Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2007-2008 - pagina 173

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2007-2008 - pagina 173

7 minuten leestijd

W E T E N S C H A P

AP VALVAS 22 NOVEMBER 2007

PAGINA 7

Symposium over maatschappelijke relevantie

Daar doen we het voor De VU wil dat wetenschappers meer stilstaan bij het nnaatschappelijk nut van hun onderzoek. Rose-Marie Droes en Frans Berkhout nemen een voorschot op de discussie.

I

TEKST: DIRK DE HOOG FOTO'S VU/RIECHELLE VAN DER VALK

^

ji^HW**

Hoe meet je dat? Het is niet eenvoudig om de maatscliappeliji(e relevantie van onderzoek aan te tonen. Dat gaf rector Lex Bouter al zelf aan in zijn diesrede. Tocli is het volgens hem belangrijk meetbare indicatoren te ontwikkelen. "Universiteiten worden bekostigd uit publieke middelen. Het is niet vreemd om te verwachten dat de maatschappij ook iets heeft aan het onderzoek dat er wordt gedaan." Hij noemde zelf al een paar indicatoren om de relevantie te beoordelen. Zo moeten onderzoeksgroepen kennis populariseren voor een breed publiek via de media en internet, deelnemen aan maatschappelijke adviesoii:anen op hun onderzoeksterrein en economische toepassingen via patenten ontwikkelen. Bouter is niet de enige die op zoek is naar criteria om het maatschappelijk belang van onderzoek te meten. Belangrijke oi^anisaties op het gebied van onderzoek zoals NWO, KNAW en de VSNU werken samen aan het project sci-Quest om de kwaliteit van onderzoek in de breedste zin te meten. Met de evaluatiemethode is al ervaring opgedaan bjj de Wageningen Universiteit en het wetenschappelijke farmaceutische onderzoek in Groningen en Utrecht. De betrokken onderzoekers moesten een vragenlijst invullen van twintig pagina's met indicatoren op drie terreinen: wetenschap, markt industrie en maatschappij beleid. Vraag 3.9 over economisch nut: Wilt u hieronder de vijf producten uit uw onderzoek met de belangrijkste waarde opsommen die in de a^elopen vijf jaar zijn ontwikkeld en kunt u kort het maatschappelijk belang ervan aangeven? En vraag 4.2.3. over de maatschappelijke inbedding: Kunt u voor de peiljaren 1996 en 2001 aangeven hoeveel leden van uw groep lid zijn geweest van of advies hebben ui^ebracht aan commissies of andere bestuurlijke of adviesoi^anen van nationale en internationale overheden?

Rose-Marie Droes, hoofddocent onderzoekshjn 'Zorg en ondersteuning bij dementie', afdeling Psychiatrie/Alzheimercentrum VUmc

Frans Berkhout, hoogleraar innovatie en duurzaamheid, directeur Instituut voor Milieuvraagstukken

'Wetenschappers moeten ook geld krijgen voor praktische toepassing'

'Wetenschappers moeten actief meedoen aan het maatschappelijke debat'

"Mijn onderzoek is begonnen toen ik als bewegingswetenschapper werkte met mensen met dementie in verpleeghxiizen. Zij bleken beter te gaan functioneren door ze te laten bewegen. Zodoende ontstond de gedachte ook thuiswonende mensen met beginnende dementie in hun eigen omgeving te activeren. Daarbij kwam dat ook mantelzorgers behoefte hadden aan ondersteuning. Mede op initiatief van Stichting Valerius zijn we toen gaan experimenteren met ontmoetingscentra voor mensen met dementie en hun verzorgers in twee Amsterdamse buurthuizen. Dat was in 1993. Mensen konden daar drie dagen per week terecht en kregen onder meer bewegingstherapie, terwijl de mantelzorgers konden deelnemen aan een lezingencyclus of een gespreksgroep om ervaringen en tips uit te wisselen. We hebben deze gecombineerde aanpak uitvoerig wetenschappelijk geëvalueerd en beschreven. De resultaten bleken heel positief. De dementerende mensen hadden minder gedragsproblemen en konden langer thuis wonen en de verzorgers konden hun taak beter aan. Dus we dachten dat die centra als paddenstoelen tiit de grond zouden schieten. Maar dat viel tegen!"

"Kennis is niet voldoende om het gedrag van mensen te veranderen. Kijk maar naar gezondheidswetenschappen bijvoorbeeld. Mensen weten dat roken en vet eten ongezonde gewoonten zijn, maar ze blijven het gewoon doen. Dat geldt ook voor het milieu en het klimaat. Waarom zouden mensen zich inspannen om de C02-uitstoot te beperken? Ze kunnen natuurlijk geld besparen door zuinig met energie om te gaan, maar dat is niet genoeg reden om een werkelijke verandering tot stand te brengen. "We hebben passagiers op Schiphol gevraagd of ze wilden betalen voor mUieucompensatie. Gemiddeld zeiden zij daarvoor tot wel 23 euro over te hebben. Maar bij een proefproject op vHegveld Eindhoven blijken veel minder mensen dan gezegd, bereid ook daadwerkeUjk te betalen. Natuurlijk zijn onderzoek naar en kennis over klimaatverandering en de rol van mensen daarin van cruciaal belang, want anders zouden we niet weten wat er aan de hand is en wat er moet gebeuren. Maar om werkelijk iets in gang te zetten, moeten in de maatschappij zaken in beweging komen. Het is natuurlijk boeiend om erachter te komen hoe zo'n proces verloopt. De film van Al Gore kwam juist op een moment dat de Europese samenleving ontvankeUjk was voor een omslag in de bewustwording over kHmaatverandering. In de samenleving begint een besefte ontstaan dat de opwarming van de aarde eigenlijk een moreel probleem is, waarbij het lot van onze kinderen en kleinkinderen in het geding is. Het gaat rdet meer alleen om de portemonnee van mensen, maar om fundamentele waarden en normen."

Lobbyen "Voor deze aanpak zijn we toen heel actief gaan lobbyen in de poHtiek en allerlei maatschappeHjke organisaties. Ook hebben we een draaiboek gemaakt voor het opzetten van ontmoetingscentra. Op een gegeven moment kwam er vanuit de zorg en de politiek meer aandacht voor deze methode. Mede omdat de aanpak waarbij mensen langer thuis blijven wonen, geld bespaart. Sinds 2004 krijgen we subsidie van het ministerie van VWS en het Innovatiefonds Zorgverzekeraars om de ontmoetingscentra landelijk te verspreiden. Verschillende provincies geven nu stimuleringssubsidies en het aantal centra is daarmee gestegen tot 36 met nog 26 in oprichting. Dus na vijftien jaar begint deze aanpak eindehjk ingang te vinden. "Waar ik tegenaan ben gelopen, is dat we als wetenschappers eigenlijk geen tijd, geld en waardering krijgen voor het in de praktijk brengen van nieuwe methoden. Daar heb ik veel vrije uren in moeten stoppen. Kijk, ik had het ook niet kunnen doen. Dan had ik na het succesvolle experiment in de periode 1993-1996 een paar mooie internationale wetenschappelijke publicaties op mijn naam gehad en was waarschijnlijk het hele project ingezakt. Maar mijn drijfveer is juist deze mensen te helpen beter in hun leven te functioneren. Dus die implementatie van mijn onderzoeksresultaten in de praktijk vind ik een logisch onderdeel van mijn werk. Zulke vernieuwingen duren nu eenmaal lang. Bij het instituut waar ons onderzoek is ingebed, het Instituut voor Extramuraal Geneeskundig Onderzoek (EMGO), moeten we voor het jaarverslag allerlei gegevens over de maatschappelijke impact van ons onderzoek aanleveren. Zoals in welke adviesorganen je actief bent en in welke publieksbladen en media je aan het woord bent geweest. Daar heb ik in 2005 samen met mijn collega Franka Meiland de Societal Impact Award van het EMGO voor gekregen. Maar bij de beoordeHng van je prestaties als onderzoeker telt dat soort zaken helaas niet mee. Dan gaat het om je wetenschappehjke publicaties."

Niet bang voor de pers "Zo'n omslag kunnen wetenschappers niet op eigen kracht tot stand brengen. Ze kimnen en moeten wel actief het maatschappelijke debat opzoeken en him inzichten en kennis via de media naar buiten brengen. Daarmee hebben ze invloed op maatschappelijke ontwikkelingen. Onderzoekers moeten niet bang zijn voor de pers, aUeen moetje het debat wel op een goede manier voeren en niet meegaan in allerlei hypes. Wetenschappers leveren hun bijdrage op basis van hun wetenschappelijke kennis en ervaring. En uiteraard is er ook ruimte nodig voor primair theoretisch en fundamenteel onderzoek, maar ook daar kim je van het begin af aan de vraag stellen wat het maatschappeüjk nut van je onderzoek is. "Ik zie die tegenstelling tussen maatschappelijk relevant en fundamenteel onderzoek niet zo, zeker als je aansluit op actuele vraagstukken op het terrein van kHmaat en milieu zoals wij doen." Op vrijdag 23 november vindt het symposium 'Kennis als openbaar bezit' plaats Aanvang 9 uur (ontbijt 8 15 uur) Atrium Medische Faculteit Toegang IS gratis Zie ook wwwvupodium.nl; www eric-project nl.

Reageren' Mail naar. redactie@advalvas vu.nl

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 27 augustus 2007

Ad Valvas | 548 Pagina's

Ad Valvas 2007-2008 - pagina 173

Bekijk de hele uitgave van maandag 27 augustus 2007

Ad Valvas | 548 Pagina's