De roeping der gemeente jegens hare opzieneren - pagina 14
Leerrede, uitgesproken ter opening van de Klassikale Vergadering, te Grand Rapids
12 G o d s , eenigermate de i n Gods woord gevorderde onderdanigheid verz w a k k e n , of losbandigheid en minachting der regering w i l bevorderen. V e r a c h t i n g der van G o d gestelde magt is zekere ondergang voor elk gezin en v o l k , maar ook gewis voor Gods huis. B l i n d e , slaafsche gehoorzaamheid verlaagt en is geen godsdienst, maar menschenvereering; het pad der Korach's echter is stoute rebellie tegen G o d , en maakt rijp voor de geduchtste oordeelen Gods. M e n verwerpt toch niet een mensch, maar H e m , die ze gezonden heeft, en men vertreedt met weten de weldadigste liefdezorge Gods. D a a r o m , niet alleen de regtstreeksche bevelen G o d s , maar ook de ordeningen ter onderhouding van het ligchaam moet men van de opzieneren met eerbied en onderwerping ontvangen, al behagen ze n i e t , al zijn ze ook zelfs niet altijd de verstandigste; en dat w e l , om 's Heeren w i l , die ons i n den weg Z i j n e r voorzienigheid door hunne hand belieft te regeren. Ofschoon de weg van onderrigting en wederlegging der opzieneren staag voor de leden open staat, nogtans zonder gehoorzaamheid kan de gemeente welvaart, orde, noch zegen Gods genieten. D e toelating, het werk van vermaning en de u i t s l u i t i n g der lidmaten berust inzonderheid bij die opzieneren, en wel krachtens Gods instelling en beroeping tot deze bediening, minstens door eene meerderheid der lidmaten; en de gemeente moet h u n gezag erkennen en is hun vertrouwen verschuldigd. I n g e v a l van aanklagt bij en van onderzoek door den kerkeraad omtrent eenig misdrijf of geschil, moet men zich niet beleedigd zij op aarde verkeert, behoeft een zoodanig zondebedwingend toezigt. M e n moet veeleer hierin dankbaar Gods goede zorge en der opzieneren zelfverloochenende liefdearbeid erkennen. B i j schuld, dient men openhartig te belijden, zich voor God en menschen te verootmoedigen, en de gekrenkte eer der gemeente zoeken te herstellen , om de opzieneren, zoo spoedig mogelijk, door belijdenis en verbetering, gelegenheid tot herstell i n g i n de regten van het lidmaatschap te geven. B i j onschuld, moet men lijdzaam en goedwillig alle mogelijke i n l i c h t i n g geven; ten einde de opzieneren i n de gelegenheid te stellen een regtvaardig oordeel te vellen. H e t is voor een lidmaat geen geringe zonde, zich te verzetten tegen de opzieneren, bezig om zijne ziele van de dwaling zijns wegs te bevrijden en het welvaren en de eere van Gods gemeente te bevorderen. E e n kerkeraad moge een onaanzienlijk en zwak ligchaam schijnen, hetwelk men gemakkelijk k a n weerstaan, waarboven men zich meent te k u n n e n verheffen of aan hetwelk men meent zich straffeloos te k u n n e n o n t t r e k k e n ; doch dit ligchaam, i n de vreeze des H e e r e n vergaderd, om de wet van Gods h u i s , de wet des K o n i n g s te behartigen, hoe gering ook deszelfs leden zijn, is ontzaggelijker dan eenige regtbank dezer aarde, want de v e r achting van Zijne dienaren schat Jezus verachting van Z i c h en Z i j -
g
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 augustus 1860
Brochures (VU) | 24 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 20 augustus 1860
Brochures (VU) | 24 Pagina's