Ad Valvas 2005-2006 - pagina 243
AP VALVAS 12 JANUARI 2006
W E T E N
S C H A P
Proefschrift over jonge zedendelinquenten
PAGINA 7
> Weetjes
Bij gebrek aan contact Groepsverkrachtingen komen steeds meer voor. Wat drijft die jonge jongens? Promovendus Anton van Wijk over het verschil tussen allesplegers en kindermisbruikers. TEKST: FLOOR BAL FOTO: MARIJN ALDERS
Darmziekten Onderzoekers van VUmc en Erasmus MC hebben met de zogenaamde dubbelballon-endoscopie (DBE) een revolutionaire doorbraak gemaakt in de behandeling van dunne-darmziekten. DBE is een endoscoop die zich met behulp van ballonnetjes vastzet in de dunne darm en daardoor in staat is zich een weg te banen door de maag en de dunne darm. Door het gebruik van deze ballonnen kan de dunne darm voor het eerst volledig met behulp van een scoop worden bekeken. In het wetenschappelijke tijdschrift Endoscopy bepleiten de onderzoekers dat DBE de gouden standaard voor onderzoek en behandeling van dunne-darmproblematiek wordt. DBE wordt ingezet bij verschillende groepen patiënten. Het leven van patiënten met bloedblaren in de dunne darm kan worden gered door die blaren op te sporen en dicht te branden. Voor sommige Crohnpatiënten kunnen operaties met enkele jaren worden uitgesteld. Bovendien kunnen mensen met erfelijke tumoren m maag, dikke en dunne darm in een veel eerder stadium worden geholpen. (PB)
Stamcel Onderzoekers van het VUmc hebben een manier gevonden om AML-stamcellen aan te pakken. Dit is een belangrijke stap in het ontwikkelen van een effectieve behandelmethode voor acute myeloïde leukemie (AML), een veel voorkomende vorm van bloedkanker. Een AML-stamcel zorgt voor de uitgroei van leukemie en lijkt erg op een gewone stamcel. Hierdoor is het moeilijk de zieke stamcel aan te pakken zonder de normale stamcel uit te roeien. Een team onder leiding van bloedcelspecialist Gerrit Jan Schuurhuis en Gert Ossenkoppele vond eerder dat stamcellen van patiënten met AML zich onderscheiden door een afwijking aan het celoppervlak. Deze zogenaamde CUL-1 marker komt niet op gewone stamcellen voor. Door een speciale antistof die werkt tegen CLL-1 aan een voor de cel giftige stof te koppelen, zou het in de toekomst mogelijk kunnen zijn om de leukemie-stamcel uit te schakelen zodat patiënten met AML kunnen genezen. (FB)
Anton van Wijk
Lijkt de jonge zedenmisdadiger op de enge man in de bosjes? "In mijn onderzoek heb ik de jeugdige zedendelinquenten in een aantal groepen verdeeld. Je hebt de generalisten, dat zijn vooral de aanranders en de verkrachters. Het zijn jongens die van alles doen: van vandalisme en diefstal tot groepsverkrachting. Bij hen gaat het met name om misdrijven die ze in groepen plegen. Het zijn jongens die op alle gebieden afwijken. Ze gebruiken alcohol en drugs en hun opleiding is mislukt. Ze zitten meestal diep in de straatcultuur. "Dan heb je de specialisten die vooral kinderen misbruiken en geen andere misdaden plegen. Dat zijn jongens die in hun eentje opereren. Ze kunnen geen aansluiting vinden bij leeftijdsgenoten en daardoor kurmen ze ook geen vriendinnetje krijgen. Dat is toch wat je wilt als je dertien of veertien bent, )e hormonen op gaan spelen en je wilt erg graag. Vervolgens komt zo'n jongen in een proces terecht waarbij hij erachter komt dat de jongere kinderen in de buurt wel met hem willen praten en zelfs tegen hem opkijken. De kinderlijkheid van de dader past bij de kinderleeftijd van het slachtoffer. Van het een komt dan het ander." Het zijn dus sneue types? "Het zijn jongens die geen vrienden hebben, op school gepest worden en bijvoorbeeld op zolder achter de computer zitten. Dat heeft te maken met hun persoonlijkheid en sociale ontwikkeling. In mijn proefschrift heb ik voor het eerst aangetoond dat die specialisten, de kindermisbruikers, vaker dan andere delinquenten een aan autisme verwante stoornis hebben. Bij de geweldplegers heeft zeven procent zo'n stoornis terwijl dat bij de specialisten zestien procent is. Een kenmerk van autisme is dat iemand sociaal geremd is, moeilijk contact maakt en dat is precies wat je ook bij kindermisbruikers ziet. Bij geweld
moet je contact maken, maar dat doen ze niet. Ze gebruiken vaak geen geweld, maar ze bedreigen en manipuleren. Ze gaan heel heimelijk te werk." Hebben die jonge zedendelinquenten geen geweten? "Typerend voor hen is dat ze hun daad achteraf altijd goedpraten. Het lag aan het slachtoffer of het was juist goed voor de seksuele ontwikkeling van dat kind. Bij groepsverkrachtingen zie je vaak dat die jongens weinig normbesef en schuldgevoel hebben. Als je tegen zo'n jongen zegt dat hij zich schuldig gemaakt heeft aan een zedendelict, dan kijkt hij je glazig aan. Het kan zijn dat ze echt vinden dat je een meisje die al met iemand naar bed is geweest, gewoon mag grijpen. Als het door een afwijkende norm komt, bijvoorbeeld als iemand een andere culturele achtergrond heeft, dan zou je daar met seksuele voorlichting mogelijk wat aan kunnen doen. Maar het is de vraag of je jongens die in zo'n straatcultuur zitten, kan bereiken." Is zo'n groepsverkrachting normaal voor ze? "Ik denk dat die groepsverkrachtingen heel zelden expliciet gepland worden. Het is niet zo dat die jongens bij elkaar zijn en zeggen 'laten we dat meisje uitnodigen en verkrach-
^Kindermisbruikers gebruiken vaak geen geweld^ maar ze bedreigen en manipuleren"
ten'. Vaak zitten ze in een groepje gewoon bij elkaar, vervolgens vraagt een jongen aan dat meisje of ze wil neuken en dan loopt het uit de hand. In de beleving van veel daders is dat gewoon. Pijpen of aftrekken is volgens sommige meisjes ook geen seks, maar iets wat je doet om een jongen een plezier te doen. Binnen de straatcultuur gelden andere normen dan in de rest van Nederland, dat geldt niet alleen voor de zeden. Ik heb Antilliaanse jongens gesproken die vast zaten voor drugshandel. Die snapten echt niet wat ze verkeerd gedaan hadden. Als iemand drugs wil gebruiken en jij verkoopt dat, wat is daar erg aan?" Gaan ze later ook nog de fout in? "Het beeld van zedendelinquenten die hun hele leven dat soort misdaden blijven plegen, moet bijgesteld worden. Deze maand verschijnt een onderzoek waaraan ik heb meegewerkt. Hierbij hebben we van 23.000 misdadigers hun criminele carrière bekeken. Naar schatting de helft van de jeugdige zedendelinquenten stopt helemaal met crimineel gedrag. Veertig procent stapt op andere delicten over. Een kleine groep, vaak de specialisten, gaat door. "Voor crimineel gedrag geldt hetzelfde als wat voor ander gedrag geldt. Wanneer iets nieuw is, zoals seks, probeer je dingen uit. Als je een fout maakt, word je daarop aangesproken en stel je je gedrag bij. Het kan zijn dat een jongen een misstap maakt, bijvoorbeeld doordat hij een signaal van een meisje verkeerd interpreteert. Een meisje biedt hem thuis iets te drinken aan en hij denkt dat er die avond wat gaat gebeuren, terwijl zij alleen aardig wil zijn. Wanneer hij opgepakt wordt, schrikt hij van de commotie. Het kan ook zijn dat hij een behandeling knjgt, die werkt. Dan let hij voortaan op dat hij niet meer dezelfde fout maakt. Welke aanpak voor welk type zedendelinquenten werkt, weten we op dit moment nog niet goed."
Integriteit 'Systematische aandacht voor handhaving van de integriteit leidt tot minder normoverschrijdend gedrag bij politieagenten', stelt Terry Lamboo in haar proefschrift Integritettsbeleid van de Nederlandse politie. Ze onderzocht hoe het integriteitsbeleid de afgelopen tien jaar bij drie politiekorpsen vorm heeft gekregen. Daarbij is vooral belangrijk 'dat de korpsleiding daadwerkelijk over durf en vaardigheden beschikt om integriteit te bespreken en optreedt tegen schendingen. De korpsleiding moet uitstralen dat integriteit wezenlijk is, anders leidt dit tot morele onzekerheden bij de korpsleden op de werkvloer', aldus de promovenda. Ze concludeert dat het integriteitsbeleid de afgelopen tien zeker resultaten heeft gehad, maar dat er nog tekortkomingen zijn. Zo worden lang niet alle klachten over politieoptreden geregistreerd en onderzocht. Van haar proefschrift is inmiddels een handelseditie verschenen. (DdH)
Strottenhoofd KNO-arts Marein van der Tom heeft een stemprothese ontwikkeld waarmee de stem van vrouwelijke patiënten met keelkanker wordt verbeterd. Bij patiënten met keelkanker is het soms nodig om het strottenhoofd met de stembanden te verwijderen. Sinds de jaren tachtig leren zij om weer te spreken met behulp van een klem sihconenrubberen ventiel dat tussen hun luchtpijp en slokdarm wordt geplaatst. Deze nieuwe stem klinkt rauw en veel lager dan de natuurlijke stem. Vooral vrouwen vinden de lage toonhoogte een probleem. Bovendien is de stem bij sommige patiënten slecht verstaanbaar. Van der Tom ontwikkelde een nieuw soort ventiel waarbij vrouwelijke patiënten met een erg zwakke stem gebaat zouden kunnen zijn. (FB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005
Ad Valvas | 576 Pagina's