Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 355

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 355

7 minuten leestijd

AP VALVAS 9 MAART 2006

A R B E I P S M A R K T X R E C E N

S I E

PAGINA 7

Pleidooi voor meer vaste aanstellingen

'Hele generatie verloren' Maar een op de tien promovendi vindt uiteindelijk een baan in de wetenschap. Universiteiten moeten daar iets aan doen, vindt Helen de Hoop, voorzitter van de vakbond voor de wetenschap. TEKST: DIRK DE HOOG FOTO: CHRISTIAAN KROUWELS

"Over een school waar maar een kwart van het personeel leerkracht is, zou iedereen schande spreken. Maar dat de verhoudingen zo liggen aan de universiteiten, lijkt bijna iedereen koud te laten", zegt Helen de Hoop (41). Ze is sinds een jaar voorzitter van de Vakbond voor de wetenschap (Vawo). Die vakbond publiceerde samen met het Promovendi Netwerk Nederland en het Landelijk Postdoc Platform vorige maand een onderzoek naar de toekomstperspectieven van jonge wetenschappers. Die zijn ronduit slecht. Maar een op de tien gepromoveerden viadt een baan in de wetenschap en dan hobbelen de meesten nog van het ene tijdelijke contract naar het andere. Dat leidt ertoe dat jonge wetenschappers weliswaar enorm geïnspireerd zijn door hun werk, maar tegelijkertijd buitengewoon somber over hun toekomstkansen. "Het erge van het onderzoek is dat er niets nieuws in staat. De situatie was vijftien jaar geleden ook al zo. Toen promoveerden de eerste echte aio's en kwamen steeds meer gepromoveerden op de arbeidsmarkt en er is niets verbeterd", aldus De Hoop.

Projectbasis Haar eigen carrière is exemplarisch. Na haar promotie in 1992 in Groningen werkte ze nog negen jaar als postdoc op tijdelijke projecten. Die brachten haar respectievelijk naar Groningen, Utrecht en Leiden. Dertien jaar na haar afstuderen kreeg ze eindelijk een vaste baan in Nijmegen als universitair docent taalkunde. "Ik heb geluk gehad dat deze baan vrijkwam, want ik heb daarna nooit meer een advertentie voor een vergelijkbare functie gezien. Voor hetzelfde geld zat ik nog steeds op projectbasis werk te doen", legt ze uit. De Hoop vindt het misleidend dat de situatie aan de universiteiten vaak wordt voorgesteld als 'slechts' een probleem van jonge startende wetenschappers waarbij nu eenmaal selectie nodig is en alleen de besten door kurmen. "Het gaat niet alleen om pas gepromoveerden. De gemiddelde postdoc is tegen de veertig jaar. Ik ken mensen van zestig die nog steeds op projectbasis moeten werken. Het probleem is dat er een tweedeling is ontstaan binnen het wetenschappelijk personeel. Aan de ene kant heb je de hoogleraren en de universitaire docenten met een vaste aanstelling, aan de andere kant heb je de promovendi en de postdocs die op projectbasis werken. Dertig procent van het wetenschappelijk personeel is promovendus. In totaal heeft hooguit de helft van de wetenschappers een vaste aanstelling. De verhou-

dingen liggen wat dat betreft helemaal scheef, zeker als je daar nog bij optelt dat überhaupt maar de helft van het universitaire personeel wetenschapper is. De rest doet ondersteunende en beheertaken. Dat is net zo iets als een school waar de helft van het geld naar ondersteunend personeel en management gaat en dat ook nog eens de helft van de lessen door stagiairs en invalkrachten wordt gegeven."

Angsthazen De Hoop was in 1998 een van de oprichters van het Landelijk Postdoc Platform dat zich later aansloot bij de Vawo. Die vereniging is weer onderdeel van de Centrale voor Middelbare en Hogere Functionarissen. "Wat ik zo jammer vind is dat wetenschappers zich nauwelijks met hun arbeidsvoorwaarden willen bezighouden. Ze gaan voor de inhoud van hun werk. Dat de helft van hen zo ongeveer de slechtste arbeidspositie van iedereen in Nederland heeft, lijkt van ondergeschikt belang. Men is ook niet solidair met elkaar. Men doet net of een succesvolle carrière van je eigen inspanningen afhangt. Maar dat is niet zo. Universiteiten zijn zo bang wetenschappers een vaste aanstelling te geven dat ze goed functionerende onderzoekers aan het einde van het contract liever op straat zetten en weer opnieuw beginnen met een jonge promovendus. Zo kweek je echt wegwerponderzoekers. Op deze manier gooi je vreselijk veel talent gewoon na een paar jaar weg." Volgens De Hoop wordt het probleem te veel gebagatelliseerd. "Er dreigt een hele generatie verloren te gaan voor de wetenschap. De dertigers en veertigers komen niet aan de bak en als straks de babyboomers met pensioen gaan, is de kans groot dat dan alweer een nieuwe jongere generatie op de deur staat te bonken om binnen te komen." De Hoop vindt dat universiteiten andere keuzes moeten maken. "Er moet meer geld naar onderwijs en onderzoek gaan en minder naar ondersteunende taken en allerlei prestigieuze projecten, zoals luxe nieuwbouw. En binnen

'Zo kweek je echt wegwerponderzoekers ^

Helen de Hoop

de wetenschap moeten meer mensen een vaste aanstelling krijgen. Dat kan als de universiteiten minder angsthazerig worden. Nu wordt de tweede- en derdegeldstroom bijna nooit ingezet voor het creëren van vaste banen. Bijna al het geld voor onderzoek gaat zo in tijdelijke aanstellingen zitten. Dat kan anders. Bovendien kunnen voor allerlei projecten van bijvoorbeeld NWO ook ervaren onderzoekers ingezet worden in plaats van telkens nieuwe promovendi. Nu gaat heel veel onderzoeksgeld naar promovendi en hun begeleiding. Als voor die mensen verder toch geen kans op een carrière in de wetenschap bestaat, zouden minder promovendi aangesteld moeten worden en in de plaats daarvan meer postdocs een vaste baan krijgen."

Tenure-track Ze voelt wel voor het systeem van tenure-track. Daarbij krijgen postdocs die zich na een bepaalde periode van bijvoorbeeld vijf jaar bewezen hebben een vaste aanstelling. "Daarmee creëer je duidelijkheid. Voldoe je aan bepaalde

criteria, dan ligt er een toekomst voor je weggelegd in de wetenschap. Slaag je niet, moet je iets anders gaan doen. Dan worden mensen niet meer eindeloos aan het lijntje gehouden. Dat werkt ontzettend demotiverend." De Hoop vindt ook dat er in Nederland veel meer waardering moet komen voor gepromoveerde mensen. "Buiten de wetenschap telt dat helemaal niet mee voor je carrière. In andere landen is het juist heel gewoon dat je voor bepaalde functies buiten de wetenschap gepromoveerd moet zijn. Laten we beginnen bij het hoger beroepsonderwijs. Eis dat een bepaald percentage van het nieuw te benoemen personeel gepromoveerd moet zijn. Dat biedt extra motieven aan jonge academici om aan een proefschrift te beginnen en geeft wetenschappers betere mogelijkheden voor een carrièreswitch. Als we geen perspectieven op een normale loopbaan bieden, dreigt veel talent verloren te gaan. Nu is het soms al een probleem geschikte kandidaten voor een promotieplaats te krijgen. Zo wordt Nederland nooit een vooraanstaand kennisland."

Recensie

Waarom jongt US geen meisjes zijn

Die jongens toch...

Het gaat slecht met de jongetjes m de westerse samenleving. Zo slecht dat er aparte scholen voor jongens moeten komen, vindt auteur Koos Neuvel. DIRK DE HOOG

'Een jongen die op school hard werkt, is geen echte jongen', citeert Neuvel een zesjarige in zijn nieuwe boek Waarom jongens geen meisjes zijn. Het illustreert zijn betoog dat het niet goed gaat met jongens in de westerse samenleving. Ze presteren slechter op school dan meisjes.

vertonen meer probleemgedrag en lijden vaker aan gedragsstoornissen. De gedachte dat door een sekseneutrale opvoeding de verschillen tussen jongens en meisjes vanzelf zullen verdwijnen, moeten we volgens Neuvel ver achter ons laten. We moeten nu maar eens aanvaarden dat jongens en meisjes gewoon anders in elkaar zitten en zich op een andere manier ontwikkelen. Dat pleit juist voor een aparte aanpak van jongens en meisjes op school bijvoorbeeld. 'Jongens zijn meer dan meisjes typische groepsdieren, die binnen een groep vechten om status en naar hartelust collectief rivaliseren met andere groepen', stelt Neu-

vel, die tevens medewerker is bij het VU-podium. Binnen zo'n groep hebben jongens sterk de neiging eikaars opvattingen over te nemen en te versterken. Een belangrijke norm daarbij is dat je geen mietje bent. Macho is de mode en school is voor de meisjes.

Stoere engeltjes Neuvel ziet de remedie vooral in het serieus nemen van de jongenswensen. Geef ruimte aan hun natuurlijke gedrag en probeer dat in positieve banen te leiden. En daarbij schuwt hij een drastische aanpak niet. Hij pleit voor apane scholen voor jongens en meisjes. In het bui-

Wilt i't'iirtt'inumi rt/- jcj<infien.i opiwth

tenland zijn daar volgens hem goede resultaten mee behaald. De stoere jongetjes zingen zelfs als engeltjes mee in in het mannenschoolkoor. Een boeiende gedachte, maar is het jongetjesprobleem werkelijk zo groot als Neuvel beweert en zijn zulke ingrepen echt nodig? Misschien is het probleem eerder dat de jongensgroepjes nogal eens de 'verkeerde' leiders hebben en daardoor de fout ingaan. Criminologen stellen tenslotte dat tachtig procent van de jongensellende door twintig procent daders wordt aangericht. Wat zou er gebeuren als we die twintig procent naar jongensintematen zouden stu-

ren? De politiek voelt daar inmiddels veel voor. Koos He\iye\,Waaromjongens geen meisjes zijn. Watje weten moet als je jongens opvoedt, Uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam, 2006 € 17,90

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005

Ad Valvas | 576 Pagina's

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 355

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005

Ad Valvas | 576 Pagina's