Ad Valvas 2007-2008 - pagina 343
BOEKENWEEK 2008 I PAGINA 7
NERICHA MARCHENA (51), student wijsbegeerte "Een paar jaar geleden heb ik in Utrecht een workshop verhalen vertellen gedaan, en als afsluiting daarvan moesten de deelnemers een presentatie houden. Ik ben toen benaderd door het Vertelbureau Lombok en sindsdien vertel ik verhalen voor kinderen en volwassenen op scholen, feesten, jubilea en zelfs begrafenissen. Dan vertel ik een verhaal over de overledene, gebaseerd op pvat de nabestaanden mij vertellen. Aan kinderen vertel ik de verhalen van de spin Kompa Nanzi uit mijn jeugd. Ieder kind op de Antillen is daarmee opgegroeid. Kompa Nanzi stamt af van de Afrikaanse spin Anansi, aanvankelijk een schepperfiguur. Onder de Afrikaanse slaven is hij een symbool van verzet geworden. Kompa Nanzi is de machthebbers altijd te sHm af. Ik vertel de traditionele verhalen, maar ik leg er ook altijd iets van mezelf in. Niet bij het opschrijven, maar bij het vertellen. Dan acteer ik gewichtigdoenerij, angst of woede. Daar zie je goed het verschil tussen verhalen schrijven en ze vertellen: bij schrijven moet alles in detail worden beschreven. Wanneer je vertelt, wordt er al veel overgebracht met je Hchaamstaal. Veel kan onbenoemd blijven. Ik ben nu bezig met een slavenverhaal, een roman. Het is gebaseerd op een liefdesverhaal dat ik eerder heb geschreven en waarvan ik een film wil maken. Iemand zei me dat ik dan beter eerst een boek kan schrijven. Het gaat over een prinses die uit Afrika wordt weggevoerd naar de Antillen. Het vergt ontzettend veel research. Ik wil zelfs naar Afrika reizen om ervoor te zorgen dat ik geen dingen beschrijf die nooit in werkeHjkheid zijn gebeurd."
THEO DE HAAN (46), docent bewegingswetenschappen "Aanvankelijk schreef ik korte verhalen, maar ik heb nu één roman uitgegeven in eigen beheer en ik ben bezig met een tweede. Die eerste roman is een spannend verhaal over een jonge natuurkundeieraar en zijn vriendin, die worden gemanipuleerd door een hoge politiefunctionaris. Over de tweede zeg ik niks, behalve dat ik ongeveer op een derde van het schrijfwerk ben. Van de eerste roman heb ik vrijwel de hele oplage van ongeveer driehonderd exemplaren verkocht, vooral via vrienden en kennissen. Hij kostte toen vijfentwintig gulden, de laatste tijd was hij te bestellen voor vijf euro via mijn website www.theodehaan.nl. Ik heb indertijd wel geprobeerd om hem uitgegeven te krijgen bij een grote uitgeverij, maar dat heb ik na een tijdje opgegeven. Het is ook geen ramp. Er zit zelfs een voordeel aan het uitgeven in eigen beheer. Ik ken iemand die een boek heeft uitgegeven bij de Arbeiderspers, die kent niemand van zijn lezers. Ik ken ze bijna allemaal. Ik schrijf omdat ik het leuk vind. Ik leg graag dingen uit. Schrijven is min of^ ^meer hetzelfde als voor een collegezaal staan. Als docent span je je in om bij je studenten iets helder te krijgen, als schrijver probeer je een bepaald beeld bij de lezer op te roepen. Het is een vergelijkbaar proces. Schrijven is ook het creëren van een paralleUe wereld, een vorm van dagdromen, eigenUjk. Veel mensen nemen tegenwoordig hrm toevlucht in de virtuele wereld van het internet, schrijven is mijn virtuele wereld."
Slavenverhaal
De Duiktoren
Ik voelde een brandende pijn op nnijn achterhoofd. Waar ben ik? Waar Is mijn moeder? Ik voelde dat ik op iets hards en vochtigs lag. Om mij heen hoorde Ik geklaag, gehuil en allerlei stemmen. Ik rook een warme, stinkende zweetlucht. Overal plakte het natte zweet op mijn lijf. Voorzichtig deed ik mijn ogen open, bang voor wat ik zou zien. Waar was ik? Waar was mijn moeder? Mijn hart bonkte heel snel In mijn keel. Langzaam kwam ik overeind. Ik kon mij amper verroeren. Ik zat vast. Zowel mijn h.anden als mijn voeten zaten vast. Met tranen in mijn ogen keek ik rond. Wij zaten met dertig vrouwen, twee aan twee achter elkaar In de kano. Het was krap. Mijn voeten waren met een ijzeren ketting aan de andere vrouwen geketend.
Walter probeerde het zich voor te stellen. Een salto, een dubbele salto, een schroeL Zo moeilijk kon dat toch allemaal niet wezen? Hij streek zijn handdoek recht en draalde zich op zijn andere zij. Achter hem werd luid joelend van de hoge duikplank gedoken. De meisjes zaten er met hun rug naar toe. Zij keurden de duikers geen blik waardig. Rustig kwebbelden zij door. Alleen Elvira onttrok zich soms aan het gesprek om bewonderend naar hun vernchtingen te kijken. Dat maakte Walter onrustig. Sinds ze m het zwembad waren had hij, zonder resultaat, geprobeerd haar aandacht te trekken. Het stelde hem maar weinig gerust dat ook de andere jongens tot nu toe geen vat op haar hadden weten te krijgen. Met achteloos gemak had zij hen bij iedere poging tot toenadering op afstand gehouden. Hij schrok dan ook een beetje toen zij ineens het woord tot hém nchtte. Tuurlijk wel', antwoordde hij op haar vraag of hij soms niet van de hoge durfde. Geïrriteerd bijna. Wat dacht ze wel? 'Zien!', klonk daarop haar bevel. Walter ging rechtop zitten en keek haar aan. Elvira beantwoordde zijn blik met een enigszins spottende, maar vooral uitdagende glimlach. Uitdagend was ook de manier waarop zij haar hand door haar lange haren haalde, het rinkelende geluid van haar armbanden, het geregen vetertje dat over haar borsten spande. Godverdomme, dacht Walter en hij stond op.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 27 augustus 2007
Ad Valvas | 548 Pagina's