Ad Valvas 2009-2010 - pagina 305
wetenschap 7
ad valvas 4 maart 2010
Dissertatie over kostwinners en verliezers
Economische zelfstandigheid vrouwen is een mythe
>Kort Gekleurd onderzoek Het effect van psychotherapie bij depressie is minder groot dan gedacht wordt. Dit blijkt uit onderzoek van Pim Cuijpers, hoogleraar klinische psychologie, dat deze maand verschijnt in het Bntishjoumal of Psychiatry. Hierin toont hij aan dat voor psychotherapeutische behandeling van depressie bij volwassenen een publicatiebias geldt onderzoeken die een gunstig effect van de behandeling laten zien, hebben veel meer kans op publicatie dan studies die geen verschil of zelfs ongunstige resultaten aantonen. Dit veroorzaakt een vertekend beeld. De onderzoekers concluderen dat de behandelingen niet zo effectief lijken te zijn als vaak wordt aangenomen. (MT)
Werkhervatting Een zieke werknemer met stressklachten kan zijn werk tot ruim twee maanden eerder hervatten. Dit blijkt uit onderzoek waarop epidemioloog Sandra van Oostrom van het VUmc op 9 maart promoveert. Het gaat hierbij alleen om werknemers die vinden dat ze weer aan het werk kunnen - ook wanneer ze nog klachten hebben. Van Oostrom toont aan dat deze groep werknemers baat heeft bij een participatieve methode, die werknemer en leidinggevende helpt knelpunten met elkaar te bespreken en samen op te lossen. Dit gebeurt onder begeleiding van een neutrale arbo-professional. De werknemers kunnen tot twee maanden eerder aan het werk dan mensen die alleen de standaardbegeleiding van een bedrijfsarts krijgen (MT)
Myrtille Hellendoorn: 'Het kostwinnerschap heeft feitelijk maar tien jaar bestaan'
Een aanzienlijk groep vrouwen in Nederland leeft in armoede of dreigt daarin terecht te komen, stelt Myrtille HeUendoorn. De socioloog Hellendoorn promoveerde 18 februari op haar dissertatie Kostwinners en verliezers waarin ze de gevolgen van de economische verzelfstandiging van vrouwen onderzoekt in de periode van 1950 tot 1990. Het kostwinnerschap is afgeschaft zonder dat er iets wezenlijk anders voor in de plaats is gekomen, is haar conclusie. "Er zijn nog steeds mensen voor wie gezorgd moet worden, kinderen, ouderen, zieken enzovoort. En het zijn nog steeds meestal vrouwen die dat doen. Maar zij doen dat steeds meer op eigen rekening." Dat vrouwen sinds 1985 wettelijk in hun eigen levensonderhoud moeten voorzien, heeft voor veel vrouwen financieel negatieve gevolgen gehad. Tussen 1950 en 1990 nam het aantal gehuwde vrouwen dat een betaalde baan had sterk toe, maar gemiddeld liepen vrouwen hun inkomensachterstand op mannen niet in.
Meer zorgtaken Vooral het inkomen van weduwes en gescheiden vrouwen bleef achter bij dat van de vergelijkbare groep mannen. "Omdat vrouwen veel meer zorgtaken op zich nemen dan mannen zijn ze gemiddeld minder dan mannen in staat via arbeid een goed inkomen te verwerven". Dat was onder het kostwinnerschapsysteem ook zo Maar de regelingen die daar toen tegenover stonden, zijn - met een beroep op de economische zelfstandigheid van vrouwen - beperkt of verminderd. "De politiek gebruikte het beginsel van de economische zelfstandigheid van vrouwen om op allerlei sociale verzekeringen te bezuinigen. Dit pakte vooral slecht uit voor vrouwen. Zo werd de kinderbijslag verlaagd, de aumentatie beperkt, de bijstand verminderd en werden de voorwaarden voor een bijstandsuitkering en sollicitatieplicht verscherpt. De Algemene nabestaandenwet is een sterke versobering in vergelijking met de Weduwenwet. Ook het particuliere partnerpensioen gaat steeds minder zekerheid bieden."
Niet rondkomen Hoewel Hellendoorn inkomenscijfers onderzocht heeft tot 1990 stelt ze dat de trend nu
twintig jaar later nog steeds doorgaat. "Een indicatie voor de omvang van het probleem is bijvoorbeeld dat de ongeveer 500.000 eenoudergezinnen vaak in armoede leven. Maar denk bijvoorbeeld ook aan de steeds groter wordende groep vrouwen met een betaalde baan die toch geen volwaardig pensioen opbouwen omdat ze vanwege zorgtaken in deeltijd hebben gewerkt of met onderbrekingen en die misschien ook geen partnerpensioen zullen hebben." Het minimumloon en de bijstand zijn achtergebleven bij de gemiddelde loonstijging en de kosten voor bijvoorbeeld wonen en ziekteverzekering zijn gestegen. "In veel gezinnen is het financieel noodzakelijk dat zowel de man als de vrouw werken, want van één inkomen is niet rond te komen. In die zin is de economische zelfstandigheid van vrouwen een mythe. De meeste vrouwen (en trouwens ook veel mannen) verdienen zelfstandig niet genoeg om van dat enkele eigen inkomen te kunnen leven, althans niet als er ook nog kinderen zijn om te onderhouden en voor te zorgen. Natuurlijk is er ook een groep vrouwen, vaak beter opgeleid, die het wel is gelukt een goed inkomen uit betaalde arbeid te verwerven."
Wrang De inkomensverschillen zijn toegenomen, onder vrouwen zowel als onder mannen. Samenwonende of gehuwde hoogopgeleiden met allebei een goede baan hebben financieel geen probleem. Hellendoorn "In de politiek heeft die hoogopgeleide vrouw met een carrière te veel model gestaan voor het algemene emancipatiebeleid. De realiteit is dat er veel laagopgeleide vrouwen zijn die genoegen moeten nemen met een flexibel arbeidscontract als thuishulp, bij de McDonald's of achter de kassa bij VD. Die komen door betaalde arbeid niet boven een laag inkomen uit en bouwen vaak ook geen reserve op voor hun oude dag." Overigens stelt de eis van de economische zelfstandigheid ook hoogopgeleide vrouwen voor problemen. Veel jonge vrouwen stellen zwangerschap uit omdat zij eerst een goede positie op de arbeidsmarkt willen bereiken. Om dezelfde reden willen mannen gezinsvorming vaak nog langer uitstellen.
Terugkijkend concludeert HeUendoorn dat het kostwinnerschapsysteem feitelijk maar gedurende eenjaar of tien door de overgrote meerderheid van de bevolking kon worden nageleefd, namelijk tussen 1955 en 1965. Toen was de man in ongeveer driekwart van de gezinnen de enige met inkomsten. "Het ideaal van de zorgende vrouw en de werkende man bestond natuurlijk al veel langer in brede kring. Ook bij de vakbeweging. Maar voor mensen met een laag inkomen was het lang onhaalbaar om permanent van één inkomen te leven. Na 1965 bleef het ideaal van het kostwinnerschap in de politiek nog wel even bestaan, maar de snel groeiende economie vroeg om extra arbeidskrachten, eigenlijk al vanaf de jaren vijftig. Daarom werden getrouwde vrouwen toch gestimuleerd te gaan werken, zij het vaak in deeltijd en tijdelijk. Vrouwen mochten ook weer als ambtenaar blijven werken na hun huwelijk. Hellendoorn noemt het wrang dat het kostwinnerschapsysteem begon af te kalven op hetzelfde moment dat het voor mensen aan de onderkant van de samenleving bereikbaar werd. Niet dat zij ernaar terugverlangt.
Werkend en arm Hoe moet het nu verder? "Ik vrees dat de ingezette ontwikkeling doorgaat. In 2015 bijvoorbeeld wordt het recht op partnertoeslag in de AOW afgeschaft voor partners die nog geen 65 jaar zijn. Dat gaat dus weer vooral om vrouwen. Die moeten dan op een andere manier een inkomen vergaren." Ze benadrukt dat de nadruk op betaalde banen en de bezuiniging op uitkeringen geen typisch Nederlandse trends zijn. "In de Verenigde Staten zijn de ontwikkelingen extremer dan in Europa, maar de richting is hetzelfde. Daar is het verschijnsel van de 'werkende arme' wijdverbreid. Mensen hebben twee, soms wel drie baantjes om rond te kunnen komen. Ook in Nederland tekent deze ontwikkeling zich al af, bijvoorbeeld bij veel alleenstaande moeders." En hoe is dat te voorkomen? "Zal ik een ouderwets antwoord geven? We moeten de markteconomie ter discussie stellen. Ik bepleit minder markt en meer tijd voor zorg." Reageren' Mail naar redactie@aclvalvas vu nl
Tumorremmer De stof fusicoccine, die wordt uitgescheiden door een schimmel, werkt als groeiremmer bij bepaalde tumorcellen. Dat hebben biologen van de VU ontdekt. Ze publiceren hierover een artikel in Cancer Letters. Fusicoccine grijpt in in reacties tussen eiwitten, waarbij eiwitten van de zogeheten 14-33-famillie, betrokken zijn. Deze eiwitten spelen een centrale rol bij zeer uiteenlopende processen zoals geprogrammeerde celdood en celdeling. Bij de onderzochte tumorcellen zet fusicoccine de cellen aan zichzelf af te breken. Fusicoccine is een stof die wordt uitgescheiden door schimmels die voorkomen op perzikbomen. De stof werkt effectief tegen cellen van eierstok-, long-, prostaat- en darmtumoren. "Er bestaan nog andere door schimmels uitgescheiden stoffen die lijken op fusicoccine. Een volgende stap wordt om te kijken of die ook werken tegen deze of andere tumorcellen", vertelt onderzoeksleider Bert de Boer. (WV)
Maden Dit is een vies verhaal, larven van de groene vleesvlieg worden in veertig Nederlandse ziekenhuizen gebruikt om chronische wonden schoon te maken. Chirurg-in-opleiding Gwendolyn Cazander, die op 7 aprU promoveert, ontdekte dat die maden helemaal geen bacteriën opeten, en ook geen antibioticum uitscheiden, zoals «Itijd werd aangenomen. Maar dat maden de groei van bacteriën juist stimuleren, vermoedelijk via voedingsstoffen in hun uitwerpselen. Ze breken wel het beschermende laagje rond wondbacterien af, waardoor die niet langer antibiotica buiten de deur kunnen houden. Zo kunnen ze gemakkelijker worden opgeruimd. De maden produceren ook een stof die een deel van de menselijke afweer platlegt. Je zou denken dat zo'n wond er daardoor slechter op wordt, maar een overactieve afweer kan flinke schade aanrichten. Maden remmen dat proces, en dan herstelt de wond sneller. Bron Trouw, 1 maart 2010. (PB)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 31 augustus 2009
Ad Valvas | 474 Pagina's