Ad Valvas 2005-2006 - pagina 370
PAGINA 6
W E T E N S C H A P / I N T E G R A T I E
AP VALVAS 16 MAART 2006
Vergrootglas voor scheikundigen Als je precies weet hoe een stof eruitziet, wordt het makkelijker om de werking ervan te voorspellen. Scheikundige Luuk Visscher kreeg 1,25 miljoen om een rekenmodel te ontwikkelen dat kan inzoomen op alle chemische reacties. "Ook voor de industrie kan dat handig zijn." TEKST: WELMOED VISSER FOTO: CHRISTIAAN KROUWELS De moleculen die wetenschappers onderzoeken worden steeds groter. Dat is een algemene trend binnen de scheikunde. In de biochemie spelen de langgerekte DNA-moleculen een belangrijke rol en ook de moleculen in de nanotechnologie zijn groot en complex. Logisch dus dat wetenschappers graag een computerprogramma zouden willen dat onbekommerd kan rekenen met deze grote, complexe moleculen. Universitair hoofddocent theoretische chemie Luuk Visscher is al een paar jaar bezig met het ontwerp van zo'n model, waarin hij verschillende wetenschappelijke theorieën combineert. Hij kreeg begin dit jaar een Vici-beurs om zijn ideeën verder gestalte te geven. "Iets doorrekenen voor eenvoudige moleculen met een klein aantal atomen is in de bestaande computersjrtemen meestal geen probleem", legt Visscher uit, "maar als de moleculen en dus ook het aantal atomen groter worden, neemt de rekentijd vaak met een derde macht toe. Daardoor krijg je heel snel lange wachttijden: als je iets met vijf keer zo veel atomen wilt doorrekenen, duurt dat 125 keer zo lang. Op een heel belangrijke berekening kun je wel eens een nacht wachten, maar dat wü je niet met alles."
Schalen plakken De crux van Visschers model is dat het met twee schalen tegelijk kan rekenen: een heel nauwkeurige en een minder nauwkeurige. Voor de eerste maakt hij gebruik van de zogenaamde golffunctietheorie. De minder nauwkeurige bepaalt hij met kermis van elektronendichtheid. "Als scheikundige ben je alleen geïnteresseerd in een specifiek deel van je onderzoeksmodel. Je wilt bijvoorbeeld precies onderzoeken hoe een chemische binding tot stand komt. Dan kijk je vooral naar die plekken waar een binding tussen twee atomen ontstaat of verbroken wordt. Die wü je onder een vergrootglas leggen, terwijl van de rest van je systeem een globaler plaatje volstaat. Als je niet het hele systeem tot in de kleinste details uitrekent, scheelt dit heel veel computertijd." "De moeilijkheid bestaat uit het aan elkaar plakken van deze verschillende schalen", aldus Visscher. "Dat is problematisch omdat de wetenschappelijke theorieën die de basis vormen van beide berekeningen, niet op elkaar aansluiten." Visscher onderzoekt hoe je deze schalen aan elkaar kunt plakken.
Kema^al Tot nog toe paste Visscher zijn model vooral toe op zware radioactieve elementen, maar de toepassingsmogelijkheden binnen de scheikunde zijn in principe onbeperkt. Drie promovendi, die Visscher met het Vici-geld kan aanstellen, gaan belangrijke toepassingen uitwerken. De eerste promovendus zal het model gebruiken om de werking van eiwitten als enzymen te onderzoeken. Visscher: "We weten dat metaalionen een belangrijke rol spelen in dit soort reacties, maar wat er precies gebeurt is nog niet goed in beeld gebracht. De omzetting van zonlicht in energie door planten is een soortgelijke vraag, die ook nog onopgelost is." De tweede promovendus gaat zich bezighouden met de radioactieve actinides. "In kernafval zitten actinides en lanthanides, die chemisch erg op elkaar lijken maar een andere halfwaardetijd hebben. Halfwaardetijd is de tijd waaria de helft van een hoeveelheid radioactief materiaal is vervallen. Lanthanides
vervallen over het algemeen veel sneller. Die kun je laten uitstralen en dan zijn ze niet gevaarlijk meer. Als je de lanthanides van de actanides scheidt, kun je de hoeveelheid radioactief afval flink reduceren, maar de scheiding is heel moeilijk. De promovendus gaat bekijken of je het tweeschalenmodel daarvoor zou kunnen gebruiken", legt Visscher uit. De derde promovendus gaat onderzoek doen naar de vervorming van de elektronenwolk van Xenon. Dat is een edelgas; in principe reageert het dus met bijna niets. Toch wordt de elektronenwolk rond de kern heel licht vervormd door invloeden uit de omgeving. Het model dat Visscher ontwikkelde is heel geschikt om deze kleine vervormingen te onderzoeken. Het zijn alledrie toepassingen van zijn model, maar Visscher denkt dat de kracht juist zit in de algemene toepasbaarheid; dat het model kan inzoomen op alle chemische reacties. "Ook voor de industrie kan het handig zijn. Nu worden veel werkzame stoffen gemaakt op een trial-and-error basis, maar als je weet wat een stof moet doen doordat je heel precies kxmt inzoomen op de plaats waar de stof zou moeten werken, dan wordt het ineens veel gemakkelijker om een dergelijke stof te ontwerpen."
Buitengewone chemici Luuk Vtsscher (39) was de enige VU-wetenschapper die liet afgelopen jaar een Vici-beurs ontving. De subsidie voor excellente, zeer ervaren onderzoekers, die nog geen professor zijn. Met het geld krijgen ze de kans om een duidelijke eigen onderzoekslijn op te zetten. Visscher krijgt 1,25 miljoen euro, waarmee hij drie promovendi kan aanstellen. In totaal kregen 27 wetenschappers dit jaar een Vici-beurs van de Nederlandse Oiganisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). Visscher studeerde scheikunde in Groningen, waar hij in 1993 ook promoveerde. Hij werkte daarna ais postdoc in de Verenigde Staten en Denemarken en kwam in 1998 naar de VU, waar hij sinds 2003 unhrersitair hoofddocent is. Hij geeft al leiding aan twee promovendi, een postdoc en een buitenlandse gastwetenschapper en met de Vici-subsidie komen daar drie promovendi en twee postdocs bij. De scheikundigen van de VU zijn zeer succesvol in het binnenhalen van NWO-subsidies. Visscher is al de vierde chemicus met een Vici-beurs. Romano Omi, Matthias Bickelhaupt en Maurice Janssen gingen hem voor.
Debattenreeks
'Geloof is slechts een alibi' De aftrap van een nationale debattenreeks over radicalisering van Marokkaanse jongeren vond afgelopen vrijdag plaats in het VU-hoofdgebouw. De uitgenodigde experts wilden eerst de definities vaststellen. 'De volgende bijeenkomst gaan we de diepte in.' MAURICE BLESSING "Wat is radicalisering? Ik weet het niet!" Mouad Zagdoud (27), voorzitter van de Marokkaanse studentenvereniging Selsabiel, heft tijdens zijn welkomstwoord de handen hulpeloos in de lucht. En er blijken nog meer zaken te zijn waarover de jonge moslim in het duister tast. "Het mag geen probleem zijn om een miljoen moslims op hun ziel te trappen, maar als ik een politieagent beledig, dan kan dat niet!" Gedurende de maand maart organiseert het Samenwerkingverband van Marokkanen en Tunesiers (SMT) samen met studentenverenigingen uit Amsterdam, Utrecht, Rotterdam en Nijmegen, een debattenreeks over radicalisering onder Marokkaanse
jongeren. Voor de eerste bijeenkomst heeft Selsabiel, dat het spits mag afbijten, drie experts uitgenodigd. Een van hen is de bekende arabist en jurist Maurits Berger, die het publiek 'een prikkelende stelling' voorlegt: 'Ik radicaliseer niet, ik word de radicalisering ingeduwd.'
De knop om "Dat hoorde ik van een jongeman met baard en jurk", licht Berger toe. "Maar radicalisering overkomt je niet, het is je eigen beslissing. Tegelijkertijd is het ook een proces waarbij op een gegeven moment een knop omgaat." Dat gaat er bij het publiek maar moeilijk in. "Is het nu een proces, of gaat er ergens een knop om?", wordt er gevraagd. Berger: "Het is een langzaam proces, waarbij op een gegeven moment de knop omgaat." De tweede expert Saoed Khadjé, docent aan het Haagse Dar-al-'Ilm Instituut voor islamstudies, stelt dat 'vanuit de islam' specifieke definities voor radicalisering worden gebruikt. "Ten eerste: het gaan dragen van klederdracht en extreem veel bidden. De tweede, gevaarlijke vorm is het tot ketter of ongelovige verklaren van anderen en hen vervolgens bestrijden", meent de moslimtheoloog. Hoe groot de laatste
groep is, weet hij niet. Maar deze groep groeit wel volgens Khadjé. "Dat is eerder een gevoel, je proeft het." David Pinto, intercultureel communicatiedeskundige, geeft weer een andere invulling aan het begrip radicalisering. Zijn definitie heeft het voordeel van de eenvoud: "Zolang iemand binnen de grenzen van de wet blijft, kun je niet van radicalisering spreken."
Vaag De betogen van de experts worden spaarzaam afgewisseld met vragen uit het publiek ("Is Hirsi Ali ook een radicaal?" Berger: "Ja.") Tot een echte discussie komt het die avond niet. Dat was ook niet de bedoeling, zegt Zagdoud na afloop. "Omdat discussies altijd vastlopen op definities, wilden we eerst een aantal definities vaststellen. De volgende bijeenkomsten gaan we de diepte in." Maar Emine Bayrak (23), studente theologie, had nu al wat meer antwoorden willen krijgen. "Ik vind het allemaal zo vaag," vertelt ze. "Kunnen ze niet wat concreter zijn? Wat gaat er persoonlijk in zo iemand om? Dat zou ik willen weten." Met de islam heeft radicalisering in ieder geval niets te maken, stelt Bayrak. "Het geloof is slechts een alibi waarmee radicalen hun daden willen goedpraten."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005
Ad Valvas | 576 Pagina's