Ad Valvas 2005-2006 - pagina 387
AD VALVAS 23 MAART 2006
W E T E N S C H A P
PAGINA 7
> Weetjes Onzichtbaar De kans op terugkeer van kankercellen bij Acute Myeloi'de Leukemie (AML) valt beter te voorspellen met de nieuwe methode van VUmc-promovenda Nicole Feller. Hierbij meet ze de voorheen niet te detecteren AML-cellen die chemotherapie overleven. Feller promoveert 24 maart hierop. Bij AML ontstaan er kankercellen in het beenmerg van de patiënt. Na chemotherapie zijn bij de meeste patiënten in het beenmerg met de microscoop geen leukemische cellen meer zichtbaar. Bij een aantal mensen komt de ziekte toch weer terug omdat een klein aantal leukemische cellen de therapie onzichtbaar toch heeft overleefd. Met een speciale techniek, de immunofenotypering met fiow-cytometrie, van Feller is het wél mogelijk om na elke chemokuur te kijken welke patiënten nog leukemische cellen in him beenmerg hebben. Hierdoor kan de therapie van de patiënten worden aangepast. (FB)
Goedkoop 'De komst van goedkope Poolse werknemers naar Nederland is goed voor de economie', stelt VU-hoogleraar economie Pieter Klaas Jagersma in een opiniestuk in het NRC Handelsblad van 16 maart. Hij schreef het stuk samen met Désirée van Gorp van Nyenrode Business Universiteit. Nu verplaatsen veel bedrijven, ook in de dienstverlening, arbeidsplaatsen naar lagelonenlanden. Het vrijgeven van de dienstensector in de Europese Unie kan deze tendens keren. 'Het maakt Nederland tot een aantrekkelijkere vestigingslocatie. Als lokale arbeidskrachten tegen competitieve lonen op de Nederlandse markt aanwezig zijn, neemt dat een belangrijke drijfveer weg voor bedrijven om uit Nederland te vertrekken. We zouden tegen deze achtergrond de komst van hoog- en laaggeschoolde immigranten moeten toejuichen.' (DdH)
Geboren VU ziekenhuis 1977, opgegroeid in Mijdrecint Studie Scheikunde en farmacochemie VU Promotie 2004 Institute of Physical Chennistry ETH Zurich Onderwerp Computersinnulaties biomoleculaire systemen Functie Universitair docent famnacochemie Negen VU-wetenschappers ontvingen eind vorig jaar een Veni-subsidie van 200.000 euro voor driejaar onderzoel<. Deze NWO-beurzen worden toegekend aan mensen die niet langer dan driejaar geleden promoveerden en een veelbelovend onderzoeksvoorstel indienden. Dit is het eerste deel in een sene portretten van hen. TEKST: DIRK OE HOOG FOTO: CHRISTIAAN KROUWELS
Spelen met moleculen
"Ik ben bezig met computersimulaties van moleculen en eiwitten. Daar probeer ik uit te vinden waarom bepaalde reacties wel of niet optreden. Dat moet het inzicht in de werking van biomoleculaire processen vergroten. Ik werk met veertig parallel geschakelde pc's. Sinds 1977, toen de eerste eiwitsimulaties plaatsvonden, is deze techniek steeds belangrijker geworden. Zeker nu de structuur van zo'n dertigduizend eiwitten in kaart is gebracht. Dit is overigens nog maar een fractie van alle bekende eiwitten." Wat maakt jouw onderzoek belangrijk? "Onze afdeling doet onderzoek naar nieuwe geneesmiddelen. Door met de computer tevoorspellen welke stoffen wel en niet werkzaam zijn, hopen we gerichter te kunnen zoeken. Bovendien kunnen we bijwerkingen van geneesmiddelen beter begrijpen. We kijken bijvoorbeeld hoe geneesmiddelen in het lichaam worden afgebroken. Daar zijn enzjTnen voor nodig. Bij sommige mensen ontbreken die. Als je weet om welke enzymen het gaat, kun je voorkomen dat zulke mensen te veel of de verkeerde medicijnen krijgen. Maar mijn onderzoek is vooral fundamenteel. Ik probeer meer inzicht te krijgen in de werking van eiwitten. Als je beter weet hoe processen bij bepaalde moleculen werken, kun je makkelijker voorspellen hoe dat bij aanverwante stoffen gaat. Dat geeft cumulatie van kennis." Waarom aan de VU? "Mijn onderzoek sluit heel goed aan bij wat andere mensen hier doen. Er zijn meer wetenschappers bezig met computersimulaties. Heel belangrijk is ook dat onze theoretische resultaten in het laboratorium getest worden met echte stoffen. Dat gebeurt hier. Andersom gaan wij weer achter de computer aan de slag met resultaten waarvoor de mensen in het lab geen verklaring hebben. We doen hier echt aan kruisbestuiving." Waarom kreeg uitgerekend jij die beurs? "Wat ik doe is een mooie mix van fundamenteel onderzoek èn mogelijkheden voor maatschappelijk relevante toepassingen. Dat spreekt de subsidiegever aan. Bovendien heb ik voor mijn leeftijd redelijk veel
gepubliceerd en heb ik al ervaring in het buitenland opgedaan. Dat ik over een behoorlijk internationaal netwerk beschik, viel in goede aarde. Ik ga bijvoorbeeld binnenkort twee maanden onderzoek doen in de Verenigde Staten." Wat was je gaan doen zonder deze beurs? "Ik zit in een geweldige luxepositie. Ik ben hier al anderhaf jaar universitair docent. Zonder die beurs had ik gewoon door kurmen gaan. Nu heb ik meer mogelijkheden om mijn eigen koers uit te zetten. Ik heb nog getwijfeld of ik deze baan zou accepteren. Ik had ook in het buitenland postdoc kurmen worden. Kansen genoeg. Toevallig ben ik in de goede hoek terecht gekomen. Na mijn stage werd ik gevraagd te gaan promoveren en na mijn promoveren werd ik gevraagd hier te komen werken. Dat geeft vertrouwen. Misschien had iemand anders die Veni-beurs wel harder nodig om vooruit te komen. Van de 28 aanvragen van chemici zijn er maar acht gehonoreerd. Maar ja, als wetenschapper moet je tegenwoordig geld binnenhalen. We proberen een extra promovendus of postdoc aan te trekken. Ik zorg nu tenslotte zelf voor een groot deel van mijn salaris. Hoe lang ik hier blijf, weet ik niet. Ik wil ooit nog wel eens naar het buitenland. Ik zal niet tot mijn pensioen aan de VU blijven werken." Altijd al de wetenschap in gewild? "Dat idee is pas bij mijn stage en promotie in Zürich ontstaan. Daarvoor wist ik het allemaal niet zo goed. Ik zat vroeger echt niet met een scheikundedoos in de keuken te experimenteren en ik heb ook nooit de schuur laten ontploffen. De schooldecaan zei dat ik gewoon moest gaan studeren wat ik het leukst vond. Ik twijfelde tussen economie en scheikunde. Ik heb blijkbaar goed gekozen. Nu vind ik het geweldig. Het gaat me vooral om de bevrediging van mijn nieuwsgierigheid. Ik wil weten hoe dingen in elkaar zitten en hoe het werkt. Het is prachtig dat ik op de computer met moleculen kan spelen en aan studenten mag uitleggen wat ik aan het doen ben. Ik heb helemaal niet het gevoel dat ik gewoon een baan heb, laat staan van negen tot vijf. En dat het potentieel nog om maatschappelijk zeer relevante zaken gaat, maakt het helemaal geweldig."
Radicaal Protestantse ondernemers onderscheiden zich door een duidelijke voorkeur voor het harmoniemodel. Dat blijkt uit het boek Geloof in eigen zaak, een bundel portretten van protestantse ondernemers die vorige week werd gepresenteerd door het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme. Terwijl veel andere geloofsrichtingen het gezag van de ondernemer altijd boven medezeggenschap stelden, hebben protestantse ondernemers steeds radicaal gekozen voor overleg. Een andere opvallende conclusie IS dat Nederlandse ondernemers nauwelijks fondsen wierven voor hun kerk, zoals gelovige ondernemers in Groot-Brittannië wél deden. In Nederland is de persoonlijke inzet van ondernemers groot geweest, maar niet hun gift. Textielbaron GerritJan van Heek liet bijvoorbeeld wel geld na voor goede doelen, maar zijn kerk kreeg helemaal niets. (PB)
Pneuma Aristoteles geloofde niet dat de ziel sterfelijk was, zoals Aristoteles-kenner Werner Jaeger (1888-1961) altijd heeft verkondigd. Jaeger baseerde zich op Aristoteles' tekst De Anima waarin Aristoteles beweert dat de ziel onlosmakelijk is verbonden met ons lichaam en dus uiteindelijk samen met dat lichaam sterft. Hoogleraar filosofie Abraham Bos, die op 28 april afscheid neemt, concludeert echter dat Aristoteles met dat lichaam niet ons aardse lichaam bedoelde, maar een soort fijnstoffelijke overgangsvorm tussen lichaam en ziel dat hij pneuma noemde. Wanneer Aristoteles zegt dat ziel en lichaam onafscheidelijk zijn, bedoelt hij dat de ziel is verbonden met het pneuma. Het pneuma is het instrument waarmee de ziel het grofstoffelijke lichaam beheert en dat na de dood van ons lichaam met de ziel naar de hemel gaat. De ziel was dus volgens Aristoteles wel degelijk onsterfelijk. Bos' bevinding zet niet alleen het gedachtegoed van Aristoteles, maar ook dat van de vroege kerkvaders in een nieuw licht. (PB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2005
Ad Valvas | 576 Pagina's