Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 523

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 523

5 minuten leestijd

AD VALVAS 8 JUNI 2006

W E T E N S

C H A R

PAGINA 7

Toekomstplannen van reformatorische meisjes

Meer dan een kinderwagen

Een heuse emancipatiegolf voltrekt zich onder nnicidelbare-schooinneiden in Kampen. Dat constateert cultureel antropoloog José Baars-Blom.

dens hun schooltijd al voorbereid op studeren en werken in een niet-reformatorische omgeving. "Een deel van maatschappijleer is apologetiek. Daarbij leren ze om hun geloof tegenover andersdenkenden goed te verwoorden en met niet-gelovigen te communiceren." De leerlingen op het vmbo oefenen in rollenspelen de situaties waarin ze terecht kunnen komen. "Hoe ga je ermee om als je in een verzorgingshuis werkt waar er op zondag van je wordt verwacht dat je de stofzuiger pakt? Je wordt getraind om je eigen geloof te motiveren en ermee overeind te blijven in een ongelovige wereld." Wanneer de meisjes zich in de keuze voor hun studie laten leiden door hun cultuur, zie je dat vooral terug in de lengte van de gekozen opleiding. "Als je vraagt hoe hun leven eruitziet als ze 25 zijn, dan zeggen ze allemaal dat ze dan getrouwd zullen zijn en kinderen hebben. Maar ze willen tegen die tijd wel werkervaring hebben. Want als je al werkt, is het makkelijker om parttime te gaan werken dan wanneer je nog moet beginnen op de arbeidsmarkt. Omdat een wetenschappelijke opleiding vaak iets langer duurt, kiezen meisjes op het vwo relatief iets vaker voor het hbo."

TEKST: FLOOR BAL ILLUSTRATIE: NICO DEN DULK

"Het algemene beeld van reformatorische vrouwen is dat ze jaren achter de kinderwagen lopen met telkens een nieuw kind erin", vertelt José Baars-Blom (43). "Maar het grootste deel van de meisjes die ik gesproken heb, wil later kinderen combineren met een baan." Voor haar masterscriptie bij culturele antropologie onderzocht Baars-Blom de toekomstplannen en de geloofsbeleving van 23 reformatorische meisjes van de Pieter Zandt Scholengemeenschap in Kampen. Deze meisjes kwamen uit bible beltplaatsen als Genemuiden, Urk en Staphorst. "In de reformatorische gemeenschap gaat men uit van de leerstellingen van de Synode van Dordrecht. Daar interpreteren ze de bijbel heel letterlijk. In theorie zou hun religie en manier van leven heel statisch moeten zijn, die leefregels zijn immers niet veranderd vanaf 1619." In de praktijk blijkt hun leven stukken dynamischer. "De levensloop van vrouwen in Nederland is in de afgelopen vijftig )aar erg veranderd. Vanaf de jaren zestig hebben vrouwen de keuze gekregen om een ander leven te leiden dan de standaard levensloop van verloven, trouwen en kinderen krijgen. Ik vond het sparmend om te onderzoeken of het leven van reformatorische meisjes hetzelfde blijft of dat er toch veranderingen komen in het standaard idee van trouwen en zoveel kinderen krijgen als God hen geeft."

Oppasoma

Omslag Baars-Blom verbaast zich het meest over het feit dat de meisjes bij hun keuze voor een vervolgopleiding zich bijna niet laten beïnvloeden door hun religie. Een groot verschil met een paar jaar geleden. "De decaan van die middelbare school vertelde me dat het tot vijf jaar geleden ongebruikelijk was dat meisjes uit Urk en Staphorst naar het vwo gingen. Nu is zo'n opleiding al heel gewoon. Dat is de verdienste van de scholen zelf. Er zijn de laatste decennia goede reformatorische scholen bijgekomen. Ouders durven hun kinderen daarheen te sturen omdat ze dan zeker weten dat het gedachtegoed op die school juist wordt overgedragen." Binnen een paar generaties heeft er in de reformatorische gemeente een

omslag plaatsgevonden. "In de jaren zeventig bleek uit antropologisch onderzoek dat het voor meisjes uit Staphorst heel uitzonderlijk was als ze al naar het Ihno (lager huishouden nijverheidsonderwijs) gingen. Nu gaan dochters van deze vrouwen als ze daar de capaciteit voor hebben, naar het havo of vwo. Ouders kiezen voor hun dochter de hoogst haalbare middelbare schoolopleiding. Laagopgeleide moeders vinden het prima dat hun dochters daarna

KEZMDENMEOEDaiHC

BEN JIJ DE MANAGER VAN DE TOEKOMST? www. deltalloydgroep. com/traineeship

verder studeren, hoger opgeleide moeders stimuleren dat zelfs. Zo zie je dat onderwijs op zich al emanciperend werkt."

Militaire Academie De onderzochte meisjes kiezen iets vaker dan gemiddeld voor traditioneel 'vrouwelijke' opleidingen in de zorg en het onderwijs, maar de meerderheid laat zich niet door hun religie leiden. "Ze kiezen niet iets waarmee ze direct in hun eigen kring aan het werk kunnen. Een van de meisjes heeft de ambitie om hoogleraar chemie te worden. Er bestaat niet iets als reformatorische chemie. Een ander meisje wilde naar de Koninklijke Militaire Academie (KMA), dat is ook niet iets wat je verwacht." De leerlingen van de Pieter Zandt Scholengemeenschap worden tij-

^Er bestaat niet iets als reformatorische chemie ^

Van de ondervraagde meisjes wil 29 procent niet stoppen met werken bij de komst van een eerste kind, 47 procent wil haar loopbaan wèl onderbreken. Van hen wil ruim de helft in elk geval herintreden als de kinderen naar school gaan. Voor de kinderopvang hebben de meiden een traditionele oplossing; hun kinderen gaan niet naar de crèche maar naar hun (schoon-) moeder. Baars-Blom heeft niet gevraagd of dit al met de betreffende moeders besproken is. "Ik moet nog maar zien of dat gaat gebeuren. Die moeders hebben immers altijd in hun eigen kring geleefd en staan wellicht kritisch ten opzichte van de combinatie werken en kinderen. En misschien hebben ze helemaal geen zin om op de kleinkinderen te passen nadat ze zelf tien kinderen hebben opgevoed." De antropoloog zou niet verbaasd zijn als de meisjes uit haar onderzoek in de toekomst hun eigen kring zullen beïnvloeden. "Als je over tien jaar kijkt, zal een deel van die meisjes niet meer reformatorisch zijn. Dat zijn de meisjes die nu in hun dagelijkse leven al niet de normen van de belijdenisgeschriften volgen, bijvoorbeeld doordat ze uitgaan. De harde kern zal kleiner worden. De steeds hoger opgeleide meisjes zullen anders over de geloofsleer gaan praten. Ze hebben geleerd om kritisch na te denken over lesstof De kans bestaat dat ze ook kritisch gaan denken over leerstukken en het feit dat ambten in de kerk alleen door mannen worden uitgeoefend." Eind mei verscheen het boek van José Baars-Blom dat gebaseerd is op haar masterscriptie. De onschuld voorbij... over reformatorische cultuur en wereldbestormende meisjes, uitgeverij Kok, € 14,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005

Ad Valvas | 576 Pagina's

Ad Valvas 2005-2006 - pagina 523

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005

Ad Valvas | 576 Pagina's