingevoerd, maar hij verwacht niet dat de medezeggenschap bij de instellingen de oppepper krijgt die staatssecretaris Rutte nastreeft. "In de universiteitsraad wordt nu toch ook volop over het universitaire beleid gepraat? Ik zie niet in waarom rectorverkiezingen tot meer belangstelling van studenten zouden leiden." {HOP/BB-HC)
Studentendecanen bezoi^d over plannen Rutte H e t l e e r r e c h t e n p l a n v a n staatssecretaris R u t t e legt te veel d r u k o p d e s t u d e n t e n . N i e t d e instelling, m a a r d e s t u d e n t krijgt d e r e k e n i n g g e p r e s e n t e e r d . D a t v i n d e n d e studentendecanen van hogescholen en u n i v e r s i t e i t e n . "Rutte doet alsof leerrechten universiteiten en hogescholen dwingen om meer kwaliteit te leveren", zegt voorzitter Said Benayad van het Landelijk Beraad van Studentendecanen. "Maar in feite presenteert hij studenten de
rekening. Want zij zijn degenen die voort moet maken met hun opleiding, omdat ze anders een hoger collegegeld moeten betalen." Benayad betwijfelt met zijn collega's of de voorgestelde leerrechten wel genoeg druk leggen bij de instellingen. "Als een student wegens ziekte stopt met een opleiding, kan hij weliswaar een deel van het betaalde collegegeld terugkrijgen, maar zijn leerrecht is hij kwijt. Daar is die uidooptijd dan wel voor, maar daarin moet zoveel: ze moeten zich verdiepen, ze moeten meedoen aan nevenactivitei-
ten die belangrijk zijn voor de vorming van de student, en ze moeten een eventuele verkeerde keuze bij aanvang van de studie rechtzetten." Over de door Rutte voorgestelde uitbreiding van studiekeuze-informatie zijn de decanen opmerkelijk genoeg niet erg te spreken. Met informatie over toegankelijkheid, instroom, onderwijsinhoud, onderwijsresultaat, voorzieningen, doorstroommogelijkheden en arbeidsmarkt zouden studiekiezers door de bomen het bos niet meer zien. "Je kunt van 17- of 18-jarigen niet verwachten dat ze aan de
hand van die gegevens al kunnen bepalen welke studie het best bij ze past", meent Benayad. "Dan moeten ze wel erg veel inzicht hebben in hun eigen capaciteiten en voorkeuren." Het stoort hem dat scholieren hun toekomst steeds eerder moeten bepalen. "Als ze zich als vijftienjarige vergissen in hun profielkeuze, is het bijna onmogelijk om nog te switchen." Volgens de adviseurs maken studenten zich pas druk over het niveau van hun opleiding op het moment dat ze al in het hoger onderwijs rondlopen. "Dan is de overstap naar een betere
opleiding voor veel studenten te groot. Die mensen schieten wortel in hun studiestad, hebben er een sociaal leven. En waar haal je zo snel een nieuwe kamer vandaan?" Ruttes betoog dat smdenten de manco's binnen een opleiding eerst aankaarten bij de instelling en er in het kader van verantwoord staatsburgerschap eerst nog wat van proberen te maken, schuift Benayad terzijde. "Hoe lang duurt het niet voor een instelling de problemen oplost? Daar kan zomaar een jaar overheen gaan. Die tijd heeft zo'n smdent niet." (HOP/TdO)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 2004
Ad Valvas | 592 Pagina's