Ad Valvas 2004-2005 - pagina 363
AD VALVAS 10 MAART 2005
W E T E N S C H A P
Vers bloed
Weetjes Pijn en (dementie
De ontmoeting met de andere leden van de Jonge Akademie is Posthuma alleszins meegevallen. "Bij de KNAW denk ik toch een beetje aan oudere, stoffige mannen. Ik had verwacht dat er ook veel suffe wetenschappers onder de Jonge Akademici zouden zijn, maar het was echt heel leuk." Zo werden de speerpunten bepaald tijdens een soort spel, waarbij een aantal tafels evenzoveel thema's representeerden. Er was een tafel 'Onderwijsbeleid' en een tafel 'Interdisciplinaire ontmoetingen'. De Jonge Akademici stemden op de thema's van hun voorkeur door aan die tafels te gaan zitten. Het deed Posthuma denken aan Ren je Rot, het jeugdspelprogramma uit de jaren zeventig met Martin Brozius.
Volgende week wordt de Jonge Akademie officieel geïnstalleerd. Eindelijk krijgen jonge wetenschappers ook iets in de melk te brokkelen in het wetenschapsbeleid. Hopen de leden tenminste. Peter Breedveld Weimoed Visser De Koninklijke Nederlandse Akademie voor Wetenschappen (KNAW) is een club van vooraanstaande wetenschappers. Binnen de K N A W worden onderzoeken beoordeeld, contacten gelegd, de overheid wordt geadviseerd op het gebied van de wetenschap. Het is een invloedrijke organisatie. Wie er lid van is, heeft zijn sporen in de wetenschap ruimschoots verdiend. Probleem is wel dat het allemaal oude knarren zijn, die KNAW'ers. Jonge wetenschappelijke talenten hebben zich nog niet voldoende kunnen onderscheiden om in aanmerking te komen voor lidmaatschap. Die makke heeft het K N A W ook onderkend. Daarom is eind vorig jaar de Jonge
Monika Schmid (37), taaiwetenschapster 2000: Gepromoveerd aan de VU op een proefschrift over de relatie tussen taahreriles bij Duitse joden en hun ervaringen tijdens het nazi-regime 2002: Oi^nlsatie internationaal congres over taalverlies 2004: Veni-beurs van wetenschapsinstantie NWO Schmid oi^niseert jaarlijks zogenaamde Gradual Workshops voor internationale promovendi
Akademie opgericht. Die moet verbindingen leggen met jonge wetenschappers. Uit tweehonderd voorgedragen kandidaten zijn veertig supertalenten geselecteerd. D e kwaliteit van hun onderzoek en hun bovengemiddelde interesse voor interdisciplinaire samenwerking waren de selectiecriteria. Twee weken terug vergaderden de Jonge Akademici voor het eerst. Ze bepaalden onder meer de speerpunten van de Jonge Akademie: interdisciplinaire samenwerking, invloed op het wetenschapsbeleid en het verbreiden
PAGINA 7
Jaap Abbring (34), econoom 1993: Cum laude a^estudeerd in de Econometrie aan VU
1997: Cum laude gepromoveerd in de economie aan UvA/Tïnbeisen Instituut 1997-2000: Postdoc aan de VU 2000-2004: Akademieonderzoeker KNAW aan VU 1997-2004: Verscheidene posities aan buitenlandse instellingen (onder meer tweemaal Visiting Assistant Professor aan de University of Chicago, en Lecturer aan het University College te Londen) 2004-nu: Hoo^raar Algemene Economie aan VU 2004-nu: Director of Graduate Studies, Tinbergen Instituut
van de wetenschappelijke boodschap. Volgende week, op woensdag 16 maart, wordt de Jonge Akademie door onderwijsminister Maria van der Hoeven officieel geïnstalleerd. Volgens Catholijn Jonker (37), op de eerste vergadering gekozen tot voorzitter van de Jonge Akademie, is er grote behoefte aan een instituut dat interdisciplinair onderzoek bevordert. "Natuurlijk ontmoet je als wetenschapper zonder Jonge Akademie ook mensen uit andere vakgebieden, maar dat is veel incidenteler. Hier worden mensen uit verschillende disciplines in één potje gestopt en daar ontstaan veel intensievere contacten door. Er worden interdisciplinaire symposia georganiseerd, er worden reisbeurzen uitgereikt om mensen de kans te geven congressen te bezoeken die gezien hun vakgebied minder voor de hand liggen. De Jonge Akademie vergroot de toegankelijkheid tot nieuwe ideeën aanzienlijk."
Andersoortige wetenschappers Psychologe Danielle Posthuma (33) is een van de vijf VU-wetenschappers die zijn uitverkoren voor een lidmaatschap van de Jonge Akademie. Het zou voor haar de ideale gelegenheid kunnen zijn om in contact te komen met bijvoorbeeld biologen die haar meer inzicht kunnen geven in de fysiologische aspecten van het menselijke geheugen. Of met wiskundigen, die haar kunnen helpen bij het vermijden van de valkuilen van multiple testing. Archeoloog Fokke Gerritsen (35), ook van de VU, gaat het eveneens vooral om de minder voor de hand liggende ontmoetingen met andere wetenschappers. "Vanuit mijn vakgebied kom ik vanzelf in contact met vakgebieden die raakvlakken hebben met het mijne, zoals de geografie en de antropologie. Via de Jonge Akademie kan ik in contact komen met totaal andersoortige wetenschappers. Psychologen bijvoorbeeld. Dat zou heel interessante nieuwe invalshoeken kunnen opleveren."
Invloed Behalve interessante ontmoetingen is invloed ook een belangrijke reden voor de jonge wetenschappers om blij te zijn met hun lidmaatschap. "Bij de toewijzing van fondsen aan onderzoeksprojecten zou de inbreng van jonge mensen ons zeer welkom zijn", legt Jonker uit. "De wetenschappers
Fokke Gerritsen (35), archeoloog 2001: Promotie aan de VU 2001-2002: Docent aan de Bosporus University in Istanbul 2003: Proefschrift over de brons- en ijzertijdbewoning van Zuid-Nederland, beloond met de Studieprijs van de Stichting Praemium Erasmianum 2000-heden: Redactielid van Archaeoli^cal Dialogues (Cambridge University Press), internationaal tijdschrift over theoretische archeologie 2002-heden: Postdoc-onderzoeker en docent bij de afdeling Oudheid van de letterenfacutteü. Bezi^ met een 'biografie' van het Brabantse landschap van de bronstijd tot en met de Middeleeuwen
ten aanzien yan de wetenschappelijke carrière? "Het staat nooit slecht op je cv", aldus Gerritsen. "Maar het is vooral het netwerk van de Jonge Akademie dat toegang geeft tot allerlei personen en instanties." Toegang
Sommige dementerende ouderen voelen meer pijn dan de behandelende artsen vermoeden. Dat stelt VUhoogleraar Klinische Neuropsychologie Erik Scherder in de Volkskrant van 5 maart. Daardoor lopen volgens hem dementerende bejaarden het risico dat pijnklachten onderbehandeld blijven. Scherder: "Je weet het nooit zeker. Nog steeds is afwezigheid van pijnsignalen geen garantie voor de afwezigheid van pijn." Een oorzaak van het probleem is dat veel dementerende bejaarden niet goed in staat zijn aan te geven dat ze pijn lijden. Ook bepaalt de vorm van dementie sterk hoe iemand pijn beleeft. Zo ervaren Alzheimerpatienten waarschijnlijk veel minder pijn dan mensen die aan dementie lijden als gevolg van bloedvatproblemen. Idealiter zouden van de patiënten hersenscans gemaakt moeten worden om de eventuele pijnbeleving vast te kunnen stellen. Maar dit is in de praktijk lastig. Daarom raadt Scherder het gebruik van bepaalde eenvoudige neuropsychologische tests aan om de eventuele pijnbeleving te onderzoeken. (DdH)
Be(Jrog James VI van Schotland (1566-1625), tevens James I van Engeland, was behalve koning ook schrijver. Hij schreef onder andere politieke traktaten, gedichten en een boek over hekserij. Onder zijn gezag zag in 1611 de beroemde King James-bijbel het licht. Zowel de Spaanse katholieke vorst als de Nederlandse protestanten die tegen Spanje in opstand kwamen, liepen met James weg. Letterkundige Astrid Stilma, die op 10 maart promoveert, ontdekte dat een Nederlandse groep boekverkopers en vertalers de werken van James zo manipuleerde dat er voor de Nederlandse lezers geen twijfel over kon bestaan dan dat James de Nederlanden zeker zou helpen in de strijd tegen de Spanjaarden. Terwijl James toch een hekel had aan rebellen en al met Spanje onderhandelde over een vredesverdrag. (PB)
Socialiseren Danielle Posthuma (33), psychologe 2002: Proefschrift Genetic Variation and Cognitive Ability aan de VU 2002-heden: Projectleider van een onderzoek naar cognitieve processen in de hersenen 2003-heden: ProjectleMer van een onderzoek dat beoogt de genen te localiseren die werkgeheugen, attentie en cognitieve vermogens beïnvtoeden
Petra van Dam (42), historica die nu in leidinggevende posities zitten, zijn opgegroeid in een cultuur waarin interdisciplinair onderzoek niet centraal stond. Daar kunnen wij verandering in brengen." "Jonge mensen moeten ook een vinger in de pap krijgen", stelt Posthuma. "Als je nu bijvoorbeeld kijkt naar de bezuinigingsmaatregelen aan de VU, zijn het vooral de jonge wetenschappers die de laan uitvliegen." "Wij weten uit ervaring hoe de carrièreperspectieven voor jonge wetenschappers zijn" zegt VU-econoom en Jonge Akademicus Jaap Abbring (34) daarover. "Daarom denk ik dat we daar beter over kunnen adviseren dan de gewone Akademieleden." Gerritsen is, wat die invloed betreft, voorzichtig optimistisch gestemd. "De Jonge Akademie zal wel een manier zijn om de invloed van jonge wetenschappers te vergroten. Ik verwacht tenminste dat als we advies uitbrengen, dat daar door de universitaire wereld en de overheid wel aandacht aan zal worden besteed." Heeft het lidmaatschap van de Jonge Akademie ook merkbare voordelen
1997: Gepromoveerd in Leiden op proefschrift Vissen in veenmeren. De sluisvisserij op aal tussen Haariem en Amsterdam en de ecologisehe transformatie in Rijnland 1440-1530 2002-heden: Vei^elijkend onderzoek als Akademieonderzoeker naar historische ontwikkelingen in de relatie tussen economische activiteiten en veranderingen in het landschap 2002-heden: Projectleider van Rijnland 750, een onderzoeksproject dat onder meer gaai uitmonden in een nieuwe overdcbtsgeschiedenis van het hoogheemraadschap van Rijnland 12S0-1850
tot het netwerk is ook de grootste bonus die Posthuma zichzelf in het vooruitzicht stelt. "Ik krijg er heus niet gemakkelijker subsidie door", voorspelt Abbring op zijn beurt.
Minderheden laten zich positiever uit over hun socialisatie op het werk dan autochtone collega's. Dat is een van de uitkomsten van een onderzoek van psycholoog Wies Dinsbach, die 18 maart promoveert. Dinsbach onderzocht het socialisatieproces van migrantengroepen op de werkvloer. Socialisatie op de werkvloer betekent dat (nieuwe) werknemers duidelijkheid krijgen over hun werkrol, hun taken leren uitvoeren, vertrouwd raken met de organisatie en daarin sociaal integreren. Minderheden zijn tevredener met hun baan en identificeren zich sterker met hun organisatie. Werknemers die het gevoel hebben dat de organisatie minderheden discrimineert, zijn minder positief. Ook moeilijkheden met de Nederlandse taal kunnen het socialisatieproces van minderheden op het werk belemmeren. (PB)
Ziektewinst Mensen die er door een psychische aandoening op vooruitgaan, bijvoorbeeld doordat ze een arbeidsongeschiktheidsuitkering krijgen, lopen twee keer zo veel kans op een negatief behandelingsresultaat bij de psychiater. Dat blijkt uit onderzoek van psychiater Jacques van Egmond, die 166 patiënten bezocht en op 18 maart promoveert. Uitzicht op het behoud of de verkrijging van een sociaal voordeel kan volgens Van Egmond bewust of onbewust een antitherapeutische werking hebben. Patiënten gaan zich daardoor zelfs zieker voelen. Die antitherapeutische werking wordt volgens Van Egmond door de psychiater of psycholoog en psychotherapeut niet of onvoldoende herkend. (PB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 2004
Ad Valvas | 592 Pagina's