Ad Valvas 2009-2010 - pagina 449
7
ad valvas lo juni 2010
"iGodgeleerdheid
>Kort Psychoanalyse Veel mensen die langdurig in psychoanalyse zijn geweest, hebben minder last van depressies en angststoornissen, concludeert Caspar Berghout die ii juni promoveert. Hij volgende negentig patiënten die in psychoanalyse gingen, van wie velen al eerder kortdurende therapieën hadden gevolgd. Voor behandeling had zeventig procent van de betrokkenen depressieve klachten, na behandeling nog maar dertien procent. Berghout stelt dan ook dat psychoanalyse wel degelijk werkt. Daarom zouden verzekeraars de behandeling weer moeten gaan vergoeden. Onlangs besloten ze daar juist mee te stoppen. Maar de verzekeraars zijn niet overtuigd door het onderzoek. Ze willen een vergelijking tussen mensen die wel en niet in psychoanalyse zijn gegaan. Volgens Berghout is zo'n onderzoek nauwelijks uitvoerbaar omdat het ethisch onverantwoord is patiënten een behandeling te onthouden. (DdH)
Bert Jan Lietaert Peerbolte: 'Je voelt aan je water dat sommige teksten niet kloppen'
Raak mij niet aan zaken staan a^s Harry Potterboeken lezen en schoenen dragen met kruisen op de zolen. Een significante verandering binnen de kerk, want historisch gezien spelen zulke verschijnselen geen grote rol in de Russisch-orthodoxe traditie, die van oorsprong erg spiritueel is. "Het fascinerende is dat er hier geen sprake is van een kloof tussen het moderne en het traditionele Rusland, of tussen een achtergebleven, verarmde bevolking en de succesvolle, rijke Russen", zegt Tolstaja. "Jonge, hoogopgeleide Russen die in de steden wonen en hun huis vol hebben staan met hightech apparatuur, geloven net zo heilig in Russisch-orthodoxe wonderen als de traditioneler ingestelde plattelandsbevolking." De hierboven beschreven ontwikkelingen binnen de Russisch-orthodoxe kerk leiden volgens Tolstaja ook tot spanningen binnen de theologie en de samenleving in het algemeen. Tolstaja onderzoekt de implicaties en de betekenis daarvan voor de kerk en voor de staat, die innig met elkaar verbonden zijn. "Ik ben bijvoorbeeld benieuwd naar het misbruik dat wordt gemaakt van het geloof in deze wonderen", zegt Tolstaja. "Denk aan de handel in aflaten, door de middeleeuwse kerk. Ook wil ik zien hoe alles zich verhoudt tot de kerkleer en de dogma's. Wat ligt er precies ten grondslag aan deze ontwikkelingen? Welke politieke en nationalistische aspecten hebben ze? Want ik denk dat dergelijke fenomenen gretig worden gebruikt als machtsmiddel."
Onontgonnen gebied Tolstaja wijst erop dat ze slechts vermoedens heeft; nog geen enkele van haar vragen is zeifs maar gedeeltelijk beantwoord. Want terwijl de Russisch-orthodoxe kerk van voor 1917 (het jaar van de Russische Revolutie) uitgebreid is onderzocht, vormen de status en de implicaties van religieuze fenomenen in het postcommunistische tijdperk nog volstrekt onontgonnen gebied. En dat terwijl, zo meent Tolstaja, dergelijk onderzoek van breed maatschappelijk belang is in het licht van Ruslands ambities om weer een wereldmacht van betekenis te worden. Een kwart miljoen euro is Tolstaja door NWO toegekend. Naast veel literatuur- en archiefonderzoek zal ze zich toeleggen op het interviewen van vertegenwoordigers van de Russisch-orthodoxe kerk en met gelovigen uit alle lagen van de Russische bevolking. "Het is een theologisch onderzoek, maar wel met veel interdisciplinaire aspecten, zoals die van de antropologie, de sociologie en de politicologie", aldus Tolstaja.
Het Nieuwe Testament is het product van eeuwenlang redigeren door vertalers en bewerkers die vaak creatieve oplossingen bedachten voor onbegrijpelijke passages. Hoogleraar Bert Jan Lietaert Peerbolte en postdoc Jan Krans brengen die in kaart. Drie dagen na zijn kruisiging herrijst Jezus Christus uit de dood en Maria Magdalena is de eerste die hem, in de buurt van zijn lege graf, weerziet. "Raak Mij niet aan, want Ik ben nog niet opgevaren tot Mijn Vader", zegt Jezus volgens Johannes 20:17 tegen haar. 'Raak Mij niet aan'; 'Noli Me tangere' in het Latijn. En in het Grieks (waarin het Nieuwe Testament oorspronkelijk was geschreven):'Mf| pou ÖTTtou'. Het heeft een keur van kunstenaars, onder wie Rembrandt van Rijn, geïnspireerd tot meesterwerken van de schilderkunst.
Logische samenhang Op het eerste gezicht niet logisch dat Jezus iemand zegt hem niet aan te raken omdat hij nog niet naar de hemel is gevaren. Dat vond ook de Duitse theoloog Johannes Lepsius (1858-1926), die daarom 'Mi^ pou ÖTTTOU' veranderde in 'ÖTTTOU pou'; 'Raak me aan, nu ik nog nietten hemel ben gevaren; nu kan het immers nog!' Lepsius stelde een tekstverandering voor op basis van een gegronde gissing, een 'conjecturale emendatie', zoals in de achttiende en negentiende eeuw heel gebruikelijk was. Het Nieuwe Testament is in bijna tweeduizend jaar oneindig vaak met de hand gekopieerd, overgeschreven dus, en de tekst zoals we die nu kennen is gebaseerd op kopieën van kopieën van kopieën et cetera. Bij dat kopieren zijn talloze fouten gemaakt, zodat Bijbelvorsers voor schier onoplosbare raadsels staan, zoals in het geval van 'Noli Me tangere'. "Dan voel je aan je water dat hier iets niet klopt", zegt hoogleraar Nieuwe Testament Bert Jan Lietaert Peerbolte.
Werk in uitvoering In vijfhonderd jaar tijd zijn vele pogingen gedaan de tekst van het Nieuwe Testament te reconstrueren. De beste reconstructie ('editie') van vandaag is gebaseerd op ongeveer 5700 manuscripten. Zij bevat in de voetnoten tal van zogenaamde 'conjecturale emendaties'; geleerde pogingen de tekst glad te strijken. Lietaert Peerbolte krijgt van de NWO zes ton (uitgesmeerd over vier jaar) om postdoc Jan Krans, twee promovendi en een computerprogrammeur een overzicht te laten maken van alle tekstverbeteringen en hun betekenis voor de versies van het Nieuwe Testament die nu in omloop zijn. Zo'n overzicht geeft niet alleen inzicht in de geschiedenis van de reconstructie van Bijbelse teksten, maar ook in de ideeën van de vertalers en bewerkers door de eeuwen heen en in de historie van de literaire tekstkritiek in het algemeen. Hoe werd er in een bepaalde tijd naar bepaalde Bijbelteksten gekeken, en wat zegt dat over die tijd? Bovendien maakt een overzicht van alle aanpassingen in hun context het mede mogelijk om een versie van het Nieuwe Testament te creëren die zo dicht mogelijk bij de originele tekst blijft, en waarbij in elk geval duidelijk is welke passages de geleerden voor problemen gesteld hebben. "Maar het blijft altijd een werk in uitvoering", aldus Lietaert Peerbolte.
Reageren? Mail naar redactie@advalvas.vu.nl.
Brandwonden Transplantatie van lichaamseigen cellen van de opperhuid (keratinocyten) kan het ontstaan van littekens bij diepe (brand)wonden voorkomen. Om voldoende keratinocyten te verkrijgen zijn echter muizencellen en dierlijk serum nodig. Die vormen een risico omdat zij ziekten als BSE kunnen overdragen. Maar volgens brandwondendeskundige Neeltje Coolen, die op 23 juni promoveert, is het mogelijk om in het lab keratinocyten zonder muizencellen en dierlijk serum te vermenigvuldigen. Coolen verbeterde (lab)brandwondmodellen uit menselijk weefsel en maakte er een brandwond in. De modellen bleven lang leven. Er groeide een nieuwe opperhuid over het woudgebied, waar ook de zogenaamde fibroblasten (belangrijke cellen in de lederhuid) weer terugkeerden. Coolens modellen zijn belangrijk, want er kunnen belangrijke eiwitten die mogelijk een rol spelen bij de vorming van littekens, mee worden ge'identificeerd. (PB)
Biotechnologie Derdewereldlanden kunnen zelfde biotechnologie van hun eigen landbouw ontwikkelen. Dat concludeert Daniel Puente Rodriguez, die op 17 juni promoveert. Biotechnologie ontwikkeld in de eerste wereld is te duur voor arme boeren. Bovendien is die niet te gebruiken voor lokale varianten van gewassen, die zijn aangepast aan extreme omstandigheden als droogte of kou. Puente Rodriguez pleit voor het opzetten van lokale netwerken van boeren, non-gouvernementele organisaties en onderzoekers. Ook moet worden gezocht naar alternatieven voor vaak dure grondstoffen als enzymen of ethanol. Die stoffen moeten in relatief primitieve laboratoria functioneren en lokaal produceerbaar zijn. De onderzoeker analyseerde projecten in India, de Boliviaanse Andes en Honduras. (AM)
Multiculti opvoeden Allochtone ouders passen zich sneller aan de Nederlandse normen en waarden aan dan vaak wordt verondersteld. Toch is juist die snelle aanpassing een risicofactor. Het is beter dat ouders loyaal zijn naar beide culturen en hun kinderen van allebei iets meegeven. Dat stelt Trees Pels in haar oratie, die ze op 11 juni zal uitspreken. Pels bekleedt vanaf 1 juni voor eenjaar de leerstoel 'Opvoeden in de multi-etnische stad', betaald door het Verwey-Jonker Instituut. Pels wijst er ook op dat autochtone ouders meer begrip moeten krijgen voor hun worsteling met diversiteit. (WV)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 31 augustus 2009
Ad Valvas | 474 Pagina's