Ad Valvas 2004-2005 - pagina 182
PAGINA 6
O N D E R W I J S / N I E U W S
AP VALVAS 18 NOVEMBER 2004
'Niet alle studenten zijn even blij met colleges op cd-rom'
Digitale leeromgevingen zijn niet meer weg t e denken van de universiteit. Maar de computer heeft nog geen revolutionair ander onderwijs in de collegezalen gebracht. De docent blijft onmisbaar, bijvoorbeeld als studenten ruzie hebben.
mende studenten elkaar eigenlijk ook heel graag in levenden lijve zouden willen ontmoeten, maar voorlopig hebben we daar geen financiële middelen voor."
D e revolutie blijft uit
Dirk de Hoog "Sommige studenten reageren heel heftig. Ze sturen echt mailtjes in de trant van 'matennaaier'." Dat vertelde docente Nellie Harms vorige week op een seminar over computers en onderwijs. De bijeenkomst was belegd vanwege het vijfjarig bestaan van de afdeling Informatie- en Communicatie Technologie Onderwijs van het Onderwijscentrum van de VU. De workshop waar Harms haar ervaringen ventileerde ging over samenwerkend leren met behulp van de computer. Zij heeft daarvoor een cursus ontworpen voor de nieuwe opleiding Gezondheidswetenschappen. Studenten moeten daarvoor niet alleen gewone colleges volgen, maar ook in groepjes een werkstuk schrijven. Een belangrijk hulpmiddel bij dat groepsproces is Blackboard, de zogeheten digitale leeromgeving die inmiddels op bijna alle faculteiten van de VU wordt gebruikt. Via de betreffende sites van Blackboard kunnen de studenten met elkaar communiceren. Ze stellen vragen en sturen elkaar concepten van hoofdstukken voor het werkstuk toe. Ook kunnen ze met de betreffende docent via Blackboard communiceren. Uiteindelijk geeft de docent een eindcijfer voor het werkstuk als geheel. Maar de studenten moeten elkaar ook een cijfer geven, vooral voor hun betrokkenheid en participatie in het project. "Dat gaat soms heel hard", is de ervaring van Harms. "Je hebt nu eenmaal het probleem van de 'meelifters'. Dat zijn studenten die er de kantjes van aflopen en eigenlijk geen echte inbreng in het groepsproces hebben. Studenten zijn best mild in hun oordelen over hun collega's, maar de echte meelifters krijgen wel degelijk onvoldoendes. En die klagen dan weer bij de docenten dat ze zich tekortgedaan voelen door h u n medestudenten."
Geen intemetgedoe Uit de presentaties op het lustrumcongres bleken deze digitale leeromgevingen de meest voorkomende en succesvolle toepassingen van computertechnologie binnen het VU-onderwijs te zijn. "Niet erg revolutionair, wel erg handig", noemde Harms deze vorm van digitalisering van het onderwijs in reactie op een opmerking uit de zaal. "Ik geef al twintig jaar op zo'n manier onderwijs, maar dan gewoon in werkgroepjes zonder al dat intemetgedoe", merkte een docent namelijk op. Er bestaan natuurlijk ook toepassingen van digi-
tale technieken die veel verder gaan. Zo zijn er bijvoorbeeld volledig gedigitaliseerde syllabi die alleen via Blackboard te bekijken zijn, en her en der bestaan instructiemodulen die studenten helemaal individueel achter de computer kunnen volgen. Zulke toepassingen heb je bijvoorbeeld op het gebied van statistiek en bij geneeskunde voor het leren van de menselijke anatomie.
In levenden lijve Op het seminar gaf VU-medewerkster duurzaamheid Geertje Appel een voorbeeld van een onderwijsmodule die volledig via internet verloopt. Het gaat om een Europese cursus Milieu en Duurzaamheid. Via internet worden werk-
groepjes gevormd met studenten van allerlei Europese instellingen die samen een opdracht moeten maken. Voorwaarde daarbij is dat ze allemaal in een ander land wonen en alleen digitaal met elkaar communiceren. "Heel leerzaam", hield Appel haar publiek voor. "Mensen leren veel over de milieuproblemen in andere landen, maar tegelijk ook over de manier van werken en van de cultuur, zonder daadwerkelijk op reis te gaan." ledere betrokken universiteit levert begeleidende docenten. Die hebben inmiddels echter al besloten elkaar drie keer per jaar in levenden lijve te ontmoeten. Appel: "Dat is een van onze leerervaringen. Internet kan echte ontmoetingen tussen mensen toch niet vervangen. We merken dat de deelne-
Natuurlijk geeft het bijwonen van één werkgroepje een beperkt beeld van wat er op de V U allemaal gebeurt op het gebied van digitalisering van het onderwijs. T o c h lijkt een algemene conclusie te trekken. Computers en andere elektronica hebben de docenten niet uit de collegezalen verdrongen. Computers zijn vooral een hulpmiddel bij het traditionele onderwijs. D e grote digitale revolutie die het onderwijs radicaal zou veranderen, lijkt vooralsnog uitgebleven. "Is dat zo?", vragen we aan Jos Beishuizen. Hij is directeur van het Onderwijscentrum VU, dat onder meer verantwoordelijk is voor de ondersteuning van de digitalisering van het onderwijs. "Deels ben ik het met die conclusie wel eens", is zijn antwoord. "De interactie tussen studenten en docenten is nog steeds een centraal element in het wetenschappelijk onderwijs en zal dat waarschijnlijk blijven. Maar de computer heeft natuurlijk ook ontzettend veel veranderd." Zo wijst hij erop dat in vijf jaar tijd digitale leeromgevingen als Blackboard een geweldige vlucht hebben genomen. "Dat soort zaken is niet meer weg te denken uit het huidige onderwijs en ze zijn reuze handig. Bijna elke VU-student heeft er nu wel mee te maken." Beishuizen vindt bovendien dat de digitalisering wel degelijk gevolgen heeft gehad voor de onderwijspraktijk van individuele docenten. "Wil je dat de digitale mogelijkheden werkelijk meerwaarde geven, dan moet je natuurlijk niet alleen een paar sheets tijdens het college projecteren. Je moet heel goed nadenken over wat je aan studenten wilt overbrengen en welke middelen je daarbij inzet. D e digitale vernieuwing kan het onderwijs dynamischer, efficiënter en effectiever maken." Bovendien ziet hij nog heel wat mogelijkheden in het verschiet, zeker ook aan de VU. "We hebben een fantastisch vast netwerk. D a t maakt het heel goed mogelijk op colleges en practica met bewegende beelden te werken. Je kunt bijvoorbeeld bij Geneeskunde driedimensionale beelden van mensen met een bepaalde ziekte laten zien. En denk aan de enorme hoeveelheid filmen videomateriaal in de Nederlandse archieven. Al die geweldige documentaires spelen nu nauwelijks een rol birmen het universitair onderwijs." En hij voorziet wel degelijk dat bepaalde delen van het onderwijsprogramma virtueel aangeboden gaan worden. "Een docent bij rechten heeft een deel van zijn colleges op cd-rom gezet. D e cd biedt naast de colleges ook oefenvragen voor het tentamen. Ik hoorde kiderdaad dat niet alle studenten daar even blij mee zijn. Ze willen met de docent kunnen blijven praten. D a t zal dan ook wel gebeuren. Maar tegelijk gaat ook de 'google-isering' van onze kennissamenleving onverminderd door. Dat zal dus ook binnen het universitaire onderwijs gebeuren."
Beurs voor topstudent van buiten de EU E r k o m t e e n b e u r z e n p r o g r a m m a v o o r stud e n t e n v a n b u i t e n d e E U . H e t ministerie van O n d e r w i j s wil d a a r jaarlijks twintig m i l joen e u r o v o o r u i t t r e k k e n . T o t n u t o e k r e g e n instellingen v o o r alle n i e t - E U - s t u d e n t e n bekostiging, m a a r vanaf 2 0 0 6 zit e r e e n m a x i m u m aan. Dat staat in de intemationaliseringsbrief die staatssecretaris Rune naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. Met het beurzenprogramma is de voorgenomen bezuiniging op studenten van buiten de E U ongedaan gemaakt. De Tweede Kamer had daar in september om gevraagd. Het geld voor de beurzen zal de overheid over
de instellingen verdelen, "rekening houdend met het huidige aantal niet-EU-studenten", schrijft Rutte. Instellingen die op dit moment veel studenten van buiten de Europese Unie in huis hebben gehaald, kunnen dus studenten blijven trekken. De precieze verdeling is nog niet bekend; die wil het ministerie in overleg met de hogescholen en universiteiten vaststellen. Rutte verwacht dat het ingestelde maximum de kwaliteit van de instroom zal verhogen. Het is dan immers niet langer winstgevend om zo veel mogelijk studenten binnen te halen, ongeacht hun niveau. Er zal een code of conduct komen om fraude tegen te gaan. Bovendien moeten de instellingen de toekenning van de beurzen verantwoorden in
h u n jaarverslag. H o e dit eruit moet zien, is echter nog onduidelijk. Verder schrijft Rutte in de brief dat drie andere uitwisselingsprogramma's, te weten Huygens/ Culturele verdragen. Talentenprogramma en Delta, zullen samensmelten in het 'Huygens Scholarship Programme'. Voor dit nieuwe programma is vijf miljoen euro beschikbaar. Ongeveer een miljoen daarvan is bestemd voor Nederlandse studenten die naar het buitenland gaan. O m het imago van het Nederlandse hoger onderwijs in het buitenland te versterken, wil Rutte bovendien het toponderwijs in Nederland stimuleren. Hij heeft vijf miljoen gereserveerd voor de vorming van centres of excellence in de jaren tot 2008. Ook wordt het mogelijk om met
instellingen in het buitenland een gezamenlijke opleiding met een gezamenlijk diploma aan te bieden. Rutte zal de huidige wetgeving, die dat verhindert, aanpassen. Rutte kan op een breed draagvlak rekenen. Zowel de V S N U als de HBO-raad spreken overwegend goedkeurend over de brief. D e intemationaliseringsorganisatie Nuffic noemt het "een heel goede brief'. Alleen de studentenvakbond LSVb is ontevreden. D e studenten missen concreet beleid. Bovendien vinden zij het jammer dat Rutte slechts de beste buitenlandse studenten hierheen wil halen. Dat zou ten koste gaan van de middenmoot die het zo hard nodig heeft. (HOP/BB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 augustus 2004
Ad Valvas | 592 Pagina's