Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2009-2010 - pagina 451

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2009-2010 - pagina 451

7 minuten leestijd

gen^ Bacheloronderwijs: efficiënter en goedl^oper De plannen voor de bachelors staan vooral in het teken van kostenbeheersing. DIRK DE HOOG "Bij ongewijzigd beleid stevent de VU af op een jaarlijks exploitatietekort van boven de veertig miljoen euro. En dat kan dus niet", zei collegevoorzitter René Smit 26 mei tijdens een presentatie van de toekomstplannen aan de ondernemings- en studentenraad. Het nieuwe instellingsplan zal dus vooral in het teken staan van kostenbeheersing. Dat geldt ook voor de plannen met het bacheloronderwijs. "Mensen die onderwijs geven, moeten beter gaan beseffen wat dat kost", aldus Smit. Daarom wil het bestuur dat ieder vak minstens kostendekkend is. Een opleiding als geheel moet zelfs winstgevend zijn om geld over te houden voor onderzoek. Een middel om dat te bereiken is het studierendement vergroten. Streven is dat zeventig procent van de studenten binnen vier jaar een bachelordiploma op zak heeft. En ander middel om kosten te besparen is het samenvoegen of opheffen van kleine bacheloropleidingen. Smit noemde een minimale instroom van tachtig studenten als nastrevenswaardige norm. Zijn bezuinigingsdoel staat vast. Het bachelorondenvijs moet over vier jaar per student 15 procent goedkoper zijn dan nu.

Opleidingen weg "Weet meneer Smit wel wat dat betekent?" reageert Lizeth Sloot, vicevoorzitter van de universitaire studentenraad. Zij denkt dat zeker tweederde van de bestaande opleidingen niet aan de norm van Smit voldoet en dus mogelijk verdvidjnt. "Het college lijkt vooral een voorstander van brede bachelors uit financiële overwegingen. Maar het valt nog maar te bezien of zulke opleidingen geld opbrengen. Als het tot gevolg heeft dat meer dan de helft van de bestaande opleidingen verdwijnt of verandert, is de kans groot dat een deel van de potentiële studenten voor een traditionele opleiding aan een andere universiteit kiest. Dan gaan ze natuurkunde aan de UvA studeren in plaats van een brede bèta bachelor aan de VU." Ook Härmen Verbruggen, decaan van de faculteit Economische Wetenschappen en Bedrijfskunde, is nogal teleurgesteld over de genoemde uitgangspunten van het coUege. "We moeten eerst bepalen wat we inhoudelijk willen en dan pas kijken hoe we dat gaan betalen." Hij was voorzitter van een werkgroep die voorstellen heeft gedaan om het bacheloronderwijs te verbeteren. "Natuurlijk zijn financiële randvoorwaarden belangrijk bij het onderwijs, maar dat weten faculteiten allang", zegt hij. "Opleidingen die jaar in jaar uit te weinig studenten trekken, kun je bijvoorbeeld binnen een faculteit samenvoegen. Maar je moet niet van bovenaf een norm opleggen voor het minimum aantal studenten. Beseft het coUege wel wat de gevolgen daarvan zijn? Geen filosofie, theologie, wiskunde, natuurkunde, biologie en antropologie meer. Is dat wat we willen? Daarom pleit ik ervoor eerst inhoudelijk te bepalen wat we belangrijk vinden voor de VU als geheel. Dan moeten andere faculteiten maar bijspringen om een opleiding wijsbegeerte en het interfacultaire bijvak Ontwikkelingsvraagstukken in stand te houden bijvoorbeeld. Dat zijn onderdelen die bijdragen aan de identiteit van de universiteit."

Grootschalig onderwijs Wat Verbruggen betreft mag een faculteit een

onrendabele opleiding in stand houden als ze met een andere opleiding maar geld verdient. "We moeten niet alleen kijken naar het aantal studenten dat we binnen krijgen, maar vooral ook naar de kwaliteit. De grote opleidingen trekken niet echt veel cum laude studenten om het zo maar te zeggen. Daarom wü ik op mijn faculteit bijvoorbeeld de bachelor econometrie in stand houden. Dat trekt geen massa's studenten, maar wel de betere." Lizeth Sloot is er vooral tegen dat zelfs ieder vak quitte moet draaien. "Als ieder vak kostendekkend moet zijn, wordt het onderwijs helemaal grootschalig en massaal. Dan kun je practica en werkgroepen wel vergeten. De kans is aanwezig dat zelfs de scheikundigen dan geen practica meer krijgen bijvoorbeeld."

Serieuze zaak Het coUege krijgt ook bijval voor het pleidooi voor efficiënter onderwijs. "Het is natuurlijk onhoudbaar dat dertig, veertig procent van de studenten in het eerste jaar afhaakt. Dat het onderwijs rendabeler en beter moet, kan niemand ontkennen. De problemen zijn al jaren bekend en het verhogen van het studierendement staat al lang op de agenda. Het is

'Geen filosofie of wisl^unde meer - is dat wat we willen?' tijd daar nu echt werk van maken," zegt Marijk van der Wende , hoogleraar onderwijskunde en dean van het Amsterdam University CoUege. Volgens haar kan efficiënter onderwijs zowel kosten besparen als de kwaliteit verhogen. "Eigenlijk is het een heel soepel uitgangspunt dat zeventig procent in vier jaar tijd een diploma haalt. Het gaat tenslotte om een opleiding van driejaar." Zij pleit voor een cultuuromslag. "De norm hoort te zijn dat studeren een serieuze zaak is. Veel studenten vinden zelf ook dat ze veel te weinig worden uitgedaagd. Daarom is een eerste voorwaarde voor kwaliteit datje precies vastlegt wat de minimale vereisten voor een bachelordiploma zijn. Daarbij hoort de lat hoog te liggen. Vanuit die vereisten ontwikkel je een goed programma dat breed begint, en structuur geeft zodat studenten niet te veel gaan rondzwemmen. Ik ben blij dat er universiteitsbreed een bindend studieadvies komt." Härmen Verbruggen is het helemaal met haar eens dat een cultuuromslag nodig is. "Studenten moeten gelijk aan het begin leren dat het aan de universiteit om meer gaat dan huiswerk maken aUeen. Mijn werkgroep heeft voorgesteld zwaar in te zetten op het verbete-

De discussie in het kort > Elk vak moet kostendekkend worden, en elke opleiding winstgevend. > Elke opleiding heeft minimaal 80 studenten nodig. > Kleinere opleidingen worden samengevoegd of opgeheven. > 70 procent van alle studenten moet binnen 4 jaar een bachelordiploma halen.

ren van de kwaliteit van het eerste jaar. Dat is de beste manier om het studierendement te verhogen. Dat begint met wat ik noem selectie aan de poort. Laat aUe aankomende studenten een assessment doen, gevolgd door een intakegesprek. Dan kun je sommigen gelijk duidelijk proberen te maken dat ze beter iets anders kunnen kiezen." De aansluiting van het vwo op de universiteit baart Verbruggen grote zorgen. "Boud gezegd kunnen veel studenten niet goed genoeg lezen, schrijven en rekenen en hebben ze geen academische insteUing. WeUicht moeten we daar de beheersing van het Engels aan toevoegen. Helaas mogen we nog niet selecteren voor de poort, maar deze toestand is niet langer houdbaar. Daar moet de politiek echt iets aan doen."

Universitaire tafelmanieren Verbruggen wü in ieder geval meer aandacht voor academische vorming in het eerste jaar. "We pleiten voor het insteUen van de 'VU Academie' die zorgt dat aUe eerstejaarsstudenten academisch inburgeren door de universitaire tafelmanieren te leren, om het zo maar te zeggen. Dat kun je heel breed opvatten. Dat gaat van inleiding in de wijsbegeerte tot en met datje niet zo maar dingen van internet mag overschrijven. En dat een econoom anders naar een vraagstuk kijkt dan een theoloog of een scheikundige." Met zo'n brede academische vorming is Ineke Brouwer, masterstudent natuurkunde die in Verbruggens werkgroep participeerde, het helemaal eens. Dat wil nog niet zeggen dat ze een voorstander is van brede multidisciplinaire bachelors zoals het coUege voorstelt. "Het coUege zegt dat veel studenten nog niet goed weten wat ze wiUen kiezen, maar stimuleer je met brede interdisciplinaire bachelors juist het uitstelgedrag niet? Bij natuurkunde en wiskunde weten mensen waar ze aan beginnen. Bij brede opleidingen gebeurt het nogal eens dat studenten een andere verwachting van de studie hebben dan wat ze aangeboden krijgen." Ook is ze bang dat interdisciplinaire bachelors slecht aansluiten op researchmasters. "Combistudies zoals medische natuurwetenschappen of algemene gezondheidswetenschappen geven minder vakinhoudelijke verdieping dan de traditionele opleidingen als natuurkunde, wiskunde of biologie. Brede opleidingen kunnen nuttig zijn naast bestaande monodisciplinaire opleidingen, maar ze horen een duidelijk academisch niveau te hebben en aan te sluiten bij onderzoek." Maar heeft het dan zin om al die kleine bètaopleidingen met minder dan twdntig eerstejaars in stand te houden? Brouwer denkt dat het kan als universiteiten meer samenwerken. "De VU en de UvA gaan samen het onderwijs bij natuur- en scheikunde verzorgen. Daarbij profileren ze aUebei hun sterke punten. De VU richt zich bijvoorbeeld op energie. Dat is een goede ontwikkeling. Als je dat vooraf duidelijk maakt, weten studenten waarvoor ze kiezen." SUGGESTIES? BEDENKINGEN? Wij leggen je vragen voor aan collegevoorzitter René Smit. Na de zomer zal hij op de belangrijkste opmerkingen Ingaan. Mail naar: redactle@advalvas.vu.nl.

VOLGENDE WEEK IN AD VALVAS - Onderweg naar morgen',het insteUingsplan over het masteronderwijs.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 31 augustus 2009

Ad Valvas | 474 Pagina's

Ad Valvas 2009-2010 - pagina 451

Bekijk de hele uitgave van maandag 31 augustus 2009

Ad Valvas | 474 Pagina's