Ad Valvas 2009-2010 - pagina 413
7
ad valvas 20 mei 2010
Chillen met je broers en zussen Voor onze oma's waren broers en zussen belangrijker dan voor ons. Ze namen de plek in die vrienden nu hebben, concludeert historicus en sociaal wetenschapper Hilde Bras. WELMOED VISSER
De langste relatie van je leven heb je vaak met je broer of zus. De band kenmerkt zich door wederzijdse hulp en steun, maar niet zelden ook door rivaliteit en soms zelfs door haat. Hoe goed of slecht de relatie ook is, broers en zussen zijn belangrijk voor elkaar. Toch zijn er maar weinig wetenschappers die zich met broerzusrelaties bezighouden. Psychologen kijken voornamelijk naar de relatie tussen ouders en kinderen en naar iemands plaats in het gezin. Historici en sociologen hebben de ontwikkeUng van de grote, patriarchale familie naar het moderne kerngezin in kaart gebracht. De invloed van broers en zussen op elkaar hebben wetenschappers volgens onderzoeker Hilde Bras over het hoofd gezien. Juist in de periode waarin de samenleving overging van grote, autoritaire familie naar het moderne individualistische gezin - in Nederland grofweg tussen 1870 en 1930 - speelden broers en zussen een extra belangrijke rol, denkt Bras. Zij waren het die elkaar aanzetten tot migratie naar de stad, soms zelfs naar een ander land, die informatie uitwisselden over potentiële werkgevers en hun connecties gebruikten om elkaar aan werk of een woning te helpen. Broers en zussen en ook neven en nichten vervulden voor elkaar vaak de rol die vrienden nu hebben. Zeker als ze - weg van hun familie - naar de stad waren getrokken, brachten ze veel tijd met elkaar door.
De overgrootmoeder van onderzoeker Hilde Bras (helemaal rechts) met haar vader (midden) en haar broers en zussen (Maastricht, ca. 1895)
de stad te trekken, ontdekte Bras. Jonge vrouwen, in Bras' onderzoek uit Zeeland, kwamen vaak via hun oudere zussen ergens terecht als hulp in de huishouding, terwijl mannen meestal naar de fabriek of het kantoor gingen, waar al een broer of neef of nicht werkte. "De industriële revolutie was in Nederland heel laat en daarna, vanaf ongeveer 1870, zie je een snelle verandering van de samenleving: mensen gaan naar de stad en gezinnen worden kleiner. Er ontstaan allerlei nieuwe vormen van dienstverlening die nieuwe arbeidskrachten vragen. In deze veranderende maatschappij trokken mensen naar generatiegenoten uit hun familie. Die hebben vergelijkbare levens en problemen en kunnen je aan werk of een woning helpen. Het belang van hierarchische relaties, zoals die tussen ouders en kinderen of tussen rijke en arme mensen, neemt in deze tijd aften gunste van gelijkwaardige, laterale relaties die nog wel binnen de familie blijven", zegt Bras. Dat is bijvoorbeeld te zien aan het aantal huweüjken tussen neven en nichten dat tussen 1870 en 1920 sterk groeide. "Je ziet in die tijd ook vaak dat twee broers met twee zussen trouwen", vertelt Bras. Rond 1910 maakten familiehuwelijken zo'n vijf procent van het totaal uit. Na de Tweede Wereldoorlog nam dit type huwehjken snel af." Nog een graadmeter zijn de getuigen die mensen vragen voor hun huwelijk. Aan het eind van de negentiende eeuw worden dat in toene-
Een nieuw onderwerp dat Bras wil onderzoeken is hoe ideeën en kennis over geboortebeperking zich verspreidden. In de eerste decennia van de twintigste eeuw worden de gezinnen in Nederland kleiner. Waar tien, twaalf kinderen eerder normaal waren, daalt het kindertal nu tot ongeveer de helft. Bras vermoedt dat netwerken van broers en zussen een rol hebben gespeeld bij deze verandering. "Als je broers en zussen minder kinderen krijgen, ben je waarschijnlijk zelf ook eerder geneigd om dat te doen. En misschien praatten mensen er onderling ook wel over hoe je dat kon doen, maar dat is moeilijk te onderzoeken." Wat Bras wel kan onderzoeken met gegevens uit de bevolkingsregisters is of mensen met broers en zussen met kleinere gezinnen zelf ook gemiddeld kleinere gezinnen hebben. De verspreiding van hedendaagse ideeën over gezinsplanning wil Bras ook onderzoeken in verschillende landen. Daarvoor heeft ze een Vidi-beurs aangevraagd bij NWO. "Gangbare verklaringen van verschillen in gezinsgrootte tussen Europese landen zijn vrijwel altijd econo-
Rechtser in de pers
Oudere werknemers
IJs en weder
Geen paniek
Politieke partijen lijken in de schrijvende pers rechtser dan hun partijprogramma's rechtvaardigen. Vooral op sociaaleconomische onderwerpen worden rechtse standpunten overbelicht, terwijl hun linkse posities minder in de aandacht komen. Dat blijkt uit een onderzoek dat De Nederlandse Nieuwsmonitor samen met Kieskompas heeft uitgevoerd. Kieskompas is een initiatief van VU-politicoloog André Krouwel. Voor bijna alle partijen is het mediaprofiel rechtser dan het partijprogramma aangeeft. Het sterkst geldt dat voor de PW. AUeen voor Christenunie en CDA geldt dat niet. De grote aandacht voor bezuinigen, een bij uitstek rechts thema, lijkt bij te dragen aan de rechtse berichtgeving. (FB)
Werknemers die al lang in dezelfde functie werken, verliezen vaak aan productiviteit en inzetbaarheid omdat ze hun werk te veel op routine doen. Dat begint al rond het veertigste levensjaar. Bestaande strategieën, zoals functiewisseling of mensen op cursus sturen, zijn niet de oplossing. Organisaties moeten hun werknemers stimuleren om zich te blijven afvragen waarom ze hun werk doen zoals ze het doen en of het ook anders kan. Dan blijven ze beter inzetbaar, zo ontdekte bedrijfspsycholoog Felix Steemers in een onderzoek waarop hij 11 mei promoveerde. Een manier om oudere werknemers beter te laten functioneren is door ze te laten meedenken over vraagstukken van hun leidinggevende. Ook helpt het om ze tijdig aan te spreken op verlies van inzetbaarheid. (WV)
In de Ijstijd, toen de Noord-Atlantische Oceaan met een dikke laag ijs was bedekt, trad onder het wateroppervlak toch opwarming op. Dat kwam doordat het ijs en het zoete smeltwater een 'deksel' vormden op het dieper gelegen zoutwater, dat warmer was. Toen de ijslaag ging smelten, kwam die warmte vrij en dat kan een belangrijke rol hebben gespeeld in de snelle klimaatveranderingen. Die theorie poneert aard- en levenswetenschapper Lukas Jonkers in zijn proefschrift over oceanische veranderingen in de laatste Ijstijd, waarop hij 12 mei is gepromoveerd. Om het klimaatsysteem goed te begrijpen, is kennis van de oceaancirculatie onmisbaar. (PB)
Preventie en vroege hulp bij mensen met lichte tot matige paniekklachten kunnen de ontwikkeling van een chronische stoornis voorkomen. Dat blijkt uit het onderzoek waarop psycholoog Peter Meulenbeek 29 april promoveerde. Meulenbeek onderzocht de werking van de groepscursus 'Geen paniek' waarbij mensen in acht bijeenkomsten leerden om beter met hun paniekklachten om te gaan Hun klachten bleken te verminderen en de positieve effecten van de bijeenkomsten hielden langere tijd aan. Meulenbeek onderzocht ook de uitvoerbaarheid van de cursus. Hij concludeerde dat het programma uitvoerbaar is bij instellingen voor de geestelijke gezondheidszorg en de cursisten het positief ontvangen. De cursus wordt al bij verschillende GGZ-insteUingen gegeven. (FB)
Huwelijken tussen neef en nicht Jonge mensen die al een broer of zus in de stad hadden, waren zelf eerder geneigd om ook naar
Cijfers verhalen > Het onderzoek van Hilde Bras Is STATISTISCH van aard. Maar ze baseert zich voor haar ideeën op egodocumenten zoals BRIEVEN en DAGBOEKEN en cultuurhistorische bronnen. > De ideeën die ze daarin opdoet, toetst ze met gegevens uit HISTORISCHE AKTEN van de burgerlijke stand en bevolkingsregisters, zoals de DATABASE (www.genlias.nl) en de Historische Steekproef Nederlandse bevolking lwww.iisg.nl/hsn).
mende mate broers en zussen, zo ontdekte Bras. Na de Tweede Wereldoorlog worden steeds vaker vrienden gevraagd. Daarvoor waren het vaak gewoon mensen die van de straat waren
geplukt.
Geboortebeperldng
misch of cultureel van aard. Ik denk dat sociale relaties hier ook een rol spelen. Bijvoorbeeld. Als de relatie met je ouders zo belangrijk is dat je door de zorg voor hen er niet aan toekomt om zelf een gezin te stichten, heeft dat direct invloed op het geboortecijfer. Dat soort opvattingen is tot nu toe onderbelicht gebleven." Reageren' Mail naar redactie@advalvas vu nl
Wat doet Hilde Bras? > Hilde Bras (1968) doet al ruim vijftien jaar onderzoek naar de geschiedenis van FAMILIEREUTIES. > Ze promoveerde in 2003 op een onderzoek naar de levensloop van ZEEUWSE DIENSTMEISJES tussen 1850 en 1950. > In 2004 kreeg ze een Veni-beurs voor haar onderzoek naar verschillen en overeenkomsten in LEVENSLOPEN van broers en zussen. > Ze kreeg een SUBSIDIE van 462.000 euro van NWO om een database te maken van gegevens over broers en zussen vanaf 1850 tot nu. > Bras heeft een AANVRAAG lopen voor een Vidibeurs naar de invloed van opvattingen over familierelaties op de HOEVEELHEID KINDEREN die mensen in verschillende Europese landen krijgen.
>Kort
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 31 augustus 2009
Ad Valvas | 474 Pagina's