Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Ad Valvas 2011-2012 - pagina 217

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ad Valvas 2011-2012 - pagina 217

7 minuten leestijd

ad valvas 26 januari 2012

geesteswetenschappen | 5

DE VERSCHRALING VAN DE KLASSIEKEN De geesteswetenschappen zijn in verval, zegt oudheidkundige Jona Lendering. Hij vraagt zich af of we ze nog wel aan de universiteiten kunnen toevertrouwen. Zo ver wil hoogleraar oude geschiedenis Bert van der Spek ook weer niet gaan. Een gesprek. TEKST: PETER BREEDVELD FOTO: STUDIOVU/RIECHELLE VAN DER VALK Oudheidkunde is een vakgebied dat niet goed meer kan meekomen, zegt oudheidkundige en historicus Jona Lendering. Hij heeft een boek geschreven over het verval van het vakgebied De klad m de klassieken. Niet alleen voor wie in oudheidkunde is geïnteresseerd, want Lendering gelooft dat wat voor dat vakgebied geldt, eigenlijk opgaat voor de totale geesteswetenschappen. Hij schetst een verontrustend beeld van een roestige machine die krakend tot stUstand is gekomen: geen vernieuwing meer, nauwelijks interdisciplinariteit. Er wordt veel onjuiste informatie de ether in geslingerd, en misschien nog wel het belangrijkst in deze neoliberale tijdsgeest oudheidkundigen kunnen niet uitleggen waarom hun vakgebied ertoe doet. Waarom er gemeenschapsgeld in moet worden gemvesteerd. Het rondpompen van foute informatie is een groot probleem, volgens Lendering. "Er wordt al dertig jaar inconsistent beleid gevoerd waarbij universiteiten drie taken krijgen opgelegd - onderzoek, onderwijs en zorgen dat hun kennis in de maatschappij terechtkomt, in de openbare bibliotheken, maar er is ah een geld voor de eerste twee taken." Van die informatievoorziening komt dus nauwelijks iets terecht. Nieuwe inzichten en kennis blijven verstopt achter betaalsites, terwijl overal op het internet de hardnekkige mythen blijven rondzingen over bijvoorbeeld de Griekse erfenis aan de humanistische Europese cultuur, tegengesteld aan het meer religieuze Nabije Oosten. Lendering verbindt er een radicale conclusie aan. "Zijn we niet bezig een instituut te handhaven dat zichzelf heeft overleefd? "Hoog tijd dat we er een debat komt over de vraag of de universiteit nog de beste institutionele inbedding is Voor de geesteswetenschappen", zegt hij.

Was Jezus Caesar? Hoogleraar oude geschiedenis Bert van der Spek beaamt dat de gevestigde wetenschap vaak tekortschiet als het gaat om het weerleggen van populaire onzin over de oudheid. "Wie op internet zocht naar een vertaling van de beroemde Cyrus-cilinder, kwam jarenlang als eerste op een Iraanse website terecht, die een propagandistische fake vertaling had. Pas sinds een jaar staat er een goede vertaling op Lenderings Website (livius.org) en nu - op diens aandringen - ook op die van het British Museum." Van der Spek krijgt zelf uitslag van een immens

populair boek, Was Jezus Caesar?, van Francesco Carotta, waarin de schrijver op basis van een berg woordgelijkenisjes betoogt dat Jezus Christus niemand anders was dan Julius Caesar. Tienduizenden exemplaren zijn ervan verkocht en er is door de publieke omroep een kritiekloze televisieserie van gemaakt, "maar je ziet al op de eerste bladzijde dat Carotta ondeugdelijk te werk is gegaan", aldus Van der Spek. De hoogleraar zou dit soort volksverlakkerij graag tegengaan en zijn steentje bijdragen aan de kwaliteitsverbetering van de populaire wetenschap, maar hij heeft er simpelweg de tijd niet voor. "Ik wil een boek schrijven over de Babylonische geschiedenis na Alexander de Grote, maar dat zal moeten wachten tot na mijn emeritaat. Wetenschappers krijgen geen credits voor het schrijven van populairwetenschappelijke boeken. Ze worden afgerekend op het aantal publicaties inpeer-reviewed tijdschriften en in mindere mate op onderwijs."

Werkende jongere Dat er bij het publiek vraag is naar deugdelijke kennis over de oude geschiedenis, bewijst Lendering met zijn kennisinstituut Livius Onderwijs. Als succesvolle zelfstandig ondernemer biedt hij cursussen aan over onder andere Egypte, het antieke Jodendom, islamitische kunst en de Romeinen in Nederland.

Oudheidkundigen l^unnen niet uitleggen waarom liun vakgebied ertoe doet Maar hij wordt nog boos als hij denkt aan de hervormingen in het hoger onderwijs in de jaren tachtig, toen hij zelf oudheidkunde ging studeren. Elke universitaire studie zou worden onderverdeeld in twee fasen, maar de tweede fase, waarin de student zich zou kunnen specialiseren, is nooit van de grond gekomen in de geesteswetenschappen. "Ondertussen moesten we extra schulden maken in een nieuw systeem van studiefinanciering. Als ik had geweten dat we ons in de schulden staken zonder kans op

Lendering (1) en Van der Spek: de straatvechter en de professor zijn allebei ongerust

adequaat wetenschappelijke vorming, was ik nooit gaan studeren, maar werkende jongere geworden", zegt Lendering.

Taboe op kennis Van der Spek erkent dat de wetenschappelijke studie erg is verschraald. "Je kunt moeilijk de kwaliteit handhaven als op het vwo het aantal lesuren Grieks en Latijn sterk verminderd is, de studieduur is teruggebracht van vijf naar vier jaar en ook de promotieduur is verkort. Bovendien is er een taboe op kennis gekomen. Leerlingen verrekken het om nog rijtjes vervoegingen uit hun hoofd te leren. Universiteiten hebben het steeds over top-dit en top-dat, maar intussen wordt door de nadruk op brede opleidingen verdieping afgeremd en worden excellentie en ijver bestraft in plaats van aangemoedigd." Hij vertelt over een student die cum laude zijn bachelorstudie voltooide, vervolgens uit eigen beweging zijn oude talen bijspijkerde om goed voorbereid aan een researchmaster te kunnen beginnen, en om die reden nu te maken krijgt met een langstudeerboete. Iemand anders deed haar studie in deeltijd - dat kostte extra tijd, want ze combineerde haar studie met een baan - en studeerde cum laude af Dankzij de langstudeerboete zou dit nu niet meer kunnen. "Intussen krijgen vooral kleine opleidingen te maken met een perverse prikkel", aldus Van der Spek. "Want een universiteit krijgt per student betaald en daarom hebben alleen de opleidingen met veel studenten bestaansrecht. Niet kwaliteit telt, maar kwantiteit. Outputfinanciering prikkelt universiteiten bovendien het niveau te verlagen en de toegang te verruimen voor studenten die eigenlijk ongeschikt zijn. "Hogeschool Holland is het topje van een enorme ijsberg", meent Van der Spek. Een deel van de oplossing ligt volgens Lendering en Van der Spek in een 'taakgerichte finan-

ciering' laat niet de studentenaantallen bepalen hoeveel geld er binnenkomt, maar kijk welke taken een universiteit moet verrichten - de wet noemt onderzoek, onderwijs en overdracht - en richt de financiering daarop. Daarnaast stelt Lendering in zijn boek een nogal drastische maatregel voor- "Er worden nu op zes verschillende plekken in Nederland oudheidkundige studies aangeboden. Breng al die afdelingen samen op één plek, in één oudheidkundig instituut en gebruik het vrijgekomen geld om studenten langer te laten studeren."

Niet allemaal ellende Van der Spek ziet daar de voordelen wel van, al die expertise bij elkaar, "UvA en VU hebben al een klein stapje gezet door nauwer te gaan samenwerken op het gebied van de masters. Maar het is bij zon instituut bijvoorbeeld voor studenten uit een andere discipline niet meer mogelijk om oudheidkunde als bijvak te nemen." Bovendien is "geen concurrentie altijd slecht", vindt Van der Spek en het voordeel van spreiding is dat elke universiteit haar eigen aandachtsgebieden koestert. Daarnaast is het niet allemaal ellende, vindt de hoogleraar. Hij ziet ook dingen die beter zijn dan vroeger. Zo is de computer een geweldig hulpmiddel en wint de interdisciplinariteit volgens Van der Spek wel degelijk - zij het schoorvoetend - terrein. Studenten leren tegenwoordig beter schrijven en werkstukken maken, en er is meer theorieonderwijs. "In de wetenschap wordt theoriegebruik belangrijker dan vroeger. Lenderings boek is daarbij in de toekomst een mooi hulpmiddel." Reageren"? Mail naar redactie@advalvas vu nl Jona Lendering, De klad in de klassieken. Athenaeum Polak Van Gennep, 2012, 176 pag 19,95 euro

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2011

Ad Valvas | 424 Pagina's

Ad Valvas 2011-2012 - pagina 217

Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2011

Ad Valvas | 424 Pagina's