Ad Valvas 2011-2012 - pagina 163
wetenschap 1 7
ad valvas 15 december 2011
ZONNECELDAKEN WACHTEN OP DOORBRAAK In de woningbouw zijn tal van duurzame innovaties ontwikkeld. Jamnner alleen dat niemand is geïnteresseerd, constateert bijzonder hoogleraar technologie en innovatie Bart Bossink. TEKST: PETER BREEDVELD FOTO: PETER VALCKX
"Innovaties zijn altijd een samenspel van bestaande technologieën met iets nieuws erbij", aldus bijzonder hoogleraar technologie en innovatie Bart Bossink. Om zijn studenten daarvan te doordringen, toont hij ze altijd een geopende kapotte laptop, zodat ze zien dat het koelsysteem bestaat uit een heel traditionele ventilator, en dat de laptop wordt gevoed door een conventionele batterij, enzovoort. Het is ook een manier om de studenten het besef bij te brengen dat technologie weliswaar niet in al haar facetten te begrijpen is voor een buitenstaander, "maar het is ook geen black hox." Als expert op het gebied van innovatie houdt hij zich bezig met verschillende takken van de technologieontwikkeling, van medicijnen tot duurzame energie. Daarbij is het belangrijk juist het vernieuwende deel van nieuwe kennis of technologie in kaart te brengen; "Je moet toch weten wat mensen die zich met kennisontwikkeling bezighouden, aan het doen zijn." Zijn leerstoel is verdeeld over de economische en exacte faculteit. "Bij de opleiding bedrijfskunde van de economische faculteit denken veel studenten dat innovatie wordt gedreven door de markt, dat het altijd ontstaat vanuit de vraag van de consument", zegt Bossink. "Hen leg ik uit dat innovatie juist heel erg technology-driven is. Aan de andere kant moet ik studenten science, business innovation bij de exacte faculteit erop wijzen dat huidige innovaties vaak worden doorontwikkeld vanwege de markt, dat exacte kennis en technologie weliswaar een startpunt zijn, maar de marktvraag daarna langdurig het innovatiespel beheerst." Innovatie is een wisselwerking tussen wetenschap en markt, en Bossinks recente onderzoek naar innovaties in de woningbouw is daar een goede Ulustratie van. Onlangs verscheen zijn boek Managing Environmentally Sustainable Innovation; Insightsfrom the Construction Industry, bij de vermaarde New Yorkse uitgeverij Routledge. Het is het verslag van een onderzoek naar innovatieprojecten in de bouwsector gedurende een periode van twintig jaar, van 1989 tot 2009.
Vervuiler en energievreter De conclusie is onthutsend; van aUe mooie, duurzame innovaties, zoals zonneceldaken, puingranulaten, houtskeletbouw en grasdaken voor schone energie, is uiteindelijk 0,2 procent in duurzaam gebouwde innovatiewoningen verwerkt. De overige 99,8 procent van de woningen is gewoon op traditionele, nietduurzame wijze gebouwd. Terwijl de woningbouw juist het speerpunt was van het eerste Nationale Milieubeleidsplan in 1989 en de plannen die volgden", vertelt Bossink. De helft van alle activiteiten daarin was gericht op de woningbouw, want die werd beschouwd als de grootste vervuiler en energievreter. Die moest als eerste worden verduurzaamd." In speciale demonstratieprojecten, 33 in totaal, werden door duurzame architecten, bouwers en makelaars allerlei uitvindingen ontwikkeld en toegepast, gesubsidieerd door de landelijke
Bossink: 'Huizenkopers zijn niet op zoek naar een project om de wereld duurzamer en schoner te maken'
overheid en door de betreffende gemeenten. "De ontwikkelde innovaties werden door de uitvinders echter niet op de markt gebracht", legt Bossink uit. "Ze zouden wel gek zijn, want ze moesten daarvan leven. Op de meeste vernieuwingen was geen octrooi of andere vorm van bescherming aangevraagd. Dan maar beschermen door de vindingen op kleine schaal uit te venten. Ze namen die innovaties liever mee naar een volgend demonstratieproject."
Promillages Van de ongeveer tachtigduizend bedrijven in Nederland die zich bezighouden met woningbouw, zijn in totaal rond de 150 bedrijven betrokken bij de innovatieprojecten. "Dan spreek je dus niet eens van percentages, maar van promillages", aldus Bossink. Ook is het aantal innovatieve woningen in de projecten weinig indrukwekkend: 4000 in twintig jaar, terwijl er jaarlijks tussen de 70.000 en 100.000 woningen bijgebouwd worden. "Die kennis sijpelt dus niet door, ook al omdat er bij die projecten mensen betrokken zijn die zich toch al met duurzaamheid bezighielden, en sowieso niet bijzonder commercieel zijn ingesteld. Er zijn geen nieuwe partijen die ermee kennismaken." Daarnaast bleef de verwachte vraag naar innovatieve woningbouw uit. Huizenkopers zijn namelijk vooral op zoek naar een leuk huis, niet naar een project om de wereld duurzamer en schoner te maken. Een Nationaal Pakket Duurzaam Bouwen, ontwikkeld door de overheid, ondersteund door alle grote brancheorganisaties in de bouw en bedoeld als stimulans voor meer duurzaamheid in de bouw, werd door alle projectontwik-
kelaars genegeerd. Het enige dat de overheid erdoorheen kreeg, was de 'energieprestatiecoefficient', een wettelijk verplichte norm op energiebesparing waaraan alle nieuwbouw moet voldoen.
Elektrische auto? Cool f "En wat ik dan alarmerend vind", zegt Bossink, "is dat Jeroen van der Veer, oud-Sheli-topman en voorzitter van een innovatieplatform op het gebied van duurzame energie, het Topteam Energie, voorstelt om duurzame energie in Nederland te promoten door middel van proeftuinen en demonstratieprojecten. Terwijl dat in de woningbouw dus geen enkel effect heeft gehad!" Beter is het volgens Bossink om te investeren in de opvoeding van de consument door middel van campagnes. "Kijk naar de elektrische auto die in allerlei verschülende media opduikt. Veel mensen denken inmiddels; misschien toch wel heel cool, die elektrische auto."' "En start diffusieprojecten om innovaties bekend te maken. Shell, bijvoorbeeld, heeft een afdeling opgericht die zich bezighoudt met duurzame energie, maar dat heeft weinig zin als de rest gewoon op dezelfde toer doorgaat met olie. Investeer in de innovatie van grote marktpartijen. Zonneceldaken zijn nu te duur omdat de projecten waarin ze worden gebruikt, te kleinschalig zijn. Maar trigger mensen nou zo dat ze gestimuleerd worden zonnecellen tot een winstgevend project te maken, door het grootschalig aan te pakken zodat de massa het oppikt." Reageren"? Mail naar redactie@advalvas.vu.nl.
Tophoogleraar vertrekt uit onvrede reorganisatie Ad van der Vaart, hoogleraar stochastiek, ICVAW-lid en volgens collega's 'een absolute topper', vertrekt naar Universiteit Leiden. Onvrede over de reorganisatie bij wiskunde speelde een belangrijke rol bij zijn besluit. Van der Vaart is lang niet de enige die ontevreden is. Ook Jan van MiU, oud-decaan en hoogleraar zuivere wiskunde, vindt dat de manier Waarop de faculteit tot de voorgestelde reorganisatie is gekomen bepaald geen schoonheidsprijs verdient: "Bij die reorganisatie worden uiteindelijk drie mensen ontslagen van 55 jaar en ouder. Dat heeft enorme gevolgen voor de betrokkenen, terwijl het financieel weinig ople-
vert. Dat geld had beter op een andere manier bij elkaar gesprokkeld kunnen worden." Decaan Hubertus Irth is het daar niet mee eens; "Het financiële probleem was groter. Dankzij herplaatsingen, het niet verlengen van tijdelijke contracten en mensen die vervroegd met pensioen gaan, blijven er nu uiteindelijk 2,2 fte met ontslag bedreigd. Maar wiskunde had absoluut een financieel probleem dat moest worden opgelost. Al in mei was duidelijk dat de gezamenlijke wiskundehoogleraren zich niet konden vinden in het door het faculteitsbestuur voorgestelde reorganisatieplan. Ze stelden een onafhankelijke commissie aan om met een alternatief plan te komen. Daarin zaten onder anderen Van der Vaart en de oud-decaan en emeritus hoogleraar Rien Kaashoek. De commissie maakte een plan waarbij er geen ontslagen zouden hoeven val-
len. Van der Vaart: "De prognose voor wiskunde is gunstig. Er gaan veel mensen met pensioen, waardoor de financiële problemen zich vanzelf oplossen." Irth; "Dat is een risico dat vnj niet kunnen en wiUen nemen. Alles wijst erop dat de eerste geldstroom voor de exacte vakken naar beneden gaat. Dan kun je niet met een begroting komen die de komende jaren structureel in het rood uitkomt." Ook het bestuur eist een sluitende begroting voor 2012 en 2013.
Eigen vermogen En dan is er nog iets dat veel wiskundigen steekt; de afdeling heeft een eigen vermogen van ongeveer 3 müjoen euro, maar dat mag niet worden aangesproken. Irth. "Ik heb daarvoor gepleit bij het bestuur, maar ze staan het echt niet toe." Het faculteitsbestuur nam een deel van de aanbevehngen uit het alternatieve begrotingsplan
over, maar wilde niet praten met de commissie. Van der Vaart en Van MiU zijn daar erg boos over. Van MDI; "Die commissie was door aUe hoogleraren gevraagd een plan te maken, als je daar als bestuur niet mee overlegt, dan leg je in feite de mening van de hele afdeling naast je neer." Irth ziet dat anders. "Het is echt niet zo dat we het alternatieve plan naast ons hebben neergelegd. Wij hebben het op één uitzondering na overgenomen. Trouwens, ook in het alternatieve plan zouden ontslagen vallen, maar dan onder het ondersteunend personeel." Voor Van der Vaart, bijna 25 jaar werkzaam aan de VU, was de onenigheid de druppel- "Ik kreeg opnieuw de kans om naar Leiden te gaan en die heb ik aangegrepen." (WV) Voor een langere versie zie advalvas.vu.nl > nieuws, 13 december
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 29 augustus 2011
Ad Valvas | 424 Pagina's